Berichten

CDA stelt vragen over reusachtige zonneweides in Drimmelen

Het CDA heeft aan het provinciebestuur schriftelijke vragen gesteld over de voorgenomen aanleg van reusachtige zonneweides in de gemeente Drimmelen. De partij vraagt zich af of deze velden vol zonnepanelen wel passen in de nieuwe energieplannen van Brabant, waarover Provinciale Staten, het Brabants parlement, onlangs debatteerden.

Provinciale Staten namen toen een voorstel (motie) van het CDA aan getiteld ‘Ladder voor duurzaamheid’. Hierin wordt het provinciebestuur verzocht om in haar nieuwe energiebeleid aan te sluiten bij de landelijke ‘zonneladder’, een hulpmiddel voor overheden om te bepalen welke locaties het meest geschikt zijn voor het plaatsen van zonnepanelen.

De zonneladder is bedoeld om wildgroei bij de aanleg van grootschalige zonneparken op natuur- en landbouwgrond te voorkomen en zuinig om te gaan met bodem en ruimte. Liever de onbenutte ruimte op daken van bijv. huizen, scholen, bedrijven en andere gebouwen gebruiken, dan vruchtbare landbouwgrond vol leggen met zonnepanelen. Aldus het CDA, dat dit standpunt heeft opgenomen in het verkiezingsprogramma voor de provinciale verkiezingen in maart.

Statenlid Roland van Vugt (CDA) en kandidaat-Statenlid Renze Bergsma (CDA): “Bij het verduurzamen van onze provincie komt voor het CDA zonne-energie, als alternatieve, duurzame energiebron, op de eerste plaats. Toepassing van de zonneladder en een evenwichtige verdeling tussen lasten en lusten zijn daarbij belangrijke randvoorwaarden. Om te kunnen rekenen op draagvlak moeten klimaatmaatregelen voor alle Brabanders haalbaar én betaalbaar zijn.”

Behalve een reactie op de Drimmelense zonneweides wil het CDA ook van het provinciebestuur weten of in Brabant, net als in Noord-Nederland, de beperkte capaciteit van het elektriciteitsnet initiatieven om op grote schaal zon- en windenergie te realiseren in de weg zit.

De concrete vragen van het CDA aan het Brabantse provinciebestuur zijn als volgt:

  1. Bent u bekend met de ontwikkelingen in Drimmelen?
  2. Hoe verhouden deze ontwikkelingen zich in uw ogen met het aangenomen voorstel over toepassing van de zonneladder en met de voorwaarde draagvlak?
  3. Hoe verhoudt de aanleg van grootschalige zonneweides in Brabant zich met de ambitie van kringlooplandbouw (gericht op o.a. zuinig bodem- en ruimtegebruik)?
  4. In de afgelopen dagen berichtten diverse media dat in Noord-Nederland de beperkte capaciteit van het elektriciteitsnet veel initiatieven om op grote schaal zon- en windenergie te realiseren tegenhoudt. Speelt dit vraagstuk op dit moment ook in Brabant? En op deze specifieke locatie in Drimmelen?
  5. Verwacht u dat dit vraagstuk zich op korte termijn in Brabant zal aandienen? En op deze specifieke locatie in Drimmelen?
  6. Wie voert de regie bij deze afstemmings- en capaciteitsvraag tussen capaciteit van het elektriciteitsnet en grootschalige stroomopwekinitiatieven?

Het provinciebestuur heeft vier weken de tijd om de vragen te beantwoorden.

CDA: géén extra gaswinning in Brakel, Altena en Brabant

Het CDA Brabant wil niet dat de gaswinning in en onder de provincie Noord-Brabant wordt uitgebreid. De partij herhaalt deze oproep aan het provinciebestuur, nu het Canadese gaswinningsbedrijf Vermilion Energy van plan is om de gaswinning onder het dorp Brakel flink uit te breiden. Brakel ligt weliswaar in de provincie Gelderland, maar de betreffende gasvelden strekken zich uit tot onder Brabants grondgebied (gemeente Altena).

In de periode 2010-2018 was de totale gasproductie uit de velden ‘Brakel’ en ‘Brakel-Zuid’ 148 miljoen nm3. Tot 2031 wil Vermilion Energy deze uitbreiden naar ca. 1000 miljoen nm3 gas. Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat moet hiervoor nog toestemming geven, naar verwachting begint het vergunningstraject aankomende zomer.

