Berichten

Spreektekst Stijn Steenbakkers – ZRK-rapport verkoop Attero 08/09

Spreektekst1  Stijn Steenbakkers – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over het Onderzoeksrapport Zuidelijke Rekenkamer (ZRK) naar verkoop van Attero
(08-09-2017) – 1ste termijn

Voorzitter,

Als voorwoord voor het CDA waren én zijn 2 zaken belangrijk rondom het Attero-dossier:

  1. Transparantie. Om veel maatschappelijke en politieke vragen die leven rondom het dossier weg te nemen.
  2. Leren voor de toekomst. Lessen voor GS maar zeker ook PS.

Het CDA constateert dat dit rapport aan beide zaken bijdraagt, waarvoor veel dank aan de Zuidelijke Rekenkamer.

Voorzitter: de tunnel.

Deze twee woorden vatten volgens het CDA kernachtig samen waarom wij hier, maar ook in andere politieke zalen van Den Haag tot Maastricht, zoveel vragen hadden t.a.v. voorliggend dossier.

De Zuidelijke Rekenkamer gebruikte ‘de tunnel’ ook als expliciet oordeel voor het einde van het verkooptraject. Hoewel de Zuidelijke Rekenkamer hier natuurlijk formeel gelijk heeft, begrijpen wij de reactie en de nuanceringen van het college op dit punt echter wel.

Nee voorzitter, het grote politieke punt zit voor het CDA niet aan het einde van de tunnel, maar aan het begin. De ZRK concludeert immers dat de timing en het tempo van het traject bepalend waren voor het resultaat. Voorzitter, dan is dus cruciaal hoe we de tunnel van externe verkoop ingereden zijn én hoe Provinciale Staten hierin is betrokken?

En voorzitter, laat ik er meteen maar bij zeggen: dit is een punt dat de samenwerking en het vertrouwen tussen GS en PS zou kunnen raken. En bij samenwerking en vertrouwen gaat het altijd over mensen. PS én GS.

Voorzitter, en de verantwoordelijke binnen GS is gedeputeerde Pauli, een persoon die mijn partij en ikzelf kennen als;

  • een betrokken bestuurder met passie voor de economie in Brabant;
  • een gedeputeerde die vaart kan maken en bewezen heeft mooie resultaten te kunnen boeken, zie recent nog het mooie nieuws rondom het vliegtuigonderhoud/transport van onderdelen bij Woensdrecht of in de vrijetijdseconomie;
  • en voorzitter, ook een gedeputeerde die wellicht soms wat bombastisch en stellig in zijn beweringen en betogen naar voren kan komen, maar wél een gedeputeerde die staat voor Brabant.

En voorzitter, dát maakt dit voor ons ook zo moeilijk te begrijpen. Want zo positief als we op het ene dossier zijn, zo kritisch zijn we na lezen van het ZRK-rapport op het acteren in het Attero-dossier.

Voorzitter, zoals gezegd: we beginnen de tunnel van de huidige verkoop in te rijden op 2 november 2012. Op dat moment wordt de Staten in Limburg ingelicht dat het inbestedingstraject richting de gemeenten wordt stilgezet. In Brabant konden wij géén formele mededeling hierover terugvinden richting de Staten.

Ongeveer 7 maanden later, op 18 juni 2013, wordt de Staten In Brabant plots geïnformeerd over de start van de mogelijke verkoop van Attero in de Statenmededeling Toekomstscenario’s Attero.

Voorzitter, en het is in die 7 maanden, in die tijd, in die cruciale periode, geweest dat de Aandeelhouderscommissie besluit om Attero te gaan verkopen.

Voorzitter, maar zo logisch de Statenmededeling er op dat moment voor de Staten uitziet, zo onbegrijpelijk is die achteraf bezien. Dit gezien de nieuwe feiten van het ZRK-rapport (pagina 10 en 46, dames en heren).

Voorzitter:

  1. In de Statenmededeling wordt gemeld dat gewijzigde marktomstandigheden een overweging waren voor verkoop, maar niet dat verschillende externe bureaus zeiden dat het moment van verkoop niet alleen niet ideaal zou zijn, maar mogelijk zelfs slecht.
  2. In de Statenmededeling wordt gemeld dat de AHC, RVB en RVC hebben besloten tot het inrichten van een mogelijke verkoop van Attero, maar niet dat volgens het ZRK-rapport dit gekozen verkoopmoment initieel eigenlijk tegen de wens van het bedrijf was. Omdat Attero eerst de tijd wilde krijgen om de bedrijfsvoering op orde te brengen.
  3. Voorzitter, en het gaat verder. In de Statenmededeling lijkt namelijk dat er een redelijk uniform besluit is genomen in de AHC, maar nergens wordt vermeld dat de noordelijke én Limburgse gemeenten hiervan in die discussies in die cruciale maanden eigenlijk geen voorstander waren en geen overhaaste beslissingen wilde nemen. Let op en nu komt het: volgens hen moest voorkomen worden in een tunnel te komen waarin alléén verkopen het doel was. Wéér het woord tunnel, maar nu van de kant van gemeentelijke aandeelhouders volgens de ZRK.

