Berichten

Spreektekst Jürgen Stoop – Debat over klimaatadaptie en verdroging op 19/06

Spreektekst1 Jürgen Stoop – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over de visie klimaatadaptatie, inclusief uitwerking bestuursopdracht ‘Stoppen van de verdroging met een waterrobuuste inrichting van Brabant’
(19-06-2020)

Voorzitter,

We hebben de afgelopen jaren veel droogte gekend en ook dit jaar dreigt een van de droogste jaren ooit te worden, met alle gevolgen van dien. Het heeft consequenties voor zowel de kwaliteit als de kwaliteit van het grondwater.

Daarnaast krijgen we steeds vaker te maken met meer overlast van water, omdat het hemelwater weliswaar minder vaak valt, maar als het valt vaak met enorme hoeveelheden, waar ons afwaterings- en waterbergingssysteem onvoldoende is om dit te kunnen verwerken en water vast te kunnen houden. Dat hebben we ook de afgelopen week mogen ervaren. Deze wateroverlast speelt vooral in de steden, waar de verstening ervoor heeft gezorgd dat het water niet goed weg kan.

Een derde bedreiging vormt het hoge water. De stijgende zeespiegel zorgt ervoor dat onze bescherming tegen hoogwater onder druk komt te staan en ook weer de zoetwatervoorziening onder druk zet.

Deze drie problematieken hebben een nauwe verbondenheid met elkaar. Bovendien worden de natuur, burgers en ondernemers door deze problematieken getroffen. Het valt moeilijk te ontkennen dat de oorzaak ligt in de veranderingen in het klimaat. We kunnen dit niet alleen en hebben veel partners nodig om de strijd met het water op alle genoemde vlakken aan te kunnen gaan. We kijken als CDA-fractie belangstellend uit naar het programma Water en Bodem 2022-2027.

Door de verdroging in de natte natuurparels op te heffen, snijdt het mes aan meerdere kanten. Er is sprake van natuurherstel, de verbetering van de kwaliteit van bodem en water, maar er wordt tevens een natuurlijke oplossing geboden voor de verdrogingsproblematiek en de problematiek van wateroverlast. Wij verzoeken uw college wel om slim gebruik te maken van de middelen die ook ten behoeve van andere opgaven beschikbaar worden gesteld en de opgaven in samenhang met elkaar aan te pakken.

Uit het voorstel blijkt dat de benodigde financiële middelen vanuit de provincie onvoldoende zijn om de water- en bodemopgave te kunnen financieren en cofinanciering noodzakelijk is. Wij hebben begrepen dat de waterschappen het tegengaan van verdroging als prioriteit zien. Er is ook aangegeven dat het achterblijven van cofinanciering door derden een risico is. Wij verzoeken de gedeputeerde ons regelmatig te informeren over de te maken afspraken over de cofinanciering van derden.

In het voorstel wordt aangegeven het gebrek aan draagvlak ten aanzien van de realisatie van natte natuurparels, waardoor de maatregelen niet in volle omvang gerealiseerd kunnen worden. Wij maken uit dit voorstel, maar ook uit de jaarrekening 2019 en de bestuurlijke rapportage van het eerste kwartaal op, dat hier nu al sprake van is. De grote vraag is of de daarmee opgelopen achterstand moeilijk in te halen is, met het gevaar dat we het grond- en oppervlaktewater in 2027 niet op orde hebben en niet zal worden voldaan aan de Europese Kaderrichtlijn Water. Graag horen wij van de gedeputeerde hoe hij hiertegen aankijkt en wat de consequenties zijn als deze termijn niet wordt gehaald.

Voorzitter, de CDA-fractie zal instemmen met de visie klimaatadaptatie en de uitwerking van de bestuursopdracht ‘Stoppen van de verdroging met een waterrobuuste inrichting van Brabant’ om de voor deze aanpak gereserveerde middelen voor deze bestuursperiode beschikbaar te stellen.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Jürgen Stoop visie klimaatadaptatie (19 juni 2020)

Moties over wolvenaanpak en herinnering coronaslachtoffers aangenomen op 05/06

In de (digitale) Provinciale Statenvergadering van 5 juni 2020 heeft de fractie van CDA Brabant, samen met andere partijen, twee moties ingediend (voorstellen aan het provinciebestuur). Beide zijn aangenomen.

