ALV CDAV Brabant & Werkbezoek met René Peters 02/11

UITNODIGING:
Wat? Werkbezoek aan zorgboerderij Molenvelden.
Wanneer? Vrijdag 2 november 2018.
Hoe laat? 14.00-16.30 uur.
Waar? Zorgboerderij Molenvelden (adres: Molenvelden 3 te Knegsel).

Zorgboerderij Molenvelden in Knegsel biedt dagbesteding aan ouderen die moeite hebben met het invullen van de dag. Hulpbehoevende en dementerende ouderen kunnen er onder professionele begeleiding actief zijn. Zij blijven langer in een thuissituatie, in hun vertrouwde omgeving, en mantelzorgers worden ontlast. Zorgboerderij Molenvelden bevindt zich op het melkveebedrijf van Tonnie en Frans de Crom.

Op deze mooie locatie praat René Peters de aanwezigen bij over het armoedebeleid in Nederland. René Peters was de nr. 3 van het CDA bij de Tweede Kamerverkiezingen in 2017. In de Tweede Kamer is hij woordvoerder jeugd(zorg), werk & inkomen en schulden & armoede. Waar staan we nu en wat willen René en het CDA bereiken op het armoededossier?

Programma:
14.00 uur: Inloop en welkom met koffie/thee en cake
14.15 uur: Korte ALV (huishoudelijk deel: jaarverslag en financieel jaarverslag)
14.30 uur: Uitleg en rondleiding zorgboerderij door Tonnie de Crom
15.00 uur: Inleiding René Peters over armoedebeleid en discussie
16.30 uur: Einde

Het bestuur van het CDAV Brabant nodigt eenieder van harte uit om aanwezig te zijn.
Aanmelden bij voorkeur zo snel mogelijk en in elk geval vóór 25 oktober a.s. via: cdav@cdabrabant.nl.

Spreektekst Kees de Heer – Debat over innovatie life sciences & health op 31/08

Spreektekst1 Kees de Heer – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant 
Debat over het Uitvoeringsprogramma innovatie life sciences & health 2018-2022
(31-08-2018)

Voorzitter,

Vandaag bespreken we het Uitvoeringsprogramma innovatie life sciences & health, waarin het gaat over uitdagingen en kansen en twee programmalijnen rondom zorgvraagstukken. Het gaat dan over een, aldus de opstellers, innovatieve en technologisch intensieve sector.
Kortom, een tak van sport waar Brabant goed in is en ook goed in wil blijven.

De CDA-fractie volgt die denklijn en we hebben dan ook met belangstelling het voorstel gelezen.

Bij eerste lezing is het een helder document met een duidelijke marsroute. De aandachtsgebieden zijn goed in kaart gebracht en ook de kansen en bedreigingen.

Maar bij nadere bestudering bekruipt mij toch het gevoel dat dit document wel op een strategisch heel hoog niveau beschreven is en minder transparant is dan je zou willen.
Bijvoorbeeld, wie hebben er deelgenomen aan de werkgroepen, wie zijn de experts, welke ondernemers zijn aanwezig geweest enz.?

Het is een heel bedrijfskundige benadering. Dat lees je ook terug aan het adviesbureau dat is ingehuurd. Op de website presenteren zij zich als volgt: klanten worden ondersteund bij het realiseren van snellere en stabiele groei, hogere winsten en een grotere ondernemingswaarde. Dit is dus het bureau dat ons verder moet helpen bij het ontwikkelen van het Uitvoeringsprogramma.
Kortom, het programma richt zich dus heel sterk op het ondernemingsklimaat van Brabant. Het richt zich op het versterken van de concurrentiepositie van onze provincie ten opzichte van andere hightech regio’s. En daarmee dreigt het op zichzelf te komen staan en de verbinding met de inwoners van Brabant te verliezen.

Zoals gezegd: dit alles mondt uit in twee programmalijnen rondom innovatie en de verbinding tussen markt en patiënt. Let op de gebruikte terminologie: ik had hier liever het woord cliënt gelezen, dat drukt minder afhankelijkheid uit en meer gelijkwaardigheid.
En dit leidt weer tot maar liefst zes actielijnen.

En hier komen we op de tweede zorg van de CDA-fractie: dreigt de inzet van de provincie niet te zeer te versnipperen? Vijf miljoen euro over zes actielijnen verdeeld over twee jaar.  Hoe groot kan de rol van de provincie zijn in deze programmalijnen?

