Blog uit de Staten: Provincie moet meer inzetten op goede woningen in kleine kernen

Afgelopen vrijdag stelde de Provinciale Staten de begroting 2021 vast. Naast de vele aandacht voor het op de rit krijgen van de provinciale financiën focuste onze CDA-fractie via twee uitgebreide moties vooral op de leefbaarheidsproblematiek in onze provincie.

Leegstaande boerderijen

Specifiek hebben we ons gericht op de kansen voor woningbouw in kleinere kernen. We zien namelijk dat maatschappelijke ontwikkelingen in onder andere de landbouw en de zorg resulteren in nieuwe kansen voor onze dorpen. Zo zien we dat steeds meer boerderijen de komende jaren leeg komen te staan. Deze boerderijen zijn vaak te groot en te duur voor één nieuwe bewoner. Provinciale regelgeving maakt het echter lastig om deze woningen te splitsen. Daarom hebben we via een motie opgeroepen om woningsplitsing op het platteland makkelijker te maken.

Langer thuis wonende ouderen

Een andere problematiek speelt rondom ouderen die steeds langer thuis wonen. We zien dat door hulpbehoevendheid en te weinig geschikte woningen ouderen soms moeten uitwijken naar een stad of grotere kern in de buurt. Een onwenselijke situatie omdat ze met zo’n verhuizing ook hun sociale netwerk verliezen. De Minister heeft 20 miljoen beschikbaar gesteld om deze problematiek aan te pakken. Met dat geld kunnen bijvoorbeeld hofjes en andere collectieve woonvormen mogelijk worden gemaakt. Tijd dus om ook als provincie aan te haken en met maatschappelijke partners als KBO en VKK Brabantse acties op te stellen.

Corona en de trek naar het platteland

Een laatste niet te onderschatten (nieuwe) ontwikkeling is de hernieuwde trek van stad naar platteland. Door de coronacrisis zien we dat mensen weer meer waarde hechten aan ruimte en een eigen tuin. Een ontwikkeling die door thuiswerken ook na corona (deels) zal blijven. We willen daarom snel de recente verhuisbewegingen tussen stedelijke gebieden en platteland in kaart brengen en deze bewegingen de komende tijd blijven volgen. Een grotere vraag naar wonen in dorpen en kleine kernen zou namelijk aanpassing vragen van woningbouwprognoses en afspraken rondom te bouwen woningen met regio’s en gemeenten.

Kortom, het CDA was ook tijdens deze begrotingsbehandeling zeer actief om de leefbaarheid in kleine kernen te verbeteren en het woningtekort in Brabant aan te pakken. De ingediende moties kan je hier en hier vinden.

Vragen of tips? Weet mij te vinden via mderyckere@psbrabant.nl!

Nieuwsbrief CDA Brabant online: lees hier het laatste nieuws!

De zomernieuwsbrief van de Provinciale Statenfractie van CDA Brabant staat online.

Klik hier om de nieuwsbrief te lezen. Reageren? Mail naar cda@psbrabant.nl.

Schriftelijke vragen over de provinciale weg N617 bij Sint-Michielsgestel

Schriftelijke vragen van Statenlid Coen Hendriks over de provinciale weg N617 bij Sint-Michielsgestel.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over N617.

Geacht college,

De fractie van het CDA heeft voor u de volgende vragen over de provinciale weg N617 bij Sint-Michielsgestel:

  1. In hoeverre zou het toestaan van groot en zwaar land- en bosbouwverkeer op de provinciale weg N617, op het traject tussen de rotonde Hoogstraat en de rotonde Gestelseweg, kunnen bijdragen aan het verbeteren van de verkeersveiligheid in de bebouwde kom van Sint-Michielsgestel? Kunt u schetsen wat hiervan de voor- en nadelen zijn?
  2. Is u bekend of er lokaal draagvlak bestaat voor een dergelijke verkeersingreep? Indien u dit niet weet, bent u bereid dit na te gaan
  3. Welke andere mogelijkheden ziet u om de verkeersveiligheid in Brabantse dorpskernen te verbeteren, m.n. op die plekken waar sprake is van conflictsituaties tussen ‘langzaam verkeer’ en overig verkeer en van overlast?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat hartelijk bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Coen Hendriks

Spreektekst Jürgen Stoop – Debat over klimaatadaptie en verdroging op 19/06

Spreektekst1 Jürgen Stoop – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over de visie klimaatadaptatie, inclusief uitwerking bestuursopdracht ‘Stoppen van de verdroging met een waterrobuuste inrichting van Brabant’
(19-06-2020)

Voorzitter,

We hebben de afgelopen jaren veel droogte gekend en ook dit jaar dreigt een van de droogste jaren ooit te worden, met alle gevolgen van dien. Het heeft consequenties voor zowel de kwaliteit als de kwaliteit van het grondwater.

