Berichten

Opinie Ankie de Hoon – ‘Bereikbaarheid Brainport: het hele verhaal’

Opinie van Statenlid Ankie de Hoon, woordvoerder verkeer & vervoer namens CDA Brabant.

‘Bestuurlijke durf voor bereikbaar Brainport’

De bereikbaarheid van Brabant is een van de grootste thema’s van de verkiezingen op 20 maart. Hoe houden we dorpskernen en binnensteden leef- en bereikbaar? Hoe zorgen we voor goede verbindingen naar onze familiebedrijven? Hoe verleiden we ondernemers van buiten onze provincie om zich in Brabant te vestigen, “omdat je hier zo gemakkelijk kunt komen”? En hoe zorgen we ervoor dat al die nieuwe woonwijken die we willen bouwen straks goed toegankelijk zijn voor starters, gezinnen en senioren? Het zijn deze grote vragen die de Brabanders bezighouden.

En bij grote vragen horen grote antwoorden. Met ‘klein bier’, hoe lekker ook, kom je er niet. Wie door Brabant rijdt, ervaart het zelf. ‘Even’ van Eindhoven naar Helmond, een ritje van 18 kilometer, kost je bij slecht weer al gauw anderhalf uur. De regio Eindhoven, ‘Brainport’, is de slimste regio en tegelijkertijd een van de grootste verkeersknelpunten van Nederland. Met dagelijks files, ongevallen en sluipverkeer. Wat kunnen we daartegen doen? In de Volkskrant van 4 maart jl. gaf de verantwoordelijke provinciebestuurder, gedeputeerde Van der Maat (VVD), zijn visie. Wij vullen die graag aan, om het verhaal eerlijk en compleet te maken.

Laten we bij het begin beginnen. Er was eens een bereikbaarheidsprobleem dat al tientallen jaren speelde. Met meer dan 7 miljoen euro aan onderzoeken. In 2014 lag er eindelijk een plan, was er geld (maar liefst 271 euro miljoen euro) én bestuurlijke durf om iets te gaan doen. Maar voor dat plan, de aanleg van een zgn. ‘Noordoostcorridor’, bleek in de regio geen draagvlak. En dus ging het van tafel.

Toch was daarmee de hoop op een alternatieve oplossing niet verdwenen. Een jaar later, in 2015, zouden er immers verkiezingen zijn voor een nieuw provinciebestuur. Nieuwe ronde, nieuwe mensen, nieuwe kansen. Met 1.777 stemmen verschil werd de VVD de grootste partij in Brabant. Het CDA moest genoegen nemen met zilver. Desondanks waren we niet somber. Het geld voor Eindhoven lag immers nog steeds te wachten op een goed, gedragen plan. En op bestuurlijke durf. Hoopten we althans. Helaas, het liep anders.

Want nog maar kort na de verkiezingen spatte onze droom voor een bereikbaar Brainport uiteen. Schakend op twee borden koos de VVD ervoor om een deal te sluiten met de SP en twee andere partijen: ‘links’ mocht vier jaar losgaan op milieu, de VVD op industrie. En de bereikbaarheid van Eindhoven? Daar zouden deze vier partijen het dan deze periode niet over hebben. De verkeersparagraaf in het Brabantse ‘regeerakkoord’ ging over fietspaden, rotondes en ‘smart mobility’. Echte oplossingen voor de bereikbaarheid van Eindhoven, of voor het ‘prehistorische’ knooppunt Hooipolder, stonden er niet in. En hoewel je fietsend tegenwoordig best een eind kan komen, laten duizenden kratjes bier uit Lieshout zich niet verplaatsen per fiets.

Had uitbreiding van het openbaar vervoer een optie kunnen zijn? Altijd een goed idee. Maar ook dat is niet genoeg. Zelfs als we het openbaar vervoer voor iedereen toegankelijk, betaalbaar en overzichtelijk maken, blijven de files. En die kunnen we alleen oplossen door nieuwe wegen aan te leggen of bestaande wegen te verbreden. Hoe dan ook: met meer asfalt.

Maar extra asfalt kost geld. Van de 271 miljoen euro die was gereserveerd voor bereikbaarheidsoplossing voor Eindhoven, verdampte in het eerste jaar ná het aantreden van het nieuwe college al 90 miljoen. Een derde van het totaalbedrag. En kort daarna ging ook de rest van het geld verloren aan ‘alternatieve’ projecten waarover we nooit meer iets hoorden. Omdat er voor Eindhoven maar geen plan, geen oplossingsrichting kwam. De in het Brabantse regeerakkoord beloofde ‘beweging in Brabant’ bleef uit. Pas nu, vlak voor de verkiezingen, meldt de gedeputeerde, inmiddels lijsttrekker, zich weer met interviews in verschillende media. Met aan betrokken gemeenten de boodschap dat hij alleen wil weten wat zij wél willen, niet wat ze niet willen. Niet echt daadkrachtig, als je weet dat vorige plannen strandden wegens te weinig draagvlak.

