Spreektekst Tanja van de Ven-Vogels – Debat over PIP Logistiek Park Moerdijk op 08/05

Spreektekst1 Tanja van de Ven-Vogels – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over het Provinciaal Inpassingsplan Logistiek Park Moerdijk 
(08-05-2020)

Voorzitter,

In de themabijeenkomst vorige week hebben wij als CDA de betekenis van Logistiek Park Moerdijk voor onze provincie benadrukt. En begrip getoond voor het feit dat het vertrekkende college voor het inpassingsplan een oplossing heeft willen zoeken die binnen 26 weken kan worden gerealiseerd.

Tegelijkertijd hebben wij aangegeven ongelukkig te zijn met de wijze waarop de stikstofruimte is verworven. En de onrust die dit bij ondernemers en andere overheden teweeg heeft gebracht.

Die zorgen hebben wij vorige week geadresseerd, en met ons ook andere partijen in de Staten, en deze week vinden we het tijd om vooruit te kijken. De provincie trekt lessen en volgende keer doen we het anders.

Volgens dit inpassingsplan leveren zes veehouderijen door het hele land ammoniak in en krijgt Logistiek Park Moerdijk daar stikstof voor terug. De vraag blijft: zijn deze twee stoffen uitruilbaar? Hebben ze niet allebei een ander effect op natuur en op onze burgers? In het bijgevoegde Addendum Passende Beoordeling staat dat in de Aerius-tool alle bronnen kunnen worden ingevoerd, zijnde: emissiebron, de omvang van de emissie, de uitstoothoogte, de warmte-inhoud en de locatie ten opzichte van het N2000-gebied. Dus niet het verschil in stikstof en ammoniak.

Een vraag die nog is blijven liggen, gaat over de Europese NEC-richtlijn, over nationale emissieplafonds voor lucht. Wij hebben begrepen dat het volgens deze richtlijn, waar Nederland zich aan moet houden, niet is toegestaan om gereduceerde ammoniakemissie te verschuiven naar een toename van de emissie van stikstofoxiden. Hoe verhoudt deze richtlijn zich tot de situatie van Logistiek Park Moerdijk? Lopen we geen juridische risico’s? Graag een reactie (mag desgewenst ook schriftelijk).

Voorzitter, ik rond af. Kijkend naar de toekomst hebben we als CDA al een schot voor de boeg gegeven. Iedere sector moet wat ons betreft bijdragen aan het oplossen van het stikstofvraagstuk. De ene sector mag niet de andere leegtrekken, en voor het oplossen van het stikstofprobleem moet niet een sector hoeven opdraaien. Met balans, realisme en draagvlak kunnen we veel winnen.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Tanja van de Ven-Vogels PIP Logistiek Park Moerdijk (8 mei 2020)

Spreektekst Tanja van de Ven-Vogels – Debat over PIP Logistiek Park Moerdijk op 24/04

Spreektekst1 Tanja van de Ven-Vogels – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over het Provinciaal Inpassingsplan Logistiek Park Moerdijk 
(24-04-2020)

Voorzitter,

Logistiek Park Moerdijk is van grote betekenis voor onze provincie in het algemeen en de gemeente Moerdijk in het bijzonder. Dat het college voor dit inpassingsplan een oplossing heeft willen zoeken die binnen 26 weken kan worden gerealiseerd, is dan ook te begrijpen.

Echter, de wijze waarop het college dit heeft gedaan, verdient allesbehalve de schoonheidsprijs. En is wat het CDA betreft niet voor herhaling vatbaar.

Want tegen de afspraken met het Rijk en andere provincies in, en in strijd met haar eigen beleidsregels, koopt dit provinciebestuur stikstofruimte van agrarische bedrijven op. Binnen maar ook buiten Brabant, zonder dat de betreffende provincies dat wisten. En dan nog maar te zwijgen over wat het in de agrarische wereld teweeg heeft gebracht. Pijnlijk! Een staaltje ‘cowboygedrag’ dat in de bestuurlijke wereld zijn gelijke niet kent. Alsof we in het Wilde Westen zijn. Vraag: kunt u toezeggen dat de provincie zich bij volgende ruimtelijke ontwikkelingen aan haar eigen (beleids)regels houdt, geen cowboytje meer speelt en een fatsoenlijk proces volgt?

