Berichten

CDA op werkbezoek bij Kameleon Solar in Roosendaal

Het CDA in de provincie Noord-Brabant brengt op maandagavond 3 september een werkbezoek aan Kameleon Solar in Roosendaal, dat esthetische zonnepanelen ontwerpt en produceert. Daarbij biedt het bedrijf werk aan mensen met een arbeidsbeperking.

Gastheer is CEO Guust Verpaalen, die een afvaardiging van het provinciale CDA meeneemt door zijn bedrijf en langs diverse actuele thema’s, waaronder arbeidsmarkt, duurzaamheid en regionale samenwerking.

Deelnemers aan het werkbezoek zijn o.a. Marianne van der Sloot, fractievoorzitter en kandidaat-lijsttrekker voor de Provinciale Statenverkiezingen volgend jaar, Ankie de Hoon, Statenlid uit West-Brabant, en de woordvoerders financiën, economie en energie van de Brabantse CDA-fractie (resp. de Statenleden Huseyin Bahar, Kees de Heer en Roland van Vugt).

Het werkbezoek aan Kameleon Solar is het eerste van een reeks regionale werkbezoeken door het CDA in de periode september 2018 – januari 2019. In vier maanden tijd reizen de CDA-politici van het westen naar het oosten van onze provincie en bezoeken tweewekelijks een interessant bedrijf met een bijzonder verhaal. “Op weg naar de provinciale verkiezingen volgend jaar en een nieuwe Statenperiode willen we als CDA graag geïnspireerd worden. We zijn dan ook blij en vereerd dat bedrijven als Kameleon Solar de deuren voor ons openen en hun verhaal met ons willen delen.” Aldus fractievoorzitter Marianne van der Sloot.

Schriftelijke vragen over gevolgen EU-stemming voor Brabantse truckparkings

Schriftelijke vragen van Statenlid Ankie de Hoon over de gevolgen van een stemming in het Europees Parlement voor Brabantse truckparkings.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over gevolgen EU-stemming voor Brabantse truckparkings.

Geacht college,

Op 4 juli jl. berichtte o.a. het Algemeen Dagblad dat het Europees Parlement recent tegen een reeks voorstellen heeft gestemd die de arbeidsomstandigheden van vrachtwagenchauffeurs moesten verbeteren, waaronder betere rust op beveiligde parkeerplaatsen (truckparkings)1.

De Brabantse CDA-fractie maakt zich al geruime tijd hard voor uitbreiding van het aantal beveiligde parkeer- en verzorgingsplaatsen voor vrachtwagenchauffeurs die onze provincie aandoen. Wij weten ons daarbij gesteund door zowel Provinciale als Gedeputeerde Staten. Zo kreeg een motie (voorstel) die het probleem van te weinig parkeer- en rustplaatsen benoemt en oproept tot actie2 op 10 november 2017 unanieme steun van het Brabantse parlement.

Een tweede motie, die opriep tot een onderzoek naar de aanleg van tijdelijke truckparkings op korte termijn3, werd op 20 april 2018 door de verkeersgedeputeerde ‘overbodig’ verklaard (en door ons ingetrokken), omdat de provincie Noord-Brabant, samen met de provincie Limburg, het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en Rijkwaterstaat al werkt aan een actieplan dat o.a. uitgaat van duizend extra parkeerplaatsen in het gebied van de A4 tot de A67 op die plekken waar het knelt4. Een ‘deal’ daartoe met de minister en de staatssecretaris zou in oktober van dit jaar, tijdens het bestuurlijk overleg MIRT5 inzake de goederencorridors, moeten worden gemaakt.

Gegeven de stemming in het Europees Parlement afgelopen maand hebben wij voor u de volgende vragen:

01. Heeft het verwerpen van de EU-voorstellen gevolgen (bijvoorbeeld vertraging, uit- of afstel) voor het actieplan waaraan u momenteel werkt als het gaat om:

  1. een aanpak/oplossing voor het tekort aan beveiligde parkeer-/verzorgingsplaatsen voor vrachtwagenchauffeurs op korte termijn;
  2. een aanpak/oplossing voor het tekort aan beveiligde parkeer-/verzorgingsplaatsen voor vrachtwagenchauffeurs op lange termijn.

