CDA: ‘spookdorpen’ voorkomen, meer woningen bouwen en fraude aanpakken

Het CDA wil voorkomen dat in Brabant ‘spookdorpen’ ontstaan: dorpen waar steeds minder mensen wonen en het aantal voorzieningen, zoals winkels, horeca en openbaar vervoer, afneemt. De oplossing is wat het CDA betreft het bouwen van meer woningen. Volgens het CDA trekt woningbouw mensen naar een dorp, waarna voorzieningen volgen. Zo verwacht de partij.

“Brabant is meer dan een verzameling steden met wat groen ertussen. Willen we het platteland levendig en leefbaar houden, dan moeten we ook bouwen in het buitengebied toestaan.” Aldus lijsttrekker Marianne van der Sloot (CDA).

Bouwen in het buitengebied, door uitbreidingen bij dorpen en buurtschappen en het herbestemmen van leegstaande agrarische gebouwen, is een van de maatregelen die het CDA wil nemen om het enorme woningtekort in Brabant tegen te gaan. Tot 2030 heeft de provincie nog 120.000 woningen nodig.

Daarnaast pleit het CDA ervoor dat de provincie aan gemeentes – letterlijk – ruimte geeft om de komende jaren fors meer huizen te bouwen. Van der Sloot: “Omdat van alle ingediende bouwplannen ‘onderweg’ steevast een deel sneuvelt door bijv. bezwaren of een tekort aan financiering, worden er in de praktijk altijd minder woningen gebouwd dan beoogd en blijft er dus een tekort. Zorg als provincie daarom voor tenminste 130% aan bouwplannen, ‘plancapaciteit’, of laat gemeentes bij wijze van experiment vrij in de maximale hoeveelheid woningen die zij willen bouwen.”

Een derde maatregel die het CDA voorstelt, is het ouderen mogelijk maken om langer thuis te wonen. Op dit moment wonen er in Brabant ca. 500.000 mensen van 65 jaar of ouder. De verwachting is dat dit aantal in 2040 is gestegen tot 750.000. Om ervoor te zorgen dat zij zelfstandig, passend én betaalbaar in hun eigen omgeving kunnen blijven wonen, wil het CDA dat de provincie initiatieven daartoe actief stimuleert en ondersteunt. Met geld, met plannen en met mankracht. Door nieuwbouw of door het aanpassen van bestaande woningen (met bijv. de aanleg van een traplift of het verwijderen van drempels).

Ten vierde wil het CDA de Brabantse woningmarkt toegankelijker maken voor starters. Bijv. door als provincie regelingen als de Starterslening, waarmee beginnende huizenkopers een financiële steun in de rug kunnen krijgen, of het Collectief Particulier Opdrachtgeverschap (CPO), waarmee dorpsbewoners samen en hierdoor dikwijls goedkoper kunnen bouwen.

Tot slot wil het CDA woonfraude, zoals illegale onderhuur, en het witwassen van crimineel geld, bijv. door aankoop van vastgoed, nadrukkelijker op de radar van de provincie brengen. Bijvoorbeeld via de Taskforce Brabant Zeeland, het samenwerkingsverband tegen de georganiseerde misdaad waaraan Brabant financieel bijdraagt. “Het CDA wil geen Amsterdamse taferelen in Brabant. Fraude en witwassen mogen nooit lonen. Gezinnen op zoek naar een huis mogen niet van de woningmarkt worden verdrongen door fraudeurs en criminelen. We vinden het belangrijk dat de provincie hier aandacht voor heeft en aanhaakt bij bijv. het Anti Money Laundering Centre (AMLC) tegen witwassen.” Aldus Van der Sloot.

Opinie Ankie de Hoon – ‘Bereikbaarheid Brainport: het hele verhaal’

Opinie van Statenlid Ankie de Hoon, woordvoerder verkeer & vervoer namens CDA Brabant.