En welke visie zit hierachter? De CDA-fractie vindt dat economische ontwikkelprogramma’s, want daar praten we hier over, nadrukkelijk ten goede moeten komen van de inwoners van Brabant. Niet alleen in termen van werkgelegenheid, maar meer nog in termen van gezond burgerschap. Daarom willen wij nadrukkelijk inzetten op actie nr. 6: het creëren van een robuuste proeftuin voor innovaties in de thuisomgeving.

Brabanders mogen best merken dat ze wonen en leven in een hightech omgeving, ze zouden daar beter en sneller de vruchten van moeten kunnen plukken. Hier kan de provincie het verschil maken. Heel terecht wordt in deze actielijn dan ook gesteld dat de uitgangspunten zijn: het centraal stellen van de gebruiker, standaardisatie, open innovatie en systematische co-creatie met gebruikers in hun thuisomgeving. In het economische programma Brabant staat dit ook met zoveel woorden. Het gaat om goede en betaalbare gezondheidzorg. En goede gezondheidzorg is zorg dicht bij mensen.
Ten slotte de financiële onderbouwing. Verwacht wordt dat de verstrekte leningen worden terugbetaald en daarmee de norm van 40% revolverendheid bereikt.

Nog twee vragen:

  1. Kan de gedeputeerde aangeven op welke wijze het begrotingsvoorstel tot stand is gekomen? In het voorstel wordt aangegeven dat er toch nogal wat onzekerheden, afhankelijkheden enz. zijn. In het kader van realistisch ramen is onze fractie benieuwd waarom het dan geen vier of zes miljoen euro is geworden.
  2. In het voorstel wordt gesproken over grotendeels revolverend. In de bijlage lezen we echter terug dat het slechts wordt ingezet op 40% van de middelen revolverend. Met andere woorden: 60% van deze middelen kunnen we niet nogmaals inzetten voor Brabant.
    Kan de gedeputeerde aangeven waarom dit percentage zo laag is?

Tot zover mijn inbreng in 1ste termijn, voorzitter.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Kees de Heer Uitvoeringsprogramma innovatie en life sciences & heath 2018-2022 (31 augustus 2018)

Voor CDA-raadsleden: Meet&Greet met de Provinciale Statenfractie op 07/09

De Provinciale Statenfractie nodigt alle (burger)raadsleden van het CDA in Noord-Brabant uit voor inhoudelijke Meet&Greet op het Provinciehuis op vrijdagmiddag 7 september 2018.

Nu in alle Brabantse gemeenten de colleges zijn gevormd en de raden aan het werk gegaan, lijkt het de Statenfractie goed en zinvol om nader kennis te maken en van gedachten te wisselen over thema’s die lokaal en provinciaal actueel zijn.

Samenwerken zit in de genen van het CDA en het zou mooi zijn wanneer raads- en Statenleden elkaar in de komende jaren, waar nodig en gewenst, weten te vinden én kunnen versterken.

Hiertoe zijn alle raadsleden, maar ook burgerraadsleden en andere geïnteresseerden, van harte uitgenodigd om deel te nemen aan het volgende programma:

13.00-13.30 uur: Inloop + Ontvangst met koffie/thee

13.30-13.45 uur: Opening door fractievoorzitter Marianne van der Sloot

14.00-14.45 uur: 1ste Ronde deelsessies*

  • Deelsessie Arbeidsmarkt & Arbeidsmigranten
  • Deelsessie Landbouw
  • Deelsessie Ondermijning

15.00-15.45 uur: 2de Ronde deelsessies

  • Deelsessie Wonen
  • Deelsessie Omgevingswet
  • Deelsessie Zichtbare fractie

16.00-16.45 uur: 3de Ronde deelsessies

  • Deelsessie Energie
  • Deelsessie Leefbaarheid/Sociaal domein
  • Deelsessie Verkeer & Vervoer

17.00-18.00 uur: Netwerkborrel

* Elke deelsessie wordt kort ingeleid en gemodereerd door een of twee Statenleden. De deelsessie Zichtbare fractie wordt verzorgd door fractiemedewerker Ernst van Welij.