Hopelijk komt die toestemming er niet, aldus Statenlid Roland van Vugt (CDA) en kandidaat-Statenlid Renze Bergsma (CDA), beiden uit Altena. Het CDA heeft schriftelijke vragen gesteld aan het college van Gedeputeerde Staten, met de oproep aan het provinciebestuur om, samen met de provincie Gelderland, het waterschap Rivierenland en de betrokken gemeenten, al het mogelijke te doen om het “onzalige plan” van Vermilion Energy van tafel te krijgen.

Al eerder sprak het CDA Brabant zich uit tegen uitbreiding van de gaswinning in en onder de Brabantse bodem én tegen de wijzen waarop Vermilion Energy dit wil doen, o.a. via het risicovolle ‘fracken’/hydraulisch kraken. De partij is bezorgd over de mogelijke negatieve korte- en/of langetermijneffecten van gaswinning op mens, natuur, vastgoed en infrastructuur.

Van Vugt en Bergsma: “Het lijkt erop dat Brabant opnieuw dreigt te worden gebruikt als wingewest voor de Randstad. Vorig jaar Aalburg en Waalwijk, nu Brakel en Altena. Wat het CDA Brabant betreft geeft het ministerie een verkeerd signaal af door gaswinning in Groningen te willen afbouwen, maar toe te staan dat deze in Brabant omhoog gaat. Wij willen minder gaswinning, niet meer.”

Concreet wil het CDA daarom van het Brabantse provinciebestuur het volgende weten:

  1. Bent u bekend met het voornemen van Vermilion Energy om de gaswinning op bovenbeschreven locatie uit te breiden?
  2. Indien ja, welke actie(s) hebt u hiertegen ondernomen?
  3. Indien niet, bent u voornemens hiertegen, in lijn met uw (re)actie op de gaswinning onder Waalwijk, alle beschikbare (juridische) middelen in te zetten om dit onzalige plan van tafel te krijgen?
  4. Bent u bereid hierin samen op te trekken met de provincie Gelderland, de betreffende gemeenten en het waterschap Rivierenland?
  5. Welke informatie kunt u geven voor wat betreft deze concrete locatie? Welke onderzoeken zijn hiernaar gedaan en wat zijn de uitkomsten daarvan? Wat was het advies van het Staatstoezicht op de Mijnen? In hoeverre is er ook gekeken naar de milieueffecten van fracken?
  6. Kunt u toezeggen Provinciale Staten proactief te informeren over iedere ontwikkeling aangaande dit onderwerp?

Het provinciebestuur heeft vier weken de tijd om de vragen te beantwoorden.

Spreektekst Roland van Vugt – Debat over de Energieagenda 2019-2030 op 14/12

Spreektekst1 Roland van Vugt – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over de Energieagenda 2019-2030
(14-12-2018)

Voorzitter,

Hoewel zeker geen klimaatdeskundige, durf ik mij vanmiddag aan één voorspelling wel te wagen. Namelijk dat de klimaatdiscussie en het energievraagstuk ons de komende decennia intensief zullen bezighouden.

Om die reden behandelen we vanmiddag de Energieagenda 2019-2030 met een doorkijk naar 2050. Onze ambitie is helder: ten opzichte van het jaar 1990 stoten we de helft minder CO2 uit en komt de helft van onze energie uit duurzame bronnen.

In de uitvoeringsagenda, die nog volgt, komen meer concrete keuzes aan de orde. Maar dat zal een nieuw college, met nieuwe energie, verder handen en voeten gaan geven.

Urgentie

Voorzitter, tussen zeggen dat iets urgent is en handelen op basis van urgentie zit een wereld van verschil.

Nederlanders stoten driemaal zoveel CO2 uit dan de gemiddelde wereldburger, namelijk 10.000 kilo per inwoner.  Voor het grootste deel door wonen, vervoer en consumeren.

De maand december trouwens zou best eens heel symbolisch kunnen zijn voor de wijze waarop we de klimaaturgentie beleven.

Rondom een oud verhaal van verlichte eenvoud trekken wij anno 2018 opnieuw alle registers open.

De bol.coms van deze wereld kunnen ons consumptiegeweld nauwelijks aan. Uit het Oosten komen vooral arbeidsmigranten om onze schoenen en met kerstverlichting versierde huizen te vullen met nog meer spullen. De door onze woonwijken scheurende pakketdiensten maken overuren. We eten ons rond aan meer dan vlezige kerstdiners en met vele duizenden kilo’s vuurwerk knallen we 2019 in of we vliegen er heerlijk even tussenuit.