‘Bestuurlijke durf voor bereikbaar Brainport’

De bereikbaarheid van Brabant is een van de grootste thema’s van de verkiezingen op 20 maart. Hoe houden we dorpskernen en binnensteden leef- en bereikbaar? Hoe zorgen we voor goede verbindingen naar onze familiebedrijven? Hoe verleiden we ondernemers van buiten onze provincie om zich in Brabant te vestigen, “omdat je hier zo gemakkelijk kunt komen”? En hoe zorgen we ervoor dat al die nieuwe woonwijken die we willen bouwen straks goed toegankelijk zijn voor starters, gezinnen en senioren? Het zijn deze grote vragen die de Brabanders bezighouden.

En bij grote vragen horen grote antwoorden. Met ‘klein bier’, hoe lekker ook, kom je er niet. Wie door Brabant rijdt, ervaart het zelf. ‘Even’ van Eindhoven naar Helmond, een ritje van 18 kilometer, kost je bij slecht weer al gauw anderhalf uur. De regio Eindhoven, ‘Brainport’, is de slimste regio en tegelijkertijd een van de grootste verkeersknelpunten van Nederland. Met dagelijks files, ongevallen en sluipverkeer. Wat kunnen we daartegen doen? In de Volkskrant van 4 maart jl. gaf de verantwoordelijke provinciebestuurder, gedeputeerde Van der Maat (VVD), zijn visie. Wij vullen die graag aan, om het verhaal eerlijk en compleet te maken.

Laten we bij het begin beginnen. Er was eens een bereikbaarheidsprobleem dat al tientallen jaren speelde. Met meer dan 7 miljoen euro aan onderzoeken. In 2014 lag er eindelijk een plan, was er geld (maar liefst 271 euro miljoen euro) én bestuurlijke durf om iets te gaan doen. Maar voor dat plan, de aanleg van een zgn. ‘Noordoostcorridor’, bleek in de regio geen draagvlak. En dus ging het van tafel.

Toch was daarmee de hoop op een alternatieve oplossing niet verdwenen. Een jaar later, in 2015, zouden er immers verkiezingen zijn voor een nieuw provinciebestuur. Nieuwe ronde, nieuwe mensen, nieuwe kansen. Met 1.777 stemmen verschil werd de VVD de grootste partij in Brabant. Het CDA moest genoegen nemen met zilver. Desondanks waren we niet somber. Het geld voor Eindhoven lag immers nog steeds te wachten op een goed, gedragen plan. En op bestuurlijke durf. Hoopten we althans. Helaas, het liep anders.

Want nog maar kort na de verkiezingen spatte onze droom voor een bereikbaar Brainport uiteen. Schakend op twee borden koos de VVD ervoor om een deal te sluiten met de SP en twee andere partijen: ‘links’ mocht vier jaar losgaan op milieu, de VVD op industrie. En de bereikbaarheid van Eindhoven? Daar zouden deze vier partijen het dan deze periode niet over hebben. De verkeersparagraaf in het Brabantse ‘regeerakkoord’ ging over fietspaden, rotondes en ‘smart mobility’. Echte oplossingen voor de bereikbaarheid van Eindhoven, of voor het ‘prehistorische’ knooppunt Hooipolder, stonden er niet in. En hoewel je fietsend tegenwoordig best een eind kan komen, laten duizenden kratjes bier uit Lieshout zich niet verplaatsen per fiets.

Had uitbreiding van het openbaar vervoer een optie kunnen zijn? Altijd een goed idee. Maar ook dat is niet genoeg. Zelfs als we het openbaar vervoer voor iedereen toegankelijk, betaalbaar en overzichtelijk maken, blijven de files. En die kunnen we alleen oplossen door nieuwe wegen aan te leggen of bestaande wegen te verbreden. Hoe dan ook: met meer asfalt.

