Berichten

Spreektekst Ankie de Hoon – Debat advies commissie-Remkes op 11/10

Spreektekst1 Ankie de Hoon – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over het eerste advies van het Adviescollege Stikstofproblematiek (commissie-Remkes)
(11-10-2019)

Voorzitter,

In de afgelopen weken is er veel gebeurd. Het grootste boerenprotest uit de Nederlandse geschiedenis, het eerste advies van de commissie-Remkes, de reactie van het kabinet en van ons provinciebestuur hierop, en vandaag een Provinciehuis vol bezorgde Brabanders. Zorgen die wij als CDA goed begrijpen. Hun zorgen zijn onze zorgen. Hun vragen zijn onze vragen. Wat komt er nu weer op mij, op mijn bedrijf, en op onze sector af? Krijg ik mijn vergunning wel rond? Wanneer kan ik mijn bedrijfsactiviteiten voortzetten? Wat gaat mij dat kosten? Waarom zou ik nog doorgaan met mijn onderneming? Terechte vragen. En vragen die beantwoord moeten worden. Het liefst vandaag, in dit debat, en anders zo snel mogelijk.

De boodschap van de commissie-Remkes was duidelijk: breng de balans terug tussen natuur, leefbaarheid en economische groei. Daar wil het CDA aan meewerken, maar wel op een zorgvuldige en realistische manier. Met regionaal maatwerk en een bijdrage van alle relevante economische sectoren om het stikstofvraagstuk op te lossen. Hiervoor moet niet één specifieke sector alleen hoeven opdraaien. We moeten het samen doen. Maatregelen moeten evenwichtig zijn, zodat we als provincie onze inwoners duidelijkheid en perspectief kunnen bieden en hen helpen de juiste keuzes te maken. Brabant mag niet op slot: de vergunningverlening voor het bouwen van woningen, de aanleg van wegen en het doen van bedrijfsactiviteiten moet zo snel mogelijk weer op gang komen.

In het vervolg van mijn bijdrage wil ik stilstaan bij vier onderwerpen: (1) landelijk beleid vs. Brabants beleid, (2) de houdbaarheid van deadline 1 april 2020, (3) metingen door het RIVM en (4) een aantal praktische vragen.

Landelijk beleid vs. Brabants beleid

De commissie-Remkes benadrukt het belang van samenwerking tussen álle betrokken overheden – Rijksoverheid, provincies, gemeenten, waterschappen – om te komen tot een gezamenlijke oplossing voor de stikstofproblematiek. Voor het CDA is het essentieel dat de provincie in gesprek blijft met álle partijen. Zoals VNO-NCW, Bouwend Nederland, ZLTO, BAJK, ANWB, maar óók inwoners verenigd in bijvoorbeeld dorpsraden of bewonersplatforms. Kortom, met iedereen die betrokken is bij het probleem waarmee we ons geconfronteerd zien. Partijen met wie we samen een oplossing moeten zien te vinden.

In het bestuursakkoord geeft u aan ‘stimulerend, initiërend en verbindend’ te willen zijn. Hoe gaat u hieraan invulling geven in de samenwerking met onze landelijke, lokale en regionale gesprekspartners?

Hoe gaat u ervoor zorgen dat Brabantse ondernemers volop gebruik kunnen maken van landelijke regelingen voor ‘stoppers’, stalsystemen en innovaties? En dat deze maatregelen niet gaan of zullen conflicteren met de opgestelde Brabantse regelgeving?

Kortom: hoe voorkomen we dat Brabant een eiland wordt waar niemand meer kan ondernemen, stoppers niet kunnen stoppen en jonge ondernemers geen perspectief meer hebben?

Houdbaarheid deadline 1 april 2020

De veehouderijbesluiten van 7 juli 2017 waren gebaseerd op een toen nog springlevende Programmatische Aanpak Stikstof. Inmiddels zijn we ruim twee jaar verder, is het PAS gesneuveld, en worden we geconfronteerd met een nieuwe werkelijkheid. Concreet betekent dit dat de Rijksoverheid nieuwe plannen heeft opgesteld voor het ‘vrijwillig’ saneren van de veehouderij in de buurt van Natura 2000-gebieden.

Het bestuursakkoord 2019-2023 gaat er ook vanuit dat Brabant in de PAS moet lopen. Maar er is geen PAS meer, het kan dus niet anders dan dat het bestuursakkoord hieraan wordt aangePASt. Deze nieuwe werkelijkheid heeft meer flexibiliteit nodig in de gestelde deadlines.

Is de provincie bereid de vergunning-deadline van 1 april 2020 opnieuw tegen het licht te houden?

Metingen door het RIVM

Dan de informatie waarop wij ons beleid baseren. Feitelijke informatie wel te verstaan. Gegevens die afkomstig zijn van het RIVM. In de afgelopen dagen zijn er veel vragen gesteld aan dit RIVM over de wijze van rekenen en het meten van stikstof. Het CDA in de Tweede Kamer heeft gerede twijfels geuit over de betrouwbaarheid van het meetmodel. Wij hebben geconstateerd dat het model in de afgelopen jaren weliswaar is aangepast, maar volgens het RIVM zélf nog steeds een grote onzekerheidsmarge kent van 30% tot 70%. Leg dát de mensen wier toekomst van deze metingen afhangt maar eens uit.

Nu heeft de gedeputeerde aangegeven graag ‘datagedreven’ te werk te willen gaan. Het CDA wil dan ook graag van de gedeputeerde weten of de provincie bereid is mee te werken aan uitbreiding van het meetnet met daadwerkelijke stikstofdepositiemetingen op de grond, om tot een betrouwbaarder meetmodel te komen?

Voor het CDA zijn zorgvuldigheid en realisme belangrijk. De gedeputeerde heeft vanmorgen aangegeven dat meetsystemen niet het stikstofprobleem doen verdwijnen. Dat is helder. Maar als de basis klopt en de informatie waarop we besluiten nemen niet ter discussie staat, dan kunnen we het beter hebben over de oplossingen. ‘Realtime meten’ zou daar wat ons betreft goed bij kunnen helpen.