In de afgelopen vier jaar was er alle tijd om met een oplossing te komen. Met de regio om de tafel gaan. Scenario’s laten onderzoeken. De voorstellen van andere partijen oppakken. (Voor)financiering regelen. Draagvlak creëren. Een koers bepalen. Toch gebeurde er niets. Waarom niet? Mocht het misschien niet in het college met ‘links’? Waar een wil is, is een weg. Waar geen wil is, komt geen weg. Dat is gebleken.

Want wat kan wel? Verbreding van de Kennedylaan en de Eisenhowerlaan in Eindhoven, aanleg van een Oostelijke Randweg om Nuenen, van de provinciale weg N279 een ongelijkvloerse weg maken met 2×2 rijstroken, aanleg van een nieuwe weg die de N279 bij Aarle-Rixtel verbindt met de A50 bij Son, verbreding van de A50 bij Ekkersrijt, verbreding van de A67 en aanleg van een station Eindhoven Airport.

Voor dit wensenlijstje zijn draagvlak, geld en bestuurlijke durf nodig. Met alle drie had in de afgelopen vier jaar kunnen worden begonnen. Maar aan alle drie heeft het die periode ontbroken. Wat Brainport wél kreeg, was meer ergernis, meer overlast en meer economische schade.

Na 20 maart doet zich opnieuw een kans voor om de bereikbaarheid van de regio Eindhoven structureel te verbeteren. Volgens de gedeputeerde komt er weer geld aan, zo lezen wij in de krant. Dat is goed nieuws. Nu nog het draagvlak en de bestuurlijke durf. Het CDA levert die graag. Zuidoost-Brabant verdient het.

Schriftelijke vragen over OV 2040 – Houdt links van Breda de wereld op?

Schriftelijke vragen van Statenlid Ankie de Hoon over het Toekomstbeeld Openbaar Vervoer 2040: houdt links van Breda de wereld op?

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over OV 2040.

Geacht college,

Onlangs stuurde staatssecretaris Van Veldhoven van Infrastructuur en Waterstaat aan de Tweede Kamer een brief over het Toekomstbeeld Openbaar Vervoer 20401. Wat opvalt in deze visie op het openbaar vervoer van de toekomst, is dat vooral de economische kernregio’s in Nederland snellere en betere openbaar vervoersverbindingen krijgen. En dat een regio als West-Brabant het nakijken heeft.

Want wie in Bergen op Zoom woont en in Tilburg studeert, hoeft in de visie van de staatssecretaris niet te rekenen op sneller en beter openbaar vervoer. En werk je in Roosendaal maar woon je in Den Bosch, dan ben je eveneens slecht af. Net als je collega die op en neer reist tussen Zeeland en West- of Midden-Brabant v.v.

Het CDA maakt zich zorgen over deze eenzijdige focus op de Randstad en het negeren van een regio waar meer dan 700.000 mensen wonen. De indruk ontstaat dat de Brabantse verkeersgedeputeerde, onze belangrijkste ambassadeur en lobbyist in Den Haag, die zelf in Breda woont, met zijn neus naar Den Bosch kijkt en met de rug naar West-Brabant staat. Alsof links van Breda de wereld ophoudt…

Dit brengt het CDA tot de volgende vragen:

  1. Hoe is Brabant betrokken bij de totstandkoming van de visie Toekomstbeeld OV 2040?
  2. Wat is de Brabantse inbreng geweest?
  3. In hoeverre is meegenomen dat een betere OV-verbinding tussen de regio(‘s) en de Randstad kan bijdragen aan een oplossing voor andere vraagstukken van de Rijksoverheid (zoals werkgelegenheid en het woningtekort)?
  4. Is er contact (geweest) met de provincie Zeeland, waar de situatie en belangen deels vergelijkbaar zijn met die in Brabant?
  5. Bent u het met het CDA eens dat de stations Bergen op Zoom en Roosendaal belangrijke schakels zijn richting de provincie Zeeland, richting de metropoolregio’s en richting Midden- en Oost-Brabant? Indien ja, vindt u met ons dat er meer aandacht moet komen voor o.a. de treinverbinding tussen West-Brabant en Zeeland, tussen West-Brabant en de Randstad en tussen West-Brabant en Midden- en Oost-Brabant?
  6. Deelt u de mening van het CDA dat een treinverbinding zonder overstappen of aansluitend overstappen én het vaker laten rijden van treinen via station Bergen op Zoom en vanaf station Roosendaal naar de Randstad én naar Tilburg en Den Bosch bijdraagt aan het verbeteren van de verbinding tussen West-Brabant/Zeeland, de Randstad en Midden- en West-Brabant?
  7. Willen de Rijksoverheid, de Nederlandse Spoorwegen en ProRail mee in de noodzakelijke verbetering van de verbinding van Brabant met Zeeland, met de Randstad en met Midden- en Oost-Brabant?
  8. Bent u bereid Provinciale Staten op de hoogte te houden van de ontwikkelingen in de Tweede Kamer omtrent het Toekomstbeeld Openbaar Vervoer en evt. investeringen in dit verband die voor Brabant van belang zijn?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat hartelijk bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Ankie de Hoon