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Ankie de Hoon

1 Zie https://www.ad.nl/buitenland/europarlement-verdeeld-chauffeurs-staan-met-lege-handen~a3418976/.

2 Zie https://www.brabant.nl/handlers/SISModule/downloaddocument.ashx?documentID=896654.  

3 Zie https://www.brabant.nl/handlers/SISModule/downloaddocument.ashx?documentID=903430

4 Zie https://www.brabant.nl/handlers/SISModule/downloaddocument.ashx?documentID=906531, pag. 217. 

5 Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport.  

Schriftelijke vragen over Bravo: stickeren voor gevorderden

Schriftelijke vragen van Statenlid Ankie de Hoon over de naamsverandering van het Brabantse openbaar vervoer ‘Bravo’.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over Bravo.

Geacht college,

Op 4 juli jl. lazen we in dagblad BN De Stem het bericht ‘De Volans is dood, leve de Bravodirect’1. Hierin liet u optekenen dat na de stads-, streek- en buurtbussen ook alle snelbussen in Brabant een nieuwe naam krijgen: Bravodirect.

Waar dus nu Volans staat, kom Bravodirect te staan. Al eerder veranderde u de namen Arriva en Hermes in Bravo, de afkorting voor ‘Bravo vervoert ons’. Een (om)sticker-operatie waarvoor u tot dusver 2,5 ton beschikbaar stelt.

Als CDA zijn wij van begin af aan kritisch geweest op deze sticker-campagne. Wij vinden het belangrijker dat er een bus rijdt i.p.v. wat er op een bus staat. En gegeven de ervaringen uit de door ons gehouden OV-Races, waarin wij jaarlijks het openbaar vervoer testen op o.a. reistijd, bereikbaarheid en toegankelijkheid, hadden wij voor die 2,5 ton best wel andere bestemmingen geweten.

In het licht van uw recente én voorgenomen sticker-acties hebben wij voor u de volgende vragen:

01. Hoe hoog is uw totale sticker-budget?

02. Welke plek neemt Bravo in zowel uw huidige als toekomstige OV-visie (waarover u nu met Provinciale Staten in gesprek bent) in? Dit mede in het licht van uw interview2 afgelopen vrijdag, gepubliceerd in diverse Brabantse dagbladen, waarin u vooruit kijkt naar het openbaar vervoer van de toekomst. Bent u niet te snel begonnen met stickeren gegeven alle veranderingen en ontwikkelingen die ons worden voorspeld?   

Volgens u is herkenbaarheid de belangrijkste reden om bussen, maar straks ook andere vormen van openbaar vervoer, een nieuwe, zelfde naam te geven.

03. Bent u het met ons eens dat de meest ultieme vorm van herkenbaarheid van openbaar vervoer het daadwerkelijk zien rijden van een bus is, ongeacht wat er op de buitenzijde van de bus staat vermeld (een plek waar de Bravo-sticker moet ‘concurreren’ met andere reclame-uitingen)?

Bravo zou voor een betere herkenning van het Brabantse openbaar vervoer moeten zorgen. Wie echter een reis wil plannen of contact zoekt met de klantenservice, wordt via de website www.bravo.info terugverwezen naar de websites van vervoerders Arriva en Hermes en… komt daar de oude Arriva-/Hermes-logo’s en -huisstijl tegen. 

04. Hoe rijmt u dit met uw kostbare streven om al het openbaar vervoer dezelfde naam te geven omwille van herkenbaarheid/eenduidigheid?

In het artikel in BN De Stem d.d. 4 juli jl. kondigt u aan uw sticker-acties op termijn te willen uitbreiden naar deelfietsen, deelauto’s en andere vormen van (openbaar) vervoer.

05. Kunt u ons eens meenemen in uw sticker-acties voor de toekomst? Wat mogen we nog meer verwachten? ‘Brabant vliegt ons’? ‘Brabant vaart ons’?

06. Provinciale Staten is tot dusver nauwelijks betrokken geweest bij uw sticker-campagne rondom Bravo. Bent u bereid daar verandering in te brengen en met ons in gesprek te gaan over o.a. nut, noodzaak, financiering en uitvoering?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Ankie de Hoon

1 Zie https://www.bndestem.nl/breda/de-volans-is-dood-leve-de-bravodirect~a697ee01/

2 Zie o.a. https://www.ed.nl/brabant/verkeer-wie-stapt-er-in-de-toekomst-nog-in-de-bus~ace72034/

Schriftelijke vragen over Hooipolder

Schriftelijke vragen van Statenleden Ankie de Hoon en Roland van Vugt over Hooipolder.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over Hooipolder.

