Berichten

Spreektekst John Bankers – Debat over de veiligheid in Brabant op 19/06

Spreektekst1 John Bankers – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over de bestuursopdracht ‘Veilig en weerbaar Brabant’ en de begrotingswijziging bestuursakkoordmiddelen ‘Bestuur en Veiligheid’
(19-06-2020)

Voorzitter,

Het is één van de kerntaken van de overheid om inwoners een veilige leefomgeving te bieden. In dat verband is ondermijnende criminaliteit door de jaren heen een steeds groter sociaal-maatschappelijk vraagstuk geworden. De boven- en onderwereld raken in steden, dorpen, wijken en buurten met elkaar verstrikt. Onder onze ogen en niet in de laatste plaats in onze provincie. De georganiseerde criminaliteit vindt in de geografische ligging van Noord-Brabant en de Brabantse mentaliteit van ‘ons kent ons’ helaas een goede voedingsbodem voor ondermijnende activiteiten. Wegkijken van deze problematiek biedt geen oplossing. Het onderwerp adresseren en aanpakken wel.

Met het vaststellen van de bestuursopdracht ‘Veilig en weerbaar Brabant’ onderkennen wij als Brabantse politiek niet alleen het probleem, maar leveren wij de komende jaren ook een actieve bijdrage in de aanpak van ondermijning en dus ook in het leefbaar houden van onze provincie. De voorbije jaren zijn belangrijke stappen gezet in de strijd tegen ondermijning met bijvoorbeeld de Taskforce-RIEC en Samen Sterk in Brabant. In deze bestuursopdracht wordt terecht ingezet op voortzetting en intensivering van deze initiatieven.

Een essentieel element in deze bestuursopdracht is het bepalen van de positie van de provincie Noord-Brabant rondom ondermijning. De Rijksoverheid en gemeenten zijn primair aan zet om de openbare orde en veiligheid te borgen. Terecht wordt er door onze provincie gezocht naar een dienende rol ten opzichte van die andere overheden en instanties: coördineren, faciliteren, stimuleren en aanjagen. Ondermijning wordt pas effectief aangepakt, als er duidelijkheid is over een ieders rol. We moeten elkaar aanvullen en niet in de weg lopen.

Hoewel de CDA-fractie zich op hoofdlijnen kan vinden in de bestuursopdracht, plaatsen wij enkele kanttekeningen of aandachtspunten bij dit document:

  1. Concretisering. De bestuursopdracht staat vol met goede voornemens, maar uiteindelijk vraagt het probleem ondermijning om een concretere aanpak. De bestuursopdracht mag geen papieren tijger worden, maar moet de aanzet zijn tot versteviging van de rol van de provincie bij dit vraagstuk. Vragen aan de gedeputeerde: op welke wijze wilt u Provinciale Staten meenemen in de concretisering van deze bestuursopdracht? Binnen welke termijn denkt u deze concretisering gereed te kunnen hebben?
  1. Bewustwording. We moeten iets niet normaal gaan vinden, wat niet normaal is. Ondermijning begint vaak klein met de ‘foute’ sponsor van de voetbalclub of het verhuren van een schuurtje aan een bekende, maar kan uiteindelijk grote gevolgen hebben voor de veiligheid van inwoners en het functioneren van het openbaar bestuur. In de Brabantse samenleving moet er meer bewustwording komen rondom ondermijning. In onze optiek mag de provincie hier nadrukkelijker op inzetten middels campagnes al dan niet in samenwerking met bijvoorbeeld Brabantse gemeenten.
  1. Grensoverschrijdende samenwerking. Bij de begrotingsbehandeling eind 2019 is unaniem een motie aangenomen, motie M102-2019, waarin Gedeputeerde Staten wordt opgeroepen om in de bestuursopdracht met concrete voorstellen te komen aangaande grensoverschrijdende samenwerking. Criminelen laten zich niet tegenhouden door een provincie- of landsgrens: de samenwerking met de provincie Limburg moet intensiever worden, in zowel de regio Eindhoven, Midden- en West-Brabant opereren en profiteren criminele organisaties van het grensgebied. Hoewel samenwerking met andere overheden, zeker internationaal, ingewikkeld kan zijn, willen wij de gedeputeerde vragen om hier werk van te maken. De provincie Noord-Brabant kan hier van toegevoegde waarde zijn voor veel grensgemeenten en andere overheden, juist vanwege onze langere betrokkenheid bij dit thema. Vraag aan de gedeputeerde: gaat u werk maken van dit thema en zo ja op welke manier?
  1. Bestuurlijk leiderschap. Dit sociaal-maatschappelijke vraagstuk, waarin veiligheid en sociale aspecten bij elkaar komen, valt of staat met bestuurlijk leiderschap. Onze Commissaris van de Koning vervult al jaren een voorbeeldfunctie als het gaat om het bespreekbaar maken van ondermijnende criminaliteit of in de lobby naar andere overheden. Bij een provinciale overheid die coördineert, faciliteert, stimuleert en aanjaagt, past een bestuurder of bestuurders, die dit thema hoog op de (politieke) agenda blijven zetten. Zowel intern binnen de provinciale organisatie als extern in de richting van andere overheden en instellingen. Blijf dit doen, maak het thema bespreekbaar, neem de verantwoordelijkheid die past bij de aard en omvang van dit probleem in onze provincie.