Daarnaast krijgen we steeds vaker te maken met meer overlast van water, omdat het hemelwater weliswaar minder vaak valt, maar als het valt vaak met enorme hoeveelheden, waar ons afwaterings- en waterbergingssysteem onvoldoende is om dit te kunnen verwerken en water vast te kunnen houden. Dat hebben we ook de afgelopen week mogen ervaren. Deze wateroverlast speelt vooral in de steden, waar de verstening ervoor heeft gezorgd dat het water niet goed weg kan.

Een derde bedreiging vormt het hoge water. De stijgende zeespiegel zorgt ervoor dat onze bescherming tegen hoogwater onder druk komt te staan en ook weer de zoetwatervoorziening onder druk zet.

Deze drie problematieken hebben een nauwe verbondenheid met elkaar. Bovendien worden de natuur, burgers en ondernemers door deze problematieken getroffen. Het valt moeilijk te ontkennen dat de oorzaak ligt in de veranderingen in het klimaat. We kunnen dit niet alleen en hebben veel partners nodig om de strijd met het water op alle genoemde vlakken aan te kunnen gaan. We kijken als CDA-fractie belangstellend uit naar het programma Water en Bodem 2022-2027.

Door de verdroging in de natte natuurparels op te heffen, snijdt het mes aan meerdere kanten. Er is sprake van natuurherstel, de verbetering van de kwaliteit van bodem en water, maar er wordt tevens een natuurlijke oplossing geboden voor de verdrogingsproblematiek en de problematiek van wateroverlast. Wij verzoeken uw college wel om slim gebruik te maken van de middelen die ook ten behoeve van andere opgaven beschikbaar worden gesteld en de opgaven in samenhang met elkaar aan te pakken.

Uit het voorstel blijkt dat de benodigde financiële middelen vanuit de provincie onvoldoende zijn om de water- en bodemopgave te kunnen financieren en cofinanciering noodzakelijk is. Wij hebben begrepen dat de waterschappen het tegengaan van verdroging als prioriteit zien. Er is ook aangegeven dat het achterblijven van cofinanciering door derden een risico is. Wij verzoeken de gedeputeerde ons regelmatig te informeren over de te maken afspraken over de cofinanciering van derden.

In het voorstel wordt aangegeven het gebrek aan draagvlak ten aanzien van de realisatie van natte natuurparels, waardoor de maatregelen niet in volle omvang gerealiseerd kunnen worden. Wij maken uit dit voorstel, maar ook uit de jaarrekening 2019 en de bestuurlijke rapportage van het eerste kwartaal op, dat hier nu al sprake van is. De grote vraag is of de daarmee opgelopen achterstand moeilijk in te halen is, met het gevaar dat we het grond- en oppervlaktewater in 2027 niet op orde hebben en niet zal worden voldaan aan de Europese Kaderrichtlijn Water. Graag horen wij van de gedeputeerde hoe hij hiertegen aankijkt en wat de consequenties zijn als deze termijn niet wordt gehaald.

Voorzitter, de CDA-fractie zal instemmen met de visie klimaatadaptatie en de uitwerking van de bestuursopdracht ‘Stoppen van de verdroging met een waterrobuuste inrichting van Brabant’ om de voor deze aanpak gereserveerde middelen voor deze bestuursperiode beschikbaar te stellen.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Jürgen Stoop visie klimaatadaptatie (19 juni 2020)

Spreektekst John Bankers – Debat over de veiligheid in Brabant op 19/06

Spreektekst1 John Bankers – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over de bestuursopdracht ‘Veilig en weerbaar Brabant’ en de begrotingswijziging bestuursakkoordmiddelen ‘Bestuur en Veiligheid’
(19-06-2020)

Voorzitter,

Het is één van de kerntaken van de overheid om inwoners een veilige leefomgeving te bieden. In dat verband is ondermijnende criminaliteit door de jaren heen een steeds groter sociaal-maatschappelijk vraagstuk geworden. De boven- en onderwereld raken in steden, dorpen, wijken en buurten met elkaar verstrikt. Onder onze ogen en niet in de laatste plaats in onze provincie. De georganiseerde criminaliteit vindt in de geografische ligging van Noord-Brabant en de Brabantse mentaliteit van ‘ons kent ons’ helaas een goede voedingsbodem voor ondermijnende activiteiten. Wegkijken van deze problematiek biedt geen oplossing. Het onderwerp adresseren en aanpakken wel.