Deelname aan dit programma is kosteloos. Locatie is het Provinciehuis te ’s-Hertogenbosch (adres: Brabantlaan 1), alwaar gratis parkeren mogelijk is op het parkeerterrein voor bezoekers aan de voor- of achterzijde van het gebouw (doorrijden tot de slagbomen, melden bij de intercom en de slagbomen gaan omhoog).

Aanmelden kan tot 3 september a.s. door een e-mail te sturen naar evwelij@brabant.nl. Vermeldt bij aanmelding s.v.p. de gemeente/afdeling, het aantal personen dat meekomt én hun namen.

De Statenleden hopen zoveel mogelijk (burger)raadsleden op 7 september te ontmoeten. Wie vragen heeft, kan contact opnemen met fractiemedewerker Ernst van Welij via evwelij@brabant.nl.

Punt van aandacht: parallel aan dit programma voor (burger)raadsleden wordt waarschijnlijk ook een sessie met en voor afdelingsbestuurders (o.a. voor afdelingssecretarissen) gehouden. Zij ontvangen hiervoor een separate uitnodiging.

CDA: provincie moet zich aansluiten bij antidrugscoalitie Oost-Brabant

Het CDA wil dat de provincie zich aansluit bij de antidrugscoalitie in Oost-Brabant en deze helpt uit te breiden naar álle Brabantse gemeenten. De partij heeft het onderwerp op de agenda laten zetten van de eerstvolgende vergadering van Provinciale Staten, het Brabantse parlement, die a.s. vrijdag 15 juni plaatsvindt.

Begin deze week berichtte o.a. Omroep Brabant dat veertig gemeenten in Oost-Brabant een gezamenlijke antidrugscampagne starten onder de titel ‘Drugs? Die kunnen we hier niet gebruiken’1. Doel van dit initiatief is om de normalisering van drugs tegen te gaan en jongeren bewust te maken van de risico’s en negatieve gevolgen van drugsgebruik.

“Want drugsgebruik is niet normaal”, aldus Statenlid Marcel Deryckere (CDA). “Drugs zijn ongezond, maken verslaafd en zorgen voor overlast en gevaarlijkste situaties. Het is schrikbarend hoeveel Brabantse jongeren al op jonge leeftijd met drugs worden geconfronteerd. Alle reden dus om in actie te komen en de krachten te bundelen. Wanneer we meer jongeren kunnen overtuigen af en weg te blijven van drugs, treffen we ook de producenten. Daarmee zijn we er nog niet, want veel in Nederland geproduceerde drugs zijn bestemd voor het buitenland. Maar helpen doet het wel. We moeten af van het romantische, alledaagse imago van drugs.”

Van het college van Gedeputeerde Staten, het dagelijks bestuur van de provincie, wil het CDA o.a. het volgende weten:

  1. Herkent u het beeld dat het drugsgebruik onder Brabantse jongeren schrikbarend hoog is?
  2. Wat vindt u van de normalisering van drugs?
  3. Hoe gaat u om met deze ontwikkelingen gegeven het provinciaal belang en de provinciale verantwoordelijkheid rondom bijvoorbeeld drugsdumpingen?
  4. Wat doet de provincie op dit moment al om drugsgebruik in Brabant tegen te gaan?
  5. Is de provincie bereid zich aan te sluiten bij de coalitie van 40 gemeenten, Novadic-Kendron, GGD, politie en jongerenwerk?

Perspectiefnota 2018: hoe staat Brabant ervoor?

De provincie mag haar spierballen laten zien en haar schouders zetten onder de uitdagingen van vandaag en morgen, óók als deze niet tot haar kerntaken behoren: de overspannen arbeidsmarkt, het arbeidsmigranten vraagstuk en het lot van kwetsbare groepen als ouderen en vrachtwagenchauffeurs. Dát is de boodschap van het CDA in de provincie Noord-Brabant tijdens het debat over de perspectiefnota 2018.

In de perspectiefnota kijkt de provincie terug én blikt vooruit op de ontwikkelingen in Brabant én debatteert over de ambities uit het in 2015 gesloten Bestuursakkoord Beweging in Brabant. Het perspectiefnota-debat van vandaag is het laatste van deze Statenperiode, want volgend jaar zijn er verkiezingen en komt er een nieuw provinciebestuur.