Voorzitter, het zou wat makkelijk zijn hier vanaf deze plaats een oordeel te vellen. Ook ik ben een welvaartskind. Maar ik constateer slechts dat het gevoel van urgentie en het mobiliseren van de samenleving nog wel wat inzet van ons vraagt. Het is nog even zoeken naar die verlichte ster die ons de weg wijst.

We zijn het in dit huis redelijk eens over de ambitie. Wat nog niet helder is, is de vraag hoe we deze ambitie gaan halen. Wie de media goed volgt, ziet ook dat deskundigen en wetenschappers nogal van mening verschillen. Niet alleen over het probleem, maar ook over tempo, oplossingsrichting en technieken verschijnt het ene na het andere inzicht en artikel. De vraag naar haalbaar en betaalbaar is zeker nog niet beantwoord.

Dichtbij huis

Voorzitter, wat het CDA betreft beginnen we in ieder geval dicht bij huis én bij het begin. Besparen, isoleren en zo lokaal mogelijk in je eigen energie voorzien. Door de woning te isoleren kunnen we ongeveer een kwart van onze uitstoot verminderen. We zijn dan ook blij dat dát uw eerste principe is. Dicht bij huis blijven is ook wezenlijk bij het mobiliseren van de samenleving. Dat was destijds ook onze insteek bij de motie Samen aan de bal.

De komende periode zullen alle Brabantse gemeenten in de vier regio’s aan de slag gaan met hun energiestrategieën. Wat ons nog wel zorgen baart is het ongelijke speelveld in kennis en kunde. Hier ligt toch wel nadrukkelijk een provinciale meerwaarde in de zin van schakelen en makelen.

Zuinig ruimtegebruik

Waar het CDA graag een lans voor wil breken, met een knipoog naar de Omgevingsvisie, is het zuinig ruimtegebruik. Ruimte is schaars, ook in Brabant. En ook andere opgaven vragen ruimte, zoals het circulair maken van de landbouw. Daarom dienen we hierover een motie in. De CDA-fractie zou graag een duurzame ladder van zuinig ruimtegebruik zien. Naar de visie van het CDA neemt de klimaaturgentie af naarmate de maatregelen waarvoor wordt gekozen (de kwaliteit van) het landschap aantasten.

Wat ons betreft zetten we volop in om binnen bestaande (infra)structurele mogelijkheden de energie van de zon maximaal te benutten. In, op of langs wegen, op bestaande en nieuwe daken van woningen, bedrijfsloodsen en op boerenschuren. Er ligt een paar duizend hectare onbenut dakoppervlakte in Brabant in de zon te wachten. Ook een viertal spaarbekkens in de Biesbosch. Daarnaast ligt er in Brabant 17 tot 18 miljoen m2 aan nog te vervangen asbestdaken. Een kans die Essent in Limburg verzilvert door asbest te vervangen door zonnepanelen. Compleet gefinancierd voor de boer.

Vraag aan de gedeputeerde: hoe kunnen we bevorderen dat dit ook in Brabant gaat gebeuren?

Volgens de Omgevingsdienst ligt in Brabant naar schatting 17-18 miljoen m2 aan asbestdaken. Uit cijfers van het Landelijk Asbestvolgsysteem blijkt dat in Brabant 7,6 miljoen m2 dak is verwijderd sinds 2016. Als de schatting van de provincie klopt, moet daar vanaf 2019 jaarlijks 3,5 miljoen m2 dak bij komen.

Meten is weten

In het vandaag gepubliceerde eindrapport Energie in transitie onderstreept de Zuidelijke Rekenkamer het gebrek aan heldere tussendoelen en het gebrek aan eenduidig cijfermateriaal. Hierdoor hebben we onvoldoende zicht op wat we doen.

Deze constatering, voorzitter, is niet alleen relevant voor onze toekomstige route, maar stelt ook de vraag waar we nu staan. Wat is onze startpositie? Vorige week gaven onderzoekers aan dat de landelijke doelstellingen voor CO2-reductie niet uitkomen op de verwachte 25% maar op slechts 15% reductie. Uw college heeft tot op heden aangegeven dat we de Brabantse doelstellingen halen. Althans als we de biobijstook van de Amercentrale meetellen.

Echter, de vraag is nu of ook de provinciale cijfers hierdoor niet onder druk komen te staan.

Graag de reactie van de gedeputeerde: waar staan wij nu?