Geacht college,

Deze week kwam het bericht naar buiten dat minister Van Nieuwenhuizen, Infrastructuur en Waterstaat, niet bereid is om van het prehistorische knelpunt Hooipolder een eigentijds, stoplicht- en filevrij knooppunt te maken. Te duur, vindt de minister.   

In Europa staan de beruchte ‘zwarte zaterdagen’ voor de deur, gekenmerkt door extreme vakantiedrukte op de Europese autowegen. Gelukkig zijn er daar maar een paar van. Voor Brabantse burgers en ondernemers dreigt het straks echter elke dag zwarte zaterdag te worden, nu de minister Hooipolder links laat liggen.

De Brabantse CDA-fractie vindt dit besluit van de minister zéér teleurstellend en heeft voor u de volgende vragen:

  1. Deelt u onze teleurstelling?
  2. Volgens de minister kost het 200 miljoen euro om Hooipolder stoplichtvrij te maken. Hoe hoog is de economische schade voor de Brabantse samenleving a.g.v. vertragingen door de dagelijkse files bij Hooipolder (waardoor producten bijvoorbeeld te laat in de winkels liggen en productieprocessen worden verstoord)?
  3. Het bedrag om Hooipolder stoplichtvrij te maken zal de komende jaren niet lager worden. Eerder hoger, want de problemen blijven bestaan, nemen zeer waarschijnlijk toe evenals de kosten om ze op te lossen. Hoe ziet u de toekomst van Hooipolder voor u? Wanneer de minister nu niet bereid is om te investeren in een structurele, duurzame oplossing, wanneer en onder welke omstandigheden dan wel?
  4. Wat is uw boodschap voor de inwoners van Midden-Brabant, o.a. in Oosterhout, Geertruidenberg en op het eiland Altena, die de druk op het onderliggende wegennet en de daarmee gepaard gaande overlast alleen maar zien toe- in plaats van afnemen?
  5. Kunt u voor ons inzichtelijk maken hoe het kostenplaatje voor het stoplichtvrij maken van Hooipolder zich in de loop der jaren zal ontwikkelen? Wat zijn naar verwachting de kosten voor ieder jaar dat er langer wordt gewacht?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Ankie de Hoon en Roland van Vugt

Schriftelijke vragen over de Maasveren

Schriftelijke vragen van Statenleden Roland van Vugt (CDA), Ankie de Hoon (CDA) en Hermen Vreugdenhil (ChristenUnie-SGP) over de Maasveren.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over de Maasveren.

Geacht college,

Een belangrijke vervoersvoorziening in Brabant staat onder de druk: de Maasveren zijn steeds lastiger te exploiteren. De organisatie is kwetsbaar en staat onder druk.

Veel inwoners, met name ook scholieren, zijn dagelijks van deze voorziening afhankelijk. Ook voor toeristen is het veer een aantrekkelijke vervoersoptie.

Veren horen ook bij ons waterrijke land. De Brabantse Maasveren zijn een begrip en horen bij het DNA van onze provincie. Hun verdwijning zou een verschraling zijn voor Brabant. Bovendien bieden de veren werkgelegenheid aan mensen in Brabant.

Met name de provincie kan hierbij een goede rol vervullen, maar lijkt het op dit punt te laten afweten. Daarom hebben de fracties van CDA en ChristenUnie-SGP voor u de volgende vragen:

01. Bent u het met ons eens dat de Brabantse veerdiensten een belangrijke rol vervullen binnen Brabant, dat zij iets toevoegen aan het vervoersnetwerk en dat zij een bijdrage leveren aan de bereikbaarheid van onze provincie?

02. Bent u het met ons eens dat de organisatie kwetsbaar is en bovendien gefragmenteerd? Welke positieve rol zou u hierin kunnen vervullen

03. Wat kunt u verder doen en wat gaat u doen om de Brabantse veren te redden?

CDA en ChristenUnie-SGP hebben samen met Lokaal Brabant al eerder aandacht gevraagd voor de Brabantse verenvloot. Daarom dienden wij al tweemaal een motie in. De laatste motie ging over de verduurzaming van de vloot. Dit past bij de ambitie van de provincie om het openbaar vervoer duurzaam te maken en kan de exploitatie ten goede komen.