Bij de zoektocht naar op te kopen bedrijven is gezocht op Funda. Waarom heeft het college geen oproep aan Brabantse bedrijven gedaan om hun stikstofruimte te koop aan te bieden? Bijvoorbeeld in de nertsenhouderij, een sector die vanaf 2024 verboden is, en waar ondernemers graag stikstofruimte hadden willen aanbieden om een faillissement te voorkomen?

Volgens dit inpassingsplan leveren zes veehouderijbedrijven in het hele land ammoniak in en krijgt Logistiek Park Moerdijk krijgt er stikstofruimte voor terug. Is het juridisch mogelijk stikstof te compenseren met ammoniak? Zijn dat niet twee verschillende stoffen, die niet uitruilbaar zijn en die allebei een ander effect hebben op de natuur? Lopen we als provincie daarmee niet opnieuw het risico om onderuit te gaan bij Raad van State? Heeft het college geprobeerd om extern te salderen met stikstof? Dat zou wat ons betreft de voorkeur hebben gehad.

Een ander aspect: de gezondheid van onze inwoners. Kunt u aangeven met welke factor de fijnstofemissie toeneemt, indien ammoniak wordt ingeruild voor stikstof? Hoe ziet u dit in het licht van de zorgplicht jegens onze burgers?

Als CDA zijn we van mening dat iedere sector moet bijdragen aan verlaging van de stikstofdepositie. Uitruil tussen sectoren moet daarbij mogelijk zijn én blijven. Balans is echter het sleutelwoord. De ene sector mag niet de andere leegtrekken, en voor het oplossen van het stikstofprobleem moet niet één sector alleen hoeven opdraaien. Zodat elke Brabander zijn brood kan blijven verdienen.

Tot slot. In Brabant doen we het samen, sluiten we niemand uit, en doen we niets achter of over elkaars rug. We hopen dat in uw vervolgaanpak terug te zien.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Tanja van de Ven-Vogels PIP Logistiek Park Moerdijk (24 april 2020)

Spreektekst Tanja van de Ven-Vogels – Debat over de Omgevingsverordening op 06/03

Spreektekst1 Tanja van de Ven-Vogels – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over de Omgevingsverordening 
(06-03-2020)

Voorzitter,

Op de eerste plaats wil ik u en uw ambtenaren complimenteren voor de duidelijke Statenmededeling, die u ons ter voorbereiding hebt toegestuurd.

Een van de doelstellingen van de Omgevingswet is dat besluitvorming eenvoudiger en beter moet en vergunningen sneller moeten worden afgegeven. Als CDA bekijken wij ‘eenvoudiger’ en ‘beter’ vanuit het perspectief van de burger/ondernemer en niet vanuit de overheid.

Veel burgers ervaren het beleid van de provincie als heel ingewikkeld. Daar moeten we bij de uiteindelijke Omgevingsverordening goed naar kijken. Hoe maken we het voor de burgers van Noord-Brabant eenvoudiger? Het CDA vindt dat elke maatregel uit deze Toren haalbaar, betaalbaar en uitvoerbaar moet zijn. En regels uitlegbaar en voor iedere belanghebbende, burger of ondernemer, goed te begrijpen.

Ten aanzien van de Omgevingsverordening wil ik vandaag de volgende onderwerpen aan de orde stellen.