Met het vaststellen van de bestuursopdracht ‘Veilig en weerbaar Brabant’ onderkennen wij als Brabantse politiek niet alleen het probleem, maar leveren wij de komende jaren ook een actieve bijdrage in de aanpak van ondermijning en dus ook in het leefbaar houden van onze provincie. De voorbije jaren zijn belangrijke stappen gezet in de strijd tegen ondermijning met bijvoorbeeld de Taskforce-RIEC en Samen Sterk in Brabant. In deze bestuursopdracht wordt terecht ingezet op voortzetting en intensivering van deze initiatieven.

Een essentieel element in deze bestuursopdracht is het bepalen van de positie van de provincie Noord-Brabant rondom ondermijning. De Rijksoverheid en gemeenten zijn primair aan zet om de openbare orde en veiligheid te borgen. Terecht wordt er door onze provincie gezocht naar een dienende rol ten opzichte van die andere overheden en instanties: coördineren, faciliteren, stimuleren en aanjagen. Ondermijning wordt pas effectief aangepakt, als er duidelijkheid is over een ieders rol. We moeten elkaar aanvullen en niet in de weg lopen.

Hoewel de CDA-fractie zich op hoofdlijnen kan vinden in de bestuursopdracht, plaatsen wij enkele kanttekeningen of aandachtspunten bij dit document:

  1. Concretisering. De bestuursopdracht staat vol met goede voornemens, maar uiteindelijk vraagt het probleem ondermijning om een concretere aanpak. De bestuursopdracht mag geen papieren tijger worden, maar moet de aanzet zijn tot versteviging van de rol van de provincie bij dit vraagstuk. Vragen aan de gedeputeerde: op welke wijze wilt u Provinciale Staten meenemen in de concretisering van deze bestuursopdracht? Binnen welke termijn denkt u deze concretisering gereed te kunnen hebben?
  1. Bewustwording. We moeten iets niet normaal gaan vinden, wat niet normaal is. Ondermijning begint vaak klein met de ‘foute’ sponsor van de voetbalclub of het verhuren van een schuurtje aan een bekende, maar kan uiteindelijk grote gevolgen hebben voor de veiligheid van inwoners en het functioneren van het openbaar bestuur. In de Brabantse samenleving moet er meer bewustwording komen rondom ondermijning. In onze optiek mag de provincie hier nadrukkelijker op inzetten middels campagnes al dan niet in samenwerking met bijvoorbeeld Brabantse gemeenten.
  1. Grensoverschrijdende samenwerking. Bij de begrotingsbehandeling eind 2019 is unaniem een motie aangenomen, motie M102-2019, waarin Gedeputeerde Staten wordt opgeroepen om in de bestuursopdracht met concrete voorstellen te komen aangaande grensoverschrijdende samenwerking. Criminelen laten zich niet tegenhouden door een provincie- of landsgrens: de samenwerking met de provincie Limburg moet intensiever worden, in zowel de regio Eindhoven, Midden- en West-Brabant opereren en profiteren criminele organisaties van het grensgebied. Hoewel samenwerking met andere overheden, zeker internationaal, ingewikkeld kan zijn, willen wij de gedeputeerde vragen om hier werk van te maken. De provincie Noord-Brabant kan hier van toegevoegde waarde zijn voor veel grensgemeenten en andere overheden, juist vanwege onze langere betrokkenheid bij dit thema. Vraag aan de gedeputeerde: gaat u werk maken van dit thema en zo ja op welke manier?
  1. Bestuurlijk leiderschap. Dit sociaal-maatschappelijke vraagstuk, waarin veiligheid en sociale aspecten bij elkaar komen, valt of staat met bestuurlijk leiderschap. Onze Commissaris van de Koning vervult al jaren een voorbeeldfunctie als het gaat om het bespreekbaar maken van ondermijnende criminaliteit of in de lobby naar andere overheden. Bij een provinciale overheid die coördineert, faciliteert, stimuleert en aanjaagt, past een bestuurder of bestuurders, die dit thema hoog op de (politieke) agenda blijven zetten. Zowel intern binnen de provinciale organisatie als extern in de richting van andere overheden en instellingen. Blijf dit doen, maak het thema bespreekbaar, neem de verantwoordelijkheid die past bij de aard en omvang van dit probleem in onze provincie.

