Berichten

Schriftelijke vragen over drugsgebruik/-handel bij Brabantse evenementen

Schriftelijke vragen van Statenlid Marcel Deryckere over drugsgebruik/-handel bij Brabantse evenementen.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over drugsgebruik en -handel bij Brabantse evenementen.

Geacht college,

Op pag. 8 van het bestuursakkoord 2019-2023, getiteld ‘Kiezen voor Kwaliteit’, staat in de cultuurparagraaf: Mede dankzij de aanwezigheid van een groot aantal kunstvakopleidingen, het grote aanbod aan festivals, musea en een stevig cultureel ecosysteem is Brabant de derde culturele regio van Nederland.1

Brabant kent een rijk evenementenaanbod, waarvan ieder jaar tienduizenden mensen genieten. Dat moet zo blijven.

Afgelopen week berichtten o.a. De Telegraaf2, Omroep Brabant3 en de Volkskrant4 over het gebruik van en de handel in drugs tijdens festivals. Naar aanleiding hiervan heeft het CDA voor u de volgende vragen:

  1. Bent u het met de minister van Justitie en Veiligheid eens dat gebruikers van drugs medeverantwoordelijk zijn voor het in stand houden van een drugsindustrie, waarvan onschuldige mensen het slachtoffer zijn?
  2. Wat vindt u van het huidige festival- en evenementenbeleid, waarbij de verantwoordelijkheid voor de aanpak van drugs grotendeels bij de organisatie van het festival/evenement ligt? Is dit beleid volgens u voldoende effectief? Waar ziet u punten voor verbetering?
  3. Op welke van de in Brabant gehouden (muziek)festivals wordt veelvuldig drugs gebruikt of verhandeld?
  4. Hoeveel strafbare feiten uit de Opiumwet zijn er in het afgelopen jaar bij deze festivals geconstateerd? Indien mogelijk een uitsplitsing naar strafbaar feit en naar festival.
  5. Geregeld bereiken ons berichten over drugsgebruik en -handel rondom (amateur)voetbalwedstrijden in Brabant. Zijn hierover cijfers beschikbaar, zoals een registratie van het aantal strafbare feiten en hun aard?
  6. Zijn er andere evenementen in Brabant, waarvan bekend is dat er veel drugsgebruik/-handel plaatsvindt? Indien ja, welke?
  7. Het vorige college van Gedeputeerde Staten, periode 2015-2019, wilde dancefestivals in de regio meer ruimte bieden, met tijdelijke vergunningen of door extra faciliteiten beschikbaar te stellen5. Hoe denkt dit college hierover?
  8. Ziet u mogelijkheden om (extra) eisen te stellen, bijv. t.a.v. drugspreventie en handhaving, aan festivals en evenementen die de provincie financieel of op andere wijze(n) ondersteunt? Indien ja, welke?
  9. Bent u bereid om met de Brabantse festival-/evenementenbranche en andere betrokken partijen, zoals verslavingsinstelling Novadic-Kentron, in gesprek te gaan over hoe het gebruik van en de handel in drugs tijdens festivals/evenementen te verminderen?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat hartelijk bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Marcel Deryckere

1 Zie file:///C:/Users/defaultuser100000/AppData/Local/Packages/Microsoft.MicrosoftEdge_8wekyb3d8bbwe/TempState/Downloads/Bestuursakkoord20192023%20(1).pdf, pag. 8.

2 Zie https://www.telegraaf.nl/nieuws/854483164/minder-festivals-in-strijd-tegen-drugs?utm_source=google&utm_medium=organic.

3 Zie https://www.omroepbrabant.nl/nieuws/3037154/Minder-festivals-betekent-niet-minder-drugsproductie-organisatoren-boos-over-uitspraken-minister.

4 Zie https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/drugsfestivals-terugdringen-op-deze-manier-gaat-grapperhaus-het-niet-winnen~baaa20e1/?referer=https%3A%2F%2Fwww.google.nl%2F.

5 Zie file:///C:/Users/defaultuser100000/AppData/Local/Packages/Microsoft.MicrosoftEdge_8wekyb3d8bbwe/TempState/Downloads/Bestuursakkoord_2015_2019%20(1).pdf, pag. 67.

CDA: D66-actie is middelvinger tegen boeren, boswachters en burgemeesters

D66-jongeren die nep XTC-pillen uitdelen aan gezinnen met kinderen is niet alleen een slecht voorbeeld voor de jeugd, maar óók een middelvinger tegen boeren, boswachters, burgemeesters en al die andere Brabanders die dagelijks worden geconfronteerd met de schadelijke gevolgen van drugsgebruik en -productie in onze provincie. Dat vinden CDA’ers Marcel Deryckere, Statenlid uit Tilburg, en Tom Berendsen, kandidaat-Europarlementariër uit Breda, in reactie op de actie van de Jonge Democraten in de Eindhovense binnenstad. “Een belediging van alle mensen die proberen, soms met gevaar voor eigen leven, onze provincie gezonder, schoner en veiliger te maken. Een uitnodiging aan pillenmakers om door te blijven gaan met hun praktijken. Een aanmoediging aan jongeren om eens een pilletje te proberen. De omgekeerde wereld dus.”