Praktische vragen

De stikstofproblematiek treft alle Brabanders en raakt aan vrijwel alle sectoren. Niet alleen landbouw, niet alleen infrastructuur, niet alleen bouw.

Maar ook aan leefbaarheid in brede zin: veilig opgroeien, prettig wonen, je thuis kunnen voelen. Bij inwoners, bedrijven en andere overheden bestaan ook hierover veel vragen. Daarom zou het CDA graag zien dat in de gebiedsgerichte aanpak niet alleen wordt gekeken naar de stikstofuitstoot, maar dat daarin alle aspecten van leefbaarheid worden meegenomen. Hoe zorgen we ervoor dat het platteland en het buitengebied een leefbare omgeving blijft?

Graag verneemt het CDA van de gedeputeerde welke planning de provincie voor ogen heeft t.a.v. de ‘gebiedsgerichte aanpak’. Hoe gaat de provincie ervoor zorgen dat de maatregelen voor realisatie van de stikstofambitie de leefbaarheid in een gebied, in brede zin, versterken i.p.v. verzwakken? Hoe staat de provincie tegenover het CDA-voorstel om een ‘provinciale helpdesk stikstofproblematiek’ in te richten, waar inwoners, bedrijven en overheden terechtkunnen met vragen of voor advies?

Tot zover.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Ankie de Hoon advies Adviescollege Stikstofproblematiek (11 oktober 2019)

Spreektekst Tanja van de Ven-Vogels – Debat over de IOV op 11/10

Spreektekst1 Coen Hendriks – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over de Interim omgevingsverordening (IOV)
(11-10-2019)

Voorzitter,

Op 1 oktober jl., en zo te merken vandaag opnieuw, is het voor iedereen duidelijk dat de agrarische ondernemers een signaal willen afgeven. Een signaal dat er duidelijkheid moet komen over wat er op hen afkomt. Een gebalde vuist, maar ook een uitgestoken hand om gezamenlijk tot werkbare oplossingen te komen. De inspanningen die alle sectoren al hebben gedaan, mogen niet voor niets zijn geweest.

De agrarische sector moet kunnen rekenen op een betrouwbare overheid, die niet steeds nieuwe wetgeving opstapelt die een lange termijnkoers onmogelijk maakt. Er zijn grote zorgen en er heerst veel onzekerheid. De Brabantse agrarische ondernemers verdienen duidelijkheid en een gelijk speelveld. Het is belangrijk dat we perspectief bieden aan degenen die door willen met hun bedrijf of die een opvolger hebben. Maar het is minstens zo belangrijk dat we degenen die willen stoppen een helpende hand bieden om dat op een verantwoorde en menselijke manier te doen.

Het is daarom van het grootste belang dat we ons als Brabant aansluiten bij de plannen van de minister en flexibel omgaan met de datum van 1 april voor het Brabantse beleid.

Mijn vragen aan de gedeputeerde:

  1. Indien gaat worden ingestemd met de IOV, dan ligt de datum van 1 april 2020 juridisch vast. In hoeverre ‘bijt’ dit met het landelijk beleid? Wat als landelijk beleid anders uitpakt?
  2. De bedrijven die het besluit willen nemen of al besloten hebben om hun bedrijf in 2022 of 2024 te beëindigen, moeten dit op 1 november a.s. hebben gemeld hebben bij hun gemeente. Hoe realistisch is dat, als we zorgvuldig beleid willen voorstaan? Deze Brabantse boeren vallen dan immers buiten de boot voor de warme sanering. Graag een reactie van de gedeputeerde.
  3. Het Aerius rekeninstrument: in antwoord op een eerdere vraag van mij hebt u aangegeven dat Aerius voor een aantal veehouderijen nog niet toepasbaar is. Hoe zorgt u voor handreikingen om met deze beperkingen te kunnen omgaan? Bijvoorbeeld via ondersteunende modellen. Deze modellen kosten adviesbureaus veel geld om toe te passen, die dit zullen doorberekenen naar de klant. Hoe werkbaar is dat volgens u in de praktijk?
  4. Gedeputeerde, neemt u ons eens mee: wat gebeurt er als we nu niks zouden doen? Als we de IOV op 25 oktober niet vaststellen?

Tot zover.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Tanja van de Ven-Vogels Interim omgevingsverordening (11 oktober 2019)

Spreektekst Coen Hendriks – Debat over het Klimaatakkoord op 11/10

Spreektekst1 Coen Hendriks – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over het Klimaatakkoord 
(11-10-2019)

Voorzitter,

Het CDA staat achter de Brabantse Energieagenda en achter het Klimaatakkoord. Maar van het Brabant van vandaag naar het Brabant van morgen, van Den Bosch naar Parijs, van 2019 naar 2050, is een lange weg. Die afstand ervaren veel Brabanders ook. Willen we ons doel halen, onze bestemming bereiken, dan zullen we hen moeten meenemen. Stap voor stap. Eerst naar 2030: Brabant voor 50% energieneutraal. Dan naar 2050: Brabant 100% duurzaam. Aan ons de opdracht om met de blik op die horizon de weg te effenen voor de generaties na ons.

Momenteel wordt in 30 energie-regio’s gewerkt aan 30 Regionale Energiestrategieën, de RESsen. Het CDA is voorstander van deze regionale aanpak, waarbij gezamenlijkheid het uitgangspunt is. Provincie, gemeentes en waterschappen komen samen met betrokken partijen tot gedragen keuzes voor de opwekking van duurzame elektriciteit, de warmtetransitie in de gebouwde omgeving en de opslag- en energie-infrastructuur.