Tot slot. Naast het vaststellen van de bestuursopdracht ‘Veilig en weerbaar Brabant’ wordt ons gevraagd om de begrotingswijziging vast te stellen ten laste van de ‘bestuursakkoordmiddelen Bestuur en Veiligheid’ voor de periode 2020-2023. Het gaat daarbij ook om € 2.500.000 voor de extra ambities op het gebied van verkeersveiligheid. De CDA-fractie kan hier kort over zijn. Onze provincie heeft op dit vlak al jaren een hoog ambitieniveau. Gelet op het betreurenswaardig hoge aantal dodelijke verkeerslachtoffers in Brabant de voorbije jaren is dat in onze optiek ook terecht. Het rijgedrag van automobilisten veranderen we niet van de ene op de andere dag en bij sommige automobilisten wellicht nooit, maar dat ontslaat ons niet van de verplichting om ook hier voor de veiligheid van Brabanders op te komen.

Voorzitter, wij kunnen instemmen met beide beslispunten in dit Statenvoorstel.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst John Bankers veiligheid (19 juni 2020)

Schriftelijke vragen over criminele praktijken bij voetbalclubs

Schriftelijke vragen van Statenleden Marcel Deryckere en Coen Hendriks over criminele praktijken bij voetbalclubs.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over criminele praktijken bij voetbalclubs.

Geacht college,

Gisteren berichtte Omroep Brabant over criminele inmenging bij Brabantse voetbalclubs, waarnaar onderzoekers van Tilburg University en Bureau Bruinsma onderzoek doen.

Het CDA is geschrokken van de eerste, tussentijdse conclusies van dit onderzoek, waaruit blijkt dat bij vijf van de twaalf onderzochte voetbalclubs sprake is van criminele activiteiten. Hieronder drugshandel, dubieuze sponsors, infiltratie van criminelen en betalingen met zwart of misdaadgeld.

Omdat sprake lijkt van een provinciaal probleem, waarbij de Brabantse onderwereld steeds verder oprukt en haar ondermijnende activiteiten alsmaar uitbreidt richting onschuldige mensen, heeft het CDA voor u als provinciebestuur de volgende vragen:

  1. Bent u bekend met het bericht ‘Criminele praktijken bij zeker vijf voetbalclubs’1 van Omroep Brabant?
  2. Wat is uw reactie op dit bericht en de tussentijdse onderzoeksconclusies waarnaar wordt verwezen?
  3. Worden aan deze conclusies en volgende conclusies concrete acties verbonden? Indien ja, welke?
  4. Kunt u voor ons op een rijtje zetten wat de provincie hier zou kunnen betekenen, m.n. als het gaat om het vergroten van de weerbaarheid van Brabantse voetbalclubs tegen dergelijke criminele praktijken?
  5. Zijn u signalen bekend dat, behalve bij voetbalclubs, ook bij andere sportverenigingen in Brabant sprake is van criminele inmenging?
  6. Bent u bereid met dit urgente thema aan de slag te gaan, o.a. door de omvang van het probleem in kaart te brengen en met de betrokken organisaties mee te denken over oplossingen?
  7. Voetbalbond KNVB wil nader onderzoek naar inmenging in de sportwereld en een campagne om bestuurders van verenigingen en gemeentes te helpen criminelen te weren bij sportverenigingen. Het CDA sluit zich bij deze wens aan. Is de provincie bereid een dergelijk onderzoek en campagne mede te faciliteren?
  8. Zijn u signalen bekend over eenzelfde criminele inmenging in de Brabantse profsport?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat hartelijk bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Marcel Deryckere en Coen Hendriks

1 Zie https://www.omroepbrabant.nl/nieuws/3010883/Criminele-praktijken-bij-zeker-vijf-voetbalclubs.

CDA: hoe kwetsbaar zijn onze kleine vliegvelden voor criminaliteit?

Het CDA vraagt zich af hoe kwetsbaar de kleine vliegvelden in Brabant zijn voor criminaliteit en heeft hierover schriftelijke vragen gesteld aan het provinciebestuur. Het betreft de kleine, regionale burgerluchthavens Breda International Airport (gelegen in Bosschenhoofd, gemeente Halderberge) en Kempen Airport (gelegen in Budel, gemeente Cranendonck). Beide vallen onder bevoegdheid van de provincie.

Aanleiding voor de vragen is een signaal vanuit de Koninklijke Marechaussee eerder dit jaar, die waarschuwde voor het gebrek aan toezicht op de elf kleine luchthavens die Nederland telt. Omdat hier geen permanent, dat wil zeggen 24/7, fysiek toezicht aanwezig is, zouden deze vliegvelden gevoelig zijn voor criminele activiteiten. Bijvoorbeeld mensenhandel en drugssmokkel.