De eerste motie, ingediend met SP en PvdA, gaat over een blijvende, tastbare herinnering voor alle slachtoffers van het coronavirus en luidt als volgt:

Provinciale Staten van Noord-Brabant in vergadering digitaal bijeen op 5 juni 2020,

Constaterende dat

  • Door het Coronavirus veel mensen getroffen zijn;
  • Door alle regels en maatregelen maar een paar nabestaanden bij de uitvaart aanwezig mogen zijn;
  • Daardoor is het verdriet weinig zichtbaar;
  • Er vele initiatieven zijn om de mensen die overleden zijn een gezicht te geven zoals de gedenkenhoek en ‘zij worden gemist’ rubriek van Omroep Brabant, 1 minuut stilte bij raadsvergaderingen, een hartjesboom in Uden, en nog vele initiatieven meer.

Overwegende dat

  • Het virus nog lang aanwezig zal zijn en slachtoffers zal maken;
  • We er met zijn allen voor staan om dit virus te bestrijden;
  • Dit vraagt om blijvende aandacht voor alle slachtoffers van Coronavirus.

Verzoeken Gedeputeerde Staten daarom te onderzoeken of in Brabant draagvlak is voor een blijvende tastbare herinnering voor alle slachtoffers van het Coronavirus. En indíén hier draagvlak voor is, dit uit te werken samen met de Brabanders.

En gaat over tot de orde van de dag

Indieners

Edith van Dijk PvdA
Maarten Everling SP
Jürgen Stoop CDA

5 juni 2020

Klik hier voor de originele motietekst.

De tweede motie, ingediend met VVD en FvD, gaat over aanpak van de wolf, in het belang van natuur, agrariër en bewoners, en luidt als volgt:

Overwegende dat:

  • Anderhalf jaar geleden de provincies gezamenlijk het interprovinciaal wolvenplan hebben opgesteld.
  • Het vertrekpunt daarbij de beschermde status van de wolf was.

Constaterende dat:

  • De wettelijke mogelijkheden om actie te ondernemen richting de wolf zeer beperkt zijn omdat de wolf niet gedood of gevangen mag worden bij gewoon natuurlijk gedrag.
  • Er is een wezenlijk verschil tussen de gevestigde wolf en de zwervende wolf.
  • Een zwervende wolf op dit moment veel schade aanricht bij houders van schapen, paarden en ander landbouwhuisdieren in Brabant.

Verzoeken Gedeputeerde Staten om

  • Met het rijk, de IPO en alle andere beschikbare kanalen in overleg te gaan over de wijze waarop om moet worden gegaan met de wolf.
  • Het creëren van handelingsperspectief om te voorkomen dat wolven te lang aanwezig zijn, c.q. gaan verblijven in gebieden die hiervoor ongeschikt zijn. Dit is zowel in het belang van de natuur (het welzijn van de wolf), de agrariër (die veel schade kan ondervinden, c.q. kosten moet maken om aan preventie te doen) en de bewoners (bij wie gevoelens van onrust en zorg ontstaan).

En gaat over tot de orde van de dag.

Jürgen Stoop
Tanja van de Ven
Roel Gremmen
Walter Manders
Joris van den Oetelaar
Camiel van der Meeren

Klik hier voor de originele motietekst.

Spreektekst Jürgen Stoop – Debat over aanpassingen in EVZ-beleid op 31/01

Spreektekst1 Jürgen Stoop – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over aanpassingen in EVZ-beleid  
(31-01-2020)

Voorzitter,

Vandaag ligt Statenvoorstel 41/19 Aanpassingen in het EVZ-beleid ter besluitvorming aan ons voor.

De CDA-fractie vindt het voltooien van ecologische verbindingszones van groot belang. Niet voor niets stond in ons verkiezingsprogramma: “We voltooien de verbinding van natuurgebieden tot één aaneengesloten Brabants natuurnetwerk. Groene verbindingen zijn goed voor planten en dieren en aantrekkelijk voor de mens.”

Het Statenvoorstel is noodzakelijk, omdat met name de aankoop van gronden door de gemeenten achterbleef bij de doelstelling en actie moest worden ondernomen om de grondaankopen vlot te trekken. Het CDA steunt het verlagen van het percentage cofinanciering van gemeenten van 50% naar 25%. Pilots hebben aangetoond dat hiermee gemeenten meer in de actiestand komen.