  • Hoe maken we het de burgers van Noord-Brabant eenvoudiger? Dit zou een van de     criteria kunnen zijn, wanneer regels moeten worden afgeschaft, toegevoegd of gewijzigd. Graag een reflectie van de gedeputeerde hierop.
  • Veel Brabanders ervaren procedures als tijdrovend en kostbaar. Kan de gedeputeerde reflecteren op de legeskosten die deze verordening met zich meebrengt? Hoe verhouden deze zich tot die in andere provincies?
  • Hoe kan de provincie schademelding voor burgers die faunaschade lijden eenvoudiger maken? Speelt de hoogte van het behandelbedrag hier wellicht een rol?
  • Bij het sturen op omgevingskwaliteit missen wij de toe te passen zonneladder, de bescherming van goede landbouwgebieden of structuur van de landbouw. Dat is ook belangrijk voor de toekomst om bijvoorbeeld kringlooplandbouw mogelijk te maken. Graag een reactie.
  • Gelderland en Limburg hanteren in hun veehouderijbeleid een simpeler systematiek dan Brabant, terwijl zij ook extra duurzaamheidseisen stellen. Graag een reflectie.
  • Tot slot. Vanuit de gedachte van subsidiariteit vinden wij dat wat lokaal kan ook lokaal moet worden geregeld. Zo dicht mogelijk bij burgers. Door gemeenten dus. Is de gedeputeerde het met het ons eens dat de provincie echter wél een rol kan hebben bij het aanwijzen van nieuwe grootschalige glastuinbouwgebieden, een grootschalig en complex ruimtelijk vraagstuk, nauw samenhangend met de energietransitie, dat veel vraagt van een gemeente?

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Tanja van de Ven-Vogels Omgevingsverordening (6 maart 2020)

Spreektekst Tanja van de Ven-Vogels – Interpellatiedebat over stikstofuitstoot industrie op 22/11

Spreektekst1 Tanja van de Ven-Vogels – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Interpellatiedebat over de uitstoot en vergunningverlening stikstof door industrie
(22-11-2019)

Voorzitter,

Onze Brabanders moeten kunnen bouwen op hun provinciebestuur.

Het gevoel hebben dat er serieus naar hen wordt geluisterd, maar belangrijker nog: dat er serieus met hen wordt omgegaan. Daarin hebben wij allen een voorbeeldfunctie.

Wij zitten hier, om te doen wat juist is voor alle Brabanders, niemand uitgezonderd.

Onze Brabanders verdienen een eerlijke behandeling. Alle feiten op tafel, alles inzichtelijk maken, dan – in dit geval – het aandeel van de uitstoot per sector eerlijk vaststellen, om vervolgens tot een eerlijk en realistisch beleid te komen waar de natuur echt mee is gediend.

Voorzitter, als CDA vragen wij om vóór het stikstofdebat van 13 december alle juiste gegevens aangaande de stikstofuitstoot per sector te mogen ontvangen. Net als het rapport over het flankerend beleid bij de veehouderijbesluiten uit 2017, waarnaar Wageningen University onderzoek heeft gedaan.

Tot slot: he debat vandaag is prematuur, want nog niet alle informatie ligt op tafel. Op 13 december praten wij verder, en maken wij als CDA onze afweging.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Tanja van de Ven interpellatiedebat stikstofuitstoot industrie (22 november 2019)

Spreektekst Tanja van de Ven-Vogels – Debat over de IOV op 11/10

Spreektekst1 Coen Hendriks – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over de Interim omgevingsverordening (IOV)
(11-10-2019)

Voorzitter,

Op 1 oktober jl., en zo te merken vandaag opnieuw, is het voor iedereen duidelijk dat de agrarische ondernemers een signaal willen afgeven. Een signaal dat er duidelijkheid moet komen over wat er op hen afkomt. Een gebalde vuist, maar ook een uitgestoken hand om gezamenlijk tot werkbare oplossingen te komen. De inspanningen die alle sectoren al hebben gedaan, mogen niet voor niets zijn geweest.

De agrarische sector moet kunnen rekenen op een betrouwbare overheid, die niet steeds nieuwe wetgeving opstapelt die een lange termijnkoers onmogelijk maakt. Er zijn grote zorgen en er heerst veel onzekerheid. De Brabantse agrarische ondernemers verdienen duidelijkheid en een gelijk speelveld. Het is belangrijk dat we perspectief bieden aan degenen die door willen met hun bedrijf of die een opvolger hebben. Maar het is minstens zo belangrijk dat we degenen die willen stoppen een helpende hand bieden om dat op een verantwoorde en menselijke manier te doen.

Het is daarom van het grootste belang dat we ons als Brabant aansluiten bij de plannen van de minister en flexibel omgaan met de datum van 1 april voor het Brabantse beleid.