Een aantal vragen:

  • Brabant telt vier energie-regio’s. Kan de gedeputeerde een update geven van wat daar nu gebeurt?
  • In de Handreiking RES staat het volgende: ‘De RES kan alleen succesvol zijn als het een participatief proces kent, waarin lokale (maatschappelijke) partijen en bewoners van begin af aan worden betrokken’. Wat zijn in Brabant de betrokken partijen, de ‘stakeholders’, met wie overheden aan de RESsen werken? Hoe zijn of worden bewoners betrokken?
  • Een RES is een instrument om te komen tot een regionale energiestrategie. Wat is de juridische status van dit instrument, en hoe verhoudt een RES zich tot andere instrumenten?
  • Scheep- en luchtvaart zijn niet meegenomen in het Klimaatakkoord. Betekent dit dat Brabantse industrie- en luchthavens ook niet betrokken zijn bij de RESsen?
  • Het CDA is positief over het inrichten van een ‘loket’, waarin regio’s met vragen terechtkunnen: een Expertisecentrum Energietransitie. Wat vindt de gedeputeerde hiervan?

Tot slot. Op weg naar 2030 en 2050 zal het CDA elke klimaatregel toetsen op: haalbaar, betaalbaar en uitvoerbaar. Zonder draagvlak gaat de energietransitie niet slagen. Dat is de boodschap uit het Klimaatakkoord en ook de boodschap van het CDA.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Coen Hendriks Klimaatakkoord (11 oktober 2019)

Maiden speech Marcel Thijssen – Debat over de Bestuursrapportage 2019 op 13/09

Spreektekst1 Marcel Thijssen – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over de Bestuursrapportage 2019 
(13-09-2019)

Voorzitter,

Vandaag mijn ‘maiden speech’, mijn eerste inbreng in deze Staten. Over de Bestuursrapportage 2019, ofwel het verloop van het huidige begrotingsjaar. Een technisch, maar vooral ook een heel menselijk onderwerp. Het gaat immers over de effecten van het beleid dat wij hier vaststellen: doet het wat het moet doen, en wat merken de Brabanders daarvan? Een belangrijk moment dus. Want voor het CDA is een samenleving méér dan alleen een winst- en verliesrekening, waar alleen het getal onder de streep telt. Het huishoudboekje van de provincie moet op orde zijn, maar bovenal telt de menselijke maat.

Dat past bij het CDA, en dat past ook bij mij. Ik ben geboren en getogen in het Land van Cuijk, een prachtige regio aan de rand van Brabant. Een regio waarin de invloed van de provincie duidelijk voelbaar is: of het nu gaat om de N264, de bestuurlijke toekomst van onze gemeenten, of de leefbaarheid op het platteland. Niet iedere inwoner zal daarin meteen de hand van de provincie vermoeden, dus zie ik het als mijn opdracht om die lijn tussen het Land van Cuijk en Den Bosch te verkorten, te verstevigen en nog beter zichtbaar te maken. Zoals het een goede volksvertegenwoordiger betaamt.

Voorzitter, tot zover deze persoonlijke bespiegelingen. Nu over naar de bestuursrapportage, waarbij ik allereerst de ambtelijke organisatie wil bedanken voor het beantwoorden van onze technische vragen. Het waren er veel, waaruit u mag afleiden dat we als CDA ‘kritisch enthousiast’ zijn.

En voorzitter, het eerste wat we ons afvragen, is welk doel deze bestuursrapportage nu eigenlijk dient. Is het een instrument, waarmee we het lopende jaar 2019 strak kunnen volgen én kijken wat er nog beter kan of beter moet? Of is de bestuursrapportage niets anders dan een uitgebreide onderbouwing voor de geldvraag die in de derde begrotingswijziging besloten ligt?

Als CDA hebben wij, net als denk ik alle fracties, al met een schuin oog naar 2020 gekeken en met genoegen vastgesteld dat de eerste acties uit het nieuwe bestuursakkoord al worden opgepakt. Kijken we naar de afwijkingen ten opzichte van de begroting, dan zien we dat het gaat om een bedrag van 63 miljoen euro. Dat is weliswaar gesaldeerd, maar bij veruit de meeste afwijkingen gaat het om administratieve of technische aanpassingen. Kortom, de echte relevante afwijkingen zijn zeer beperkt, slechts een fractie van de totale begroting, en dat is goed nieuws.

Voorzitter, met de uitspraak door de Raad van State over de PAS hebben we, ook hier in Brabant, een ‘gamechanger’ te pakken. Een uitspraak die ons dwingt om tijdens de wedstrijd de spelregels te herzien. Met grote impact, dat staat vast.

Want wat betekent dit voor onze infrastructurele projecten? Voor woningbouwprogramma’s? Voor de agrarische sector? Hoe gaan marktpartijen reageren? Eet de een de ander op om voor zichzelf ruimte te creëren? Tal van vragen die sterk leven bij onze fractie. We kijken dan ook uit naar het rapport van de commissie-Remkes en hebben daarbij een concrete vraag: hoe gaat het college straks om met de conclusies en aanbevelingen uit dit rapport?

Want onze provincie moet niet stil komen te staan: of het nu gaat om Brainport, Hart van Brabant, het Land van Heusden en Altena, de logistieke hotspot West-Brabant, of onze grensregio’s enz. Voorzitter, Brabant mag niet op slot.

Voorzitter, nog een laatste vraag hierover, waarvoor wij vanochtend tijdens de Rondvraag geen gelegenheid kregen: wat vindt de gedeputeerde van het voorstel van D66 om het stikstofvraagstuk op te lossen door de veestapel te halveren?

Voorzitter, dan het vergunningsbeleid in onze provincie. Zonder vergunning kan je niets, veel Brabanders zijn ervan afhankelijk voor hun dagelijkse boterham. Ondernemers bijvoorbeeld, o.a. in de agrarische sector. Het CDA vindt het logisch dat de termijn voor het indienen van een vergunning met drie maanden is opgeschoven, naar 1 april 2020. Tegelijkertijd hebben we ons zeer verbaasd over de uitlatingen van de gedeputeerde Landbouw in De Gelderlander deze zomer, waarin zij aangaf dat aanvragers van een vergunning hun gemeente maar meteen moeten verzoeken om hun aanvraag ‘onderop de stapel’ te leggen. Vanwaar dit advies, voorzitter? Dit lijkt wel de bevestiging dat die innovatieve stalsystemen, waarop ondernemers met smart zitten te wachten, er nog altijd niet zijn? Systemen die ondernemers helpen vanuit de bron te werk te gaan en niet noodgedwongen aan ‘symptoombestrijding’ te doen. Op een betaalbare manier. Voorzitter, wat bedoelt de gedeputeerde met het ‘onderop de stapel’ leggen van vergunningaanvragen? Wij gaan in Brabant toch voor de beste aanpak i.p.v. een snelle, halve aanpak?