Daarnaast is het CDA blij met maatregelen die er toe zullen leiden dat het resultaat wordt bereikt, ook al zijn de provinciale kosten voor verwerving hoger geworden en waarbij het beschikbare budget gelijk blijft. Wij zijn blij dat de realiteit zegeviert en niet star wordt vastgehouden aan oude plannen die voor een deel achterhaald zijn. De CDA-fractie wil het college complimenteren met de voorgestelde aanpassingen.

Vanuit de waterschappen hebben we een aantal zorgpunten over de realisatie van de ecologische verbindingszones doorgekregen, die wij u graag willen meegeven.

  • Grondverwerving blijft lastig, vooral omdat de waterschappen maximaal alleen de agrarische waarde mogen vergoeden, voor welk bedrag de boeren niet dezelfde oppervlakte grond terug kunnen kopen.
    Bij de waterschappen wordt daarom gewerkt met grondruil, waarvoor de waterschappen extra moeten investeren in een grondbank. Graag horen wij van de gedeputeerde of dit voor de door de gemeenten te verwerven gronden ook opgaat, of hij wil onderzoeken of de verwervingsprijs markconform is en zo niet, hoe die marktconform gemaakt kan worden.
  • Aangegeven wordt dat de onderhoudskosten van de diverse ecologische verbindingszones voor de waterschappen stijgen. Ook hierbij de vraag aan de gedeputeerde of dat ook geldt voor de gronden die door de gemeenten worden aangekocht en worden onderhouden.

Vanuit de waterschappen is aangegeven meer nadruk op zelfrealisatie te leggen. Stimuleer terreineigenaren om zelf natuur in te richten. Dit schept vaak een soort verdienmodel bij het beheer van de natuurgebieden. Dit geeft (nog) meer draagvlak en dit kan met name onze boeren helpen in hun bedrijfsvoering.

De waterschappen geven aan dat de samenwerking met provincie en gemeenten zeer goed verloopt, hetgeen twee weken geleden tijdens de themabijeenkomst over dit Statenvoorstel ook door gedeputeerde Grashoff werd aangegeven. De CDA-fractie geeft uw college graag mee aandacht aan de communicatie te besteden, zodat ook duidelijk wordt dat de provincie hier werk van maakt. In het Statenvoorstel ontbreekt namelijk de communicatieparagraaf.

Voorzitter,

De CDA-fractie zal instemmen met dit voorstel en zal met belangstelling volgen hoe de komende jaren de ecologische verbindingszones zullen worden gerealiseerd.

Tot zover mijn eerste termijn.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Jürgen Stoop aanpassingen in EVZ-beleid (31 januari 2020)

Maiden speech Jürgen Stoop – Debat over PIP “Oude Strijper Aa” op 13/12

Spreektekst1 Jürgen Stoop – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over het provinciaal inpassingsplan “Oude Strijper Aa”
(13-12-2019)

Voorzitter,

Het is bijzonder om op de laatste Statendag van het jaar mijn maiden speech te mogen houden. Met als aandachtsgebieden water, natuur en de aanpak stikstof, komen al deze terreinen in het provinciaal inpassingsplan “Herinrichting Oude Strijper Aa” bij elkaar.

De Strijper Aa is namelijk onderdeel van het Natura 2000-gebied Leenderbos, Groote Heide & De Plateaux. Een gebied van in totaal 4.356 ha groot. Het gebied de Oude Strijper is waterrijk gebied en krijgt met dit inpassingsplan een echte natuurbestemming.

Omdat dit terrein voor mij nieuw is, ben ik in het beheerplan Leenderbos, Groote Heide & De Plateaux gedoken. Voor mij is duidelijk geworden dat een Natura 2000-gebied bestaat uit uiteenlopende habitattypen, waar velerlei vogels hun leefruimte vinden. Uit de beantwoording van de technische vragen die de CDA-fractie samen met de VVD-fractie heeft ingediend, is duidelijk geworden dat er twee habitattypen relevant zijn voor het gebied Oude Strijper Aa: veenbossen en bossen op alluviale grond. Habitattypen die passen bij een gebied met veel water.

