Berichten

CDA: aanvalsplan vermindering bureaucratie voor ondernemers

Het CDA wil dat de provincie Noord-Brabant met een ‘aanvalsplan’ komt om de bureaucratie en administratieve lastendruk voor ondernemers bij subsidies en regelingen te verminderen. De partij wil het provinciebestuur hiertoe oproepen tijdens het debat over de subsidieregeling MKB innovatiestimulering Topsectoren Zuid-Nederland (MIT Zuid) vandaag.

Doel van deze MIT-regeling is het stimuleren van innovatie bij het midden- en kleinbedrijf door subsidie beschikbaar te stellen voor innovatieadviesprojecten, haalbaarheidsstudies of gezamenlijke onderzoeksprojecten.

Statenlid Stijn Steenbakkers, woordvoerder economie en financiën:

“Subsidies en regelingen als het MIT leveren een belangrijke bijdrage aan de economische ontwikkeling van de provincie Noord-Brabant. Onze provincie loopt voorop als het gaat om het stimuleren van ondernemers om gebruik te maken van dit soort regelingen.

Tegelijkertijd krijgen wij signalen van ondernemers dat zij veel administratieve lastendruk ervaren bij het aanvragen van subsidie via een regeling als de MIT. Ze noemen o.a. de nachtopenstelling, van 00.00 uur tot 05.30 uur, maar ook de lange tijd die er zit tussen de declaratie van gemaakte kosten en de uitbetaling van een toegekende subsidie.

Als CDA vinden we dat onwenselijk: ondernemers moeten kunnen ondernemen en als overheid dienen we dat te stimuleren in plaats van te frustreren.”

Daarom pleit het CDA voor een aanvalsplan om de administratieve lastendruk voor ondernemers te verlagen en waar mogelijk de aanvraag-/uitkeerprocedures te versnellen en te vereenvoudigen. De provincie zou dit samen met Stimulus Programmamanagement moeten oppakken, de uitvoeringsorganisatie die namens de provincie Noord-Brabant subsidieprogramma’s beheert en faciliteert.

Via een motie (verzoek aan het provinciebestuur) roept het CDA het provinciebestuur op om dit aanvalsplan vóór 31 december 2018 klaar te hebben.

Lambert van Nistelrooij – Sociaal en vitaal

Als belangrijkste industrieregio in Nederland profiteert ook Brabant van het herstel in de economie. Zowel de grote als de MKB-bedrijven doen het goed. Tegelijkertijd neemt de vraag naar goed opgeleide mensen zo snel toe, dat lang niet alle vacatures vlot worden ingevuld. Hierin ligt een uitdaging, juist ook voor de maakindustrie, om aantrekkelijk en vitaal te blijven. Twee recente activiteiten bevestigen dit.

Op 12 oktober organiseerde ik met bedrijven en vertegenwoordigers van arbeidsmarkt en onderwijs een bijeenkomst, waar aandacht werd gevraagd voor de scholing van werkenden. Om voorop te blijven lopen in de internationale concurrentie moeten onze bedrijven en werknemers zich voortdurend aanpassen aan de ontwikkelingen in de technologie. Hoewel al 80% van de bedrijven hun werknemers scholing aanbieden, ligt dat percentage in de maakindustrie duidelijk lager.

In onze buurlanden wordt scholing gestimuleerd door gelden uit het Europees Sociaal Fonds (het ESF) rechtstreeks via de regio’s in te zetten. In Nederland loopt dit via Den Haag. Als wij ook kiezen voor de regionale aanpak, wordt beter aangesloten bij de vraag van het bedrijfsleven. Daarnaast vraagt de arbeidsmarkt om flexibiliteit en betere aansluiting op de privésituatie, competenties en wensen. En om meer aandacht voor het verbeteren van de toerusting van werkenden op het MBO niveau, het Middelbaar Beroeps Onderwijs.

Bij het moeilijk vervullen van vacatures neemt ook de Europese dimensie toe. Tijdens de Europese Sociale top in november in het Zweedse Gotenburg zijn een groot aantal afspraken gemaakt om te komen tot een betere inzet voor de werkenden. We moeten eerst investeren in eigen werknemers boven de vervanging door werknemers uit andere Europese landen. Bij een aantrekkende arbeidsmarkt dienen de kansen van mensen met een arbeidsbeperking eveneens te worden vergroot. Nu jongeren uit Zuid en Oost Europa in grote getalen hun regio’s verlaten om te gaan werken in West Europa, blijkt onder andere uit de verkiezingen in Polen en Hongarije dat de achterblijvende bevolking een socialer Europa wil.

Zo zien we dat het economisch herstel weer nieuwe vragen oproept. De zorg voor de baan van vandaag en die van morgen is een verantwoordelijkheid van werknemers én werkgevers. Hier ligt een stevige taak voor Brabant. En voor de hier aanwezige maakindustrie, die aan de bak moet om vitaal, economisch en sociaal te blijven. In Brussel en Den Haag ga ik er voor pleiten het Europees Sociaal Fonds decentraal in te zetten.

Schriftelijke vragen over maatwerk bij het MKB

Schriftelijke vragen van Statenlid Marcel Deryckere over maatwerk voor het MKB bij de Brabantse Ontwikkelings Maatschappij (BOM).

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over maatwerk MKB bij de BOM.