Tot slot. Naast het vaststellen van de bestuursopdracht ‘Veilig en weerbaar Brabant’ wordt ons gevraagd om de begrotingswijziging vast te stellen ten laste van de ‘bestuursakkoordmiddelen Bestuur en Veiligheid’ voor de periode 2020-2023. Het gaat daarbij ook om € 2.500.000 voor de extra ambities op het gebied van verkeersveiligheid. De CDA-fractie kan hier kort over zijn. Onze provincie heeft op dit vlak al jaren een hoog ambitieniveau. Gelet op het betreurenswaardig hoge aantal dodelijke verkeerslachtoffers in Brabant de voorbije jaren is dat in onze optiek ook terecht. Het rijgedrag van automobilisten veranderen we niet van de ene op de andere dag en bij sommige automobilisten wellicht nooit, maar dat ontslaat ons niet van de verplichting om ook hier voor de veiligheid van Brabanders op te komen.

Voorzitter, wij kunnen instemmen met beide beslispunten in dit Statenvoorstel.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst John Bankers veiligheid (19 juni 2020)

Schriftelijke vragen over crystal meth-labs in Brabant

Schriftelijke vragen van Statenleden Marcel Deryckere en John Bankers over crystal meth-labs in Brabant.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over crystal meth-labs in Brabant.

Geacht college,

Naar aanleiding van het bericht Nederland is een walhalla voor drugskartels1 in dagblad De Telegraaf d.d. 18 mei jl. hebben wij voor uw de volgende vragen.

  1. Bent u bekend met het bericht Nederland is een walhalla voor drugskartels2 in dagblad De Telegraaf d.d. 18 mei jl.?
  2. Zijn er, in lijn met deze berichtgeving, aanwijzingen dat het aantal crystal meth-labs in Brabant toeneemt en xtc-labs worden vervangen door laboratoria waar crystal meth wordt geproduceerd? Kunt u actuele cijfers met ons delen?
  3. Zijn er aanwijzingen dat de activiteiten van buitenlandse drugskartels in Brabant toenemen en in hoeverre daarbij gebruik wordt gemaakt van de legale infrastructuur in onze provincie?
  4. Speelt de haven van Moerdijk, waar vorig jaar een drijvend crystal meth-lab werd ontdekt, hierin een rol, bijvoorbeeld in de overslag van (grondstoffen voor) drugs?
  5. Bent of gaat u over het bovenstaande met andere overheden in overleg? Onderschrijft u het belang van afstemming voor een grensprovincie als Brabant, waarvandaan het niet ver is naar havensteden als Antwerpen en Rotterdam?
  6. Bent u bereid deze ernstige problematiek mee te nemen in de bestuursopdracht ‘Veilig en weerbaar Brabant’, waarover Provinciale Staten binnenkort debatteert?
  7. Welke mogelijkheden ziet u om daarbij uitvoering te geven aan de doelstelling uit het bestuursakkoord 2020-2023 (pag. 21) om ‘de inzet van nieuwe innovatieve slimme middelen te stimuleren om de gezamenlijke slagvaardigheid van de overheden te vergroten’ (bijvoorbeeld door cameratoezicht in het buitengebied en ondersteuning van dataonderzoeken van de Taskforce-RIEC Brabant-Zeeland)?
  8. Bent u bereid Provinciale Staten tussentijds op de hoogte te houden van de resultaten van beveiligingsaanpak PASSAnT3, die zich voor een periode van drie jaar in een experimentele fase bevindt en wordt gesteund door de provincie Noord-Brabant? Zijn er nog andere van dergelijke veiligheidsprojecten waarin de provincie momenteel participeert of voornemens is dat te gaan doen?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat hartelijk bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Marcel Deryckere en John Bankers

1 Zie https://www.telegraaf.nl/nieuws/1754582572/nederland-is-een-walhalla-voor-drugskartels.

2 Zie https://www.telegraaf.nl/nieuws/1754582572/nederland-is-een-walhalla-voor-drugskartels.

3 Zie https://www.passant.info/.

Nieuwsbrief CDA Brabant online: lees hier het laatste nieuws!

De nieuwsbrief van CDA Brabant staat online, met diverse nieuwsberichten van de Provinciale Statenfractie.

Klik hier om de nieuwsbrief te lezen. Reageren? Mail naar cda@psbrabant.nl.