Uit het beheerplan van dit Natura 2000-gebied blijkt ook dat het stikstofprobleem, de depositieruimte en de verwachte daling van de depositieruimte binnen het gebied erg verschillend is. Zo is er in de Oude Strijper Aa geen stikstofprobleem, heeft dit gebied de maximaal mogelijke depositieruimte en is er in dit gebied een naar verwachting grote stikstofreductie. Voor dit natuurgebied speelt de stikstofproblematiek in ieder geval niet.

Wij vragen de gedeputeerde nadrukkelijk bij de gebiedsgerichte aanpak omtrent de stikstofaanpak rekening te houden met de diversiteit die er binnen een Natura 2000-gebied is en niet de buitengrenzen van de Natura 2000-gebieden als grens te hanteren. Het vraagt ook om en kritische blik of elk natuurgebied onderdeel moet uitmaken van een Natura 2000-gebied. Het CDA heeft bij het gebied de Oude Strijper Aa daarover wel vraagtekens. Het CDA zal zich de komende maanden in ieder geval extra gaan verdiepen in de andere beheerplannen van de Brabantse Natura 2000-gebieden om de gebiedsgerichte aanpak kritisch te kunnen volgen.

Een natuurgebied kan bijdragen aan het uitbreiden van het Natuurnetwerk Brabant, zonder dat het deel uitmaakt van een Natura 2000-gebied. Het doel van een Natura 2000-gebied is het beschermen van habitattypen en vogels. In het beheerplan is bijvoorbeeld terug te vinden dat vernatting van een gebied ook kan leiden tot bedreiging van het gebied waar bepaalde dieren leven en planten groeien. Daar dient goede aandacht voor te zijn. Het is niet terug te vinden of hiervan bij het gebied Ouder Strijper Aa sprake is.

Een problematiek die ook voor onze provincie speelt, is de kwaliteit van het water dat vanuit België Noord-Brabant binnenstroomt. In het beheerplan is aangegeven dat het water dat via het oppervlaktewater vanuit België onze provincie binnenstroomt, vervuild kan zijn en stikstof bevat. Er is sprake van lozingen vanuit de RWZI’s in België, die van invloed zijn op de waterstromen in Noord-Brabant. Lozingen van RWZI’s en riooloverstorten in Nederland en België vormen een knelpunt dat niet direct in het kader van dit beheerplan kan worden opgelost. Het CDA vraagt de gedeputeerde om hierover nadrukkelijk in overleg te blijven met onze zuiderburen.

Overigens zal het CDA dit provinciaal inpassingsplan wel steunen. Dit is ook in overeenstemming met de zienswijzen, waaruit geen bezwaren naar voren zijn gekomen. De antwoorden van uw college zijn helder en kunnen wij onderschrijven. Het provinciaal inpassingsplan is erop gericht de natuur in het gebied van de Oude Strijper Aa te herstellen. In dit gebied gaat het er voornamelijk om de waterkwantiteit en waterkwaliteit te verbeteren.

Het draagt bij aan vernatting, hetgeen tijdens twee zomers met extreme warmte en droogte heel belangrijk is. Het CDA gaat ervan uit dat een betere doorstroming van dit gebied zorgt voor ontzuring van het grondwater en het terugdringen van de zinkconcentraties die vijf tot tien maal de saneringsnorm overschrijden. Wij horen graag van de gedeputeerde dat dit het geval is.

Dit provinciaal inpassingsplan is onlosmakelijk verbonden met het PPWW over dit gebied van Waterschap De Dommel. Alle benodigde maatregelen voor dit gebied betreffen de waterhuishouding. Het pakket aan maatregelen dat in het PPWW is beschreven, ziet er gedegen uit. Het CDA zal de uitvoering van deze maatregelen en de effecten die dit heeft op dit gebied nadrukkelijk blijven volgen.

Dit was mijn bijdrage in eerste termijn.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Jürgen Stoop PIP ”Herinrichting Oude Strijper Aa” (13 december 2019)

Schriftelijke vragen over broeikasuitstoot vennen en vijvers

Schriftelijke vragen van Statenlid Jürgen Stoop over de broeikasuitstoot uit Brabantse vennen en vijvers.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over broeikasuitstoot vennen en vijvers.