Voorzitter, maar al deze signalen werden kennelijk tóch overruled door de opinie van de provinciale aandeelhouders. Zij vonden verder uitstel niet wenselijk en uiteindelijk besloot de AHC tot verkoop.

Maar voorzitter, niets van dit alles stond in de Statenmededeling van juni 2013 of in enig ander document wat naar de Staten gezonden is tussen november 2012 en juni 2013.

Voorzitter, we hebben gezocht en gezocht en konden dit zelf eerst niet geloven.

Maar voorzitter, na een dubbele check bij de griffie lijkt dit tóch het geval.

Voorzitter en dan begin je je af te vragen: waarom is de Staten niet over deze drie cruciale ontwikkelingen ingelicht?

  • Voorzitter, is dit nou die goede samenwerking tussen GS en PS die ook u zo belangrijk vindt?
  • Is hiermee de Staten nu goed in stelling gebracht?
  • Voorzitter, is dit Provinciale Staten conform artikel 167 van de Provinciewet volledig informeren?

Voorzitter daarom de volgende cruciale vraag aan de gedeputeerde vandaag:

Waarom heeft de gedeputeerde Provinciale Staten niet direct geïnformeerd over de feiten in het ZRK-rapport:

  • dat er kennelijk negatieve signalen waren dat markt niet optimaal of zelfs slecht zou zijn;
  • dat Attero zelf initieel negatief adviseerde, omdat het bedrijf er niet klaar voor was;
  • dat andere aandeelhouders geen overhaaste beslissing wilden nemen?

Voorzitter, dát is vandaag voor ons in de eerste termijn de meest urgent vraag aan de gedeputeerde.

Verkoopproces

Voorzitter, dan kijken we naar de toekomst.

Allereerst zijn wij blij dat de Rekenkamer ook constateert dat een aantal zaken goed zijn gegaan, bijvoorbeeld in de procesarchitectuur, en hier geen grote misstanden zijn geweest. Maar er zijn ook veel lessen te trekken.

Hiervoor hebben wij 4 moties samen met andere partijen.

Motie 1

De eerste motie is cruciaal. Deze gaat over het moment in het proces waarop PS wensen en bedenkingen mag uiten. Deze dienen wij samen met 6 andere partijen in.

Nu mochten we op 11 april 2014 wensen en bedenkingen uiten: 4 maanden ná de voorgenomen verkoop en 2 maanden nádat de feitelijke deal uitonderhandeld was en klaar lag. Wat als wij dan in april nog wensen en bedenkingen gaan uiten, ga je dan teruguit onderhandelen? Heeft PS hier feitelijk nog wel iets in te brengen? Of is het meer een ‘check the boxje’: “Oh we moeten nog even langs PS.”

Motie 2 en 3

Maar voorzitter, de lessen zijn niet alleen voor GS. Het CDA is ook zeer kritisch over de rol van PS in dit dossier. De Zuidelijke Rekenkamer zegt het in bedekte termen. Maar ook PS had zélf een meer proactieve houding moeten hebben en dichter op de bal moeten zitten.

Maar voorzitter, hoe komt het dat PS hier niet strak genoeg op zat? Volgens de ZRK heeft dit ook te maken met de complexiteit in een dergelijk dossier.

Daarom komen wij met twee moties:

  • specifiek één samen met 4 andere partijen, om onafhankelijke contraexpertise te overwegen bij de aan- en verkoop van deelnemingen.
  • algemeen één samen met 4 andere partijen, voor meer algemene onafhankelijke ondersteuning op financieel gebied voor PS.

Motie 4 – Huiswerk

Voorzitter, dan verslaglegging en archivering. Buiten het feit dat het natuurlijk heel vreemd is dat van essentiële vergaderingen en besluiten verslaglegging ontbreekt én dat dit weinig vertrouwen wekt, is het vooral ook gênant en ontzettend onprofessioneel. Wat een amateurisme. Het probleem is kennelijk nog groter en breder verspreid dan we al dachten.

Voorzitter, dit heeft gewoon te maken met cultuur en discipline. Dit is niet iets des provincies, want de provincie Limburg blijkt dit gewoon prima op orde te hebben.