Maar extra asfalt kost geld. Van de 271 miljoen euro die was gereserveerd voor bereikbaarheidsoplossing voor Eindhoven, verdampte in het eerste jaar ná het aantreden van het nieuwe college al 90 miljoen. Een derde van het totaalbedrag. En kort daarna ging ook de rest van het geld verloren aan ‘alternatieve’ projecten waarover we nooit meer iets hoorden. Omdat er voor Eindhoven maar geen plan, geen oplossingsrichting kwam. De in het Brabantse regeerakkoord beloofde ‘beweging in Brabant’ bleef uit. Pas nu, vlak voor de verkiezingen, meldt de gedeputeerde, inmiddels lijsttrekker, zich weer met interviews in verschillende media. Met aan betrokken gemeenten de boodschap dat hij alleen wil weten wat zij wél willen, niet wat ze niet willen. Niet echt daadkrachtig, als je weet dat vorige plannen strandden wegens te weinig draagvlak.

In de afgelopen vier jaar was er alle tijd om met een oplossing te komen. Met de regio om de tafel gaan. Scenario’s laten onderzoeken. De voorstellen van andere partijen oppakken. (Voor)financiering regelen. Draagvlak creëren. Een koers bepalen. Toch gebeurde er niets. Waarom niet? Mocht het misschien niet in het college met ‘links’? Waar een wil is, is een weg. Waar geen wil is, komt geen weg. Dat is gebleken.

Want wat kan wel? Verbreding van de Kennedylaan en de Eisenhowerlaan in Eindhoven, aanleg van een Oostelijke Randweg om Nuenen, van de provinciale weg N279 een ongelijkvloerse weg maken met 2×2 rijstroken, aanleg van een nieuwe weg die de N279 bij Aarle-Rixtel verbindt met de A50 bij Son, verbreding van de A50 bij Ekkersrijt, verbreding van de A67 en aanleg van een station Eindhoven Airport.

Voor dit wensenlijstje zijn draagvlak, geld en bestuurlijke durf nodig. Met alle drie had in de afgelopen vier jaar kunnen worden begonnen. Maar aan alle drie heeft het die periode ontbroken. Wat Brainport wél kreeg, was meer ergernis, meer overlast en meer economische schade.

Na 20 maart doet zich opnieuw een kans voor om de bereikbaarheid van de regio Eindhoven structureel te verbeteren. Volgens de gedeputeerde komt er weer geld aan, zo lezen wij in de krant. Dat is goed nieuws. Nu nog het draagvlak en de bestuurlijke durf. Het CDA levert die graag. Zuidoost-Brabant verdient het.

Staatssecretaris Mona Keijzer (CDA) op campagnebezoek in Brabant

Staatssecretaris Mona Keijzer van Economische Zaken en Klimaat (CDA) brengt op zaterdag 9 maart a.s. een campagnebezoek aan Brabant. De staatssecretaris gaat naar Den Bosch, Veghel en Uden en neemt deel aan diverse activiteiten in het kader van de verkiezingen voor een nieuw provinciebestuur, die over twee weken plaatsvinden.

Belangrijke verkiezingsthema’s in Brabant zijn o.a. de economie en de leefbaarheid in steden en dorpen, twee onderwerpen waarmee ook de staatssecretaris zich in Den Haag bezighoudt. Zo presenteerde zij afgelopen zomer een actieplan ter versterking van het midden- en kleinbedrijf en stelde voor deze kabinetsperiode 200 miljoen euro beschikbaar om dit sterker, efficiënter en productiever te maken. Dit geld komt ook in Brabant terecht, waar familiebedrijven en het midden- en kleinbedrijf voor de meeste werkgelegenheid zorgen.

Met deze extra aandacht voor het midden- en kleinbedrijf wil Mona Keijzer o.m. winkelgebieden in steden en dorpen vitaal houden. De leefbaarheid in binnensteden en dorpskernen is ook een belangrijk verkiezingspunt van het CDA Brabant, dat vindt dat de provincie daarin een taak en verantwoordelijkheid heeft. Niet alleen als het gaat om het bevorderen van voldoende winkelaanbod, maar ook om te zorgen voor een goede bereikbaarheid per openbaar vervoer, het bouwen van genoeg woningen voor starters, gezinnen en senioren én het vergroten van de verkeersveiligheid.