Op 23 mei jl. debatteerde de Tweede Kamer op initiatief van Kamerlid Van Toorenburg (CDA) over deze kwestie. Uit dit Kamerdebat kwam o.a. naar voren dat er op dit moment weinig zicht is op evt. ondermijnende criminaliteit bij kleine luchthavens. Duidelijke cijfers ontbreken. Het CDA in Provinciale Staten wil weten of Brabant risico loopt en stelt het provinciebestuur de volgende vragen:

01. Bent u bekend met de signalen zoals die eerder dit jaar zijn afgegeven door de Marechaussee?

02. Wat is het actuele regionale ondermijningsbeeld voor de kleine, regionale burgerluchthavens in Brabant, Breda International Airport en Kempen Airport? Zijn u incidenten bekend?

03. Is er op beide vliegvelden sprake van 24/7 fysiek toezicht? Indien niet, leidt dit volgens u tot een verhoogd risico op criminele, ondermijnende activiteiten?

04. Wie is of zijn in Brabant verantwoordelijk voor het toezicht en de veiligheid op en rond kleine vliegvelden (zowel in beleid, uitvoering als financieel)?

Als CDA Brabant hebben wij recent gepleit voor meer robuuste, onorthodoxe maatregelen in de strijd tegen (drugs)criminelen, zoals cameratoezicht en kentekenregistratie bij de toegang tot natuurgebieden (bijvoorbeeld de Biesbosch of de Loonse en Drunense Duinen).

05. Hoe staat u tegenover permanent cameratoezicht op en rond kleine vliegvelden (zodat we zicht hebben op wie zich daar ophoudt)?

Via de campagne Eyes & Ears roept de Marechaussee de hulp in van omwonenden, piloten en vliegveldpersoneel bij het signaleren van verdachte situaties rondom kleine vliegvelden.

06. Wat zijn de status en resultaten van deze campagne, in het bijzonder t.a.v. de kleine, regionale burgerluchthavens in Brabant? Bent u evt. bereid deze campagne een nieuwe impuls en de nodige publiciteit te geven, om zo (nog) meer bewustwording en waakzaamheid onder omwonenden van kleine vliegvelden te creëren?

Statenlid Marcel Deryckere (CDA): “Gegeven de signalen uit de Marechaussee vragen wij ons af hoe kwetsbaar de kleine vliegvelden in Brabant zijn voor criminaliteit. Immers: overheidsdiensten zijn niet permanent op kleine vliegvelden aanwezig, de terreinen zijn een groot deel van de tijd onbewaakt en soms relatief eenvoudig binnen te dringen. Wanneer er inderdaad sprake is van een, verhoogd, risico op criminele activiteiten op en rond deze vliegvelden, is het belangrijk dat we dat weten én ernaar kunnen handelen.”

Klik op de volgende link om de schriftelijke vragen te bekijken: Schriftelijke vragen over criminaliteit kleine vliegvelden.

CDA op werkbezoek in Laarbeek

Op vrijdag 8 juni brengen leden van de Provinciale Statenfractie van het CDA samen met Tweede Kamerlid Erik Ronnes een werkbezoek aan de gemeente Laarbeek.

‘s Ochtends (10.00-12.00 uur) spreekt het gezelschap op het stadhuis met burgemeester Van der Meijden en wethouder Meulensteen over georganiseerde criminaliteit en ondermijning én over het Laarbeekse buitengebied.

In de middag (13.15-15.00 uur) staat een gesprek over het woonbeleid op het programma in het Dorpshuis van Lieshout. Hier spreken de CDA’ers met vertegenwoordigers van de gemeente, dorpsraden en ouderenbonden over lokale woonvraagstukken, zoals oud kunnen worden in je eigen dorp. Het is een van de thema’s waar Tweede Kamerlid Erik Ronnes zich in Den Haag hard voor maakt: ervoor zorgen dat senioren in hun eigen omgeving kunnen blijven wonen en op de woningmarkt niet worden ‘gepasseerd’ door mensen van buiten de gemeente (die vaak weinig binding met de gemeente hebben en er na relatief korte tijd weer wegtrekken).

Aan het werkbezoek nemen behalve Haagse en provinciale politici ook plaatselijke CDA’ers uit Laarbeek deel. Marianne van der Sloot, fractievoorzitter van het CDA in de provincie Noord-Brabant: “Geweldig om in Laarbeek, de groenste gemeente van Europa, te gast te zijn. Tijdens dit werkbezoek bundelen we als CDA onze krachten om te kijken hoe we belangrijke thema’s als ondermijning, de toekomst van het buitengebied en huisvesting van senioren zowel lokaal, provinciaal als landelijk kunnen oppakken. We zijn benieuwd wat er in Laarbeek leeft en hoe bijvoorbeeld Haagse en provinciale regels lokaal worden ervaren. Het wordt hoe dan ook een mooi en interessant bezoek.”