1 Zie https://www.rijksoverheid.nl/binaries/rijksoverheid/documenten/kamerstukken/2019/02/06/toekomstbeeld-openbaar-vervoer/toekomstbeeld-openbaar-vervoer.pdf.

Ankie de Hoon over aanpak sluipverkeer Hooipolder/Langstraat

Statenlid Ankie de Hoon stelt op 22 februari 2019 mondeling vragen aan het provinciebestuur, waarin zij het opneemt voor de inwoners van de Hooipolder-gemeenten en in de Langstraat die te maken hebben met sluipverkeer door hun wijken en kernen (zie ook de berichtgeving in het Brabants Dagblad d.d. 19 februari 2019: https://www.bd.nl/waalwijk-heusden-e-o/ultimatum-voor-aanpak-sluipverkeer-in-langstraat-dorpen~af0c7ff6/).

Radiomaker Erik van Vliet, werkzaam voor o.a. Langstraat FM, interviewde Ankie over dit onderwerp. Dit interview terugluisteren kan via het audiobestand hieronder.

Schriftelijke vragen over het kruispunt Zuiddijk-N285 bij Langeweg

Schriftelijke vragen van Statenlid Ankie de Hoon over het kruispunt Zuiddijk-N285 bij Langeweg.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over het kruispunt Zuiddijk-N285 bij Langeweg.

Geacht college,

Het kruispunt Zuiddijk-N285 bij het dorp Langeweg en het traject Langeweg-Zevenbergen op de provinciale weg N285 staan bekend als gevaarlijk. Hardrijders, verkeersdrukte en het ontbreken van veilige oversteekplaatsen voor fietsers en voetgangers zorgen al jarenlang voor een onveilige verkeerssituatie en ongevallen.

Na de eerder voorgestelde tijdelijke maatregelen, zoals het aanbrengen van een brede middengeleider i.p.v. de linksafstrook, een verlengd inhaalverbod, een visuele versmalling van de rijbaan met palen, het openstellen van het zuidelijk fietspad richting Zevenbergen voor fietsers in beide richtingen én beperking van de maximumsnelheid tot 60km/u, vindt het CDA dat het tijd is om het kruispunt structureel veiliger te maken.

Daartoe hebben wij voor u de volgende vragen:

  1. Bent u bekend met het kruispunt op de provinciale weg N285 bij het dorp Langeweg?
  2. Bent u het met het CDA eens dat op dit kruispunt sprake is van een onveilige verkeerssituatie, veroorzaakt door (te) hard rijden, verkeersdrukte en het ontbreken van veilige oversteekplaatsen voor fietsers en voetgangers?
  3. Bent u bereid om op korte termijn met de gemeente Moerdijk in gesprek te gaan over het nemen van maatregelen die de verkeersveiligheid ter plekke structureel verbeteren?
  4. Indien ja, welke mogelijkheden ziet u daartoe? Zouden een rotonde of ‘slim stoplicht’ een oplossing kunnen zijn?
  5. Bent u bereid om indien nodig financieel bij te dragen, daar de N285 een provinciale weg betreft die onder uw verantwoordelijkheid valt?
  6. Kunt u toezeggen Wijkvereniging Langeweg proactief te informeren over uw visie op de situatie en de vereniging te betrekken bij de acties die u en/of de gemeente Moerdijk wel/niet ondernemen?
  7. Hoe staat u tegenover het openen van een provinciaal loket/meldpunt Gevaarlijke verkeerssituaties op provinciale wegen?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat hartelijk bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Ankie de Hoon

CDA Brabant op werkbezoek in Wanroij, Boekel en Mill

Het CDA Brabant brengt op vrijdag 8 februari a.s. een werkbezoek aan Wanroij, Boekel en Mill. Aan dit werkbezoek, georganiseerd door het CDA in het Land van Cuijk, nemen o.a. Marianne van der Sloot (fractievoorzitter/lijsttrekker), Marcel Thijssen (kandidaat-Statenlid, regio Land van Cuijk), Tanja van de Ven-Vogels (kandidaat-Statenlid, woordvoerder landbouw), Ankie de Hoon (zittend Statenlid, woordvoerder verkeer & vervoer) en Tom Berendsen (kandidaat-Europarlementariër) deel.

