CDA: géén uitbreiding van de gaswinning in Brabant

De Brabantse CDA-fractie wil niet dat de gaswinning in de provincie Noord-Brabant wordt uitgebreid. De partij is bezorgd over de mogelijke negatieve korte- en/of langetermijneffecten van gaswinning op mens, natuur, vastgoed en infrastructuur.

Vandaag werd via Omroep Brabant bekend dat het ministerie van Economische Zaken en Klimaat wil toestaan dat er meer gas wordt gewonnen uit de Brabantse bodem. Het ministerie wil het Canadese gaswinningsbedrijf Vermilion Energy toestemming geven tot 2026 gas te winnen uit de bodem in de regio Waalwijk (Waalwijk, Land van Heusden en Altena). Inmiddels liggen de plannen van dit bedrijf ter inzage.

Op 29 maart jl. heeft het kabinet besloten dat in 2030 de gaskraan dicht gaat. Minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat stelde toen: “De gaswinning gaat naar nul”.
Wat het CDA Brabant betreft geeft het ministerie een verkeerd signaal af door gaswinning in Groningen te willen afbouwen, maar het in Brabant te gaan opvoeren.

Statenlid Roland van Vugt (CDA) heeft daarom schriftelijke vragen gesteld aan het college van Gedeputeerde Staten en wil o.a. weten welke acties de provincie kan ondernemen om (uitbreiding van) gaswinning te voorkomen. Ook vraagt hij zich af wat het ministerie heeft gedaan met het negatieve advies over uitbreiding van de gaswinning, dat de provincie vorig jaar uitbracht.

Voor het beantwoorden van de vragen van het CDA heeft de provincie officieel vier weken de tijd. Van Vugt hoopt echter dat het spoediger kan: “Niet alleen voor de inwoners van Waalwijk en het Land van Heusden en Altena, maar ook voor de inwoners van andere Brabantse regio’s is het belangrijk dat er snel duidelijkheid komt over dit onzalige besluit. Brabant mag geen tweede Groningen worden. We willen juist minder gaswinning, niet meer.”

Klik op de volgende link om de schriftelijke vragen te bekijken: Schriftelijke vragen over gaswinning in Brabant.

Schriftelijke vragen over onorthodoxe anti-drugsmaatregelen

Schriftelijke vragen van Statenleden Roland van Vugt, René Kuijken en Marcel Deryckere over onorthodoxe anti-drugsmaatregelen.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over onorthodoxe anti-drugsmaatregelen.

Geacht college,

Deze week kopte het Brabants Dagblad dat de politie in Brabant een extra toename van lozingen van drugsafval verwacht met name in afgelegen natuurgebieden. De extra dumpingen zouden te maken hebben met de extra productie van drugs vanwege de start van het festivalseizoen.

Dergelijke dumpingen zijn niet alleen slecht voor het milieu, maar leveren ook een gevaar op voor de volksgezondheid. Daarnaast zien wij ook een toenemend veiligheidsrisico voor onze inwoners, omdat drugsdumpers steeds brutaler worden en zich nietsontziend gedragen. Je zult als argeloze bezoeker in een afgelegen Brabants natuurgebied maar bij toeval op dumpende criminelen stuiten.

Inmiddels is ons en u genoegzaam bekend dat het toezicht in deze gebieden verre van optimaal is.

Hoewel het CDA de inspanningen van de provincie om dit probleem aan te pakken waardeert, zien wij toch nog een aantal mogelijkheden die zouden kunnen helpen. 

Wij zouden graag zien dat uw college in overleg met politie en gemeenten enkele experimenten opzet met alternatieve vormen van toezicht ter bestrijding van het dealen in en dumpen van drugs. Wij denken hierbij specifiek aan het plaatsen van camerapoorten. Een natuurgebied als de Biesbosch met slechts enkele toegangswegen zou zich wat ons betreft hiervoor prima lenen. Maar ook bij andere natuurgebieden, zoals de Loons en Drunense Duinen, zou dit een mogelijkheid kunnen zijn. Een andere variant is het inzetten van drones. Al eerder heeft onze fractie deze suggestie bij u neergelegd.