04. Hoe staat het met de uitvoering van deze motie?

05. Ziet u de urgentie van een voortvarende aanpak?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de fracties van CDA en ChristenUnie-SGP,

Roland van Vugt (CDA), Ankie de Hoon (CDA) en Hermen Vreugdenhil (ChristenUnie-SGP) 

Schriftelijke vragen over dodelijke verkeersongevallen in Baarle-Nassau en Alphen-Chaam

Schriftelijke vragen van Statenleden Ton Braspenning en Ankie de Hoon over dodelijke verkeersongevallen in Baarle-Nassau en Alphen-Chaam.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over dodelijke verkeersongevallen in Baarle-Nassau en Alphen-Chaam.

Geacht college,

De ene week vieren we in Brabant dat er in de komende jaren honderden miljoenen euro’s worden uitgetrokken om verkeersknelpunten als de A58 en A2 aan te pakken, de andere week lezen we dat t.a.v. verkeersveiligheid onze provincie de verkeerde lijstjes aanvoert. Wellicht ten onrechte, maar het beeld ontstaat dat Brabant op dat gebied het slechtste jongetje van de klas is én het roept de vraag op of de ingezette maatregelen en acties effectief genoeg zijn (zie ook onze schriftelijke vragen van 26 april jl.1).

Nadat vorige week het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) cijfers publiceerde waaruit blijkt dat Brabant het hoogste aantal verkeersdoden telt van heel Nederland2, berichtte vanochtend Omroep Brabant dat de kans op een dodelijk verkeersongeval in Nederland het grootste is in Baarle-Nassau3. Buurgemeente Alphen-Chaam staat op de tweede plaats. De omroep baseert zich op getallen van www.verkeersveiligheidsvergelijker, een initiatief van de Fietsersbond, SWOV en Veilig Verkeer Nederland.

Naar aanleiding van de berichtgeving van vandaag heeft het CDA voor u de volgende vragen:

01. De cijfers van de website www.verkeersveiligheidsvergelijker beslaan de periode 2007-2016. Bent u bekend met de cijfers van 2017 en/of kunt u vaststellen of er sprake is van een daling, stijging of gelijk blijven van het aantal dodelijke verkeersongevallen in beide gemeenten t.o.v. 2016 (conform de door www.verkeersveiligheidsvergelijker gehanteerde wijze van onderzoeken)?

02. Zijn de cijfers op de website www.verkeersveiligheidsvergelijker.nl volgens u betrouwbaar en valide?

03. In hoeverre betrekt u cijfers als deze, maar bijvoorbeeld ook informatie van het Centraal Bureau voor de Statistiek, bij het provinciaal (verkeersveiligheids)beleid?

04. Momenteel is de aanleg van de randweg N260 rond Baarle in volle gang, die moet zorgen voor een betere doorstroming, leefbaarheid en verkeersveiligheid in en om Baarle-Nassau en Baarle-Hertog. Verwacht u dat met de realisatie van deze randweg, voorzien eind 2018, het aantal (dodelijke) verkeersongevallen naar beneden zal gaan?

05. Bij het verhogen van de verkeersveiligheid in en om Baarle-Nassau en Alphen-Chaam lijkt de provinciale weg N639, die van Baarle-Nassau door de bebouwde kom van Chaam naar Ulvenhout loopt, een cruciale rol te spelen.

  1. Is dat zo? Met andere woorden: vinden veel van de geregistreerde verkeersongevallen op en om deze weg plaats?
  2. In samenwerking met gemeenten en Rijkswaterstaat hebt u reeds een aantal maatregelen aangekondigd die de verkeersveiligheid van de N639 moeten gaan verbeteren, zoals trajectcontrole op de maximumsnelheid, waarschuwingsborden voor vrachtwagenchauffeurs en verbeterde wegbelijning. Bent u gegeven bovengenoemde cijfers bereid te kijken naar aanvullende (verkeersveiligheids)maatregelen over de gehele lengte van de weg?  
  3. Wat is de status van het onderzoek naar een rondweg rond Chaam?