Het programma van de staatssecretaris begint om 11.15 uur op de Markt in Den Bosch, waar ook de Brabantse CDA-lijsttrekker Marianne van der Sloot, Tweede Kamerlid Madeleine van Toorenburg en Eerste Kamerlid Ton Rombouts aanwezig zijn. Tussen 12.30 uur en 13.30 uur is Mona Keijzer in Veghel voor een bezoek aan de Jumbo Foodmarkt met verschillende CDA’ers uit de regio. Onder hen Erpenaar Coen Hendriks, die op plaats 8 van de provinciale CDA-lijst staat. Vanaf 14.30 uur doet de staatssecretaris samen met Tweede Kamerlid Erik Ronnes Uden aan voor een ontmoeting met het winkelend publiek en een kennismaking met plaatselijke ondernemers. Om 16.00 uur is het bezoek afgelopen.

Marianne van der Sloot, lijsttrekker CDA Brabant: “Wij zijn blij met de komst van Mona Keijzer naar onze mooie provincie Brabant. Als staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat is zij verantwoordelijk voor belangrijke onderwerpen als het midden- en kleinbedrijf, het ondernemersbeleid en innovatie. We nemen haar graag mee door onze provincie, langs de mensen die de Brabantse economie draaiende houden: de ondernemers achter het midden- en kleinbedrijf en achter die vele familiebedrijven. Zij zorgen voor werk en hebben vaak ook een maatschappelijke functie. Bijvoorbeeld omdat ze sportclubs, lokale evenementen en buurtactiviteiten sponsoren. Of zorgen voor stageplaatsen. Als CDA zijn we trots op deze mensen. En natuurlijk ook op onze staatssecretaris die zich voor hen inzet.”

Schriftelijke vragen over OV 2040 – Houdt links van Breda de wereld op?

Schriftelijke vragen van Statenlid Ankie de Hoon over het Toekomstbeeld Openbaar Vervoer 2040: houdt links van Breda de wereld op?

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over OV 2040.

Geacht college,

Onlangs stuurde staatssecretaris Van Veldhoven van Infrastructuur en Waterstaat aan de Tweede Kamer een brief over het Toekomstbeeld Openbaar Vervoer 20401. Wat opvalt in deze visie op het openbaar vervoer van de toekomst, is dat vooral de economische kernregio’s in Nederland snellere en betere openbaar vervoersverbindingen krijgen. En dat een regio als West-Brabant het nakijken heeft.

Want wie in Bergen op Zoom woont en in Tilburg studeert, hoeft in de visie van de staatssecretaris niet te rekenen op sneller en beter openbaar vervoer. En werk je in Roosendaal maar woon je in Den Bosch, dan ben je eveneens slecht af. Net als je collega die op en neer reist tussen Zeeland en West- of Midden-Brabant v.v.

Het CDA maakt zich zorgen over deze eenzijdige focus op de Randstad en het negeren van een regio waar meer dan 700.000 mensen wonen. De indruk ontstaat dat de Brabantse verkeersgedeputeerde, onze belangrijkste ambassadeur en lobbyist in Den Haag, die zelf in Breda woont, met zijn neus naar Den Bosch kijkt en met de rug naar West-Brabant staat. Alsof links van Breda de wereld ophoudt…

Dit brengt het CDA tot de volgende vragen:

  1. Hoe is Brabant betrokken bij de totstandkoming van de visie Toekomstbeeld OV 2040?
  2. Wat is de Brabantse inbreng geweest?
  3. In hoeverre is meegenomen dat een betere OV-verbinding tussen de regio(‘s) en de Randstad kan bijdragen aan een oplossing voor andere vraagstukken van de Rijksoverheid (zoals werkgelegenheid en het woningtekort)?
  4. Is er contact (geweest) met de provincie Zeeland, waar de situatie en belangen deels vergelijkbaar zijn met die in Brabant?
  5. Bent u het met het CDA eens dat de stations Bergen op Zoom en Roosendaal belangrijke schakels zijn richting de provincie Zeeland, richting de metropoolregio’s en richting Midden- en Oost-Brabant? Indien ja, vindt u met ons dat er meer aandacht moet komen voor o.a. de treinverbinding tussen West-Brabant en Zeeland, tussen West-Brabant en de Randstad en tussen West-Brabant en Midden- en Oost-Brabant?
  6. Deelt u de mening van het CDA dat een treinverbinding zonder overstappen of aansluitend overstappen én het vaker laten rijden van treinen via station Bergen op Zoom en vanaf station Roosendaal naar de Randstad én naar Tilburg en Den Bosch bijdraagt aan het verbeteren van de verbinding tussen West-Brabant/Zeeland, de Randstad en Midden- en West-Brabant?
  7. Willen de Rijksoverheid, de Nederlandse Spoorwegen en ProRail mee in de noodzakelijke verbetering van de verbinding van Brabant met Zeeland, met de Randstad en met Midden- en Oost-Brabant?
  8. Bent u bereid Provinciale Staten op de hoogte te houden van de ontwikkelingen in de Tweede Kamer omtrent het Toekomstbeeld Openbaar Vervoer en evt. investeringen in dit verband die voor Brabant van belang zijn?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat hartelijk bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Ankie de Hoon

1 Zie https://www.rijksoverheid.nl/binaries/rijksoverheid/documenten/kamerstukken/2019/02/06/toekomstbeeld-openbaar-vervoer/toekomstbeeld-openbaar-vervoer.pdf.

Spreektekst Marcel Deryckere – Debat over het burgerinitiatief herindeling Nuenen op 22/02

Spreektekst1 Marcel Deryckere – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over het burgerinitiatief “Met spoed een besluit nemen over de herindeling van Nuenen c.a. en Eindhoven en het herindelingsadvies van 2 oktober 2018 verwerpen”
(22-02-2019)

Voorzitter,

Graag wil het CDA beginnen met het complimenteren en bedanken van al die inwoners van Nuenen die door weer en wind bijna 1.500 handtekeningen voor hun burgerinitiatief hebben opgehaald. Een ongekende prestatie. Daarnaast bedank ik wederom alle aanwezigen Nuenenaren op de publieke tribune, die voor de zoveelste keer een dag vrij hebben moeten opnemen om deze Staten te kunnen volgen. Het zijn fantastische doeners die opkomen voor hun dorp en samenleving.

Voorzitter,

Bijna vier jaar geleden begon een nieuwe bestuursperiode voor deze Provinciale Staten. Vlak na de verkiezingen werd mij als nieuw Statenlid voor de website van de Provincie gevraagd waar ik mij in deze periode voor wilde inzetten. Ik antwoordde:

“De afgelopen jaren zie ik als jongere een steeds grotere kloof ontstaan tussen de overheid en de samenleving. Het vertrouwen in de overheid en de politiek is weg. De belangrijkste uitdaging in de komende jaren is voor mij dan ook het terugwinnen van dat vertrouwen.”

De Provinciale Statenverkiezingen van 2015 kenden een dramatisch opkomstpercentage van slechts 43,64%. Minder dan 1 op de 2 Brabanders had genoeg vertrouwen in ons om überhaupt te gaan stemmen. Ik zag en zie het dan ook als onze collectieve opgave om het vertrouwen in de Brabantse politiek te herstellen. Hier, vanuit deze zaal en vooral ook daarbuiten.

Helaas moet ik nu constateren dat het omgekeerde is gedaan. Het proces om tot een gedwongen herindeling tussen Nuenen en Eindhoven te komen heeft diepe sporen van wantrouwen, teleurstelling en boosheid achtergelaten bij een deel van de Brabantse bevolking. Dit provinciebestuur walste als een bulldozer over de wensen, zorgen en belangen van de inwoners van Nuenen heen.