Voorzitter, over vergunningen gesproken: het CDA is heel tevreden met de uitbreiding van de Wet Bibob, om vergunningen te kunnen weigeren of intrekken. Met als doel ondernemers te beschermen en criminelen aan te pakken. Daarnaast zijn we positief over het agenderen van de ‘weerbaarheid’ en ‘integriteit’ in de provinciale organisatie. We zien de noodzaak én toegevoegde waarde van de Dilemmatraining, die we na de verkiezingen hebben kunnen volgen. De nieuwe gedeputeerde Veiligheid heeft zijn kennismaking met de Taskforce RIEC achter de rug, dus we kijken uit naar zijn initiatieven om tot een nog effectievere samenwerking tussen de provincie en deze ‘antidrugseenheid’ te komen.

Voorzitter, in het nieuwe bestuursakkoord wordt een Actieplan Arbeidsmarkt aangekondigd. Is het college het met ons eens dat het hier niet alleen om de stad moet gaan, maar dat we ook de ‘randen’ van Brabant zeker niet moeten vergeten? U begrijpt: als inwoner van zo’n ‘randregio’ ben ik hier scherp op. Kijk bijvoorbeeld naar het tekort aan zorgverleners in het Land van Cuijk.

Tot slot, voorzitter. Het realiseren van het doelrendement (jaarlijks 122,5 miljoen euro voor de begroting uit het belegd vermogen) wordt steeds lastiger.

Dit komt door externe omstandigheden, namelijk de blijvend lage marktrente. De vraag is dan ook hoe hiermee om te gaan? Moeten we kost wat kost jaarlijks 122,5 miljoen in de begroting stoppen en vanaf volgend jaar hiervoor een reserve aanspreken, of is nu het moment aangebroken om tevreden te zijn met een lager bedrag dan die 122,5 miljoen? Die discussie wil het CDA graag een keer voeren. En tot hoe ver gaan we met het verstrekken van leningen, met hele lange looptijden, aan lagere overheden? Het krikt weliswaar het rendement voor de komende jaren op, maar de keerzijde is dat we met slecht renderende leningen zitten als de marktrente vroeg of laat begint op te lopen. Graag een reactie.

Dank u wel.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Marcel Thijssen Bestuursrapportage 2019 (13 september 2019)

Spreektekst Marcel Deryckere – Debat over Brainport Smart District op 28/06

Spreektekst1 Marcel Deryckere – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over de provinciale deelname aan Brainport Smart District 
(28-06-2019)

Voorzitter,

Hoe mooi kan het zijn: in samenwerking met inwoners, bedrijven en overheden een compleet nieuwe, innovatieve wijk neerzetten. Een wijk waar opnieuw wordt nagedacht over wat fijn wonen en leven is. En een wijk waar de nieuwste technieken worden toegepast om dat te bereiken.

Bovendien zijn wijken wel aan vernieuwing toe. Al decennia bouwen we deze op precies dezelfde manier. Tijd om de innovatiekracht van Brabant te benutten. Het CDA is dus enthousiast over dit voorstel van het college.

Wel willen we drie zaken meegeven, om potentiële problemen te voorkomen:

  1. Zorg ervoor dat het geen overheidsfeestje wordt. Betrek bij de bouw en de innovatie het bedrijfsleven in Brainport volop. Blijf dus niet ‘hangen’ in universiteiten en overheden. Uiteindelijk moet er worden gebouwd en moeten bedrijven de nieuwe technieken gaan ontwerpen en toepassen.
  2. Zorg voor concrete deadlines. Er moet een wijk worden gebouwd. Aan stichtingen en onderzoeken heeft de Brabander niets. Aan huizen wel. Het CDA mist een concrete einddeadline: wanneer gaan we bouwen en wanneer gaan we de wijk opleveren? Bij de lancering van het initiatief in 2016 werd nog gezegd: als alles meezit, gaan we al volgend jaar bouwen. Blijkbaar heeft het niet meegezeten. Wanneer gaan we wel bouwen?
  3. Zorg voor een leefbare wijk. Technieken en innovaties zijn fantastisch, maar pas echt interessant als ze zijn ontworpen en toegepast vanuit het oogpunt van de gebruikers. In 2014 zou de Google Glass de wereld veranderen, maar wie draagt er anno 2019 zo’n ding? Niemand. Want waarin is die nu echt beter dan bijvoorbeeld een smartphone? Laten we uit dit soort voorbeelden lessen trekken voor Brainport Smart District. Gebruik alleen innovaties die ook echt de inwoner helpen om er beter, leuker en fijner te wonen. Kortom, betrek de inwoners voortdurend bij het ontwerpen van de wijk.

Voorzitter, zoals u merkt steunt het CDA dit voorstel. Dank u wel.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Marcel Deryckere provinciale deelname aan Stichting Brainport Smart District (28 juni 2019)

Spreektekst Marcel Deryckere – Debat over Referendumverordening op 28/06

Spreektekst1 Marcel Deryckere – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over het initiatiefvoorstel Referendumverordening Noord-Brabant
(28-06-2019)

Voorzitter,

Het CDA is altijd duidelijk geweest over het referendum. Al in 2006 zei toenmalig Tweede Kamerlid Jan Schinkelshoek over het referendum het volgende: “Het is een instrument om deelbelangen door te drukken en verduistert verantwoordelijkheden. Daar komt nog bij dat een referendum zelden gaat over waarover het zou gaan.”

Het CDA is voorstander van een representatieve democratie via verkiezingen. Om de vier jaar worden wij Statenleden door de Brabanders gekozen om namens hen beslissingen te nemen over de toekomst van onze provincie.