Gelet op het bovenstaande hebben wij voor u de volgende vragen:

  1. Herkent u het door de politie geschetste beeld?
  2. Bent u het met ons eens dat we ons niet bij deze dreigende werkelijkheid mogen neerleggen?
  3. Bent u er, net als wij, voor in om wellicht minder orthodoxe maatregelen te treffen die dit probleem aanpakken?
  4. Ziet u mogelijkheden voor cameratoezicht en de inzet van drones? En indien ja, welke Brabantse gebieden zouden hier volgens u voor in aanmerking komen?
  5. Welke stappen heeft u inmiddels gezet naar aanleiding van onze eerder gedane suggesties ten aanzien van de inzet van drones?
  6. Welke andere (innovatieve/onorthodoxe) maatregelen ziet u bij de bestrijding van drugsdumpingen tot de mogelijkheden behoren?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Roland van Vugt, René Kuijken en Marcel Deryckere

Schriftelijke vragen over dodelijke verkeersongevallen in Baarle-Nassau en Alphen-Chaam

Schriftelijke vragen van Statenleden Ton Braspenning en Ankie de Hoon over dodelijke verkeersongevallen in Baarle-Nassau en Alphen-Chaam.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over dodelijke verkeersongevallen in Baarle-Nassau en Alphen-Chaam.

Geacht college,

De ene week vieren we in Brabant dat er in de komende jaren honderden miljoenen euro’s worden uitgetrokken om verkeersknelpunten als de A58 en A2 aan te pakken, de andere week lezen we dat t.a.v. verkeersveiligheid onze provincie de verkeerde lijstjes aanvoert. Wellicht ten onrechte, maar het beeld ontstaat dat Brabant op dat gebied het slechtste jongetje van de klas is én het roept de vraag op of de ingezette maatregelen en acties effectief genoeg zijn (zie ook onze schriftelijke vragen van 26 april jl.1).

Nadat vorige week het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) cijfers publiceerde waaruit blijkt dat Brabant het hoogste aantal verkeersdoden telt van heel Nederland2, berichtte vanochtend Omroep Brabant dat de kans op een dodelijk verkeersongeval in Nederland het grootste is in Baarle-Nassau3. Buurgemeente Alphen-Chaam staat op de tweede plaats. De omroep baseert zich op getallen van www.verkeersveiligheidsvergelijker, een initiatief van de Fietsersbond, SWOV en Veilig Verkeer Nederland.

Naar aanleiding van de berichtgeving van vandaag heeft het CDA voor u de volgende vragen:

01. De cijfers van de website www.verkeersveiligheidsvergelijker beslaan de periode 2007-2016. Bent u bekend met de cijfers van 2017 en/of kunt u vaststellen of er sprake is van een daling, stijging of gelijk blijven van het aantal dodelijke verkeersongevallen in beide gemeenten t.o.v. 2016 (conform de door www.verkeersveiligheidsvergelijker gehanteerde wijze van onderzoeken)?

02. Zijn de cijfers op de website www.verkeersveiligheidsvergelijker.nl volgens u betrouwbaar en valide?

03. In hoeverre betrekt u cijfers als deze, maar bijvoorbeeld ook informatie van het Centraal Bureau voor de Statistiek, bij het provinciaal (verkeersveiligheids)beleid?

04. Momenteel is de aanleg van de randweg N260 rond Baarle in volle gang, die moet zorgen voor een betere doorstroming, leefbaarheid en verkeersveiligheid in en om Baarle-Nassau en Baarle-Hertog. Verwacht u dat met de realisatie van deze randweg, voorzien eind 2018, het aantal (dodelijke) verkeersongevallen naar beneden zal gaan?

05. Bij het verhogen van de verkeersveiligheid in en om Baarle-Nassau en Alphen-Chaam lijkt de provinciale weg N639, die van Baarle-Nassau door de bebouwde kom van Chaam naar Ulvenhout loopt, een cruciale rol te spelen.