Kern van de CDA-inbreng is de Brabantse arbeidsmarkt. De personeelstekorten in de zorg, bouw en logistiek lopen razendsnel op. Met grote gevolgen voor o.a. de zorg voor onze ouderen, de woningbouw en het halen van de klimaatdoelen. Het CDA wil dat de provincie de regie neemt bij het samenbrengen van partners, zoals brancheorganisaties, onderwijsinstellingen en andere overheden, en het tot stand brengen van regionale oplossingen. Dit in lijn met het advies dat de Sociaal-Economische Raad gisteren publiceerde1. “Veel van de uitdagingen waar Brabant voor staat zijn te groot voor één gemeente en te regiospecifiek om vanuit Den Haag te worden opgepakt. Hier kan de provincie als middenbestuur een rol spelen.” Aldus fractievoorzitter Marianne van der Sloot.

Een tweede belangrijk punt wat het CDA onder de aandacht brengt, is de situatie rondom arbeidsmigranten. Van der Sloot: “In de logistieke en agrarische sector zijn veel arbeidsmigranten werkzaam. Momenteel zien we in onze provincie gevolgen ontstaan die we niet zouden moeten willen, zoals verdringing op de woningmarkt, uitbuiting en slechte huisvesting van werknemers en gevoelens van onveiligheid in wijken. Gemeenten worstelen ieder-voor-zich met dit onderwerp. Een integrale afstemming in de regio ontbreekt. Dit onderwerp vraagt om regie, die verder gaat dan de individuele gemeenten of het bedrijfsleven. Die handschoen zou de provincie moeten oppakken.”

Ook pleit het CDA voor de terugkeer van het sociaal beleid, dat onder het huidige provinciebestuur vrijwel volledig is afgeschaft. Zonder steun van de provincie dreigen netwerkorganisaties als de Vereniging Kleine Kernen, belangenbehartiger van dorpen platteland, en buurthuizen-platform ’t Heft om te vallen. Dát wil het CDA voorkomen, want zij spelen een essentiële rol bij het betrekken van álle Brabanders bij de samenleving.

Daarnaast waarschuwen de christendemocraten voor de Essent-gelden, waarvan de renteopbrengsten in de komende jaren waarschijnlijk zullen dalen. Om te voorkomen dat er gaten in de provinciebegroting ontstaan, wil het CDA een ‘signalerende’ ondergrens vaststellen zodat de provincie tijdig keuzes kan maken bij onvoorziene tekorten.

Ten slotte roept het CDA de provincie op om te onderzoeken of het mogelijk is om op korte termijn tijdelijke truckparkings, bij voorkeur voorzien van sanitair en horeca, in te richten langs snel- en provinciale wegen. Als het kan op provinciale gronden en indien mogelijk geëxploiteerd door ondernemers. “Om vrachtwagenchauffeurs een veilige, fatsoenlijke rustplaats te bieden en overlast elders tegen te gaan”, legt Van der Sloot uit.

Klik op de volgende link om de volledige spreektekst van Marianne van der Sloot terug te lezen: Spreektekst Marianne van der Sloot perspectiefnota 2018 (20 april 2018).

1  Zie https://www.ser.nl/nl/actueel/nieuws/2010-2019/2018/20180419-energiestransitie-werkgelegenheid.aspx.

Opinie Marianne van der Sloot – ‘Provincie: toon spierballen’

Opinie van Statenlid en fractievoorzitter Marianne van der Sloot in het Brabants Dagblad d.d. 20 april 2018.

Provincie: toon spierballen

Tekort aan personeel in de zorg, de bouw, de problemen met arbeidsmigranten. Voor een integrale aanpak is een regisseur nodig. De provincie kan het verschil maken.

Marianne van der Sloot

GASTOPINIE

Brabant doet het goed. Op heel wat lijstjes staat onze provincie bovenaan: hightechregio Eindhoven een van de slimste regio’s ter wereld, West-Brabant de logistieke hotspot van Nederland, Midden-Brabant dé plek waar je als toerist moet zijn geweest, het thuis van Olympisch én landskampioenen. We mogen er graag over vertellen. En terecht.

Toch is er geen reden om zelfvoldaan achterover te leunen. Want ondanks zonnige berichten over meer banen, meer vacatures en meer vaste contracten pakken donkere wolken zich samen boven de Brabantse arbeidsmarkt. De personeelstekorten in de zorg, de bouw en de logistiek lopen razendsnel op. Tegelijkertijd groeit het aantal arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa, maar is huisvesting in veel gemeenten een probleem.