Volgens mij moeten we na twee jaar constateren dat dit proces enkel en alleen verliezers kent. De provincie, de gemeente Nuenen en de allerbelangrijksten: de Nuenenaren. Wat het CDA betreft moeten we 1) dit proces zo snel mogelijk stoppen en 2) voorkomen dat we ooit weer, ergens in Brabant, in een soortgelijke situatie terechtkomen.

Voorzitter,

Na deze bredere inleiding zoom ik nu graag in op het voorliggende burgerinitiatief en wat dat van ons vraagt, namelijk het afkeuren van het herindelingsadvies Nuenen-Eindhoven.

Het herindelingsadvies dat Nuenen dwingt tot fusie met Eindhoven rammelt aan alle kanten. De argumentatie van het college om de fusie af te dwingen is zwak, vaak onjuist en leek de afgelopen maanden met de dag te veranderen. Los van of je überhaupt voor of tegen gedwongen herindelingen bent. De argumenten achter het herindelingsadvies zijn dermate zwak dat een gedwongen herindeling nergens op zou slaan.

Want, waarom komt het college toch telkens met nieuwe argumenten uit de hoge hoed? In het officiële herindelingsontwerp worden andere argumenten genoemd dan in de vele Statenmededelingen. Nuenen zou bijvoorbeeld dossiers als Gulbergen, Van Gogh en de woningbouw niet aankunnen. Waarom staan deze argumenten niet in het herindelingsontwerp en waarom veranderen de argumenten continu? Waarop zijn deze argumenten überhaupt gebaseerd, daar ze niet voorkomen in de bestuurskrachtonderzoeken? Een deel van deze taken ligt zelfs niet bij de gemeente Nuenen, maar bij andere overheidsorganisaties.

Het enige argument dat wél telkens wordt genoemd is het slechte politiek-bestuurlijke samenspel tussen college, raad en bevolking. Echter, we hebben toch democratische verkiezingen uitgevonden om dit te verbeteren? En dat is ook gebeurd. De bevolking van Nuenen heeft gesproken en in maart vorig jaar een vernieuwde raad gekozen en niet-functionerende raadsleden weggestemd. Wat uiteindelijk heeft geleid tot een nieuw college.

Bovendien was het thema tijdens die gemeenteraadsverkiezingen de gedwongen fusie met Eindhoven. Partijen die tegen de fusie waren wonnen. Zij die er voor waren verloren. Enkele maanden later werd de Nuenenaren tijdens een referendum rechtstreeks om hun mening over de fusie gevraagd: 78% van de kiezers was tegen. Nu laten de inwoners voor de derde keer, via een burgerinitiatief, hun mening horen. En weer is het: wij willen geen fusie met Eindhoven.
Wat het CDA betreft zijn dit heldere signalen die je als politiek gewoonweg niet kunt negeren.
De democratie heeft gesproken.

Fantastisch zou je zeggen. Maar nee, nog steeds moest en zou het college van Brabant de gemeente Nuenen opheffen wegens gebrek aan bestuurskracht. Ongehoord. De provincie baseert zich daarbij bovendien op het idee dat een grotere gemeente per definitie zorgt voor een bestuurskrachtigere gemeente. Maar is dat wel zo? Wetenschappelijke evaluaties en onderzoeken naar de vele gemeentelijke fusies in Nederland geven hier gelukkig een antwoord op. Een antwoord dat de stelling dat grotere gemeenten per definitie bestuurskrachtiger zijn volledig onderuit haalt.