Net als veel leden van moederpartij D66 denken de Jonge Democraten dat de legalisering van drugs als wiet en XCT, een harddrug, alle drugsproblemen oplost. “Absolute onzin”, aldus Deryckere. “Ook een legale, gecontroleerde XTC-pil blijft een XTC-pil, waaraan je dood kunt gaan. Een sluipmoordenaar waarvan je niet moet willen dat het gebruik ervan normaal wordt. Een hoge kwaliteit XTC-pil bestaat niet, het is rotzooi.”

Het CDA heeft in zijn verkiezingsprogramma dan ook een stevige anti-drugsparagraaf opgenomen, met maatregelen die de productie, handel én het gebruik van drugs moeten tegengaan. Niet alleen door geld vrij te maken voor extra menskracht, maar ook door inzet van ‘onortodoxe’ middelen als drones, kentekenregistratie en camera’s. En door grondeigenaren de opruimkosten voor gedumpt drugsafval 100% te vergoeden, iets waar het CDA al jaren voor pleit.

“De strijd tegen drugs, hun producenten en afzetmarkt win je niet door drugs legaal te maken. Kijk naar de recente berichten over illegale sigarettenfabrieken, gerund door criminele bendes. De sigaret is een legaal product, maar het illegale circuit is blijven bestaan. Wat zegt dat over de slagingskans van bijvoorbeeld de wietproef?” Aldus Deryckere, die deze vraag afgelopen vrijdag voorlegde aan het provinciebestuur. “Als overheid willen sturen op het gehalte THC of MDMA is kansloos. Zijn immers de gewenste effecten voor de gebruiker minimaal of afwezig, dan blijft er voor criminelen een prikkel bestaan om drugs met hogere doses THC of MDMA, met meer merkbare effecten, op de markt te brengen.”

Die strijd tegen de drugsindustrie moet volgens het CDA internationaal worden gevoerd, want veel in Nederland geproduceerde drugs gaan naar het buitenland en criminaliteit stopt niet bij de grens. Daar iets tegen doen vraagt goede samenwerking in de grensregio’s, met onze buurlanden en in de Europese Unie.

Berendsen, EU-kandidaat voor het CDA: “Ondermijning met drugsgeld in Brabantse dorpen en steden is een groot gevaar waar onze burgemeesters dagelijks tegen vechten. Mensen in het buitengebied staan onder grote druk van criminelen die ruimte zoeken voor hun illegale praktijken. Ook de opruimkosten van het afval zijn enorm en komen voor rekening van gewone mensen en onze samenleving. Dat ene pilletje is zo onschuldig dus niet. In plaats van legaliseren is een sterke, grensoverschrijdende aanpak nodig. Dan helpt het als je partij ook Europese bondgenoten heeft en de lijnen tussen Brabant en Brussel kort zijn.”

Deryckere en Berendsen roepen de D66-jongeren op een keer in een verslavingskliniek te gaan kijken en te zien waartoe een drugsverslaving, die soms klein begint en onschuldig lijkt, kan leiden. “In plaats van te moeten faciliteren dat je je drugs kan testen, kunnen we er beter voor zorgen dat je niet aan drugs begint én er niet aan kan komen. Dat ene pilletje staat niet op zichzelf. Er zijn steeds meer pilletjes nodig voor hetzelfde effect, en dus kunnen jongeren in een glijdende schaal belanden met alle gevolgen van dien voor zichzelf en hun familie. Van maatschappelijk betrokken jongeren zoals die van D66 zouden we juist verwachten dat ze hun leeftijdsgenoten wijzen op de gevaren in plaats van het gebruik aan te moedigen.”

Spreektekst Kees de Heer – Debat over innovatie life sciences & health op 31/08

Spreektekst1 Kees de Heer – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant 
Debat over het Uitvoeringsprogramma innovatie life sciences & health 2018-2022
(31-08-2018)

Voorzitter,

Vandaag bespreken we het Uitvoeringsprogramma innovatie life sciences & health, waarin het gaat over uitdagingen en kansen en twee programmalijnen rondom zorgvraagstukken. Het gaat dan over een, aldus de opstellers, innovatieve en technologisch intensieve sector.
Kortom, een tak van sport waar Brabant goed in is en ook goed in wil blijven.