Spreektekst Ankie de Hoon – Debat over het bestuursakkoord 2020-2023 op 15/05

Spreektekst1 Ankie de Hoon – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over het bestuursakkoord 2020-2023 
(15-05-2020)

Voorzitter,

Onze fractie heeft weloverwogen gekozen voor deze nieuwe coalitie en is verheugd met de totstandkoming daarvan. Er ligt een evenwichtig en realistisch bestuursakkoord en er staat een kundige ploeg kandidaat-gedeputeerden klaar om hier vol energie mee aan de slag te gaan. Dat neemt niet weg dat er onder onze leden ook zorgen leven aangaande deze samenwerking. Daar wil ik graag bij stilstaan.

Want als fractie begrijpen wij deze zorgen. En laat ik helder zijn. Binnen deze nieuwe coalitie zal het CDA blijven staan voor haar eigen kernwaarden en beginselen. Deze kernwaarden liggen ook aan het bestuursakkoord ten grondslag. Wij zullen waken over een weerbare, representatieve en inclusieve democratie, waar mensen worden gerespecteerd om wie ze zijn en wat ze doen. Waarin ook de rechterlijke macht wordt gerespecteerd en haar uitspraken worden nageleefd. In dit alles maken wij geen onderscheid en behandelen we iedereen gelijk, net zoals dat wij geen onderscheid maken in met wie wij samenwerken, dat doen wij in beginsel met iedereen. Dus ook met de Europese Unie, die al op vele manieren is verbonden met de provincie. Door met iedereen samen te werken, kunnen we op weg naar een duurzame toekomst voor Brabant.

En daarbij gaan wij uit van onze uitgangspunten: rentmeesterschap voor een gezonde, leefbare aarde, solidariteit met hen die dat nodig hebben, gerechtigdheid voor iedereen op gelijke basis en gespreide verantwoordelijkheid omdat we het samen moeten doen. Dat vinden wij normaal voor een leefbare, verbindende samenleving. Brabant mag er op rekenen dat wij ons hiervoor in zullen zetten en dat zullen bewaken, omdat ook wij vinden dat we niet normaal moeten maken wat niet normaal is. Daar mag iedereen ons op aanspreken.

Voor onze fractie is dit bestuursakkoord de basis voor een nieuwe start. Waarbij we behouden wat goed is, en veranderen waar nodig. Door andere accenten te zetten hopen we méér draagvlak en méér realisme onder en in het Brabantse beleid te krijgen.

Waarbij we ons ervan bewust zijn dat het mandaat van deze coalitie drie jaar is, maar we nadrukkelijk vooruit blijven kijken naar het Brabant van 2030, het Brabant dat we willen doorgeven aan onze kinderen en kleinkinderen, het kompas waarop wij als CDA altijd zullen blijven varen. Door nu slimme keuzes te maken, voorkomen we dat onze opvolgers straks pijnlijke besluiten moeten nemen. Daarbij past een behoedzaam uitgavenpatroon, omdat we als provincie minder geld kunnen uitgeven dan tien jaar geleden. Dat is geen gemakkelijke boodschap, maar wel een eerlijke.

Naast realisme zien wij draagvlak als een belangrijk uitgangspunt van deze coalitie. Oftewel: minder ieder voor zich en meer samen. Want alleen ren je sneller, maar samen kom je verder. Die geest zit ook in dit bestuursakkoord. Landbouw en natuur zijn geen vijanden, maar bondgenoten die elkaar nodig hebben en elkaar helpen. Stad en platteland zijn twee kanten van dezelfde medaille. Het is diezelfde gezamenlijkheid waarin VVD, Forum, CDA en Lokaal Brabant elkaar in de afgelopen maanden hebben gevonden. Omdat we alle vier vinden dat Brabant een stabiel bestuur verdient. En we, samen met alle partijen in deze Staten, de schouders willen zetten onder de grote vraagstukken waar onze provincie voor staat.

Hoe houden we Brabant ondernemend, innovatief en bereikbaar? Hoe houden we Brabant leefbaar en gezond? Hoe houden we Brabant veilig en een fijne plek om op te groeien en oud te worden? Het CDA is blij in dit bestuursakkoord, nog meer dan in het vorige, veel antwoorden op deze vragen terug te zien. Waarbij we onverminderd ambitieus blijven, maar tegelijkertijd kiezen voor een realistisch tempo van te nemen maatregelen. Ik loop er graag een aantal met u langs.