Het werkbezoek staat in het teken van de agrarische sector. Zo staan op het programma een kennismaking met een kringlooplandbouw-bedrijf, een bezoek aan een duurzame bloembollenteler én een ontmoeting met een gestopte rundveehouder.

CDA-lijsttrekker Marianne van der Sloot:

“Wij zijn blij met de uitnodiging voor dit werkbezoek. In de Brabantse landbouw is in de afgelopen jaren veel gebeurd. Neem bijvoorbeeld het veehouderijbesluit uit 2017, dat de sector hard heeft geraakt. Van de ene op de andere dag moesten boeren zes jaar eerder dan afgesproken voldoen aan nieuwe milieueisen. Voor veel familiebedrijven een onmogelijke opgave en destijds voor het CDA reden om tegen het besluit te stemmen. Nu zijn we anderhalf jaar verder en worden de gevolgen van het besluit merkbaar. Over hoe dit uitpakt voor de agrarische ondernemers in het Land van Cuijk en aan de Peelrand, laten we ons graag ter plekke informeren.”

Het CDA is vóór duurzame landbouw, maar tegen onrealistische deadlines en negatieve effecten, zo schrijft de partij in haar verkiezingsprogramma voor de Provinciale Statenverkiezingen op 20 maart a.s. Blijken bijvoorbeeld de nieuwe, milieuvriendelijkere stallen die boeren verplicht zijn vóór 2022 te bouwen niet op tijd ontwikkeld en goedgekeurd te zijn, dan moet de provincie dat besluit wat het CDA betreft herzien.

Kandidaat-Statenlid Marcel Thijssen (CDA), afkomstig uit Cuijk:

“De agrarische sector is belangrijk voor Brabant, voor het Land van Cuijk en de Peelregio. Net als gezondheid en een gezond leefklimaat. Daarbij past een provincie die oog heeft voor wat er speelt en leeft, die beseft dat betrouwbaarheid van overheidshandelen een must is en die bereid is om noodzakelijke veranderingen te faciliteren. Haalbaar en betaalbaar. Met draagvlak als uitgangspunt. Dat vraagt om een andere aanpak dan we in de afgelopen jaren hebben gezien: meer realisme, minder regels en meer trots.”

Het werkbezoek start om 09.00u en duurt tot 14.30u. Om 13.30 uur is er een persmoment bij het voormalige rundveebedrijf van de familie Meulepas aan de Heufseweg 9 te Mill. Eenieder met belangstelling is uitgenodigd daarbij aanwezig te zijn en de CDA-kandidaten beter te leren kennen.

Schriftelijke vragen over economische schade in Brainport en ‘Braxit’

Schriftelijke vragen van Statenleden Kees de Heer en Ankie de Hoon over economische schade in Brainport en vrees voor ‘Braxit’.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over ‘Braxit’.

Geacht college,

Sinds de uitspraken van verkeersgedeputeerde Van der Maat in het Eindhovens Dagblad staat de slechte bereikbaarheid van de regio Eindhoven ‘ineens’ weer volop op de provinciale agenda. Waar het CDA altijd is blijven hameren op een oplossing, was de urgentie daartoe bij het huidige provinciebestuur in de afgelopen jaren compleet afwezig. Ieder voorstel en elke mogelijke oplossingsrichting werden weggestemd en het geld bestemd voor de ‘Ruit’ is inmiddels verdampt.

Het CDA is blij dat de slepende verkeersproblemen rondom Eindhoven nu wél de aandacht krijgen die ze verdienen, maar is bezorgd over de economische schade die Brabant en de regio ondertussen blijven oplopen. Moeten we vrezen voor een ‘Braxit’: een vertrek van bedrijven uit Brainport? In dat licht heeft het CDA voor u de volgende vragen:

Vraag 1

  1. Hoe groot schat u de economische schade a.g.v. files en de slechte bereikbaarheid van Eindhoven e.o. in de periode 2015-2019?Hoeveel euro is dat resp. per Brabander en per inwoner van de Brainport-regio?
  2. Indien deze cijfers niet bekend zijn, bent u bereid die te laten doorrekenen?