Het referendum past niet in die democratische traditie. Het is namelijk de taak van de volksvertegenwoordiging, van de Staten, om deelbelangen tegen elkaar af te wegen en oog te hebben voor het brede plaatje en voor de langere termijn. Helaas is een referendum een middel dat ingewikkelde zaken terugbrengt tot een ‘ja’ of ‘nee’, terwijl er 1001 andere antwoorden tussen die beide opties zitten.

Bovendien weten we uit de afgelopen jaren dat referenda amper gaan over waar ze over zouden moeten gaan. Het nationale referendum over het Oekraïneverdrag maakt dat duidelijk. Het zou een landelijk debat worden over de nut en noodzaak van vrijhandel en samenwerking. Het werd volgens de aanvragers uiteindelijk een referendum over de Europese Unie. Wat het feitelijk niet was.

Om deze redenen steunt het CDA de Referendumverordening niet. Wel pleit het CDA voor versterking van de representatieve democratie, bijvoorbeeld met initiatieven die helpen om de opkomst te verhogen.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Marcel Deryckere initiatiefvoorstel Referendumverordening Noord-Brabant (28 juni 2019)

Spreektekst Ankie de Hoon – Debat over het bestuursakkoord op 14/06

Spreektekst1 Ankie de Hoon – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over het bestuursakkoord 2019-2023
(14-06-2019)

Voorzitter,

Als je niet meedoet, kan je nooit winnen. Dat geldt in de sport en evengoed in de politiek.

In de afgelopen vier jaar deed het CDA in Brabant niet mee. Een periode waarin we in onze provincie veel zagen gebeuren waarvan we dachten: dat hadden wij graag anders gedaan.

We bleven trainen, voorbereiden, onszelf warmlopen. Om bij een wissel topfit te zijn. Door mee te doen, kan je zaken veranderen. Meters maken. Kansen creëren. Resultaten boeken. Want dáárvoor zitten we in de politiek: om iets te bereiken voor anderen.

‘Kiezen voor Kwaliteit’. Zo luidt de titel van het bestuursakkoord waarmee we na vandaag voor Brabant aan de slag gaan. ‘Kwaliteit’ kent verschillende definities. Het is niet absoluut en niet voor iedereen hetzelfde. Voor het CDA betekent kwaliteit: het beter doen en het samen doen. Voor de Brabanders van nu en de Brabanders van morgen. Van jong tot oud. Van stad tot platteland.

Voorzitter, in de afgelopen twee maanden hebben we met vijf partijen hard gewerkt. We hebben elkaar opnieuw leren kennen. Gesprekken gevoerd. Plannen gemaakt. Teamgeest gecreëerd. Gezocht naar wat ons bindt en naar wat Brabant vooruit helpt. En uiteindelijk hebben we elkaar gevonden en zijn we bereid om de uitdaging aan te gaan. Nu staan we aan de start. En niet met lege handen.

Want er ligt een mooi akkoord, waarmee het CDA, vanaf het middenveld, wil samenwerken met alle partijen in deze Staten. Met respect voor voor- én tegenstanders. En voor de spelregels die we samen afspreken.

Voorzitter, het CDA-verkiezingsprogramma laat zich samenvatten in drie speerpunten:

  1. het realisme terugbrengen in de Brabantse landbouw;
  2. de provincie voert behalve een economische óók een sociale agenda;
  3. veiligheid en leefbaarheid zijn provinciale verantwoordelijkheden.

Voorzitter, sinds de veehouderijbesluiten uit 2017 is de belangrijkste missie van het CDA het terugbrengen van het realisme in de Brabantse landbouw. Want wij voelen de pijn. Daarom wilden we dat de besluiten uit 2017 zouden worden herzien, opnieuw tegen het licht gehouden. Dat is gelukt en het bestuursakkoord bevat verzachtende maatregelen die de afgelopen twee jaar onbespreekbaar waren: maatwerk, uitstel en extra ondersteuning. Hier gaat een deur open die tot voor kort potdicht zat. En zonder ons waarschijnlijk was dicht gebleven.

Tegelijkertijd beseffen we ons dat deze maatregelen de tijd niet terugdraaien, de pijn niet wegnemen, en bepaalde keuzes niet ongedaan maken. En dus hebben we de komende jaren werk te doen. Onze wensenlijst voor de Brabantse landbouw was langer dan de landbouwparagraaf in dit bestuursakkoord. Vandaag is een begin, en niet het einde.

Voorzitter, behalve het bestuursakkoord presenteren we vandaag ook de Brabantse selectie voor de periode 2019-2023. En het CDA mag daaraan met twee van zijn beste spelers bijdragen. Allebei ervaren, goed getraind, en vol ambitie. Marianne van der Sloot en Renze Bergsma mogen aan de slag met echte CDA-thema’s, zoals samenleving, leefbaarheid, cultuur, sport en veiligheid. Daar zijn we trots op.

De gedeputeerde Samenleving, Cultuur en Erfgoed gaat straks over leefbaarheid, het ‘blijfklimaat’ in stad en dorp. Met ín die steden en dorpen meer ruimte voor nieuwe woonvormen. Samen met de Brabantse sportclubs willen we een Brabants Sportakkoord sluiten. Er komt meer aandacht voor cultuureducatie en amateurkunst, speciaal bij jongeren. Kortom, een sociale agenda. Omdat onze samenleving méér is dan een winst- en verliesrekening. Geen optelsom van cijfers, maar een verzameling van mensen.

De portefeuille van de nieuwe gedeputeerde Veiligheid is veelomvattend: drugscriminaliteit, ondermijning van overheid en samenleving, verkeers(on)veiligheid, verpaupering in het buitengebied en op vakantieparken vragen, nee schreeuwen, om actie en regie van de provincie. En gelukkig: hij gaat óók over Bestuur, waaronder herindelingen. Geen herhaling van Nuenen.