  1. Is dat zo? Met andere woorden: vinden veel van de geregistreerde verkeersongevallen op en om deze weg plaats?
  2. In samenwerking met gemeenten en Rijkswaterstaat hebt u reeds een aantal maatregelen aangekondigd die de verkeersveiligheid van de N639 moeten gaan verbeteren, zoals trajectcontrole op de maximumsnelheid, waarschuwingsborden voor vrachtwagenchauffeurs en verbeterde wegbelijning. Bent u gegeven bovengenoemde cijfers bereid te kijken naar aanvullende (verkeersveiligheids)maatregelen over de gehele lengte van de weg?  
  3. Wat is de status van het onderzoek naar een rondweg rond Chaam?

06. Heeft de provincie een lijst waarop alle provinciale wegen staan gerankt/gecategoriseerd op (on)veiligheid?

  1. Indien ja, waar op deze lijst staan de N260 en N639?
  2. Indien ja, bent u bereid de volledige lijst openbaar te maken?
  3. Indien ja, volgt uw onderhoudsplanning deze ranking/categorisering?
  4. Indien ja, komt deze ranking/categorisering overeen met uw eigen prioriteitenlijst van aan te pakken gevaarlijke verkeerslocaties?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Ton Braspenning en Ankie de Hoon

1  Zie https://cdabrabant.nl/wp-content/uploads/2018/04/Schriftelijke-vragen-over-verkeersdoden-in-Brabant.pdf.

2 Zie http://www.omroepbrabant.nl/?news/2773931123/Brabant+telt+meeste+verkeersdoden,+98+slachtoffers+onder+wie+35+fietsers.aspx.

3 Zie http://www.omroepbrabant.nl/?news/277606972/Kans+op+dodelijk+ongeluk+het+grootst+in+Baarle-Nassau+.aspx.

Schriftelijke vragen over verkeersdoden in Brabant

Schriftelijke vragen van Statenleden Huseyin Bahar en Marianne van der Sloot over verkeersdoden in de provincie Noord-Brabant.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over verkeersdoden in Brabant.

Geacht college,

Eerder deze week publiceerde het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) cijfers over het aantal verkeersdoden in Nederland.

Via o.a. Omroep Brabant1 konden we lezen dat Brabant in 2017 de meeste verkeersdoden van ons land te betreuren had. In onze provincie waren er 98 dodelijke verkeersslachtoffers.

Naar aanleiding van deze zorgwekkende berichtgeving, iedere verkeersdode is er een te veel, heeft het CDA voor u de volgende vragen:

  1. Bent u bekend met de cijfers van het CBS, waaruit blijkt dat Brabant in 2017, voor het tweede jaar op rij, de meeste verkeersdoden van heel Nederland telde?
  2. Hoe ziet uw ‘doe-agenda’ eruit: welke concrete maatregelen, acties en projecten hebt u tijdens deze collegeperiode genomen om het aantal (dodelijke) verkeersslachtoffers te verminderen en de verkeersveiligheid in onze provincie voor álle verkeersdeelnemers te verbeteren?
  3. Wat is de effectiviteit van deze maatregelen, acties en projecten geweest? Graag een specificatie per maatregel, actie of project. 
  4. Is uw verkeersveiligheidsbeleid generiek beleid voor alle Brabanders of ook gericht op specifieke (kwetsbare) groepen, zoals kinderen, ouderen enz.?
  5. In hoeverre betrekt u maatschappelijke organisaties, zoals scholen en verenigingen, bij uw verkeersveiligheidsbeleid? Hoe zou dit beter kunnen?
  6. Volgens de minister van Infrastructuur en Waterstaat zijn ouderen vaker bij (dodelijke) fietsongelukken betrokken dan jongeren. Bent u bereid om met de KBO, andere ouderenorganisaties in onze provincie, de Fietsersbond, Veilig Verkeer Nederland, RAI Vereniging en Bovag in overleg te gaan over hoe deze kwetsbare groep beter te beschermen?
  7. Beschikken we als provincie over voldoende én over de juiste cijfers en kennis om gericht het aantal verkeersdoden omlaag te brengen? Of missen we nog gegevens en is aanvullend onderzoek dan wel een andere systematiek noodzakelijk?
  8. Uit het CBS-onderzoek springen Drenthe en Groningen eruit als veiligste fietsprovincies. Wat doen zij anders dan de provincie Noord-Brabant?
  9. Deelt u t.a.v. dit thema ‘goede voorbeelden’ met andere provincies en/of vindt kennisuitwisseling plaats?
  10. Is het huidige ‘arsenaal’ aan acties en middelen dat u kunt inzetten tegen (dodelijke) verkeersongelukken voldoende effectief om het aantal verkeersdoden terug te dringen of hebt u meer nodig? Indien ja, waarmee zou u geholpen zijn?
  11. Wat is uw doelstelling voor volgend jaar m.b.t. het verminderen van het aantal (dodelijke) verkeersslachtoffers? Zijn hiervoor extra financiële middelen nodig?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Huseyin Bahar en Marianne van der Sloot