Tot zover.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Roland van Vugt Energieagenda 2019-2030 (14 december 2018)

Schriftelijke vragen over nieuwe wegen naar duurzame energie

Schriftelijke vragen van Statenleden Roland van Vugt en Ankie de Hoon over nieuwe wegen naar duurzame energie.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over nieuwe wegen naar duurzame energie.

Geacht college,

Op het thema duurzaamheid en energietransitie zit u nog met een aantal lege pagina’s in het bestuursakkoord in uw maag. Onze Statenfractie is nauw betrokken bij het thema verduurzaming van Brabant en heeft een aantal suggesties, die deze pagina’s kunnen helpen vullen. We zullen u die in enkele tranches doen toekomen en zien uit naar uw reactie.

Wat wij tot nog toe vooral zien, is dat de oplossing om tot verduurzaming te komen nog te vaak wordt gezocht in meer van hetzelfde en in massaliteit. Wij doelen dan in het bijzonder op nog meer en steeds hogere windmolens op land en de discussie over zonneweiden in het Brabantse land. De ruimtelijke kwaliteit van Brabant komt hiermee, wat het CDA en vele inwoners betreft, sterk onder druk te staan.
 
Deze ontwikkelingen leiden er tevens toe dat de discussie over duurzaamheid steeds meer polariseert. Veel energie lekt weg vanwege ‘loopgravenoorlogen’ tussen voor- en tegenstanders van methoden die grote impact hebben op het landschap. Dat gaat ons in Brabant niet helpen. De vlucht naar wind op zee als alternatief voelt bij onze fractie een beetje als afkoop van verantwoordelijkheid. Wij denken dat Brabant een eigen rol kan spelen en een slimmere aanpak verdient.

In de afgelopen periode hebben wij in de praktijk kennis gemaakt met een aantal innovatiemogelijkheden. Zo bracht onze fractie een bezoek aan het bedrijf Kameleon Solar in Roosendaal. Dat maakt zonnepanelen in kleur en print die niet, zoals gangbaar is, horizontaal, maar verticaal kunnen worden toegepast (als energieopwekkende gevelbekleding).
Wat een potentieel extra aan beschikbare vierkante meters levert dit op! Hierover binnenkort meer.

Ook zijn wij in gesprek geraakt met BAM Infra. Zij ontwikkelen zonnepanelen in asfalt. Een proefvak is inmiddels in gebruik op de provinciale weg bij Kockengen. Binnenkort gaan zij starten met een proefvak in een vluchtstrook langs een Rijksweg. Wanneer deze techniek breed toepasbaar wordt, kan het Brabantse wegennet op termijn worden ingezet als energiefabriek. Maar ook op parkeerplaatsen, fietspaden en landingsbanen liggen kansen. Onze provincie heeft het grootste aantal kilometers aan provinciale wegen, bovendien wil Brabant zich profileren als fietsprovincie.

Wat is nu zo bijzonder aan bovengenoemde ontwikkelingen? Dat deze technieken kunnen worden aangewend zonder afbreuk of inbreuk te doen op het Brabantse landschap. Ze worden immers geïntegreerd in (infra)structuren die er al zijn. Alleen worden ze slimmer gebruikt. Bovendien wordt daarbij de energie opgewekt op de plekken waar de energie gebruikt wordt.

Beide technieken bewijzen zich inmiddels in de praktijk. De uitdaging ligt vooral in meer toepassing in de praktijk én in opschaling van de productie. Maar ook het bekend maken van de ongekende mogelijkheden die dit type technieken biedt. Onzes inziens vergroot dit het draagvlak voor duurzaamheid. Niet met stapjes, maar met sprongen.

Gelet op het bovenstaande heeft de fractie van het CDA de volgende vragen:

  1. De (provinciale) Weg van de Toekomst N329 in Oss beoogt energieneutraliteit. Wij denken dat de ambitie kan zijn dat wegen en fietspaden energie gaan opleveren. Bent u bereid de mogelijkheden te scheppen om ook in Brabant al met ingang van 2019 gedurende een aantal jaren provinciale infra-/wegvakken in te zetten/aan te bieden als pilotgebied/experimenteerzone?
  2. Inmiddels ligt ook de verbreding van de A27 in het verschiet. De aanbesteding hiervan moet nog plaatsvinden. Ziet u mogelijkheden om er bij het Rijk op aan te dringen verduurzaming en specifiek toepassingen van solartechnieken in asfalt in de uitvraag mee te nemen?