Mijn vragen aan de gedeputeerde:

  1. Indien gaat worden ingestemd met de IOV, dan ligt de datum van 1 april 2020 juridisch vast. In hoeverre ‘bijt’ dit met het landelijk beleid? Wat als landelijk beleid anders uitpakt?
  2. De bedrijven die het besluit willen nemen of al besloten hebben om hun bedrijf in 2022 of 2024 te beëindigen, moeten dit op 1 november a.s. hebben gemeld hebben bij hun gemeente. Hoe realistisch is dat, als we zorgvuldig beleid willen voorstaan? Deze Brabantse boeren vallen dan immers buiten de boot voor de warme sanering. Graag een reactie van de gedeputeerde.
  3. Het Aerius rekeninstrument: in antwoord op een eerdere vraag van mij hebt u aangegeven dat Aerius voor een aantal veehouderijen nog niet toepasbaar is. Hoe zorgt u voor handreikingen om met deze beperkingen te kunnen omgaan? Bijvoorbeeld via ondersteunende modellen. Deze modellen kosten adviesbureaus veel geld om toe te passen, die dit zullen doorberekenen naar de klant. Hoe werkbaar is dat volgens u in de praktijk?
  4. Gedeputeerde, neemt u ons eens mee: wat gebeurt er als we nu niks zouden doen? Als we de IOV op 25 oktober niet vaststellen?

Tot zover.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Tanja van de Ven-Vogels Interim omgevingsverordening (11 oktober 2019)

Schriftelijke vragen over provinciale helpdesk stikstofproblematiek

Schriftelijke vragen van Statenleden Ankie de Hoon en Tanja van de Ven-Vogels over een provinciale helpdesk stikstofproblematiek.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over provinciale helpdesk stikstofproblematiek.

Geacht college,

Op 4 oktober jl. stuurde de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) een brief naar de Tweede Kamer, waarin het kabinet uiteenzet hoe het, n.a.v. de uitspraak van de Raad van State en de aanbevelingen van het Adviescollege Stikstofproblematiek (de ‘commissie-Remkes’), met provincies, waterschappen en gemeenten het zgn. ‘stikstofreductieplan’ wil vormgeven1.

In dit stikstofreductieplan is een belangrijke rol weggelegd voor provincies. Bijvoorbeeld bij de uitwerking van de gebiedsgerichte aanpak, de financiering van extra acties, de uitvoering van reeds geplande en nieuwe natuurherstelmaatregelen en het bewaken van het proces (door de Commissaris van de Koning, in zijn hoedanigheid als Rijksheer). Over hoe hieraan gevolg te geven, heeft de provincie Noord-Brabant op 8 oktober jl. een beleidsregel vastgesteld2.

Bij veel inwoners, bedrijven en gemeenten bestaat grote onzekerheid over wat de maatregelen uit het stikstofreductieplan voor hen gaan betekenen. Het CDA vindt het belangrijk dat zij snel duidelijkheid, perspectief, advies en hulp kunnen krijgen, en van begin af aan bij de uitwerking van de maatregelen worden betrokken. Dat begint bij een goede informatievoorziening en gestroomlijnde communicatie vanuit de (provinciale) overheid.

In dat kader heeft het CDA voor u de volgende vraag:

  1. Bent u bereid om op korte termijn een provinciale helpdesk stikstofproblematiek in te richten, bemenst door specialisten, waar inwoners, bedrijven, gemeenten en andere overheden terechtkunnen met vragen of verzoeken om advies en informatie, en hier de nodige ruchtbaarheid aan te geven?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat hartelijk bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Ankie de Hoon en Tanja van de Ven-Vogels

1 Zie https://www.rijksoverheid.nl/ministeries/ministerie-van-landbouw-natuur-en-voedselkwaliteit/documenten/kamerstukken/2019/10/04/aanpak-stikstofproblematiek

2 Zie https://www.brabant.nl/actueel/nieuws/2019/oktober/provincie-pakt-stilgevallen-vergunningverlening-snel-op.

CDA: vragen over compensatie agrariërs bij natuuraanleg

Het CDA in Provinciale Staten Noord-Brabant, het Brabantse parlement, stelde op 30 augustus jl. vragen aan het provinciebestuur over de aankoop van (landbouw)gronden t.b.v. de aanleg van het Natuurnetwerk Brabant (NNB), een netwerk van deels bestaande en deels nieuwe natuurgebieden die door ecologische verbindingszones met elkaar zijn verbonden.