1 Zie http://www.omroepbrabant.nl/?news/2773931123/Brabant+telt+meeste+verkeersdoden,+98+slachtoffers+onder+wie+35+fietsers.aspx.

Van Vugt (CDA): “Provincie moet aan de slag met arbeidsmigranten vraagstuk”

Statenlid Roland van Vugt (CDA) uit Andel wil dat de provincie Noord-Brabant samen met gemeenten aan de slag gaat met het arbeidsmigranten vraagstuk. Van Vugt pleit hiervoor tijdens het debat over de perspectiefnota, een terug- en vooruitblik op hoe Brabant ervoor staat, dat vandaag plaatsvindt.

In Brabant zijn veel arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa werkzaam in m.n. de logistieke en agrarische sector. Mensen die huis en haard verlaten en voor een deel onze Brabantse economie draaiende houden.

Momenteel is er nog maar weinig cijfermatige kennis beschikbaar over de (huidige en toekomstige) schaal en omvang van dit thema. Omdat de (groei van de) Brabantse economie voor een deel afhankelijk is van de inzet van deze groep werknemers, die zich al dan niet tijdelijk vestigt in de provincie, moet volgens Van Vugt de provincie hiermee aan de slag.

Van Vugt: “De komst van arbeidsmigranten levert een aantal uitdagingen op voor wat betreft huisvesting, borging van goede arbeidsomstandigheden, leefbaarheid, economie en participatie. Integrale regionale afstemming ontbreekt en daar kan de provincie een rol spelen.”

Ook signaleert Van Vugt dat veel inwoners zich zorgen maken wanneer woningen gebruikt worden voor huisvesting van arbeidsmigranten. “In veel dorpen en wijken is al een woningtekort en dat wordt hierdoor alleen maar groter. Er moet dus anders worden omgegaan met deze huisvesting.

Concreet wil Van Vugt de provincie de volgende opdracht meegeven: Breng het arbeidsmigrantenvraagstuk in Brabant op een integrale wijze in kaart (feiten en cijfers), ga na of het bestuurlijk instrumentarium toereikend is, maak een plan van aanpak om op een integrale wijze met deze uitdaging in Brabant om te gaan en leg dit voor aan Provinciale Staten tijdens de behandeling van de Begroting 2019.

Doel is inzicht krijgen in de omvang en schaal van de problematiek, nagaan of de huidige bestuurlijke instrumenten toereikend zijn om ongewenste ontwikkelingen tegen te gaan, innovatieve oplossingen te faciliteren én te komen tot een integrale (Brabantse) aanpak, afstemming en het delen van goede voorbeelden.

“Daar zouden veel gemeenten, ondernemers en maatschappelijke organisaties mee geholpen zijn. Dit onderwerp vraagt om regie, die verder gaat dan de individuele gemeenten of het bedrijfsleven.” Aldus Van Vugt.

Perspectiefnota 2018: hoe staat Brabant ervoor?