Te groot

“Niet onze verantwoordelijkheid” was in de afgelopen jaren veelvuldig de reactie van de provincie op deze en andere vraagstukken. Wat mij betreft veranderen we dat in “Samen de schouders eronder”. Veel van de uitdagingen waar Brabant voor staat zijn te groot voor één gemeente en te regiospecifiek om vanuit Den Haag te worden opgepakt. Hier kan de provincie als middenbestuur een rol spelen.

Nederland vergrijst en Brabant vergrijst mee. Dat vergt meer handen aan het bed en meer gekwalificeerd mbo-personeel. Een gemeente alleen lost de tekorten niet op. Hoewel partijen hard werken aan een oplossing, zijn er nog steeds teveel zorg vacatures. Het nieuwe Actieprogramma Werken in de Zorg van het Rijk smeekt om een regionale uitvoering. En daar komt de provincie in beeld, die overheden, verzekeraars, onderwijs- en zorginstellingen kan helpen om méér mensen te interesseren voor een baan in de zorg, afspraken te maken over voldoende stageplekken en na te denken andere, efficiëntere manieren van werken.

Eenzelfde regionale aanpak is nodig in de bouw. Het tekort aan bouwvakkers en technici is groot. Dat is een probleem voor onze economie, voor de woningbouw, maar ook voor het halen van de klimaatdoelen (Brabant energieneutraal in 2050). Het aantal jongens en meiden dat kiest voor een bouw- of technische opleiding is bij lange na niet voldoende om het groeiende aantal vacatures, inmiddels meer dan 2.500, in te vullen. Het minste wat de provincie kan doen is met bouwbedrijven, brancheorganisaties en bouwopleidingen om de tafel gaan en vragen wat zij nodig hebben om die in te vullen. Aantrekkelijkere leslokalen? Bijscholing voor docenten? Een imagocampagne?

Uitbuiting

In de logistieke en agrarische sector zijn veel arbeidsmigranten werkzaam: mensen die huis en haard verlaten en voor een deel onze Brabantse economie draaiende houden. Momenteel zien we in onze provincie gevolgen ontstaan die we niet zouden moeten willen, zoals verdringing op de woningmarkt, uitbuiting en slechte huisvesting van werknemers en gevoelens van onveiligheid in wijken. Gemeenten worstelen ieder-voor- zich met dit onderwerp. Een integrale afstemming in de regio ontbreekt. Dit onderwerp vraagt om regie, die verder gaat dan de individuele gemeenten of het bedrijfsleven. Die handschoen zou de provincie moeten oppakken.

Bestuurskundige Klaartje Peters publiceerde in 2007 een boek over de provincie getiteld Het opgeblazen bestuur. Hierin stelt ze o.a. dat provincies hun bestaansrecht proberen te rechtvaardigen door zich belangrijker te maken dan ze daadwerkelijk zijn. Door meer taken op zich te nemen dan hen traditioneel toekomt. Wel, wat mij betreft mag de provincie juist nu meer dan ooit haar spierballen laten zien. Zichzelf opblazen is niet nodig, want ons middenbestuur verkeert in topconditie. In ’s-Hertogenbosch staat een toren vol kennis, plannenmakers en ronde tafels, van waaruit  veel kan worden gedaan. Dat is geen kwestie van kunnen, maar een kwestie van willen. Brabant kan wel degelijk het verschil maken.

Marianne van der Sloot is Lid van Provinciale Staten Noord-Brabant en fractievoorzitter van het CDA.

 

CDA: “Opleiden voor de banen van vandaag en morgen”

Het CDA in de provincie Noord-Brabant wil dat de provincie méér doet om jongeren op te leiden voor de banen van vandaag en morgen, bijvoorbeeld in de techniek of in de zorg. Hiertoe heeft de partij schriftelijke vragen gesteld aan het Brabantse provinciebestuur.

Op 26 januari jl. bracht het CDA een werkbezoek aan het Summa College in Eindhoven, waarna Statenlid Roland van Vugt constateerde dat “er nog steeds een aantal knelpunten bestaat tussen ideaal en praktijk”.