Om dit netwerk te realiseren koopt natuurorganisatie ARK o.a. in de omgeving van Berlicum, Boxtel en Liempde landbouwgronden op. Dit betreft niet alleen gronden binnen het te realiseren natuurnetwerk, maar ook daarbuiten. Deze gronden zijn bedoeld om in te zetten als ruilgronden, als compensatie voor agrariërs die gronden afstaan omdat daarop natuurherstelmaatregelen plaatsvinden.

Statenlid Tanja van de Ven-Vogels, landbouwwoordvoerder namens het CDA, ontving uit de regio verschillende signalen dat ruilgronden niet, conform afspraak, zouden worden ingezet ter compensatie van boeren, maar om later alsnog natuur van te maken. Met als gevolg dat compensatie uitblijft en natuur, buiten het NNB, steeds verder opschuift in de richting van bedrijven, die daardoor in de knel komen met hun (toekomstige) bedrijfsactiviteiten. “Onwenselijk”, vindt Van de Ven-Vogels. “Het kan niet zo zijn dat ondernemers in de problemen komen, omdat we in Brabant meer natuur realiseren dan is afgesproken.”

Aan de gedeputeerde Natuur, Water en Milieu stelde Van de Ven-Vogels dan ook de volgende vragen:

  1. Wie ziet er in Brabant op toe dat ruilgronden ook daadwerkelijk worden gecompenseerd?
  2. Natuur, zijnde ruilgrond, ligt in een aantal gevallen heel dicht bij veehouderijbedrijven. Wordt hiermee rekening gehouden?
  3. Wanneer er grond wordt omgezet buiten het natuurnetwerk om, hoe wordt dit gecommuniceerd?

De gedeputeerde antwoordde dat er specifieke redenen kunnen zijn om het Natuurnetwerk Brabant te herbegrenzen, bijvoorbeeld door eigen initiatief van agrarische ondernemers die besluiten natuur in hun bedrijfsvoering mee te nemen. Volgens de gedeputeerde ligt de bal bij de ondernemers om dit in de omgeving te communiceren. De te doorlopen procedures worden daarbij gevolgd.

Het CDA gaat de antwoorden van de gedeputeerde terugkoppelen aan de betreffende ondernemers in de regio en denkt na over het stellen van schriftelijke vervolgvragen.

Schriftelijke vragen over luchtwassers

Schriftelijke vragen van Statenlid Tanja van de Ven-Vogels over luchtwassers.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over luchtwassers.

Geacht college,

Op 26 juli jl. berichtte o.a. het Eindhovens Dagblad over de dood van ongeveer 2100 varkens in Maarheeze t.g.v. een stroomstoring waardoor de luchtwassers, die de uitstoot van geur en ammoniak tegengaan maar ook zorgen voor zuurstof, in hun stal uitvielen1. Eerder deze maand publiceerde de provincie Noord-Brabant op haar website het artikel ‘Maatregelen tegen stikstof, Brabant niet op slot’2. Naar aanleiding hiervan heeft het CDA voor u de volgende vragen:

  1. Is het incident in Maarheeze voor u reden om vanaf nu anders aan te kijken tegen luchtwassers, nu blijkt hoe groot de risico’s zijn bij o.a. stroomuitval?
  2. In het artikel ‘Maatregelen tegen stikstof, Brabant niet op slot’ laat de gedeputeerde Natuur, Water en Milieu het volgende optekenen: “Verduurzaming zorgt ervoor dat natuur en economische ontwikkeling hand in hand kunnen gaan. Er komen steeds meer innovaties die de uitstoot van ongewenste stoffen, zoals stikstofverbindingen, bij de bron aanpakken.” Hoezeer beschouwt u een luchtwasser als een innovatie die de uitstoot van ongewenste stoffen bij de bron aanpakt?
  3. In antwoord op schriftelijke vragen van de PVV d.d. 2 juli 2019 (publicatiedatum 8 juli 2019) schrijft u dat u ‘streeft naar stalsystemen die emissies integraal en brongericht aanpakken’ (antwoord 6)3. Kunt u aangeven of een luchtwasser emissies (uitstoot) integraal en brongericht aanpakt? Indien ja, kunt u uitleggen hoe dat gebeurt? Indien niet, welke stalsystemen kunnen volgens u emissies wel brongericht aanpakken?
  4. Wat gaat u doen om tijdig de risico’s van (nieuwe) technieken te achterhalen, zodat agrarisch ondernemers de juiste keuze(s) kunnen maken bij het vernieuwen van hun stallen?
  5. Hoe kan de provincie agrarisch ondernemers helpen om in plaats van met luchtwassers met andere technieken hun stallen te vernieuwen?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat hartelijk bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Tanja van de Ven Vogels