Voorzitter, daarom de vierde motie. Deze dienen wij samen met 5 andere partijen in en gaat over archivering en verslaglegging.

Voorzitter, tot slot. De Amerikaanse socioloog Robert Lynd zei dat de meeste mensen zich altijd optimistisch voelen wanneer ze een tunnel uitkomen. Het CDA hoopt dat dit na de beantwoording van de gedeputeerde in de eerste termijn óók voor PS zal gelden.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Stijn Steenbakkers ZRK-rapport verkoop Attero (8 september 2017)

CDA: rapport ZRK over verkoop Attero aangeboden

Vandaag bood de Zuidelijke Rekenkamer (ZRK) haar onderzoeksrapport aan over de verkoop van afvalverwerker Attero. De ZRK deed dit onderzoek op verzoek van Provinciale Staten in Brabant en Limburg.

Het CDA in de provincie Noord-Brabant heeft met belangstelling en waardering kennis genomen van het rapport én van de constructieve reacties van de colleges van Gedeputeerde Staten in beide provincies. Het rapport is helder en neemt verschillende maatschappelijke en politieke vragen weg.

De belangrijkste conclusies van de Zuidelijke Rekenkamer zijn:

  1. Er zijn geen onregelmatigheden aangetroffen bij het bepalen van de verkoopprijs op het moment van verkoop. Het proces voldoet in opzet en uitvoering grotendeels aan de gestelde eisen.
  2. Het archiefwerk bij de provincie Noord-Brabant was incompleet en de verslaglegging rondom Provinciale Staten is voor verbetering vatbaar.
  3. De gemaakte keuzes in de timing en het tempo van het verkooptraject zijn van invloed geweest op het behaalde resultaat. Hierbij was de prijs op dat moment de maximum haalbare prijs in de markt.
  4. Gedeputeerde Staten had Provinciale Staten op verschillende momenten uitgebreider in het besluitvormingsproces kunnen meenemen.
  5. Provinciale Staten had meer gebruik kunnen maken van de beschikbare instrumenten om haar controlerende rol te vervullen. Zij had kunnen overwegen om daarbij gebruik te maken van contra-expertise.

Daarnaast geeft het rapport aan Gedeputeerde en Provinciale Staten duidelijke aanbevelingen mee voor de toekomst:

  1. Provinciale Staten dient nadrukkelijker aan te geven in welke mate zij betrokken wil worden bij het proces en meer gebruik te maken van de mogelijkheden die Gedeputeerde Staten biedt om op de hoogte te worden gesteld.
  2. Gedeputeerde Staten ziet toe op goede verslaglegging en archivering van alle stappen in het verkoopproces inclusief vertrouwelijke vergaderingen.
  3. Gedeputeerde Staten dient Provinciale Staten bij wijzigingen in de context en/of samenstelling van Provinciale Staten meer actief te raadplegen.

Een verkoop van een deelneming/bedrijf, zoals in het geval van Attero, komt binnen de provinciale politiek niet veel voor. Het CDA wil in ieder geval dat er een lerend effect optreedt naar aanleiding van de conclusies en aanbevelingen van de Zuidelijke Rekenkamer.

 

Spreektekst Stijn Steenbakkers – Debat over fondsbeheer door provincie Noord-Brabant

Spreektekst1 Stijn Steenbakkers – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant

Evaluatie Zuidelijke Rekenkamer Informatievoorziening investeringsfondsen N-B

(09-06-2017)

Voorzitter,

Vandaag gaat het weliswaar niet over de inhoud van de fondsen, maar tóch een winstwaarschuwing vooraf. Het is helaas een dubbele inbreng geworden: positief zeker, maar óók zeer kritisch. Aan de ene kant kunt u denken ‘jammer, we krijgen het als GS wéér over ons heen’, aan de andere kant kunt u het ook positief oppakken en bedenken…

‘dat de scherpste kritiek het grootste bewijs is van belangstelling, betrokkenheid en gevoel van verantwoordelijkheid’.

Want voorzitter, vandaag bespreken we hier een cruciaal en glashelder rapport van de Zuidelijk Rekenkamer. Met als centrale vraag: wat is de kwaliteit van de informatie die PS ontvangt over de investeringsfondsen van GS? Heel simpel op het eerste gezicht.

Maar voorzitter, dit is geen formeel, procedureel afvinkmoment. Het raakt de daadwerkelijke kern van onze controlerende taak. Feitelijk is de vraag: krijgen wij informatie die van een voldoende niveau is om onze controlerende functie goed te kunnen invullen t.a.v. de investeringsfondsen?