Van Vugt:

“Eén van de zaken waar we tegen aan liepen, is dat een aantal jongeren wordt opgeleid voor beroepen van het verleden. Een voorbeeld hiervan is de installatiebranche. Leerlingen worden niet opgeleid voor de technieken van morgen. Maar werkgevers vragen bijvoorbeeld nog steeds naar vaklieden/stagiair(e)s waar vandaag behoefte aan is. Bijvoorbeeld mensen die kennis hebben van gasketels in plaats van dat ze kennis hebben van zonnepanelen of warmtepompen. Wellicht dat mede hierdoor de overgang naar een energieneutraal Brabant in 2050 niet in volle omvang tot stand komt. Een grote gemiste kans in onze ogen.”

Daarnaast kiezen nog steeds te weinig jongeren voor een technische of zorgopleiding, wat volgens het CDA o.a. wordt veroorzaakt door slechte PR.

“Nog onvoldoende wordt aan leerlingen die op het punt staan een beroepskeuze te maken duidelijk gemaakt dat met hun keuze voor een technisch of zorgberoep zij bijdragen aan het oplossen van maatschappelijke vraagstukken, zoals een bijdrage aan gezond- en duurzaamheid. Inzet van Brabantse rolmodellen, bijvoorbeeld op basisscholen, om technische en zorgopleidingen te promoten zien wij nog steeds niet of onvoldoende terug.” Aldus Van Vugt.

De schriftelijke vragen die het CDA aan het provinciebestuur heeft gesteld zijn de volgende:

  1. Herkent u het door ons gesignaleerde knelpunt van opleiden voor beroepen van gisteren?
  2. Bent u het met ons eens dat dit voor een deel de energietransitie in de weg kan staan?
  3. Wat kunt u hier vanuit uw provinciale rol aan doen?
  4. Wat doet u momenteel hieraan?
  5. Herkent u het door ons gesignaleerde gebrek aan inzet van Brabantse rolmodellen om technische beroepen meer sexy en maatschappelijk relevant te maken? Misschien hebben we een Brabantse technovlogger nodig.
  6. Wat doet u hieraan?
  7. Wat kunt u hieraan doen?

Met deze vragen hoopt het CDA de provincie aan te sporen tot actie om tot een betere afstemming te komen tussen onderwijs, arbeidsmarkt en samenleving.

CDA op werkbezoek bij de Zorgboog in Laarbeek en Helmond

Het CDA brengt op 15 september a.s. een werkbezoek aan zorgorganisatie de Zorgboog. Aan dit werkbezoek nemen zowel leden van de Brabantse als de Helmondse CDA-fractie deel.

De Zorgboog biedt aan alle generaties een breed pakket aan diensten en expertise aan op het gebied van wonen, welzijn en zorg. Goed leven, prettig wonen en vertrouwde zorg staan daarbij centraal.

Het werkbezoek start om 12.00u op Zorgboog-locatie de Regt in Beek en Donk, waar de politici onder meer kennismaken met de raad van bestuur van de Zorgboog. Hierna bezoekt het gezelschap de woonzorglocatie Mariëngaarde in Aarle-Rixtel en het Bestuursbureau in Helmond.

Statenlid Marcel Deryckere, initiatiefnemer van het werkbezoek:

“Als CDA zijn we bijzonder vereerd dat we bij de Zorgboog te gast mogen zijn, een organisatie die zich in onze Brabantse Peelregio geweldig inzet voor mensen die zorg en ondersteuning nodig hebben. Van jong tot oud.

We zijn dan ook heel nieuwsgierig naar de activiteiten van de Zorgboog en naar hun visie op kleinschalige zorg dicht bij mensen. Als Brabantse CDA-fractie zijn we in de ideale positie om voor dit soort mooie voorbeelden bovenlokale aandacht te vragen.”

CDA en Amaliazorg in gesprek over effectievere woonvormen voor zorg

PERSBERICHT uitgegeven door Amaliazorg op 20 maart 2017

CDA en Amaliazorg in gesprek over effectievere woonvormen voor zorg

Op vrijdag 17 maart brachten enkele leden van het CDA in Noord-Brabant een bezoek aan Amaliazorg. Onder hen Provinciale Statenleden Ankie de Hoon en Caroline van Brakel en vanuit Oirschot raadslid Martien Schoenmakers en burgerraadslid Jan van Gerven. Zij kwamen kijken hoe de transitie bij Amaliazorg van kloosterverzorgingshuizen naar toekomstbestendige woonzorgcentra gerealiseerd is. “Een mooi voorbeeld van de combinatie van warme zorg en uniek wonen”, aldus Ankie de Hoon.