De provincie mag haar spierballen laten zien en haar schouders zetten onder de uitdagingen van vandaag en morgen, óók als deze niet tot haar kerntaken behoren: de overspannen arbeidsmarkt, het arbeidsmigranten vraagstuk en het lot van kwetsbare groepen als ouderen en vrachtwagenchauffeurs. Dát is de boodschap van het CDA in de provincie Noord-Brabant tijdens het debat over de perspectiefnota 2018.

In de perspectiefnota kijkt de provincie terug én blikt vooruit op de ontwikkelingen in Brabant én debatteert over de ambities uit het in 2015 gesloten Bestuursakkoord Beweging in Brabant. Het perspectiefnota-debat van vandaag is het laatste van deze Statenperiode, want volgend jaar zijn er verkiezingen en komt er een nieuw provinciebestuur.

Kern van de CDA-inbreng is de Brabantse arbeidsmarkt. De personeelstekorten in de zorg, bouw en logistiek lopen razendsnel op. Met grote gevolgen voor o.a. de zorg voor onze ouderen, de woningbouw en het halen van de klimaatdoelen. Het CDA wil dat de provincie de regie neemt bij het samenbrengen van partners, zoals brancheorganisaties, onderwijsinstellingen en andere overheden, en het tot stand brengen van regionale oplossingen. Dit in lijn met het advies dat de Sociaal-Economische Raad gisteren publiceerde1. “Veel van de uitdagingen waar Brabant voor staat zijn te groot voor één gemeente en te regiospecifiek om vanuit Den Haag te worden opgepakt. Hier kan de provincie als middenbestuur een rol spelen.” Aldus fractievoorzitter Marianne van der Sloot.

Een tweede belangrijk punt wat het CDA onder de aandacht brengt, is de situatie rondom arbeidsmigranten. Van der Sloot: “In de logistieke en agrarische sector zijn veel arbeidsmigranten werkzaam. Momenteel zien we in onze provincie gevolgen ontstaan die we niet zouden moeten willen, zoals verdringing op de woningmarkt, uitbuiting en slechte huisvesting van werknemers en gevoelens van onveiligheid in wijken. Gemeenten worstelen ieder-voor-zich met dit onderwerp. Een integrale afstemming in de regio ontbreekt. Dit onderwerp vraagt om regie, die verder gaat dan de individuele gemeenten of het bedrijfsleven. Die handschoen zou de provincie moeten oppakken.”

Ook pleit het CDA voor de terugkeer van het sociaal beleid, dat onder het huidige provinciebestuur vrijwel volledig is afgeschaft. Zonder steun van de provincie dreigen netwerkorganisaties als de Vereniging Kleine Kernen, belangenbehartiger van dorpen platteland, en buurthuizen-platform ’t Heft om te vallen. Dát wil het CDA voorkomen, want zij spelen een essentiële rol bij het betrekken van álle Brabanders bij de samenleving.

Daarnaast waarschuwen de christendemocraten voor de Essent-gelden, waarvan de renteopbrengsten in de komende jaren waarschijnlijk zullen dalen. Om te voorkomen dat er gaten in de provinciebegroting ontstaan, wil het CDA een ‘signalerende’ ondergrens vaststellen zodat de provincie tijdig keuzes kan maken bij onvoorziene tekorten.

Ten slotte roept het CDA de provincie op om te onderzoeken of het mogelijk is om op korte termijn tijdelijke truckparkings, bij voorkeur voorzien van sanitair en horeca, in te richten langs snel- en provinciale wegen. Als het kan op provinciale gronden en indien mogelijk geëxploiteerd door ondernemers. “Om vrachtwagenchauffeurs een veilige, fatsoenlijke rustplaats te bieden en overlast elders tegen te gaan”, legt Van der Sloot uit.

Klik op de volgende link om de volledige spreektekst van Marianne van der Sloot terug te lezen: Spreektekst Marianne van der Sloot perspectiefnota 2018 (20 april 2018).

1  Zie https://www.ser.nl/nl/actueel/nieuws/2010-2019/2018/20180419-energiestransitie-werkgelegenheid.aspx.

Opinie Marianne van der Sloot – ‘Provincie: toon spierballen’

Opinie van Statenlid en fractievoorzitter Marianne van der Sloot in het Brabants Dagblad d.d. 20 april 2018.