Voorzitter, waarom is dit dan een cruciaal rapport? Historisch zelfs, in de ogen van het CDA. In 2013-2014 is er in totaal een half miljard euro geïnvesteerd in deze fondsen. Voorzitter, in dit huis vliegen de nullen je soms om de oren, maar ik herhaal het toch nog maar even: een half miljard euro, één van de grootste autonome investeringspaketten ooit gedaan door een regionale overheid in Noordwest-Europa.

240 miljoen euro werd niet-revolverend gereserveerd voor natuur via het Groenfonds. De rest revolverend 125 miljoen euro voor innovatie, 60 miljoen euro voor energie, 50 miljoen euro voor snelle verbindingen en 25 miljoen euro voor cultuur.

Voorzitter, dit deden onze voorgangers met een reden. Dit deden ze, zo valt te lezen, om:

  • concrete ambities voor Brabant te verwezenlijken;
  • concrete tastbare resultaten te bereiken;
  • en om vernieuwende dingen te ontwikkelen die Brabant op het gebied van economie, natuur, cultuur en energie verder zouden helpen.

En beste collega’s, wij zijn er om te controleren of dit geld goed wordt besteed. Wij zijn er om de voortgang te monitoren. Collega’s, voor die controle zijn we zelfs politiek eindverantwoordelijk. Niet GS, niet de fondsen. maar PS controleert uiteindelijk of er met deze enorme bak aan belastinggeld daadwerkelijk voldoende van de grond komt, er daadwerkelijk voldoende, concrete resultaten worden gehaald. Uiteraard doen we dat in goede samenwerking met alle stakeholders, zoals GS, verbonden partijen en de fondsen. Maar de uiteindelijke afweging ligt hier: bij PS.

Maar voorzitter, hiervoor zijn we voor een groot deel afhankelijk van de kwantiteit en kwaliteit van de informatie die GS ons toestuurt. En collega’s, dan lees je dit rapport van de Zuidelijk Rekenkamer vandaag. En hier worden stevige uitspraken gedaan. Een aantal fondsen is op orde, hulde daarvoor en daarover later in de inbreng ook zeker meer, maar voor een tweetal fondsen (Brabant C maar m.n. het Groenfonds) lezen we dat het onder de maat en niet volgens afspraak verloopt. Voorzitter, een aantal constateringen zorgen bij het CDA voor grote zorgen. Luistert u even mee naar de opsomming van de Zuidelijke Rekenkamer.

1. Om te beginnen een algemeen punt. De provincie blijkt haar informatievoorziening, huishouding én archivering niet geheel op orde te hebben:

  • de Zuidelijke Rekenkamer moet herhaaldelijk zaken verzoeken,
  • moet herhaaldelijk richting de fondsen om info te krijgen; en
  • moet herhaaldelijk moeite doen om de juiste info boven tafel te krijgen.

Hoe kan dit? Dit zou een persoon of bedrijf die een vergunning op wat voor gebied dan ook moet aanvragen bij de provincie eens moeten doen! Kortom, wij verwachten het wel van derden, maar zelf hebben we het nog niet helemaal op orde. Gelukkig erkent GS dit in haar reactie en wordt hier aan gewerkt.

2. Voorzitter, punt 2, onze grootste zorg: het Groenfonds. Hier worden enkele stevige constateringen gedaan. Voorzitter, we hebben hier bij de Jaarrekening al aandacht aan besteed, maar toch even de belangrijkste constateringen van de Zuidelijke Rekenkamer uit het rapport:

  • de uitgangssituatie is nog niet duidelijk;
  • er wordt, zo schrijft de Zuidelijke Rekenkamer, überhaupt nauwelijks gerapporteerd over de afgesproken ‘kritische prestatie-indicatoren’ (KPI’s);
  • zo wordt over de omvang van de categorieën (c>a) en de multiplier niets gemeld, omdat de realisatie tot nu minimaal is;
  • over een derde KPI (gewogen mate van spreiding) wordt niets gemeld, omdat de provincie deze niet relevant vindt voor het fonds, huh?; en
  • over een vierde KPI (mate van uitputting) wordt gesteld dat deze niet meetbaar is en dat men op zoek gaat naar een nieuwe indicator;
  • daarnaast is informatie inconsistent, verwarrend en onnauwkeurig, bijvoorbeeld de KPI mate van uitputting van het Groenfonds;
  • en áls er al informatie wordt gemeld gebeurt dit op verschillende plekken, wat lastig zoeken is voor PS;
  • zo wordt er bij de begroting in één keer onder een ‘eigen productgroep’ gerapporteerd.