Amaliazorg biedt zorg, welzijn en wonen vanuit vijf woonzorgcentra in Noord-Brabant. De monumentale panden waarin Amaliazorg gehuisvest is in Asten, Mariaheide, Oisterwijk en Oirschot zijn allemaal van oudsher kloosters. Stuk voor stuk zijn het nu moderne woonzorgcentra waar voornamelijk ouderen met dementie in kleinschalige groepen wonen. Hierdoor zijn de monumentale panden behouden kunnen blijven in de dorpen en hebben ze een zinvolle nieuwe bestemming gekregen waar goede zorg, welzijn en prettig wonen gecombineerd zijn.

Effectievere woonvormen
CDA-statenlid Ankie de Hoon: “De kwaliteit van zorg die hier geboden wordt, straalt warmte en respect uit. Dit wordt bevestigd door de triple A-status die Amaliazorg heeft ontvangen voor cliënttevredenheid, tevreden werknemers en bedrijfsvoering. De mens staat hier duidelijk centraal, terwijl er ook oog is voor erfgoed en woongenot. Amaliazorg denkt na over effectievere woonvormen voor mensen die zorg nodig hebben, maar een kleine portemonnee hebben. Daar is nog een wereld te winnen. De politiek in Oirschot staat hier open voor, maar vanuit de landelijke politiek mag daar meer aandacht voor zijn.”

CDA: streekziekenhuis moet blijven

Het CDA vindt goede zorg in de regio net zo belangrijk als in de stad. Daarom luiden regionale kandidaten de noodklok, voor het behoud van streekziekenhuizen.

Uit de verkiezingsprogramma’s van VVD, PvdA, D66, ChristenUnie en GroenLinks blijkt dat zij bepaalde Spoedeisende Hulpposten in de avond en nacht willen gaan sluiten om te bezuinigen. Deze voorgestelde maatregel zal vooral kleinere streekziekenhuizen treffen, die hierdoor met sluiting worden bedreigd.

De partijen willen bezuinigen door vooral in de avond- en nachturen bepaalde spoedposten te sluiten. Mensen die dan acute zorg nodig hebben worden verwezen naar grotere ziekenhuizen. Hierdoor ontstaat een concentratie van zorg bij grote ziekenhuizen en wordt de zorg in de streekhuizen afgekalfd, waardoor sluiting dreigt. Het CDA is hier fel op tegen.

Madeleine van Toorenburg, Tweede Kamerlid voor het CDA uit Rosmalen:

“Ook het CPB zegt dat als een ziekenhuis de spoedeisende hulp kwijtraakt, de hele organisatie onder druk komt te staan. Dit omdat de spoedeisende hulp een groot onderdeel vormt binnen een ziekenhuis. Daarnaast vrezen we een leegloop van gespecialiseerd personeel, wanneer de spoedeisende hulp sluit. Dit idee is dus aan alle kanten funest voor de zorg in de regio. En dat terwijl meerdere ziekenhuizen in Brabant nu al in de financiële gevarenzone zitten. Een paar maanden geleden bleek dat het Maasziekenhuis Pantein in Boxmeer financieel gezien het slechtste scoort van alle ziekenhuizen in Nederland*. Ook het Bravis ziekenhuis met vestigingen in Bergen op Zoom en Roosendaal staat financieel onder druk.”

Erik Ronnes, Tweede Kamerlid voor het CDA uit Boxmeer:

“Als hierdoor bijvoorbeeld het Maasziekenhuis in Boxmeer of Bernhoven in Uden geen spoedeisende hulp meer heeft, dan moeten inwoners in geval van spoedeisende hulp helemaal naar een ziekenhuis in Nijmegen of in Den Bosch. Dit terwijl in je de grote steden soms meerdere ziekenhuizen hebt.”

Deze ongelijkheid is niet uit te leggen aan mensen in de regio, vindt het CDA. Bovendien bestaan ook grote zorgen over de werkgelegenheid in de regio. Streekziekenhuizen zijn vaak belangrijke werkgevers.

Ronnes: “Het is een aderlating voor de regio als een streekziekenhuis verdwijnt.”

*Bron: http://www.omroepbrabant.nl/?news/2556391203/Ziekenhuis+Boxmeer+doet+het+financieel+het+slechtst+van+Nederland.aspx.