Voorzitter, ik rond af. Als je niet meedoet, kan je nooit winnen. En daarom zet het CDA zijn handtekening onder dit bestuursakkoord.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Ankie de Hoon bestuursakkoord 2019-2023 (14 juni 2019)

Spreektekst Marcel Deryckere – Debat over de jaarstukken 2018 op 24/05

Spreektekst1 Marcel Deryckere – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over de jaarstukken 2018
(24-05-2019)

Voorzitter,

Het CDA wil graag beginnen met het bedanken van de ambtelijke organisatie en het college voor al het werk dat in en achter de cijfers van deze jaarstukken zit.
Wij zullen onze bijdrage beginnen met een blik op de financiële positie van onze provincie, om vervolgens in te gaan op de resultaten van een aantal specifieke programma’s.

Allereerst zien we een gezonde provincie met een sterke vermogenspositie en een prima solvabiliteit. Complimenten daarvoor aan het college en aan de ambtelijke organisatie.

Onderbesteding

In voorgaande jaren heeft het CDA bij de behandeling van de jaarstukken flinke zorgen geuit over de onderbestedingen tegenover de begroting. Over de afgelopen jaren zien we duidelijke verbeteringen. Toch is de onderbesteding dit jaar licht gestegen naar 5,2% tegenover de gewijzigde begroting. Dit blijft voor het CDA een zorg. De raming van de baten is gelukkig wel fors verbeterd

Verantwoording subsidies

Een zorg voor de komende jaren betreft de handreiking van de commissie BBV (Besluit Begroting en Verantwoording), waarin de verantwoording van subsidies grondig is herzien. Onze accountant wees hier ook op in de brief en tijdens de themavergadering. Het lijkt erop dat de handreiking ons verplicht om onze subsidiepartners te vragen om op een veel tijdrovendere wijze verantwoording af te leggen. Dat lijkt het CDA niet wenselijk. We willen handelen uit vertrouwen, zodat onze partners zo veel mogelijk tijd kunnen besteden aan hun belangrijke werk voor Brabant. Kan het college ons inzicht geven in zijn visie op deze ontwikkeling en welke stappen sinds de presentatie van de handreiking zijn gezet?

Rendement op vermogen

Een andere zorg die onze fractie al meermaals heeft uitgesproken betreft de financiële positie van de provincie op (middel)lange termijn. Door de lage rentestand zien we nog steeds dat het lastig is het doelrendement op ons vermogen te halen. We hebben te maken met blijvende lage rentes, waardoor onze vrije begrotingsruimte onder druk komt te staan. Dit zet ook direct de slagkracht van onze provincie om snel en effectief aan de slag te gaan met maatschappelijke uitdagingen onder druk. Het CDA wil voorkomen dat we een provincie worden die enkel en alleen haar wettelijke taken kan uitvoeren en geen slagkracht heeft om andere belangrijke maatschappelijke uitdagingen aan te gaan.

Daarom de volgende vraag aan het college: hoe realistisch is het huidige doelrendement vanaf 2023? En hoeveel ‘ademruimte’ geeft de recente beslissing om te beleggen in AA-obligaties?

Vanuit deze financiële blik gaan we over naar de resultaten op enkele inhoudelijke programma’s. We kijken hierbij naar cultuur, ruimte, natuur en economie.

Cultuur en Samenleving

Op het terrein van cultuur verdient het college complimenten voor de investeringen en stappen die de afgelopen jaren zijn gezet. Het CDA heeft een vraag over de fusie tussen het Brabants Kenniscentrum Kunst en Cultuur (BKKC) en de Kunstbalie. Beide organisaties kregen enkele miljoenen euro’s subsidies per jaar. Je zou zeggen dat een fusie efficiencyvoordelen met zich meebrengt en er dus op bepaalde kosten kan worden bespaard. Die kosten zouden dan kunnen worden ingezet om in plaats van deze organisaties daadwerkelijk culturele initiatieven te ondersteunen. Toch zien we dat nog niet terug. Kan het college ons uitleggen hoe dat komt?

Ruimte – We Are Food

Afgelopen jaar was de provincie de Europese Regio van de Gastronomie. Zoals u ongetwijfeld nog weet, was er vorig jaar flink wat commotie over deze titel. Het CDA is benieuwd hoe het college terugkijkt op dit jaar. In de jaarstukken lezen we dat er tien geslaagde bijeenkomsten zijn hebben plaatsgevonden, maar er is vast meer te vertellen over de ervaringen en de geboekte resultaten.

Natuur en Groen Ontwikkelfonds (GOB)

Binnen natuur zien we op verschillende posten terug dat er sprake is van vertraging of doorgeschoven budgetten. En dat voor het zoveelste jaar op rij. Zo loopt natuurcompensatie achter en wordt met een jaar verlengd. Kan het college aangeven wat hiervan de reden is? Een ander voorbeeld van tegenvallende resultaten is het Groen Ontwikkelfonds Brabant. dat opnieuw niet zijn doelen bereikt. Ondanks verschillende bijstellingen in de afgelopen jaren. Hoe kijkt het college naar de ontwikkelingen binnen het Groen Ontwikkelfonds?

Economie

De Brabantse economie groeide in 2018 opnieuw harder dan de landelijke economie. Dat is natuurlijk fantastisch nieuws, waarop ook gedeputeerde Pauli, gelet op zijn werk in de afgelopen acht jaar, trots mag zijn. Hij laat de Brabantse economie beter achter dan toen hij aantrad.

Door de sterke economische groei zien we o.a. in technische beroepen, de zorg en de logistiek een tekort aan geschikt personeel. Toch zien we een onderbesteding van de arbeidsmarktmiddelen in 2018. Kan het college ons uitleggen hoe dit komt? Daarnaast vragen wij ons af hoe effectief het arbeidsmarktbeleid van de afgelopen jaren is geweest. Kortom: hoeveel plaatsingen en arbeidsplaatsen heeft de provinciale inzet opgeleverd?