Wij zien het antwoord op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Roland van Vugt en Ankie de Hoon

 

Erik van Lith: Waterschap energieneutraal in 2025?

Waterschap formuleer haalbare energie doelen

Waterschappen spelen bij de uitvoering van hun taken in op de verandering van het klimaat. Niet alleen door tijdig maatregelen te nemen bij meer extreme natte en droge periodes. Ze beperken het gebruik van fossiele brandstoffen en daarmee de uitstoot van CO2. Een te veel aan CO2 wordt gezien als een oorzaak van klimaatverandering. De waterschappen maken steeds meer gebruik van duurzame energiebronnen zoals windmolens, zonnepanelen, warmtekracht, warmte en koude uit oppervlaktewater, groene stroom en biogasopwekking bij rioolwaterzuivering. Ze streven ernaar in 2025 energieneutraal te zijn dat wil zeggen dat alleen nog gebruik wordt gemaakt van duurzame energiebronnen. Is dat realistisch?

Afgelopen jaren investeerden de waterschappen miljoenen aan energieopwekking. Uit de klimaatmonitor van de waterschappen van 2016 blijkt dat inmiddels 30% van het totale energieverbruik opgewekt wordt door eigen energie (voornamelijk biogas) en daarnaast 6% door wind- en zonne-energie op eigen terrein. Een flinke stap, maar dan rest nog wel een fors deel van de energieopgave. Tegelijkertijd moeten waterschappen stevig investeren in aanpak van overstromingsrisico’s, wateroverlast en verdroging en verbetering van de waterkwaliteit. De financiële druk is hoog. Het CDA wil dat het waterschap haar taken goed blijft uitvoeren, maar dan wel tegen beheersbare kosten en tarieven.

Er is niet alleen financiële druk. Ook van de ambtelijke organisatie van een waterschap wordt veel verwacht. Jaren gaan vooraf, tot een idee of initiatief geheel of gedeeltelijk kan worden opgeleverd en feitelijk bijdraagt aan duurzaam opgewekte energie. Rekening moet worden gehouden met de benodigde doorlooptijd van alle procedures. Onlangs wees de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland nog op realiteit van doorlooptijden. Concreet voorbeeld is de oplevering van de energiefabriek in Tilburg. Door vertraging in oplevering zijn 3 jaren verloren gegaan. Het realiseren van nieuwe projecten voor duurzame energie vraagt veel tijd en inspanning van alle betrokkenen.

Daarnaast is draagvlak van de omgeving van belang. In zijn algemeenheid zal men veranderingen in een andere energievoorziening steunen. Energieprojecten kunnen een grote impact hebben op de leefomgeving. Daardoor kan er weerstand in de directe omgeving onstaan, die serieus genomen moet worden. Dat kan uiteindelijk betekenen dat voorgenomen projecten in de ijskast worden gezet. In ieder geval moeten omwonenden participeren, zodat zij hun steun voor bepaalde projecten kunnen geven. Tevens kunnen particulieren, ondernemers en energiecoöperaties worden gevraagd met initiatieven te komen. Dan moet wel helder zijn, wat het waterschap voor hen kan betekenen.

Kortom, waterschappen zijn zich bewust van hun bijdrage CO2 te beperken. Maar verwachtingen moeten wel in overeenstemming zijn met wat van waterschappen, hun inwoners en bedrijven gevraagd kan worden. Belangrijke voorwaarde voor het welslagen van de energieopgave bij waterschappen is het vinden van de balans. Deze balans veronderstelt een evenwicht tussen datgene wat in korte tijd moet gebeuren en datgene wat financieel en organisatorisch gedragen kan worden. Waterschappen dienen ook rekening te houden met hun omgeving, zodat het noodzakelijke draagvlak onstaat. Het CDA heeft recent in het Algemeen Bestuur hiervoor aandacht gevraagd. Het gaat bij de energieopgave van waterschappen om focus: formuleer voor de periode tot en met 2025 haalbare doelen en resultaten!

Met regelmatige publicaties breng ik belangstellenden op de hoogte van mijn werk als Lid van het Algemeen Bestuur van het waterschap De Dommel. Zijn er vragen, opmerkingen of suggesties, laat het mij dan weten via emailadres: evlith@dommel.nl.

Erik van Lith

Schriftelijke vragen over de import van groen gas door Essent

Schriftelijke vragen van Statenleden Roland van Vugt en René Kuijken over de import van groen gas door Essent.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over de import van groen gas door Essent.