Vraag 2

  1. Hoeveel geld denkt u dat Brainport in de afgelopen jaren is misgelopen door de slechte bereikbaarheid van de regio?
  2. Indien niet bekend, bent u bereid dit te laten onderzoeken?

Vraag 3

  1. Is bekend hoeveel bedrijven voornemens waren zich in afgelopen jaren in de regio Eindhoven te vestigen, maar daar omwille van de slechte bereikbaarheid, zonder perspectief op verbetering, van hebben afgezien?
  2. Indien niet bekend, bent u bereid hiernaar navraag te doen bij bijvoorbeeld de gemeente Eindhoven en werkgeversorganisatie VNO-NCW Brabant Zeeland?

Vraag 4

  1. Zijn u signalen bekend over een ‘Braxit’, d.w.z. een vertrek van bedrijven uit Brainport?
  2. Hebt u aanwijzingen dat bedrijven Brainport mijden a.g.v. de slechte bereikbaarheid en hun toevlucht zoeken in andere landen, zoals België, of provincies, bijvoorbeeld Limburg?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat hartelijk bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Kees de Heer en Ankie de Hoon

Spreektekst Ankie de Hoon – Debat over OV visie 2030 op 07/12

Spreektekst1 Ankie de Hoon – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over de Visie `Gedeelde mobiliteit is maatwerk` en uitwerking hiervan in een adaptieve aanpak
(07-12-2018)

Voorzitter,

Veel mensen hebben hard gewerkt om deze nieuwe OV visie op tijd klaar te hebben. Complimenten.

Het CDA heeft veel waardering voor de wijze waarop het proces is verlopen. Het lijkt een gedragen stuk, waarover veel betrokken organisaties en overheden konden meepraten.

Daarnaast ging vanuit PS de werkgroep OV visie aan het werk. Waardevol om met elkaar te verkennen wat de gemene delers zijn en hoe we de visie geïnterpreteerd willen zien.

In het voorstel geeft u aan dat de ontwikkelingen in de P&C-cyclus worden voorgelegd. Dit betreft echter een besloten overleg zonder verslaglegging. Het CDA wil liever de verantwoordelijkheid voor de uitvoering en doorontwikkeling van de visie en adaptieve agenda een Statenbreed onderwerp laten zijn. Het gaat hier immers om een bedrag van 90 miljoen euro voor leefbaarheid en vervoer. Graag een reactie van de gedeputeerde.

Negentig miljoen euro dus, waarover het CDA zich o.a. het volgende afvraagt:

  • Welke factoren zijn nodig om de adaptieve agenda en visie tot een succes te maken?
  • Hoe zorgen we ervoor dat de betaalbaarheid kan worden gegarandeerd?
  • Tegen welke tarieven en wie houdt hier zicht op?

Tijdens de laatste themabijeenkomst stelde het CDA voor om werkgroep OV visie een vervolg te geven. Hiertoe dient het CDA een motie in.

Voorzitter, Albert Einstein heeft eens gezegd: “Meer dan het verleden interesseert mij de toekomst, want daarin ben ik van plan te leven.” Welnu, op hoofdlijnen geeft deze OV visie volgens het CDA een goed strategisch inzicht in de toekomstige ontwikkelingen. Het onderbrengen van de verschillende stromingen onder Direct, Flex en Samen is overzichtelijk.

Graag nemen we u mee in de toekomstschets en invulling zoals wij die zien.

En daarbij putten we graag uit de ervaringen die we als CDA hebben opgedaan tijdens de OV-Race. Praktijkonderzoek. In de vorm van een wedstrijd tussen teams van Statenleden en OV-gebruikers om het openbaar vervoer te testen op o.a. reistijd, bereikbaarheid en toegankelijkheid.

De 1ste race vond plaats in Oost- Brabant. De 2de in Midden-Brabant. De 3de in West-Brabant.

En tijdens deze laatste editie, van Etten-Leur naar Wernhout, kregen we gezelschap van een groep cliënten van de Stichting Dag- en Woonvoorzieningen – SDW – én van de gedeputeerde zelf. Wat was hij fanatiek. En wat levert zo’n busreis mooie herinneringen, bijzondere ervaringen en waardevolle informatie op.

We zien zaken die goed gaan. Zoals betrokken chauffeurs, behulpzame vrijwilligers op de buurtbus en handige apps die de zoektocht naar de snelste route voor de ‘mobiele generatie’ – de Millennials en Generatie Z – een stuk eenvoudiger maken. Als je tenminste mobiel bereik hebt… Zegt Olland u nog iets?

Slecht of geen mobiel bereik, aansluitproblemen, buurtbussen die niet geschikt zijn voor de elektrische rolstoel… Het zijn punten die in iedere OV-Race terugkwamen, maar waarover de voorliggende OV visie weinig tot niets zegt. Dus doen wij als CDA het maar.