Provincie: toon spierballen

Tekort aan personeel in de zorg, de bouw, de problemen met arbeidsmigranten. Voor een integrale aanpak is een regisseur nodig. De provincie kan het verschil maken.

Marianne van der Sloot

GASTOPINIE

Brabant doet het goed. Op heel wat lijstjes staat onze provincie bovenaan: hightechregio Eindhoven een van de slimste regio’s ter wereld, West-Brabant de logistieke hotspot van Nederland, Midden-Brabant dé plek waar je als toerist moet zijn geweest, het thuis van Olympisch én landskampioenen. We mogen er graag over vertellen. En terecht.

Toch is er geen reden om zelfvoldaan achterover te leunen. Want ondanks zonnige berichten over meer banen, meer vacatures en meer vaste contracten pakken donkere wolken zich samen boven de Brabantse arbeidsmarkt. De personeelstekorten in de zorg, de bouw en de logistiek lopen razendsnel op. Tegelijkertijd groeit het aantal arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa, maar is huisvesting in veel gemeenten een probleem.

Te groot

“Niet onze verantwoordelijkheid” was in de afgelopen jaren veelvuldig de reactie van de provincie op deze en andere vraagstukken. Wat mij betreft veranderen we dat in “Samen de schouders eronder”. Veel van de uitdagingen waar Brabant voor staat zijn te groot voor één gemeente en te regiospecifiek om vanuit Den Haag te worden opgepakt. Hier kan de provincie als middenbestuur een rol spelen.

Nederland vergrijst en Brabant vergrijst mee. Dat vergt meer handen aan het bed en meer gekwalificeerd mbo-personeel. Een gemeente alleen lost de tekorten niet op. Hoewel partijen hard werken aan een oplossing, zijn er nog steeds teveel zorg vacatures. Het nieuwe Actieprogramma Werken in de Zorg van het Rijk smeekt om een regionale uitvoering. En daar komt de provincie in beeld, die overheden, verzekeraars, onderwijs- en zorginstellingen kan helpen om méér mensen te interesseren voor een baan in de zorg, afspraken te maken over voldoende stageplekken en na te denken andere, efficiëntere manieren van werken.

Eenzelfde regionale aanpak is nodig in de bouw. Het tekort aan bouwvakkers en technici is groot. Dat is een probleem voor onze economie, voor de woningbouw, maar ook voor het halen van de klimaatdoelen (Brabant energieneutraal in 2050). Het aantal jongens en meiden dat kiest voor een bouw- of technische opleiding is bij lange na niet voldoende om het groeiende aantal vacatures, inmiddels meer dan 2.500, in te vullen. Het minste wat de provincie kan doen is met bouwbedrijven, brancheorganisaties en bouwopleidingen om de tafel gaan en vragen wat zij nodig hebben om die in te vullen. Aantrekkelijkere leslokalen? Bijscholing voor docenten? Een imagocampagne?

Uitbuiting

In de logistieke en agrarische sector zijn veel arbeidsmigranten werkzaam: mensen die huis en haard verlaten en voor een deel onze Brabantse economie draaiende houden. Momenteel zien we in onze provincie gevolgen ontstaan die we niet zouden moeten willen, zoals verdringing op de woningmarkt, uitbuiting en slechte huisvesting van werknemers en gevoelens van onveiligheid in wijken. Gemeenten worstelen ieder-voor- zich met dit onderwerp. Een integrale afstemming in de regio ontbreekt. Dit onderwerp vraagt om regie, die verder gaat dan de individuele gemeenten of het bedrijfsleven. Die handschoen zou de provincie moeten oppakken.

Bestuurskundige Klaartje Peters publiceerde in 2007 een boek over de provincie getiteld Het opgeblazen bestuur. Hierin stelt ze o.a. dat provincies hun bestaansrecht proberen te rechtvaardigen door zich belangrijker te maken dan ze daadwerkelijk zijn. Door meer taken op zich te nemen dan hen traditioneel toekomt. Wel, wat mij betreft mag de provincie juist nu meer dan ooit haar spierballen laten zien. Zichzelf opblazen is niet nodig, want ons middenbestuur verkeert in topconditie. In ’s-Hertogenbosch staat een toren vol kennis, plannenmakers en ronde tafels, van waaruit  veel kan worden gedaan. Dat is geen kwestie van kunnen, maar een kwestie van willen. Brabant kan wel degelijk het verschil maken.