De CDA-fractie volgt die denklijn en we hebben dan ook met belangstelling het voorstel gelezen.

Bij eerste lezing is het een helder document met een duidelijke marsroute. De aandachtsgebieden zijn goed in kaart gebracht en ook de kansen en bedreigingen.

Maar bij nadere bestudering bekruipt mij toch het gevoel dat dit document wel op een strategisch heel hoog niveau beschreven is en minder transparant is dan je zou willen.
Bijvoorbeeld, wie hebben er deelgenomen aan de werkgroepen, wie zijn de experts, welke ondernemers zijn aanwezig geweest enz.?

Het is een heel bedrijfskundige benadering. Dat lees je ook terug aan het adviesbureau dat is ingehuurd. Op de website presenteren zij zich als volgt: klanten worden ondersteund bij het realiseren van snellere en stabiele groei, hogere winsten en een grotere ondernemingswaarde. Dit is dus het bureau dat ons verder moet helpen bij het ontwikkelen van het Uitvoeringsprogramma.
Kortom, het programma richt zich dus heel sterk op het ondernemingsklimaat van Brabant. Het richt zich op het versterken van de concurrentiepositie van onze provincie ten opzichte van andere hightech regio’s. En daarmee dreigt het op zichzelf te komen staan en de verbinding met de inwoners van Brabant te verliezen.

Zoals gezegd: dit alles mondt uit in twee programmalijnen rondom innovatie en de verbinding tussen markt en patiënt. Let op de gebruikte terminologie: ik had hier liever het woord cliënt gelezen, dat drukt minder afhankelijkheid uit en meer gelijkwaardigheid.
En dit leidt weer tot maar liefst zes actielijnen.

En hier komen we op de tweede zorg van de CDA-fractie: dreigt de inzet van de provincie niet te zeer te versnipperen? Vijf miljoen euro over zes actielijnen verdeeld over twee jaar.  Hoe groot kan de rol van de provincie zijn in deze programmalijnen?

En welke visie zit hierachter? De CDA-fractie vindt dat economische ontwikkelprogramma’s, want daar praten we hier over, nadrukkelijk ten goede moeten komen van de inwoners van Brabant. Niet alleen in termen van werkgelegenheid, maar meer nog in termen van gezond burgerschap. Daarom willen wij nadrukkelijk inzetten op actie nr. 6: het creëren van een robuuste proeftuin voor innovaties in de thuisomgeving.

Brabanders mogen best merken dat ze wonen en leven in een hightech omgeving, ze zouden daar beter en sneller de vruchten van moeten kunnen plukken. Hier kan de provincie het verschil maken. Heel terecht wordt in deze actielijn dan ook gesteld dat de uitgangspunten zijn: het centraal stellen van de gebruiker, standaardisatie, open innovatie en systematische co-creatie met gebruikers in hun thuisomgeving. In het economische programma Brabant staat dit ook met zoveel woorden. Het gaat om goede en betaalbare gezondheidzorg. En goede gezondheidzorg is zorg dicht bij mensen.
Ten slotte de financiële onderbouwing. Verwacht wordt dat de verstrekte leningen worden terugbetaald en daarmee de norm van 40% revolverendheid bereikt.

Nog twee vragen:

  1. Kan de gedeputeerde aangeven op welke wijze het begrotingsvoorstel tot stand is gekomen? In het voorstel wordt aangegeven dat er toch nogal wat onzekerheden, afhankelijkheden enz. zijn. In het kader van realistisch ramen is onze fractie benieuwd waarom het dan geen vier of zes miljoen euro is geworden.
  2. In het voorstel wordt gesproken over grotendeels revolverend. In de bijlage lezen we echter terug dat het slechts wordt ingezet op 40% van de middelen revolverend. Met andere woorden: 60% van deze middelen kunnen we niet nogmaals inzetten voor Brabant.
    Kan de gedeputeerde aangeven waarom dit percentage zo laag is?

Tot zover mijn inbreng in 1ste termijn, voorzitter.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Kees de Heer Uitvoeringsprogramma innovatie en life sciences & heath 2018-2022 (31 augustus 2018)

Vragen CDA n.a.v. onderzoek Veehouderij en Gezondheid

Vragen CDA n.a.v. onderzoek Veehouderij en Gezondheid

Naar aanleiding van het recent gepubliceerde onderzoek Veehouderij en Gezondheid Omwonenden (VGO) heeft de Provinciale Statenfractie van het CDA Brabant de volgende vragen voor het college van Gedeputeerde Staten. Hoe duidt het college het onderzoek Veehouderij en Gezondheid Omwonenden (VGO)? In het eerste kwartaal van 2017 komt het college met het afwegingskader gezondheid en veehouderij. […]