Voorzitter, ik wil in het bijzonder stilstaan bij vijf onderwerpen. Hele concrete, hele herkenbare.

  1. Elektrische rolstoelplaten.
  2. Iedereen moet mee kunnen.
  3. Bereikbaarheid van bedrijventerreinen.
  4. Flexibiliteit is de norm.
  5. Communicatie.

01. Elektrische rolstoelplaten

Voorzitter, de belangrijkste conclusie is dat openbaar vervoer, en het succes ervan, mensenwerk blijft. Zo lukt het de ene chauffeur wel om tijd te maken en de rolstoelplaat van de Bravo Direct bus uit te klappen, terwijl de andere chauffeur door tijdsdruk de rolstoeler helaas moet laten staan.

Is daar anno 2018 niet iets aan te doen? Kunnen we de chauffeurs niet helpen? Het CDA denkt van wel. En daarom vragen we aan de gedeputeerde om op korte termijn met het bedrijfsleven om de tafel te gaan en een elektrische rolstoelplaats voor de Bravo Direct te ontwikkelen en toe te passen.

Juist mensen in een rolstoel zijn afhankelijk van het openbaar vervoer. Met elektrische rolstoelplaten in alle (buurt)bussen geven we hen de mogelijkheid om deel te nemen aan het reguliere openbaar vervoer. Is de gedeputeerde bereid dit mee te nemen in een volgende concessie?

En voorzitter, maak hier dan ook meteen een grensoverschrijdende voorbeeldfunctie van die wij als Brabant kunnen oppakken. Hier moet uw collega Pauli toch enthousiast van worden: mooie innovatieve ontwikkelingen. En ook uw collega Swinkels kan hier op leefbaarheid een fantastische slag maken. Net als collega Spierings, want mobiliteit levert zo een aanzienlijke bijdrage aan de duurzaamheidsdoelstellingen. Het CDA komt met een motie.

02. Iedereen moet mee kunnen

Voorzitter, we leven in een land waarin we steeds ouder worden en met een grote groep inwoners die leeft met een matige of ernstige beperking. Ook deze mensen zijn geholpen met goed georganiseerd openbaar vervoer. Het huidige vervoersaanbod vindt het CDA echter nog teveel gericht op mensen zónder beperking. Dat moet anders. (Openbaar) vervoer voor iedereen toegankelijk. Onderschrijft de gedeputeerde dat?

03. Bereikbaarheid van bedrijventerreinen

Voorzitter, op veel plekken in Brabant liggen de banen voor het oprapen, maar… zijn die banen niet of slecht bereikbaar per openbaar vervoer. Van Moerdijk tot Breda, van Waalwijk tot Oss, van Oirschot tot Werkendam: we kwamen het als CDA overal tegen. Studenten, stagiair(e)s en forenzen hebben daar last van. En ondernemers. En de Brabantse economie. Het CDA zou dan ook graag zien dat de provincie start met experimenten – pilots – specifiek gericht op het verbeteren van de bereikbaarheid van bedrijventerreinen met het openbaar vervoer. Hiertoe dienden wij tijdens de begrotingsbehandeling een motie in. Vandaag doen we dat opnieuw. Een motie Bedrijventerreinen.  

04. Flexibiliteit is de norm

Voorzitter, al aan het begin van deze bestuursperiode pleitte het CDA voor flexibel openbaar vervoer. Want dát heeft de toekomst, zo bleek al tijdens een provinciale mobiliteitswedstrijd in 1999. De winnaar was een deelauto – als in Bravo Samen – en de 2e prijs was voor een flexibel ingerichte bus, naar het idee van de Bobrobus. Naar het schijnt uitgevonden door iemand uit Goirle. Jawel, in Brabant gebeurt het.

Voor het CDA is flexibiliteit heel belangrijk. Dé voorwaarde om ons openbaar vervoer voor iedereen toegankelijk te maken, stad en buitengebied bereikbaar te houden en te kunnen voldoen aan de behoefte van de OV-reiziger via slim maatwerk. Zoals een taxi of buurtbus die de leerling op tijd naar school brengt, dan de polikliniek van het streekziekenhuis aandoet en op de terugweg de aanvragers voor een nieuwe paspoort afzet bij het stadskantoor. Mooi op tijd.

Maar flexibiliteit betekent óók kunnen inspelen op actuele ontwikkelingen en gebeurtenissen. Bijvoorbeeld een extra bus laten rijden op die momenten dat meer capaciteit nodig is. Zodat studenten verzekerd zijn van hun rit naar de universiteit en niet hutjemutje van A naar B moeten of zelfs achterblijven in de kou.