Voorzitter, tot zover de visie, opmerkingen en vragen van de CDA-fractie.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Marcel Deryckere jaarstukken 2018 (24 mei 2019)

Spreektekst Marcel Deryckere – Debat over het burgerinitiatief herindeling Nuenen op 22/02

Spreektekst1 Marcel Deryckere – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over het burgerinitiatief “Met spoed een besluit nemen over de herindeling van Nuenen c.a. en Eindhoven en het herindelingsadvies van 2 oktober 2018 verwerpen”
(22-02-2019)

Voorzitter,

Graag wil het CDA beginnen met het complimenteren en bedanken van al die inwoners van Nuenen die door weer en wind bijna 1.500 handtekeningen voor hun burgerinitiatief hebben opgehaald. Een ongekende prestatie. Daarnaast bedank ik wederom alle aanwezigen Nuenenaren op de publieke tribune, die voor de zoveelste keer een dag vrij hebben moeten opnemen om deze Staten te kunnen volgen. Het zijn fantastische doeners die opkomen voor hun dorp en samenleving.

Voorzitter,

Bijna vier jaar geleden begon een nieuwe bestuursperiode voor deze Provinciale Staten. Vlak na de verkiezingen werd mij als nieuw Statenlid voor de website van de Provincie gevraagd waar ik mij in deze periode voor wilde inzetten. Ik antwoordde:

“De afgelopen jaren zie ik als jongere een steeds grotere kloof ontstaan tussen de overheid en de samenleving. Het vertrouwen in de overheid en de politiek is weg. De belangrijkste uitdaging in de komende jaren is voor mij dan ook het terugwinnen van dat vertrouwen.”

De Provinciale Statenverkiezingen van 2015 kenden een dramatisch opkomstpercentage van slechts 43,64%. Minder dan 1 op de 2 Brabanders had genoeg vertrouwen in ons om überhaupt te gaan stemmen. Ik zag en zie het dan ook als onze collectieve opgave om het vertrouwen in de Brabantse politiek te herstellen. Hier, vanuit deze zaal en vooral ook daarbuiten.

Helaas moet ik nu constateren dat het omgekeerde is gedaan. Het proces om tot een gedwongen herindeling tussen Nuenen en Eindhoven te komen heeft diepe sporen van wantrouwen, teleurstelling en boosheid achtergelaten bij een deel van de Brabantse bevolking. Dit provinciebestuur walste als een bulldozer over de wensen, zorgen en belangen van de inwoners van Nuenen heen.

Volgens mij moeten we na twee jaar constateren dat dit proces enkel en alleen verliezers kent. De provincie, de gemeente Nuenen en de allerbelangrijksten: de Nuenenaren. Wat het CDA betreft moeten we 1) dit proces zo snel mogelijk stoppen en 2) voorkomen dat we ooit weer, ergens in Brabant, in een soortgelijke situatie terechtkomen.

Voorzitter,

Na deze bredere inleiding zoom ik nu graag in op het voorliggende burgerinitiatief en wat dat van ons vraagt, namelijk het afkeuren van het herindelingsadvies Nuenen-Eindhoven.

Het herindelingsadvies dat Nuenen dwingt tot fusie met Eindhoven rammelt aan alle kanten. De argumentatie van het college om de fusie af te dwingen is zwak, vaak onjuist en leek de afgelopen maanden met de dag te veranderen. Los van of je überhaupt voor of tegen gedwongen herindelingen bent. De argumenten achter het herindelingsadvies zijn dermate zwak dat een gedwongen herindeling nergens op zou slaan.

Want, waarom komt het college toch telkens met nieuwe argumenten uit de hoge hoed? In het officiële herindelingsontwerp worden andere argumenten genoemd dan in de vele Statenmededelingen. Nuenen zou bijvoorbeeld dossiers als Gulbergen, Van Gogh en de woningbouw niet aankunnen. Waarom staan deze argumenten niet in het herindelingsontwerp en waarom veranderen de argumenten continu? Waarop zijn deze argumenten überhaupt gebaseerd, daar ze niet voorkomen in de bestuurskrachtonderzoeken? Een deel van deze taken ligt zelfs niet bij de gemeente Nuenen, maar bij andere overheidsorganisaties.

Het enige argument dat wél telkens wordt genoemd is het slechte politiek-bestuurlijke samenspel tussen college, raad en bevolking. Echter, we hebben toch democratische verkiezingen uitgevonden om dit te verbeteren? En dat is ook gebeurd. De bevolking van Nuenen heeft gesproken en in maart vorig jaar een vernieuwde raad gekozen en niet-functionerende raadsleden weggestemd. Wat uiteindelijk heeft geleid tot een nieuw college.

Bovendien was het thema tijdens die gemeenteraadsverkiezingen de gedwongen fusie met Eindhoven. Partijen die tegen de fusie waren wonnen. Zij die er voor waren verloren. Enkele maanden later werd de Nuenenaren tijdens een referendum rechtstreeks om hun mening over de fusie gevraagd: 78% van de kiezers was tegen. Nu laten de inwoners voor de derde keer, via een burgerinitiatief, hun mening horen. En weer is het: wij willen geen fusie met Eindhoven.
Wat het CDA betreft zijn dit heldere signalen die je als politiek gewoonweg niet kunt negeren.
De democratie heeft gesproken.

Fantastisch zou je zeggen. Maar nee, nog steeds moest en zou het college van Brabant de gemeente Nuenen opheffen wegens gebrek aan bestuurskracht. Ongehoord. De provincie baseert zich daarbij bovendien op het idee dat een grotere gemeente per definitie zorgt voor een bestuurskrachtigere gemeente. Maar is dat wel zo? Wetenschappelijke evaluaties en onderzoeken naar de vele gemeentelijke fusies in Nederland geven hier gelukkig een antwoord op. Een antwoord dat de stelling dat grotere gemeenten per definitie bestuurskrachtiger zijn volledig onderuit haalt.

Want wat blijkt: gefuseerde gemeenten tellen meer samenwerkingsverbanden dan voorheen, fusies leveren geen kostenbesparingen op, leiden tot minder publieke belangstelling, minder vertrouwen en een lagere opkomst bij verkiezingen.
Onderzoekers stellen ook nog eens vast dat gemeentelijke voorzieningen niet verbeteren na een fusie en dat ook achteraf de steun voor een gedwongen fusie niet stijgt. Kortom, vooral de democratie gaat erop achteruit. Het enige dat een gemeentelijke fusie vaak wel oplevert, is een groter en professioneler ambtelijk apparaat. Dat echter wel op grotere afstand staat van de inwoners en daarom vaak niet weet wat er precies speelt.