06. Heeft de provincie een lijst waarop alle provinciale wegen staan gerankt/gecategoriseerd op (on)veiligheid?

  1. Indien ja, waar op deze lijst staan de N260 en N639?
  2. Indien ja, bent u bereid de volledige lijst openbaar te maken?
  3. Indien ja, volgt uw onderhoudsplanning deze ranking/categorisering?
  4. Indien ja, komt deze ranking/categorisering overeen met uw eigen prioriteitenlijst van aan te pakken gevaarlijke verkeerslocaties?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Ton Braspenning en Ankie de Hoon

1  Zie https://cdabrabant.nl/wp-content/uploads/2018/04/Schriftelijke-vragen-over-verkeersdoden-in-Brabant.pdf.

2 Zie http://www.omroepbrabant.nl/?news/2773931123/Brabant+telt+meeste+verkeersdoden,+98+slachtoffers+onder+wie+35+fietsers.aspx.

3 Zie http://www.omroepbrabant.nl/?news/277606972/Kans+op+dodelijk+ongeluk+het+grootst+in+Baarle-Nassau+.aspx.

CDA: “Realiseer z.s.m. tijdelijke truckparkings in Brabant”

Het CDA wil dat de provincie Noord-Brabant samen met werkgeversvereniging VNO-NCW, brancheorganisatie TLN, (transport)ondernemers en andere overheden tijdelijke truckparkings gaat realiseren, waar vrachtwagenchauffeurs veilig en fatsoenlijk kunnen rusten. Dit als voorlopige oplossing voor het tekort aan veilige parkeer- en verzorgingsplaatsen.

Tijdens het debat over de provinciebegroting op 10 november jl. diende het CDA een motie in, waarmee zij de provincie opriep het ‘truckparkingprobleem’ te erkennen en zich samen met het Rijk hard te maken voor een oplossing. Deze motie werd toen unaniem aangenomen door Provinciale Staten. Een vergelijkbare motie van Tweede Kamerleden Dijkstra (VVD) en Von Martels (CDA) kreeg in de Tweede Kamer eveneens ruime steun.

Sindsdien is er veel overlegd, maar extra parkeerplaatsen voor truckers zijn er nog steeds niet. Ondertussen wordt het probleem, mede als gevolg van het verbod op cabinekamperen, alsmaar groter. Met mensonterende situaties tot gevolg, die we in Brabant niet zouden moeten willen. Zoals onveiligheid en te weinig mogelijkheden voor een betaalbare maaltijd, warme douche of schoon toilet.

“Onhoudbaar en on-Brabants”, aldus Statenlid Ankie de Hoon. Daarom diende de Brabantse CDA-fractie vanochtend, tijdens de eerste helft van het debat over de perspectiefnota, een motie in die de provincie oproept het voortouw te nemen bij het inrichten van tijdelijke truckparkings. Dit in afwachting van structurele maatregelen uit Den Haag en/of Brussel. Over de motie wordt vanavond gestemd.

Deze tijdelijke truckparkings zouden moeten komen op slimme locaties langs Rijks- en provinciale wegen, buiten de bebouwde kom en ver weg van dorpskernen. Het CDA stelt voor om te onderzoeken of hiervoor provinciale gronden kunnen worden ingezet en om ondernemers te betrekken bij de exploitatie. Het onderzoek, inclusief kostenplaatje met financiële consequenties, moet in september van dit jaar klaar zijn. Dan debatteert Provinciale Staten over de zgn. ‘bestuursrapportage’, een voortgangsrapportage over het lopende begrotingsjaar.

Statenlid Ankie de Hoon, woordvoerder verkeer en vervoer:

“Als CDA willen we dat de provincie zich het lot van vrachtwagenchauffeurs en transportondernemers aantrekt en zorgt voor een oplossing voor het tekort aan truckparkings, al is het maar tijdelijk. Het probleem is al jaren bekend, maar omdat geen enkele overheid zich verantwoordelijk voelt blijft een oplossing uit. Vandaar onze oproep aan de provincie om nu in actie te komen.”

Schriftelijke vragen over openbaar vervoer Land van Cuijk

Schriftelijke vragen van Statenlid Ankie de Hoon over het openbaar vervoer in het Land van Cuijk.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over openbaar vervoer Land van Cuijk.