Bravo Direct en Flex geven ruimte voor die flexibiliteit. En samen met u zoekt het CDA graag de grenzen op van wat kan en nodig is. Laat bijvoorbeeld voor onze inwoners de Direct lijnen een Flex inrichting kennen. Klap de stoeltjes in, verwijder deze op rustige lijnen en maak het mensen mogelijk hun eigen fiets mee te nemen in of op de bus.

Wil de gedeputeerde hier eens op reflecteren?

05. Communicatie

Voorzitter, om deze OV visie te doen is communicatie heel belangrijk. Want zeg nu zelf: hoeveel Brabanders gaan dit lijvige stuk straks lezen? Deze bestuursperiode investeerde u veel geld in een stickercampagne om de naam van het Brabantse openbaar vervoer te veranderen. B-r-a-v-o. Als CDA zijn we hier kritisch op geweest: u veranderde de voorkant, maar de achterkant bleef hetzelfde. Want wie een reis wil plannen of contact zoekt met de klantenservice, wordt via de website www.bravo.info netjes terugverwezen naar de websites van Arriva en Hermes en… komt daar de oude Arriva-/Hermes-logo’s en -huisstijl tegen.

Bravo zou voor een betere herkenning van het Brabantse openbaar vervoer moeten zorgen. Als CDA vinden we dat de meest ultieme vorm van herkenbaarheid van openbaar vervoer het daadwerkelijk zien rijden van een bus is. En het liefst een volle.

Besteedt u uw communicatiebudget s.v.p. van nu af aan aan het promoten van de initiatieven en experimenten uit deze nieuwe OV visie. Onder alle doelgroepen, dus ook de studenten uit de overvolle bussen in Altena en de cliënten, met rolstoel, van SDW in Roosendaal.

Wij op onze beurt zullen de routes blijven testen met onze OV-Race. De stip aan het einde van het asfalt is met deze OV visie gezet.

Tot zover.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Ankie de Hoon OV visie 2030 (7 december 2018)

CDA: elke Brabantse bus een elektrische rolstoelplaat

Het CDA in Provinciale Staten, het Brabantse parlement, wil dat elke Brabantse bus, dus ook een buurtbus, is voorzien van een elektrische rolstoelplaat. Hiertoe dient de partij vandaag een voorstel in tijdens het debat over de nieuwe ‘OV visie’ van de provincie, waarin de toekomst van het Brabantse openbaar vervoer wordt vastgelegd.

In dit voorstel vraagt het CDA aan provinciebestuurder Van der Maat om snel met vervoerders en het Brabantse bedrijfsleven om de tafel te gaan en te kijken hoe elektrische rolstoelplaten in alle Brabantse bussen te realiseren. Aanleiding voor het CDA om met dit voorstel te komen zijn de ervaringen die de partij de afgelopen jaren opdeed tijdens verschillende ‘OV-Races’: door het CDA zelf georganiseerde tests van het openbaar vervoer in de vorm van een wedstrijd. Hieruit bleek o.a. dat m.n. buurtbussen lang niet altijd zijn uitgerust met een elektrische rolstoelplaat en reizigers met een rolstoel niet altijd kunnen meenemen.

Statenlid Ankie de Hoon (CDA): “Openbaar vervoer blijft mensenwerk. Zo lukt het de ene buschauffeur wel om even uit te stappen en reizigers met een rolstoel de bus in te helpen, terwijl de andere buschauffeur door tijdsdruk de rolstoeler helaas moet laten staan. Onwenselijk. Als CDA stellen we daarom voor álle Brabantse bussen standaard uit te rusten met een elektrische rolstoelplaat. Dan kunnen mensen met een rolstoel, die vaak afhankelijk zijn van het OV, deelnemen aan het reguliere openbaar vervoer én helpen we ook de buschauffeur die onder tijdsdruk staat.”

Tijdens het debat over de nieuwe OV visie komt het CDA, net als in het debat over de provinciebegroting vorige maand, tevens met een voorstel dat de provincie oproept te starten met experimenten gericht op het verbeteren van de bereikbaarheid van bedrijventerreinen met het openbaar vervoer. De Hoon: “Op veel plekken in Brabant liggen de banen voor het oprapen, maar zijn die banen niet of slecht bereikbaar per OV. Dit is een Brabant breed probleem, dat we als CDA overal tegenkomen: van Moerdijk tot Breda, van Waalwijk tot Oss, van Oirschot tot Werkendam. Wij vragen de gedeputeerde actie te ondernemen en samen met vervoerders en bedrijven tot slimme, creatieve oplossingen te komen. Misschien dat het tweemaal per dag uitbreiden van een route, tijdens de spits en op piekmomenten, al voldoende is of de inzet van een ‘bedrijvenbus’ met een gepensioneerde oud-werknemer als vrijwilliger achter het stuur.”