Marianne van der Sloot is Lid van Provinciale Staten Noord-Brabant en fractievoorzitter van het CDA.

 

CDA: provinciale wegen veiliger én duurzamer verlicht

Het CDA wil dat de provincie Noord-Brabant de veiligheidseisen voor provinciale wegen tegen het licht houdt. Ook pleit de partij ervoor om de traditionele verlichting langs Brabantse wegen versneld te vervangen door duurzame LED-verlichting. “Niet pas in 2020, maar al eerder zouden alle N-wegen moeten zijn voorzien van milieuvriendelijke LED-lampen met een lange levensduur.” Aldus Statenlid Huseyin Bahar, die hiertoe de provinciebegroting wil laten wijzigen.

Het verbeteren van de veiligheid en het versneld verduurzamen van de provinciale wegen vormen de kern van de CDA-inbreng tijdens het debat over het onderhoud van de provinciale wegen. Dit debat vindt vandaag plaats in Provinciale Staten, het provinciale parlement.

Bahar:

“Dagelijks lezen we over ongelukken op tal van Brabantse wegen. Dat roept de vraag op of de veiligheidseisen die wij aan deze wegen stellen wel hoog genoeg zijn. Op dit moment hanteert de provincie hiervoor de normen van onderzoeksbureau CROW, dat is gespecialiseerd in grond-, water- en wegenbouw. Als CDA willen we dat de provincie nagaat of deze CROW-normen nog wel voldoen of dat aanvullende maatregelen nodig zijn.”

Klik op de volgende link om de spreektekst van Huseyin Bahar terug te lezen: Spreektekst Huseyin Bahar Kwaliteit (Onderhoud) Provinciale Infrastructuur (6 april 2018).

Schriftelijke vragen over gehackte data provincie Noord-Brabant

Schriftelijke vragen van Statenlid Marcel Deryckere over gehackte data provincie Noord-Brabant.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over gehackte data provincie Noord-Brabant.

Geacht college,

Recent berichtten verschillende media over het lekken van meer dan drie miljoen wachtwoorden van Nederlandse internetgebruikers via de zoekmachine gotcha.pw. Gelukkig zijn de betreffende data gedeeltelijk afgeschermd, waardoor misbruik lijkt te worden voorkomen.

De zoekmachine maakt echter gebruik van gehackte data, zoals inloggegevens, die wel volledig in handen zijn van internetcriminelen. Tot onze schrik blijken 461 van de gehackte accounts en wachtwoorden van de provincie Noord-Brabant te zijn.

Printscreen van een gedeelte van de gehackte @brabant-accounts.

Het CDA heeft daarom voor u de volgende vragen:

  1. Is bekend of gehackte inloggegevens zijn misbruikt om toegang te krijgen tot de ICT-systemen van de provincie Noord-Brabant? Indien ja, is het duidelijk wat er is gebeurd en of er schade is aangericht?
  2. Is bekend wanneer de betreffende inloggegevens zijn gehackt?
  3. Is bekend door wie de betreffende inloggegevens zijn gehackt?
  4. Zijn alle gehackte inloggegevens inmiddels aangepast om digitale inbraak door onbevoegden te voorkomen?
  5. Hield u zoekmachines als gotcha.pw zelf ook in de gaten om te controleren of de digitale beveiliging van provinciale gegevens nog in orde was?
  6. Zijn er maatregelen genomen om nieuw hacks te voorkomen?
  7. Niet alleen de provincie, maar ook andere overheden zoals gemeenten zijn slachtoffer van hacks. Wat kunt u, vanuit uw rol als toezichthouder, doen om hen bij te staan en weerbaarder te maken tegen deze en andere vormen van cybercrime?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Marcel Deryckere