Geacht college, 

Deze week bereikte ons via Omroep Brabant het bericht dat Essent 20 miljoen kuub groen gas uit Engeland importeert1. Dat lijkt goed nieuws, maar de vraag is of het slim is.

Uit de Perspectiefnota, die u onlangs vol trots presenteerde, blijkt uit alle infographics dat de provinciale ambitie op het gebied van duurzame energie op alle fronten achterloopt.

Niet alleen heeft de provincie op het gebied van duurzame energie, maar ook ten aanzien van elektrisch rijden, een grote ambitie, Brabant heeft óók een groot mestoverschot, een Green Chemistry Campus, vrachten rioolslib, een Biomassaplein enzovoort.

De grote vraag is nu hoe Essent vanuit Brabant kan worden gefaciliteerd, zodanig dat hen een oversteek van de Noordzee kan worden bespaard. Daarom aan u de volgende vragen:

  1. Wat doet u nu om Essent hierin te faciliteren?
  2. Wat kunt u doen om Essent hierin te faciliteren?
  3. Wat gaat u doen om Essent hierin te faciliteren?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Roland van Vugt en René Kuijken

1 Zie http://www.omroepbrabant.nl/?news/263057902/Essent+haalt+groen+gas+uit+Engeland+want+de+vraag+is+zo+groot.aspx.

CDA: ‘slimme’ energiemeter moet slimmer worden

De ‘slimme’ energiemeter moet slimmer worden. Dat vinden Europarlementariër Lambert van Nistelrooij (CDA) én de Provinciale Statenfractie van het CDA Brabant.

In zijn wekelijkse radiocolumn stelde Van Nistelrooij recent dat de ‘slimme’ energiemeter op dit moment nog helemaal niet zo slim is. Zo krijgen consumenten die deze meter aanschaffen géén zgn. ‘verbruiksmanager’ meegeleverd, die inzichtelijk maakt wat in huis de grote energievreters zijn en waar zij kunnen besparen. Het effect van de slimme energiemeter op de energiebesparing is daardoor gering.

Naar aanleiding van het pleidooi van Van Nistelrooij stelden Statenleden Roland van Vugt en Stijn Steenbakkers deze week schriftelijke vragen aan het Brabantse college van Gedeputeerde Staten. Daarin roepen zij het provinciebestuur op om samen met netbeheerder Enexis én lokale energiecoöperaties de werking van de slimme energiemeter te verbeteren. Bijvoorbeeld door consumenten beter voor te lichten over hoe zij de meter moeten gebruiken en wat een zgn. ‘energieverbruiksmanager’ voor hen kan betekenen.

Van Vugt en Steenbakkers:

“De slimme energiemeter helpt consumenten bewuster met energie om te gaan én draagt bij aan een duurzame energievoorziening. Dat is geweldig. Nu echter blijkt dat de meter niet goed werkt en het gewenste effect uitblijft, vindt het CDA dat de provincie, als belangrijkste aandeelhouder van Enexis, met haar energiepartners in actie moet komen om de problemen te verhelpen en de werking te verbeteren. Zo maken we de slimme energiemeter slimmer en onze provincie duurzamer.”

Hieronder de complete set schriftelijke vragen die het CDA aan het Brabantse college van Gedeputeerde Staten heeft gesteld:

01. De slimme energiemeter werkt als volgt (zie https://www.enexis.nl/consument/slimme-meters/de-slimme-meter/inzicht-in-verbruik): via een lokale poort op de slimme meter kan de consument zelf de verbruiksgegevens uitlezen. Door de slimme meter via deze uitgang te verbinden met de computer of een andere display krijgt de consument eenvoudig inzicht in de hoeveelheid energie die hij of zij verbruikt. Voor het uitlezen van de verbruiksgegevens heeft de consument echter een energieverbruiker nodig. Klopt het dat Enexis deze meter niet (standaard) levert?

02. Geeft Enexis, naar uw bevindingen, duidelijk genoeg advies over hoe en waar mensen deze energieverbruikersmanager kunnen aanschaffen en installeren?

03. Het overgrote deel (86%) van de huishoudens met een slimme meter gebruikt nog géén aanvullende verbruiksmanager, aldus de Vereniging Eigen Huis. Bent u, als aandeelhouder van Enexis, bereid om met Enexis in gesprek te gaan en hierover snel tot een oplossing te komen?

04. Klopt het dat Enexis tot wel 7 verschillende typen slimme meters levert? Indien ja, vindt u dit overzichtelijk voor consumenten?