Op de eerste plaats: leefbaarheid. Brabant groeit, vergroent én vergrijst, en dus blijven we nieuwe woningen bouwen, 10.000 per jaar, voor de Brabanders van nu en de Brabanders van morgen, zowel in de stad als in onze dorpen. Tegelijkertijd verbeteren we, samen met gemeentes, de bereikbaarheid van en ín onze provincie, over de weg én met het openbaar vervoer, want Brabant mag niet stil komen te staan. De N389, N65 en N279 stonden al lang op de wensenlijstjes van veel Brabanders én op die van het CDA. We omarmen de inzet voor het, in onze ogen, nog steeds ‘prehistorische’ knooppunt Hooipolder en hopen dat we deze periode een knoop kunnen doorhakken over een definitieve bereikbaarheidsoplossing voor de Brainportregio. Van onderop, met inwoners en gemeenten, en mét draagvlak. Omdat we vinden dat iedere Brabander aan de Brabantse samenleving moet kunnen meedoen, pakken we laaggeletterdheid aan en versterken we de digitale vaardigheden van onze inwoners. En hebben we bijzondere aandacht voor de positie van onze ouderen, door per beleidsterrein te kijken wat voor hen van belang is. Zoals betrouwbaar openbaar vervoer, geschikte woonvormen, en hulp bij het vinden van passend werk.

Op de tweede plaats: veiligheid. Je veilig voelen begint in je eigen omgeving, bijvoorbeeld door altijd en overal alarmnummer 112 te kunnen bellen. Helaas is dat niet overal in onze provincie vanzelfsprekend, vraagt u maar eens aan de inwoners van Olland. Des te urgenter dat de provincie haar lobbykracht richting Den Haag hiervoor gaat inzetten. Wat niet normaal is, mag niet normaal worden. Voorwaar de reden om ons als CDA te blijven verzetten tegen het gebruik én de productie van drugs, waar Brabant helaas nog steeds koploper in is.

De teller stond vorig jaar op 25 drugslabs, 38 opslaglocaties en 90 dumpingen van drugsafval. Een omvangrijk probleem, en een bedreiging voor mens en natuur. We zijn echter hoopvol gestemd, omdat we verder kunnen gaan met waar de vorige coalitie mee is begonnen, met de aanpak van ondermijning en drugscriminaliteit én de 15 miljoen euro die hiervoor beschikbaar komt. Bedoeld voor organisaties als de Taskforce-RIEC Brabant Zeeland en Samen Sterk in Brabant, die heel belangrijk werk doen. We verwelkomen daarbij de inzet van nieuwe, innovatieve en slimme middelen, zoals de inzet van cameratoezicht in het buitengebied, waarvoor we als CDA herhaaldelijk hebben gepleit.

Op de derde plaats: landbouw én natuur, want ik zei het al eerder: die twee zijn bondgenoten en gaan in dit akkoord hand in hand. Brabant wordt groener, want we maken een begin met het planten van 40 miljoen bomen en er wordt 4.500 ha. natuur gerealiseerd. En Brabant wordt realistischer, want we actualiseren de Brabantse stikstofaanpak, met draagvlak en een reëel tempo als pijlers voor het halen van onze stikstofdoelen. In dat kader schuift de datum waarop agrariërs moeten voldoen aan de nieuwe stikstofregels op van 2022 naar 2024, met uitstel voor bedrijven waarvoor nog onvoldoende innovatieve stalsystemen op de markt zijn. Een datum die we voorzien van een ‘schil’ van realisme, bestaande uit maatregelen die ondernemers helpen de juiste keuzes te maken.

Leefbaarheid, veiligheid, landbouw én natuur, voor het CDA drie belangrijke groene draden door dit bestuursakkoord. Herkenbaar, voor de Brabanders, en herleidbaar, naar het CDA-verkiezingsprogramma. Een vierde belangrijk thema wil ik daarbij niet onbenoemd laten: cultuur. Want net als de vorige coalitie investeert óók deze coalitie substantieel in cultuur, sport en erfgoed, in drie jaar tijd bijna 200 miljoen euro. Vanaf 2023 gaat daar jaarlijks 7 miljoen euro af, omdat de provincie haar uitgavenpatroon moet matigen om in de toekomst niet nog meer te hoeven bezuinigen. Waar die 7 miljoen euro moet worden gevonden, gaat nog worden uitgewerkt. Als het aan het CDA ligt daar waar dat het minste pijn doet. Geld dat voor cultuur bestemd is, moet wat ons betreft zoveel mogelijk naar cultuur gaan en zo min mogelijk naar organisatiekosten. Dat was, is én blijft onze inzet.