1 Zie https://www.ed.nl/cranendonck-heeze-leende/stroomuitval-2100-varkens-stikken-in-stal-maarheeze~a15092df/.

2 Zie https://www.brabant.nl/actueel/nieuws/2019/juli/maatregelen-tegen-stikstof.

3 Zie file:///C:/Users/defaultuser100000/AppData/Local/Packages/Microsoft.MicrosoftEdge_8wekyb3d8bbwe/TempState/Downloads/4543507%20(3).pdf.

 

Schriftelijke vragen over PAS-uitspraak Raad van State

Schriftelijke vragen van Statenleden Tanja van de Ven en Ankie de Hoon over de uitspraak van de Raad van State over het beoordelingssysteem Programmatische Aanpak Stikstof (PAS).

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over PAS-uitspraak Raad van State.

Geacht college,

Naar aanleiding van de uitspraak van de Raad van State over de Nederlandse stikstofaanpak, die een einde maakt aan het beoordelingssysteem ‘Programmatische Aanpak Stikstof’ (PAS), en de provinciale themabijeenkomst over de consequenties hiervan op 28 juni jl. hebben wij voor u de volgende vragen:

01. Sinds eind mei is de vergunningverlening i.h.k.v. het PAS stopgezet. U hebt aangegeven vanaf september 2019 tot eind 2022 met een ‘beperkt instrumentarium’, en scherp geprioriteerd, weer vergunningen te willen gaan verlenen. Door deze nieuwe realiteit lijken de ambities uit het bestuursakkoord echter te zijn ingehaald.

  1. Bent u het met CDA eens dat er sinds de recente stikstofuitspraak van de Raad van State sprake is van een nieuwe realiteit?
  2. Tijdens de themabijeenkomst op 28 juni jl. sprak u de verwachting uit dat vergunningverlening ‘niet gladjes’ zal verlopen. Waar voorziet u problemen en wat gaat u hiertegen doen?

02. Wanneer de provincie de vergunningverlening weer opstart, leidt dit mogelijk tot veel nieuwe vergunningaanvragen. Het tussentijds aanpassen van omgevingsvergunningen en Wet Natuurbeschermingsvergunningen (Wnb) vraagt veel extra inzet en capaciteit van gemeenten en omgevingsdiensten. Hoe ziet u in dit verband de hoos aan vergunningaanvragen die nog gaat komen n.a.v. de maatregelen Versnelling transitie veehouderij? Wat betekent dit voor het behandeltraject van al deze vergunningaanvragen en de extra kosten die zowel overheden als veehouders moeten maken?

03. Er zijn veehouderijbedrijven die geen Wnb-vergunning hebben, maar alleen een melding hoefden te doen in het kader van het PAS. Dit gold voor bedrijven wier uitstoot op het dichtstbijzijnde natuurgebied tussen de 0,05 en 1 mol/kg/ha bedroeg.

  1. Hoe gaat u om met bedrijven die een geaccepteerde melding hebben i.h.k.v. het PAS en voor wie nog niet duidelijk is hoe zij hun vergunning moeten aanpassen?
  2. Hoe gaat u om met bedrijven die minder uitstoten dan de drempelwaarde 0,05 mol/kg/ha en waarbij geen melding nodig was?

04. Klopt het dat na de uitspraak van de Raad van State veehouderijbedrijven een milieueffectrapportage (MER) moeten opvragen? Hoe denkt u over het tijdspad hiervoor?

05. Kunt u in kaart brengen wat de gevolgen van de uitspraak van Raad van State zijn voor de Brabantse economie, in brede zin, per sector en per regio?