Wetenschappers Herweijer & Fraanje zeiden ooit: als deelnemer van de democratie verslechteren de mogelijkheden voor inwoners in herindelingsgemeenten. Voor het CDA zijn juist die democratische waarden zo enorm belangrijk zijn.

Voorzitter,

Ik kom tot een afsluiting. Voor het CDA is het duidelijk: de door het college gemaakte gedwongen herindelingsplannen tussen Nuenen en Eindhoven zijn zwak, niet onderbouwd en leiden voor de inwoners van Nuenen niet tot een sterkere en betrokken gemeente.

Het is van begin af aan duidelijk geweest dat de CDA-fractie tegenstander is van gedwongen herindelingen. Gemeenten horen zélf over zoiets enorm ingrijpends als hun eigen toekomst te beslissen. Niet de provincie. Dit stond in ons verkiezingsprogramma voor deze periode en ook voor de volgende. Daar zullen we ons aan houden. Er zullen door het CDA geen herindelingen worden afgedwongen in Brabant.

Het is dan ook niet verrassend dat wij het voorliggende burgerinitiatief zullen steunen om zo de herindelingsprocedure per direct te stoppen en de inwoners van Nuenen hun toekomst weer in eigen hand te geven.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Marcel Deryckere burgerinitiatief herindeling Nuenen c.a. en Eindhoven (22 februari 2019)

Spreektekst Caroline van Brakel – Debat over de Brabantse Omgevingsvisie op 14/12

Spreektekst1 Caroline van Brakel – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over de Brabantse Omgevingsvisie
(14-12-2018)

Voorzitter,

Voor ons ligt de Brabantse Omgevingsvisie. De inhoud deugt, het doorlopen proces deugt: hier mogen we trots op zijn. Dank aan allen die hieraan hebben meegewerkt.

In de Omgevingsvisie staat onze gezondheid centraal en daartoe hebben we als provincie vijf hoofdopgaven geformuleerd.

01. De basis op orde. We moeten zuinig zijn op onze aarde, onze omgeving oftewel op ons milieu. En heel elementair bezien dus op onze vier elementen: aarde (bodem), water, vuur (energie) en lucht. Eigenlijk is het al een hele uitdaging om álle partijen, sectoren en branches ‘hun ding’ te laten doen zonder schade toe te brengen aan deze elementen.

Vervolgens zien we voor de middellange toekomst een viertal uitdagingen op ons afkomen.

02. Klimaatadaptatie.

03. De energietransitie.

04. Een concurrerende duurzame economie.

05. De slimme netwerkstad.

Wij zijn blij dat onze inbreng tijdens het proces in de provinciale Omgevingsvisie is meegenomen: het afzonderlijk benoemen van onze zorg voor de elementaire elementen. En onlangs hebt u ook toegezegd nadrukkelijker een relatie te willen maken met onze zuiderburen, temeer omdat dit kansen biedt voor een aantal van de opgaven waarvoor wij staan. Denk aan de energietransitie, maar ook bijvoorbeeld aan het gebruik van het luchtruim.

Ook zijn we blij dat in het stuk al een aanzet wordt gemaakt tot de gewenste cultuuromslag. Het gaat bij de Omgevingsvisie namelijk niet alleen om de inhoud, maar óók om het terugleggen van een stuk verantwoordelijkheid voor onze omgeving én voor de uitdagingen waarvoor we staan bij de samenleving, bij de Brabanders. Dat betekent dat we veel meer moeten gaan initiëren en faciliteren in plaats vanachter het bureau op te schrijven wat vooral niet (meer) mag dan wel gewenst is.

Tevens willen we integraler gaan kijken: vanuit meerdere disciplines goede afwegingen maken. Er zijn kenners, specialisten die beweren dat het juist om déze cultuuromslag gaat, en dat dit feitelijk ook mogelijk is binnen het huidige stelsel aan wet- en regelgeving v.w.b. onze fysieke leefomgeving. Desalniettemin, ons helpt het om nu in één oogopslag te kunnen zien waar wij als provincie voor staan. Het betreft niet al onze kerntaken, maar wel veel.

De beoogde cultuuromslag wordt nu benoemd als diep, rond en breed kijken.

Een goed begin is het halve werk, zou je zeggen. Ja dat is zo, maar het échte werk waar het in de Omgevingsvisie om draait, gaat nu pas beginnen. En ook het onderliggende instrumentarium, de Omgevingswet, is daarin bepalend. Een hele mooie uitdaging voor onze nieuwe Staten om hier verder vorm en inhoud aan te geven.

Toch nog een aantal tips:

  • Zoeken naar constructies waarin nadrukkelijker lasten maar ook lusten worden gedeeld (denk aan het meeprofiteren van goedkope energie door de directe omgeving bij windmolens of nabij een vliegveld). Anders vertaald: we moeten op zoek naar nieuwe solidariteiten, dichter bij onze mensen, onze Brabanders. Hiermee kunnen we zorgen voor meer draagvlak.
  • Bedenk formuleringen in ‘geboden’ i.p.v. ‘verboden’. Of anders gezegd: verleiden i.p.v. verbieden.
  • Als we de gezondheid van onze Brabanders centraal stellen, en daartoe vooral zorg hebben en houden voor een goede gesteldheid van onze basiselementen, dan zou één eenduidige verordening hieromtrent t.b.v. alle partijen, sectoren en branches afdoende moeten zijn. Ofwel, wij zien het als een uitdaging om dusdanig consequent beleid op te stellen dat daarop aanvullend sectorspecifiek beleid niet nodig is. In die zin dus voor m.n. ‘de basis op orde’ wellicht toch sprake van ‘gelijke monniken, gelijke kappen’. En dit is een uitdaging, bijvoorbeeld voor vliegvelden, hoogspanningskabels, maar ook de landbouw.

We stellen een reactie van de gedeputeerde op deze tips op prijs. Dank.

Tot zover.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Caroline van Brakel Brabantse Omgevingsvisie (14 december 2018)