Ik rond af. Voor het CDA is dit een evenwichtig en realistisch akkoord. Draagvlak hiervoor zullen moeten we vinden en verdienen. Daarvoor zijn bruggenbouwers nodig, want zonder hen kom je nooit aan de overkant. Ik ben trots dat we als CDA met Erik Ronnes en Elies Lemkes twee van zulke bruggenbouwers hebben gevonden. Hun voorgangers, de gedeputeerden van wie we vandaag afscheid nemen, wil ik vanaf deze plaats bedanken voor hun inzet voor onze provincie.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Ankie de Hoon bestuursakkoord 2020-2023 (15 mei 2020)

Spreektekst Tanja van de Ven-Vogels – Debat over PIP Logistiek Park Moerdijk op 08/05

Spreektekst1 Tanja van de Ven-Vogels – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over het Provinciaal Inpassingsplan Logistiek Park Moerdijk 
(08-05-2020)

Voorzitter,

In de themabijeenkomst vorige week hebben wij als CDA de betekenis van Logistiek Park Moerdijk voor onze provincie benadrukt. En begrip getoond voor het feit dat het vertrekkende college voor het inpassingsplan een oplossing heeft willen zoeken die binnen 26 weken kan worden gerealiseerd.

Tegelijkertijd hebben wij aangegeven ongelukkig te zijn met de wijze waarop de stikstofruimte is verworven. En de onrust die dit bij ondernemers en andere overheden teweeg heeft gebracht.

Die zorgen hebben wij vorige week geadresseerd, en met ons ook andere partijen in de Staten, en deze week vinden we het tijd om vooruit te kijken. De provincie trekt lessen en volgende keer doen we het anders.

Volgens dit inpassingsplan leveren zes veehouderijen door het hele land ammoniak in en krijgt Logistiek Park Moerdijk daar stikstof voor terug. De vraag blijft: zijn deze twee stoffen uitruilbaar? Hebben ze niet allebei een ander effect op natuur en op onze burgers? In het bijgevoegde Addendum Passende Beoordeling staat dat in de Aerius-tool alle bronnen kunnen worden ingevoerd, zijnde: emissiebron, de omvang van de emissie, de uitstoothoogte, de warmte-inhoud en de locatie ten opzichte van het N2000-gebied. Dus niet het verschil in stikstof en ammoniak.

Een vraag die nog is blijven liggen, gaat over de Europese NEC-richtlijn, over nationale emissieplafonds voor lucht. Wij hebben begrepen dat het volgens deze richtlijn, waar Nederland zich aan moet houden, niet is toegestaan om gereduceerde ammoniakemissie te verschuiven naar een toename van de emissie van stikstofoxiden. Hoe verhoudt deze richtlijn zich tot de situatie van Logistiek Park Moerdijk? Lopen we geen juridische risico’s? Graag een reactie (mag desgewenst ook schriftelijk).

Voorzitter, ik rond af. Kijkend naar de toekomst hebben we als CDA al een schot voor de boeg gegeven. Iedere sector moet wat ons betreft bijdragen aan het oplossen van het stikstofvraagstuk. De ene sector mag niet de andere leegtrekken, en voor het oplossen van het stikstofprobleem moet niet een sector hoeven opdraaien. Met balans, realisme en draagvlak kunnen we veel winnen.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Tanja van de Ven-Vogels PIP Logistiek Park Moerdijk (8 mei 2020)

Veelgestelde vragen over cultuur in het bestuursakkoord 2020-2023

VEELGESTELDE VRAGEN OVER CULTUUR IN HET BESTUURSAKKOORD 2020-2023

Vraag 1:
Stopt de provincie met cultuur?

Antwoord:
Nee. Dit provinciebestuur steekt in de periode 2020-2023 ongeveer € 120 miljoen in cultuur en sport en € 70 miljoen in erfgoed. Een aanzienlijk deel daarvan gaat rechtstreeks naar cultuurmakers en amateurkunst. Net zoals dat in de afgelopen jaren het geval was.

Vraag 2:
Waarom staat er in de begrotingstabel van het bestuursakkoord tussen 2023 en 2030 een 0?

Antwoord:
De provincie kent twee soorten geld: structureel geld waarmee langjarige taken en subsidies worden betaald en incidenteel geld dat elke vier jaar door een nieuwe coalitie wordt verdeeld over tijdelijke taken.