Geacht college,

Op 23 februari jl. berichtte o.a. dagblad De Gelderlander dat de elektrificatie van de Maaslijn, de spoorlijn tussen Nijmegen en Roermond met o.a. stations in Cuijk, Boxmeer en Vierlingsbeek, opnieuw vertraging heeft opgelopen1. Deze vertraging is het gevolg van stijgende kosten en een financieringstekort dat inmiddels is opgelopen tot 15 miljoen euro. Naar verwachting zullen de oude, milieuonvriendelijke dieseltreinen nu pas in 2022 i.p.v. 2020 worden vervangen door schonere elektrische exemplaren. Dit helpt onze duurzaamheidambitie niet.

Ondertussen slibben de wegen tussen Noord-Limburg en Gelderland, door het Land van Cuijk, steeds verder dicht. Willen we meer mensen verleiden de auto te laten staan en te kiezen voor trein of bus, dan zullen we ervoor moeten zorgen dat ons openbaar vervoer betrouwbaar en up-to-date is. Dat betekent wat het CDA betreft niet alleen een snelle elektrificatie van de Maaslijn in combinatie met diverse andere spooraanpassingen (zoals de aanleg van zgn. ‘passeersporen’, verruiming van spoorbogen en aanpassing van overwegen) en het opknappen van stations, maar bijvoorbeeld ook de aanleg van busbanen die de reistijd per bus, van Noord-Limburg via het Land van Cuijk naar Gelderland v.v., verkorten2.

Het verbeteren van de Maaslijn is een gezamenlijk project van de provincies Limburg, Noord-Brabant en Gelderland én spoorbeheerder ProRail. De busverbindingen tussen Limburg en het (Brabantse) Land van Cuijk (t.w. buslijn 82, 84 en 85) en tussen Gelderland, via het Land van Cuijk, naar Limburg v.v. (t.w. buslijn 83) vallen onder de concessie Limburg, waaronder al het openbaar vervoer in de provincie Limburg valt (uitgezonderd de intercitytreinen van de NS). Hoewel deze buslijnen door de provincie Noord-Brabant lopen, is de provincie Noord-Brabant dus niet de concessieverlener. Met andere woorden: deze buslijnen zijn niet de verantwoordelijkheid van de provincie Noord-Brabant, maar de verantwoordelijkheid van de provincie Limburg (waaraan de provincie Noord-Brabant de concessie heeft uitbesteed).        

Gegeven al deze ontwikkelingen heeft het CDA voor u de volgende vragen:

01. Hoe beoordeelt u de vertraging van de elektrificatie van de Maaslijn?

02. Kunt u ons uitleggen hoe het financieringstekort van inmiddels 15 miljoen euro is ontstaan? Waarom is dit niet aan de ‘voorkant’ afgedekt en wie was/is hiervoor verantwoordelijk?

03. Welke mogelijkheden ziet u als provincie om de stagnerende elektrificatie van de Maaslijn, en andere verwante projecten, vlot te trekken?

Om het openbaar vervoer in en naar het Land van Cuijk te optimaliseren, moeten we verder kijken dan alleen de Maaslijn. Bijvoorbeeld naar de verschillende busverbinding(en) met buurprovincie Limburg.

04. Bent u bereid om met de provincie Limburg, concessiehouder van verschillende buslijnen door het Land van Cuijk, in gesprek te gaan over hoe de busverbinding(en) tussen Noord-Limburg en het Land van Cuijk te verbeteren, zoals door de aanleg van busbanen?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Ankie de Hoon

1 De Gelderlander, Elektrificatie Maaslijn is nog ver weg, 23 februari 2018.

2  Zie ook https://www.1limburg.nl/zorgen-over-ov-vanuit-noorden-provincie-naar-nijmegen.

OV-Race van start: z.s.m. naar Raamsdonk, Vinkel, Veldhoven, Schijf, Wernhout en Princenhage

Vandaag houdt het CDA een OV-Race om het openbaar vervoer in Noord-Brabant te testen. Verdeeld in zes teams reizen lokale en provinciale politici samen met OV-gebruikers naar plaatsen als Raamsdonk (gemeente Geertruidenberg), Vinkel (gemeente ‘s-Hertogenbosch), Veldhoven, Schijf (gemeente Rucphen), Wernhout (gemeente Zundert) en Princenhage (gemeente Breda).