Geacht college,

Vorige maand kondigde de provincie Noord-Brabant op haar website een subsidieregeling aan voor initiatieven die zijn gericht op het behoud en/of het herstel van vennen.1 Hiervoor is 1 miljoen euro beschikbaar.

Eerder dit jaar berichtte dagblad Trouw over een onderzoek van de Radboud Universiteit naar de uitstoot van broeikasgassen, zoals koolstofdioxide (CO2) en methaan (CH4), door (buurt)vijvers.2 De onderzoekers schatten deze uitstoot gelijk aan die van ongeveer 200.000 auto’s per jaar. De oorzaak zit in het organisch materiaal dat op de bodem van ondiep water vergaat. In het onderzoek staat ook welke mogelijkheden er zijn om deze problematiek te verminderen. Bijvoorbeeld door te baggeren, te sturen op de watervegetatie (waterplanten) en de visstand, of door over te gaan tot het voedselarm maken van de bodem en verbrakking.

Brabant heeft zich geconformeerd aan de doelstellingen uit het Klimaatakkoord van Parijs. Het CDA denkt dat Brabant door het terugdringen van de broeikasuitstoot in vennen en vijvers een wezenlijke bijdrage kan leveren aan het halen van deze klimaatdoelstellingen. Wij hebben daarom voor u de volgende vragen:

  1. Bent u bekend met het onderzoek van de Radboud Universiteit naar de uitstoot van broeikasgassen door (buurt)vijvers?
  2. Begrijpen wij het goed dat de subsidieregeling Biodiversiteit en leefgebieden bedreigde soorten (onderdeel venherstel) alleen is bedoeld voor vennen (door de natuur ontstaan) en niet voor vijvers (door de mens aangelegd)?
  3. Brabant telt ongeveer 600 vennen, driekwart van alle vennen in Nederland. Is bekend hoeveel broeikasgassen deze vennen uitstoten? Is er in uw ogen sprake van een probleem?
  4. Is bekend hoeveel (buurt)vijvers er in Brabant zijn en hoeveel broeikasgassen deze vijvers uitstoten?
  5. Geeft u bij het toekennen van subsidie voor het herstel en behoud van Brabantse vennen prioriteit aan de vennen die de hoogste uitstoot van broeikasgassen laten zien?
  6. Indien men overgaat tot het schoonmaken van vennen, is het van belang in welke tijd van het jaar dit gebeurt. Dit om te voorkomen dat door het vallen van het blad of door maaiwerkzaamheden rondom de vennen alsnog organisch materiaal in het water terechtkomt. Heeft de provincie bij de subsidietoekenning voorwaarden opgenomen over de periode waarbinnen de schoonmaak moet plaatsvinden, om de uitstoot van broeikasgassen ook naar de toekomst toe te minimaliseren?
  7. Deelt u de mening van het CDA dat Brabant door het terugdringen van de broeikasuitstoot in vennen en vijvers een wezenlijke bijdrage kan leveren aan het halen van de doelstellingen uit het Klimaatakkoord van Parijs?
  8. Welke maatregelen neemt u om niet alleen de uitstoot van broeikasgassen in vennen te verminderen, maar ook die in (buurt)vijvers?
  9. De oplossing voor de broeikasuitstoot door (stads)vijvers is het schoonhouden van de vijver en de omgeving. Bewoners en gemeenten kunnen dit samen doen. Omwonenden kunnen bijvoorbeeld hondenpoep opruimen, terwijl de gemeente zorgt voor minder of bladhoudende bomen aan de watergrens. Ziet u mogelijkheden om als provincie lokale initiatieven, gericht op het schoonhouden van buurtvijvers, te ondersteunen? Bijvoorbeeld als onderdeel van het provinciale natuur- en/of klimaatbeleid.

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat hartelijk bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Jürgen Stoop

1 Zie https://www.brabant.nl/actueel/nieuws/2019/juni/provincie-houdt-aandacht-voor-brabantse-vennen

2 Zie https://www.trouw.nl/duurzaamheid-natuur/nederlandse-buurtvijvers-stoten-evenveel-broeikasgas-uit-als-tweehonderdduizend-auto-s~b3e44c7e/?referer=https%3A%2F%2Fwww.google.nl%2F