De 0 in de begrotingstabel gaat over incidenteel geld. In 2023 zijn er weer verkiezingen en start een nieuwe coalitie, die dan op dat moment mag bepalen waar het incidentele geld naartoe gaat. Dat zou dus ook naar cultuur kunnen gaan. De verkiezingen en coalitieonderhandelingen in 2023 gaan dat bepalen.

De coalitie VVD-FvD-CDA-LB beslist enkel over de periode 2020-2023. Gedurende die periode besteedt deze coalitie (incidenteel) € 20 miljoen extra aan cultuur, sport en de vrijetijdseconomie. Die drie samen heten in het bestuursakkoord ‘Vrije Tijd’.

Vraag 3:
Wat wordt in het bestuursakkoord bedoeld met ‘afbouw van subsidierelaties naar het nieuwe normaal in 2023’?

Antwoord:
Hierover hebben de coalitiepartners heldere afspraken gemaakt. Die zijn terug te vinden op pag. 51 van het bestuursakkoord. Er wordt structureel (dus op lange termijn, te beginnen in 2023) € 7 miljoen bezuinigd op Vrije Tijd (cultuur, sport en vrijetijdseconomie samen).

In de tabel hieronder staat welke bedragen er nu structureel voor Vrije Tijd beschikbaar zijn en waar vanaf 2023 € 7 miljoen op wordt bezuinigd. Dit zegt niks over incidenteel geld dat een volgende coalitie zou kunnen vrijmaken.

Thema Bedrag
Vrije Tijd  
Cultuur € 20,1 miljoen
Samenleving €   5,8 miljoen
Sport €   0,4 miljoen
Totaal € 26,3 miljoen
Bezuiniging in 2023 €   -7,0 miljoen
Begroting elk jaar vanaf 2023 voor Vrije Tijd € 19,3 miljoen

De tabel laat zien dat in ‘het nieuwe normaal’, vanaf 2023, er structureel € 7 miljoen minder naar Vrije Tijd gaat. Dan blijft er ongeveer € 19,3 miljoen over, die de provincie elk jaar voor de thema’s onder Vrije Tijd kan uitgeven.
Daar kan, als een nieuwe coalitie dat wil, incidenteel geld (geld voor een periode van vier jaar) bijkomen.

De nieuwe coalitie VVD-FvD-CDA-LB heeft drie jaar de tijd om te bepalen waar precies € 7 miljoen op moet worden bezuinigd. Het college gaat daarover in gesprek met alle betrokkenen in de diverse sectoren en met de politieke partijen in Provinciale Staten. Ook als CDA houden we natuurlijk een vinger aan de pols.

Vraag 4:
Vanwaar het nieuwe programma ‘Vrije Tijd’?

Antwoord:
Het nieuwe programma ‘Vrije Tijd’ is een combinatie van het oude programma Cultuur, Samenleving & Sport mét vrijetijdseconomie dat voorheen onder de portefeuille Economie viel. Er wordt dus een combinatie gemaakt tussen de aanjaagfunctie van de provincie, die cultuur en sport mogelijk maakt, en de marketingfunctie (via Visit Brabant bijvoorbeeld).

Vraag 5:
Waarom gaat er minder geld naar Vrije Tijd?

Antwoord:
Brabant heeft in de afgelopen jaren heel veel geld kunnen uitgeven. Dit kon door de verkoop van energiebedrijf Essent, waardoor de provincie miljarden euro’s extra geld kreeg. Dat extra geld is op óf belegd in obligaties die door de lage rente weinig opleveren. Hierdoor moet de provincie in 2023 in totaal € 30 miljoen minder gaan uitgeven.

Doen we dat niet, dan ontstaat in 2025 een gat van € 60 miljoen in de provinciale begroting. Drastische bezuinigingen op niet-wettelijke taken, zoals cultuur, zijn dan niet te voorkomen. Door nu al € 30 miljoen te bezuinigen, voorkomen we dat gat in 2025 én kunnen we langjarig ook op het gebied van cultuur flink actief blijven en investeren. Voor nu is er gekozen om € 10 miljoen te bezuinigen op natuur, € 6 miljoen op mobiliteit en € 7 miljoen op vrije tijd. De overige € 7 miljoen zal worden opgevangen in de andere onderdelen van de begroting.

Hebt u zelf nog vragen? Of wilt u iets anders kwijt?
Neemt u dan contact op met Statenlid Marcel Deryckere (mderyckere@psbrabant.nl).

Klik op de volgende link om deze vragen & antwoorden als PDF-bestand te downloaden: FAQ Cultuur (8 mei 2020).