Samengevat: er wordt nauwelijks iets gemeld en als er al iets wordt gemeld, is het vaak moeilijk met elkaar te rijmen. Collega’s, heel simpel samengevat: op basis van deze info hebben we hier alle 55 op dit moment dus gewoon geen flauw idee wat er gebeurt met een pot van 240 miljoen euro Brabants belastinggeld. Dit maakt controle vanuit PS over het Groenfonds onmogelijk. Al bij de behandeling van de Jaarrekening merkte het CDA op dat dit niet langer kan en hebben wij daarom o.a. met GroenLinks aanvullende vragen gesteld. Wij begrijpen dat deze vragen inmiddels zijn behandeld in GS en hebben ook het laatste memo van de gedeputeerde gezien. Dank voor de snelle reactie. Wij zijn vooralsnog blij met zijn constructieve houding om de cijfers z.s.m. boven tafel te krijgen, maar begrijpen dat dit iets langer gaat duren dan wij hadden gehoopt. Wij hebben hier begrip voor, maar willen nogmaals plenair benadrukken dat we de initieel afgesproken KPI’s z.s.m. op tafel willen hebben. Kan de gedeputeerde ons gerust stellen dat hij hier druk mee bezig is én dat de gevraagde informatie z.s.m. bij de Staten komt? En wanneer hij dit moment verwacht? En kan hij hierbij aanhaken op de Planning & Control-cyclus (P&C-cyclus) zoals ook de andere fondsen doen.

3. Voorzitter, punt 3: het Brabant C fonds. Dit gaat over een stuk minder geld, maar desalniettemin blijft het 25 miljoen euro. Dat goed en conform de afspraken besteed moet worden. Ook op dit fonds hebben wij meerdere op- en aanmerkingen:

  • informatie over indicatoren verschilt door documenten in de P&C-cyclus heen;
  • er zijn geen KPI’s geformuleerd.

Voorzitter, ook dit behoeft verbetering, maar het CDA vindt dat we hier ook onszelf als Provinciale Staten moeten aankijken. Bij de start was immers afgesproken dat we meer concrete KPI’s zouden afspreken, maar dit is tot nu toe simpelweg nog niet gedaan. Maar hier hebben we dus ook zelf als PS kennelijk nog onvoldoende achteraan gezeten. Wij zouden dit graag z.s.m. in samenspraak met de gedeputeerde willen doen. Graag een reactie van mijn collega’s en van GS of we dit z.s.m. kunnen bespreken.

Voorzitter, tot nu toe veel ijzige, koude maar volgens ons ook noodzakelijke woorden. Maar voorzitter, u kent het CDA óók als een Brabantse, gezellige en warme partij. Het warme deel van de inbreng begint nu. Gaat u er maar eens goed voor zitten. De zorgen die wij namelijk hebben bij het Groenfonds en in mindere mate bij Brabant C, hebben wij bijvoorbeeld niet bij het Innovatiefonds. KPI’s worden concreet en op tijd aangeleverd en wanneer over een indicator nog niet volledig kan worden gerapporteerd (bijv. revolverendheid), meldt men in ieder geval concrete afgeronde prestaties op deelprojecten. Voorzitter, het CDA wil hier grote complimenten geven aan het fonds en de verantwoordelijk gedeputeerde Pauli.

4. Voorzitter, tot slot: u hebt het woord revolverendheid nog niet gehoord. Cruciaal voor het CDA. Daar wil ik het nog even over hebben. Voor alle fondsen behalve het Groenfonds is revolverendheid een groot aandachtspunt. Wij snappen hier echter ook de reactie van GS wel dat dit tot nu toe nog moeilijk is te rapporteren. Wij lezen echter in de reactie van GS dat men dit vanaf nu op alle fondsen waar het betrekking op heeft (Innovatiefonds, Energiefonds, Breedbandfonds en Brabant C fonds) gaat doen. Als wij dit mogen noteren als harde afspraak, is dit vooralsnog voldoende voor het CDA. Graag een bevestiging van de gedeputeerde.

Voorzitter, rest mij om de Rekenkamer hartelijk te danken voor het uitstekende rapport en, ondanks de soms wel zeer positieve uitleg van onderdelen van het Rekenkamerrapport in de reactie van GS, willen wij ook GS danken voor een aantal constructieve reacties op het rapport. Wat ons betreft op onderdelen een voorbeeld van hoe kritische blikken van de verschillende partijen (ZRK, Staten en GS) elkaar scherp houden t.b.v. een beter openbaar bestuur.

Tot zover mijn eerste termijn.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Stijn Steenbakkers Evaluatie ZRK Informatievoorzieningen investeringsfondsen NB (9 juni 2017)