Uit het onderzoek onder 4.425 leden van Vereniging Eigen Huis (zie https://www.eigenhuis.nl/actueel/pers/2016/11/19/08/00/veh-slimme-meter-data-zetten-niet-aan-tot-energiebesparing) blijkt dat slechts 30 procent van de respondenten vindt dat het verbruikskostenoverzicht hen aanzet tot energiebesparing. De verbruikskostenoverzichten zijn moeilijk te doorgronden en leiden niet tot een gewenste verandering van het gedrag van consumenten.

De vereniging roept minister Kamp van Economische Zaken dan ook op om een taskforce in te stellen, waarin de verantwoordelijke partijen, zoals netbeheerders en energieleveranciers, samen de problemen in kaart brengen en komen tot snelle oplossingen die aansluiten op het gedrag van de consument. Hier kunnen we bijvoorbeeld leren van Engeland, waar consumenten bij de installatie van de slimme meter een eenvoudige display hebben gekregen die direct feedback geeft op het energieverbruik. De lijkt betere resultaten op te leveren.

05. Bent u bereid dit verzoek richting minister Kamp te ondersteunen? Indien ja, op welke wijze en op welke termijn?

06. Bent u, als belangrijke aandeelhouder van Enexis, bereid om met Enexis in gesprek te gaan over hoe we in Brabant snel ‘quick wins’ kunnen halen?

07. Ziet u voor lokale energiecoöperaties een rol bij de voorlichting van huishoudens over hoe om te gaan met de slimme energiemeter/verbruiksmanager?

Schriftelijke vragen slimme energiemeters

Schriftelijke vragen van Statenleden Stijn Steenbakkers en Roland van Vugt over slimme energiemeters.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over slimme energiemeters.

Geacht college, 

Op 7 december jl. verscheen bij het ministerie van Economische Zaken het volgende nieuwsbericht: Kabinet schetst route naar CO2-arme energievoorziening (zie https://www.rijksoverheid.nl/ministeries/ministerie-van-economische-zaken/nieuws/2016/12/07/kabinet-schetst-route-naar-co2-arme-energievoorziening).

In dit nieuwsbericht presenteert het kabinet maatregelen voor een duurzame energievoorziening. Volgens het CDA, de energiemaatschappijen en Enexis kan ook de slimme energiemeter hieraan bijdragen, omdat mensen zich bewuster, meer als rentmeester, gaan gedragen t.a.v. energie. Nu is alleen de vraag: werkt deze slimme energiemeter wel optimaal? En is de slimme energiemeter wel slim genoeg? Kunnen we misschien leren van andere landen, zoals Engeland?

Mede naar aanleiding van deze vragen, de recente berichtgeving én vanwege het feit dat de provincie Noord-Brabant de grootste aandeelhouder van Enexis is, heeft de fractie van het CDA de volgende vragen aan het college van Gedeputeerde Staten:

01. De slimme energiemeter werkt als volgt (zie https://www.enexis.nl/consument/slimme-meters/de-slimme-meter/inzicht-in-verbruik): via een lokale poort op de slimme meter kan de consument zelf de verbruiksgegevens uitlezen. Door de slimme meter via deze uitgang te verbinden met de computer of een andere display krijgt de consument eenvoudig inzicht in de hoeveelheid energie die hij of zij verbruikt. Voor het uitlezen van de verbruiksgegevens heeft de consument echter een energieverbruiker nodig. Klopt het dat Enexis deze meter niet (standaard) levert?

02. Geeft Enexis, naar uw bevindingen, duidelijk genoeg advies over hoe en waar mensen deze energieverbruikersmanager kunnen aanschaffen en installeren?

03. Het overgrote deel (86%) van de huishoudens met een slimme meter gebruikt nog géén aanvullende verbruiksmanager, aldus de Vereniging Eigen Huis. Bent u, als aandeelhouder van Enexis, bereid om met Enexis in gesprek te gaan en hierover snel tot een oplossing te komen?

04.Klopt het dat Enexis tot wel 7 verschillende typen slimme meters levert? Indien ja, vindt u dit overzichtelijk voor consumenten?   

Uit het onderzoek onder 4.425 leden van Vereniging Eigen Huis (zie https://www.eigenhuis.nl/actueel/pers/2016/11/19/08/00/veh-slimme-meter-data-zetten-niet-aan-tot-energiebesparing) blijkt dat slechts 30 procent van de respondenten vindt dat het verbruikskostenoverzicht hen aanzet tot energiebesparing. De verbruikskostenoverzichten zijn moeilijk te doorgronden en leiden niet tot een gewenste verandering van het gedrag van consumenten. 