Het doel van de ‘wedstrijd’ is om OV-ervaringen te verzamelen, door zo snel mogelijk vanaf de start (het Brabantse Provinciehuis en Wijkcentrum De Linde in Etten-Leur) naar de verschillende bestemmingen te komen. Alléén met gebruikmaking van het openbaar vervoer, zoals stad- en streekbussen, de trein, buurtbus, deeltaxi, veerpont of OV-fiets.

Onderweg moeten de teams verschillende OV-opdrachten uitvoeren om zaken als toegankelijkheid, bereikbaarheid en reistijd te testen. Bijvoorbeeld het in- en uitstappen met een rolstoel.

Het team dat na het bereiken van zijn bestemming als eerste terug is bij de start, wint de OV-Race en krijgt een prijs.

Aan de OV-Race nemen o.a. deel: Statenleden Marianne van der Sloot (CDA), Ankie de Hoon (CDA), Huseyin Bahar (CDA), Caroline van Brakel (CDA) en Marcel Deryckere (CDA), verkeersgedeputeerde Christophe van der Maat (VVD), een groep cliënten en vrijwilligers van de Stichting Dag- en Woonvoorzieningen (SDW), en CDA-leden uit o.a. Waalwijk, Deurne, ’s-Hertogenbosch, Bernheze, Veldhoven en Etten-Leur.

Statenlid Ankie de Hoon, woordvoerder verkeer en vervoer (CDA):

“Met de OV-Race testten we al twee keer eerder op originele wijze het openbaar vervoer in Brabant. Dat blijkt niet alleen heel leuk, maar óók heel nuttig. We verzamelen immers een schat aan informatie, die goed van pas komt wanneer we als provincie een besluit moeten nemen over het OV.

Dat aan deze derde editie ook de gedeputeerde Mobiliteit én een team cliënten/vrijwilligers van SDW deelnemen, is fantastisch. Zo maken we van de OV-Race een echt Brabants initiatief én laten we zien dat het openbaar vervoer verbindend werkt: in het OV kom je elkaar tegen.”

CDA houdt dubbele OV-Race om openbaar vervoer te testen

Het CDA houdt op 2 maart a.s. een dubbele OV-Race om het Brabantse openbaar vervoer te testen. Aan deze jaarlijks terugkerende ‘wedstrijd’ doen ditmaal niet alleen CDA-leden mee, maar ook verkeersgedeputeerde Christophe van der Maat (VVD) en een groep cliënten en vrijwilligers van de Stichting Dag- en Woonvoorzieningen (SDW).

Verdeeld in teams krijgen de deelnemers de opdracht om zo snel mogelijk naar een (vooraf onbekende) bestemming in Brabant te reizen, door alléén gebruik te maken van het openbaar vervoer (zoals stad- en streekbussen, de trein, buurtbus, deeltaxi, veerpont of OV-fiets). Onderweg moeten de teams letten op verschillende aspecten van het OV, zoals toegankelijkheid, bereikbaarheid en reistijd.

Het team dat na het bereiken van zijn bestemming als eerste terug is bij het startpunt, wint de OV-Race en krijgt een prijs. Aan alle teams de opdracht om hun OV-ervaringen nadien op papier te zetten en mee te geven aan de lokale en provinciale politiek.

In 2016 en in 2017 organiseerde het CDA ook een OV-Race. Anders dan bij die edities zal de OV-Race 2018 in twee regio’s tegelijk plaatsvinden: in West-Brabant én in Oost-Brabant. Een dubbele race dus. De West-Brabantse race start om 10.00 uur vanaf Wijkcentrum De Linde in Etten-Leur (adres: Wipakker 16) en de Oost-Brabantse race start om 10.00 uur vanaf het Provinciehuis in ’s-Hertogenbosch (adres: Brabantlaan 1).

Statenlid Ankie de Hoon, woordvoerder verkeer en vervoer (CDA):

“Met de OV-Race testten we al twee keer eerder op originele wijze het openbaar vervoer in Brabant. Dat blijkt niet alleen heel leuk, maar óók heel nuttig. We verzamelen immers een schat aan informatie, die goed van pas komt wanneer we als provincie een besluit moeten nemen over het OV.

Dat aan deze derde editie ook de gedeputeerde Mobiliteit én een team cliënten/vrijwilligers van SDW deelnemen, is fantastisch. Zo maken we van de OV-Race een echt Brabants initiatief én laten we zien dat het openbaar vervoer verbindend werkt: in het OV kom je elkaar tegen.”