06. Wat betekent de uitspraak van de Raad van State voor infrastructurele projecten in Brabant, zoals de (geplande) verbreding van wegen en de aan te pakken knelpunten op provinciale wegen? Kunt u per project op een rijtje zetten wat de gevolgen zijn?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat hartelijk bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Tanja van de Ven en Ankie de Hoon

Overzicht woordvoerderschappen en contactgemeenten

Met de benoeming van Marianne van der Sloot en Renze Bergsma tot resp. gedeputeerde Samenleving, Cultuur en Erfgoed en gedeputeerde Veiligheid, Bestuur en Organisatie op 14 juni jl. kwamen er binnen de Provinciale Statenfractie van CDA Brabant twee Statenzetels vrij. Deze worden inmiddels ‘bezet’ door nieuwe Statenleden Marcel Thijssen en Jürgen Stoop, die bij de verkiezingen op plaats 9 en 10 van de CDA-kandidatenlijst stonden.

De achthoofdige Statenfractie van het CDA Brabant bestaat nu uit: Ankie de Hoon (fractievoorzitter), Marcel Deryckere (vicefractievoorzitter), John Bankers, Kees de Heer, Coen Hendriks, Jürgen Stoop, Marcel Thijssen en Tanja van de Ven-Vogels. De verdeling van de woordvoerderschappen (‘wie voert over welk onderwerp het woord’) is als volgt:

WOORDVOERDERSCHAPPEN

PROVINCIALE STATENFRACTIE

Domein Portefeuille Woordvoerder I
Woordvoerder II

Algemene Zaken

  Ankie de Hoon Marcel Deryckere

Bestuur

Bestuurskracht

Marcel Deryckere

John Bankers

Organisatie
Regionale samenwerking
Veiligheid

Samenleving

Cultuur

Marcel Deryckere

Coen Hendriks

Erfgoed
Leefbaarheid
Sport

Financiën

Aandeelhouderschappen

Marcel Thijssen

Marcel Deryckere

Financiën
Ontwikkelbedrijf

Mobiliteit

Oost-Brabant

John Bankers

Coen Hendriks

West-Brabant

Coen Hendriks

John Bankers

Landbouw

Landbouw

Tanja van de Ven-Vogels

Marcel Thijssen

Energie

Energie

Coen Hendriks

John Bankers

Klimaat

Natuur

Milieu/Programmatische Aanpak Stikstof

Jürgen Stoop

Ankie de Hoon

Natuur
Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving
Water

Ruimte

Omgevingswet

Tanja van de Ven-Vogels

Kees de Heer

Ontwikkelbedrijf
Ruimtelijke ordening
Wonen

Economie

Arbeidsmarkt

Kees de Heer

Jürgen Stoop

Economie
Internationalisering

Behalve dit overzicht van woordvoerschappen hanteert de Statenfractie samen met het partijbestuur het volgende overzicht van contactgemeenten (‘welk Staten- en bestuurslid is contactpersoon voor welke gemeente’):

CONTACTGEMEENTEN

PROVINCIALE STATENFRACTIE & PARTIJBESTUUR

Afdeling Regio Contactpersoon

Statenfractie

Contactpersoon

Partijbestuur

Grave Land van Cuijk Marcel Thijssen Jochem Spoorendonk
Cuijk Land van Cuijk Marcel Thijssen Jochem Spoorendonk
Mill en Sint Hubert Land van Cuijk Marcel Thijssen Jochem Spoorendonk
Sint Anthonis Land van Cuijk Marcel Thijssen Jochem Spoorendonk
Boxmeer Land van Cuijk Marcel Thijssen Jochem Spoorendonk
Gemert-Bakel De Peel

MRE

Tanja van de Ven-Vogels Susanne de Groot
Deurne De Peel

MRE

John Bankers Susanne de Groot
Asten De Peel

MRE

John Bankers Susanne de Groot
Someren De Peel

MRE

John Bankers Susanne de Groot
Cranendonck MRE John Bankers Susanne de Groot
Heeze-Leende MRE Tanja van de Ven-Vogels Pieter Jan van der Zaag
Geldrop-Mierlo MRE John Bankers Pieter Jan van der Zaag
Helmond MRE John Bankers Susanne de Groot
Laarbeek De Peel