De vereniging roept minister Kamp van Economische Zaken dan ook op om een taskforce in te stellen, waarin de verantwoordelijke partijen, zoals netbeheerders en energieleveranciers, samen de problemen in kaart brengen en komen tot snelle oplossingen die aansluiten op het gedrag van de consument. Hier kunnen we bijvoorbeeld leren van Engeland, waar consumenten bij de installatie van de slimme meter een eenvoudige display hebben gekregen die direct feedback geeft op het energieverbruik. De lijkt betere resultaten op te leveren.

05. Bent u bereid dit verzoek richting minister Kamp te ondersteunen? Indien ja, op welke wijze en op welke termijn?

06. Bent u, als belangrijke aandeelhouder van Enexis, bereid om met Enexis in gesprek te gaan over hoe we in Brabant snel ‘quick wins’ kunnen halen? 

07. Ziet u voor lokale energiecoöperaties een rol bij de voorlichting van huishoudens over hoe om te gaan met de slimme energiemeter/verbruiksmanager?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Stijn Steenbakkers

Roland van Vugt

Nieuwsbrief #8 online: lees hier

Nieuwsbrief nr. 8 van het CDA Brabant staat online, met o.a. meer informatie over de ALV van 28 mei a.s., een terugblik op de Statendag van 13 mei jl., fotoverslagen en meer!

Lezen kan door op de volgende link te klikken: Nieuwsbrief #8 CDA Brabant. Veel leesplezier!

Reageren? Mail naar cda@brabant.nl.

Brede steun voor CDA-motie om sportcomplexen te verduurzamen

MOTIE:

Samen aan de bal voor een duurzaam sportief Brabant

Provinciale Staten van Noord-Brabant in vergadering bijeen op vrijdag 13 mei 2016,

Constaterende dat:

  • De ambitie om Brabant in 2050 energieneutraal te maken een grote opgave is en alleen slaagt als deze breed en concreet onder alle Brabanders wordt ingezet;
  • Bijna 700.000 Brabanders betrokken zijn bij 5100 sportverenigingen en -organisaties;
  • Dat deze verenigingen baat hebben bij het neutraliseren van hun energielasten als substantieel bestanddeel van de exploitatielasten;
  • Dat dit verenigingsvastgoed ook kansen biedt voor de omgeving in het kader van de regeling verlaagd tarief;
  • Dat investeringen in duurzaamheid werk oplevert voor installatiebedrijven (in Brabant);
  • Det college van Gedeputeerde Staten Provinciale Staten uitdrukkelijk uitnodigen de lege bladzijde in het Uitvoeringsprogramma Energie 2016-2019 mee in te vullen;
  • Dit uitvoeringsprogramma aan kwaliteit, kracht en effect wint wanneer de lege bladzijde gevuld wordt met concrete projecten die verbonden worden met de Brabantse samenleving en bijdragen aan structurele verduurzaming van de Brabantse samenleving (sociale innovatie);

Overwegende dat:

  • Een motie met deze strekking tijdens de Statenvergadering van 15 april is ingediend, op brede sympathie mocht rekenen, maar is aangehouden;
  • Dat GS inmiddels proactief een quick scan naar de mogelijkheden heeft laten uitvoeren;
  • Dat uit deze quick scan naar voren komt, dat er grote kansen liggen om sportverenigingen in Brabant te verduurzamen;
  • Dat dit een groot multiplier effect genereert en een stevige impuls geeft aan de provinciale ambitie op het gebied van duurzaamheid, leefbaarheid, economie en sociale innovatie;

Verzoeken Gedeputeerde Staten:

  1. Op basis van deze quick scan de kansen (besparen en duurzaam opwekken) die hierin naar voren komen verder voortvarend vorm en inhoud te geven;
  2. Provinciale Staten bij de Bestuursrapportage 2016 een voorstel voor te leggen t.a.v. de uitvoeringskosten en de voorfinanciering.

En gaan over tot de orde van de dag.

Namens:

CDA – Roland van Vugt

VVD – Peter Portheine

PvdA – Martijn de Kort

D66 – Ine Meeuwis

SP – Joep van Meel

GroenLinks – Arno Uijlenhoet

ChristenUnie-SGP – Hermen Vreugdenhil

50PLUS – Wim van Overveld

Partij voor de Dieren – Marco van der Wel

Lokaal Brabant – Jan Heijman