Schriftelijke vragen over Tuf Recycling

Schriftelijke vragen van Statenleden Jeffrey van Agtmaal en Ankie de Hoon over een Europese subsidie voor het bedrijf Tuf Recycling in Dongen.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over Tuf Recycling.

Geacht college,

Op 30 november jl. publiceerde dagblad BN De Stem een artikel getiteld Europese subsidie van 135.000 euro voor ‘grensoverschrijdend’ werkend Tuf1. Te lezen is dat kunstgrasmat-verwerker Tuf Recycling uit Dongen i.h.k.v. het Europese project CrossRoads2 een Europese subsidie van 135.000 euro heeft ontvangen met als doel ‘innovatie te bevorderen’. De provincie Noord-Brabant is een van de partners van het project CrossRoads2.

Het CDA vindt het toekennen van deze subsidie aan Tuf Recycling zorgwekkend. Uit een reportage van het televisieprogramma ZEMBLA blijkt nl. dat Tuf Recycling zich niet houdt aan wet- en milieuregels en niet beschikt over de juiste vergunningen2. Sinds de zomer van 2017 heeft de gemeente Dongen aan Tuf Recycling tot driemaal toe een dwangsom opgelegd. Voor zover de CDA-fractie bekend is tot op heden geen afdoende oplossing gevonden voor de milieusituatie ter plaatse en voor de openstaande schuld bij de gemeente Dongen.

Naar aanleiding hiervan hebben wij voor u de volgende vragen:

  1. Wat was de rol van de provincie Noord-Brabant bij de toekenning van deze Europese subsidie aan Tuf Recycling?
  2. Kunt u toelichten welke rol Stimulus Programmamanagement namens de provincie Noord-Brabant speelde bij het toekennen van deze subsidie?
  3. Heeft er overleg plaatsgevonden tussen de provincie en de gemeente Dongen over toekenning van deze subsidie en waarom wel/niet?
  4. Hoe is naar uw oordeel de toekenning van deze subsidie te verantwoorden gelet op de zorgwekkende situatie rondom Tuf Recycling zoals hierboven omschreven?
  5. Hoe is de toekenning van deze subsidie aan Tuf Recycling tot stand gekomen?

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Jeffrey van Agtmaal en Ankie de Hoon

1 Zie https://www.bndestem.nl/oosterhout/europese-subsidie-van-135-000-euro-voor-grensoverschrijdend-werkend-tuf~a812c1a6/.

2 Zie https://zembla.bnnvara.nl/nieuws/gemeente-treedt-op-tegen-illegale-opslag-kunstgrasmatten-bij-tuf-recycling.

 

Schriftelijke vragen over de provinciale weg N260 rondom Tilburg-Reeshof

Schriftelijke vragen van Statenleden Marcel Deryckere en Ankie de Hoon over de provinciale weg N260 rondom Tilburg-Reeshof.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over de N260.

Geacht college,

Onlangs heeft de wijkraad van de Tilburgse wijk Reeshof via een brief contact gezocht met Provinciale Staten. In deze brief geeft de Wijkraad Reeshof aan grote zorgen te hebben over de verkeersveiligheid op de provinciale weg N260 rondom de Reeshof.

Deze zorgen hebben m.n. betrekking op de verkeerssituatie ter hoogte van de afslagen naar Koolhoven, Dalem-Zuid en Dalem-Noord. Er wordt structureel te hard en door rood gereden.

Naar aanleiding van dit signaal heeft het CDA voor u de volgende vragen:

  1. Onderschrijft u de zorgen van de Wijkraad Reeshof t.a.v. onveilige verkeerssituaties op de provinciale weg N260?
  2. Bent u bereid om maatregelen te nemen om de verkeersveiligheid op bovengenoemde plaatsen te verbeteren? Indien ja, welke maatregelen zouden kunnen worden genomen? Indien niet, waarom niet?
  3. Is de door de Wijkraad Reeshof aangedragen suggestie van het (ver)plaatsen van flitspalen op de kruispunten in kwestie een reële mogelijkheid?
  4. Bent u bereid om in samenspraak met het Openbaar Ministerie te kijken of er flitspalen kunnen worden ge-/verplaatst? Indien ja, op welke termijn? Indien niet, waarom niet?

De brief van de Wijkraad Reeshof zenden wij als separate bijlage met deze vragen mee.

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat hartelijk bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Marcel Deryckere en Ankie de Hoon

B180919 N260 – Wijkraad Reeshof