MRE

Tanja van de Ven-Vogels Susanne de Groot
Boekel As50

Meierij

Coen Hendriks Inge van Dijk
Uden As50

Meierij

Coen Hendriks Inge van Dijk
Landerd As50

Meierij

Coen Hendriks Inge van Dijk
Oss As50

Meierij

Coen Hendriks Inge van Dijk
Bernheze As50

Meierij

Coen Hendriks Inge van Dijk
s-Hertogenbosch As50

Meierij

Coen Hendriks Inge van Dijk
Sint-Michielsgestel As50

Meierij

Coen Hendriks Inge van Dijk
Vught As50

Meierij

Coen Hendriks Inge van Dijk
Boxtel As50

Meierij

Tanja van de Ven-Vogels Inge van Dijk
Oirschot Kempen Tanja van de Ven-Vogels Pieter Jan van der Zaag
Best MRE Kees de Heer Pieter Jan van der Zaag
Son en Breugel MRE Kees de Heer

John Bankers

Pieter Jan van der Zaag
Mejerijstad As50

Meierij

Coen Hendriks Inge van Dijk
Gemert-Bakel MRE Tanja van de Ven-Vogels Susanne de Groot
Nuenen MRE Kees de Heer Pieter Jan van der Zaag
Eindhoven MRE Kees de Heer Pieter Jan van der Zaag
Veldhoven MRE Kees de Heer Pieter Jan van der Zaag
Valkenswaard MRE John Bankers Pieter Jan van der Zaag
Bergeijk Kempen Tanja van de Ven-Vogels Jochem Spoorendonk
Eersel Kempen

MRE

Tanja van de Ven-Vogels Jochem Spoorendonk
Bladel Kempen

MRE

Tanja van de Ven-Vogels Jochem Spoorendonk
Reusel – De Mierden Kempen

MRE

Tanja van de Ven-Vogels Jochem Spoorendonk
Hilvarenbeek Hart van Brabant Marcel Deryckere Bart Claassen
Oisterwijk Hart van Brabant Marcel Deryckere Bart Claassen
Haaren As50

Meierij

Marcel Deryckere Bart Claassen
Heusden Hart van Brabant Renze Bergsma Bart Claassen
Loon op Zand Hart van Brabant Marcel Deryckere Bart Claassen
Waalwijk Hart van Brabant Marcel Deryckere Bart Claassen
Tilburg Hart van Brabant Marcel Deryckere Bart Claassen
Goirle Hart van Brabant Marcel Deryckere Bart Claassen
Baarle-Nassau West-Brabant Ankie de Hoon Peter Ploegaert
Alphen-Chaam West-Brabant Marcel Deryckere Peter Ploegaert
Gilze en Rijen Hart van Brabant Marcel Deryckere Bart Claassen
Dongen Hart van Brabant Renze Bergsma Bart Claassen
Altena West-Brabant Renze Bergsma Peter Ploegaert
Geertruidenberg West-Brabant Renze Bergsma Peter Ploegaert
Oosterhout West-Brabant Renze Bergsma Peter Ploegaert
Drimmelen West-Brabant Renze Bergsma Peter Ploegaert
Breda Markiezaat

West-Brabant

Ankie de Hoon Peter Ploegaert
Zundert Markiezaat

West-Brabant

Ankie de Hoon Ger de Weert
Etten-Leur Markiezaat

West-Brabant

Ankie de Hoon Peter Ploegaert
Moerdijk Markiezaat

West-Brabant

Ankie de Hoon Ger de Weert
Halderberge Markiezaat

West-Brabant

Ankie de Hoon Ger de Weert
Rucphen Markiezaat

West-Brabant

Ankie de Hoon Ger de Weert
Steenbergen Markiezaat

West-Brabant

Jürgen Stoop Ger de Weert
Bergen op zoom Markiezaat

West-Brabant

Jürgen Stoop Ger de Weert
Roosendaal Markiezaat

West-Brabant

Jürgen Stoop Ger de Weert
Woensdrecht Markiezaat

West-Brabant

Jürgen Stoop Ger de Weert
Waalre MRE Kees de Heer Pieter Jan van der Zaag