Want wat blijkt: gefuseerde gemeenten tellen meer samenwerkingsverbanden dan voorheen, fusies leveren geen kostenbesparingen op, leiden tot minder publieke belangstelling, minder vertrouwen en een lagere opkomst bij verkiezingen.
Onderzoekers stellen ook nog eens vast dat gemeentelijke voorzieningen niet verbeteren na een fusie en dat ook achteraf de steun voor een gedwongen fusie niet stijgt. Kortom, vooral de democratie gaat erop achteruit. Het enige dat een gemeentelijke fusie vaak wel oplevert, is een groter en professioneler ambtelijk apparaat. Dat echter wel op grotere afstand staat van de inwoners en daarom vaak niet weet wat er precies speelt.

Wetenschappers Herweijer & Fraanje zeiden ooit: als deelnemer van de democratie verslechteren de mogelijkheden voor inwoners in herindelingsgemeenten. Voor het CDA zijn juist die democratische waarden zo enorm belangrijk zijn.

Voorzitter,

Ik kom tot een afsluiting. Voor het CDA is het duidelijk: de door het college gemaakte gedwongen herindelingsplannen tussen Nuenen en Eindhoven zijn zwak, niet onderbouwd en leiden voor de inwoners van Nuenen niet tot een sterkere en betrokken gemeente.

Het is van begin af aan duidelijk geweest dat de CDA-fractie tegenstander is van gedwongen herindelingen. Gemeenten horen zélf over zoiets enorm ingrijpends als hun eigen toekomst te beslissen. Niet de provincie. Dit stond in ons verkiezingsprogramma voor deze periode en ook voor de volgende. Daar zullen we ons aan houden. Er zullen door het CDA geen herindelingen worden afgedwongen in Brabant.

Het is dan ook niet verrassend dat wij het voorliggende burgerinitiatief zullen steunen om zo de herindelingsprocedure per direct te stoppen en de inwoners van Nuenen hun toekomst weer in eigen hand te geven.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Marcel Deryckere burgerinitiatief herindeling Nuenen c.a. en Eindhoven (22 februari 2019)

Ankie de Hoon over aanpak sluipverkeer Hooipolder/Langstraat

Statenlid Ankie de Hoon stelt op 22 februari 2019 mondeling vragen aan het provinciebestuur, waarin zij het opneemt voor de inwoners van de Hooipolder-gemeenten en in de Langstraat die te maken hebben met sluipverkeer door hun wijken en kernen (zie ook de berichtgeving in het Brabants Dagblad d.d. 19 februari 2019: https://www.bd.nl/waalwijk-heusden-e-o/ultimatum-voor-aanpak-sluipverkeer-in-langstraat-dorpen~af0c7ff6/).

Radiomaker Erik van Vliet, werkzaam voor o.a. Langstraat FM, interviewde Ankie over dit onderwerp. Dit interview terugluisteren kan via het audiobestand hieronder.

Schriftelijke vragen over het kruispunt Zuiddijk-N285 bij Langeweg

Schriftelijke vragen van Statenlid Ankie de Hoon over het kruispunt Zuiddijk-N285 bij Langeweg.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over het kruispunt Zuiddijk-N285 bij Langeweg.

Geacht college,

Het kruispunt Zuiddijk-N285 bij het dorp Langeweg en het traject Langeweg-Zevenbergen op de provinciale weg N285 staan bekend als gevaarlijk. Hardrijders, verkeersdrukte en het ontbreken van veilige oversteekplaatsen voor fietsers en voetgangers zorgen al jarenlang voor een onveilige verkeerssituatie en ongevallen.

Na de eerder voorgestelde tijdelijke maatregelen, zoals het aanbrengen van een brede middengeleider i.p.v. de linksafstrook, een verlengd inhaalverbod, een visuele versmalling van de rijbaan met palen, het openstellen van het zuidelijk fietspad richting Zevenbergen voor fietsers in beide richtingen én beperking van de maximumsnelheid tot 60km/u, vindt het CDA dat het tijd is om het kruispunt structureel veiliger te maken.

Daartoe hebben wij voor u de volgende vragen:

  1. Bent u bekend met het kruispunt op de provinciale weg N285 bij het dorp Langeweg?
  2. Bent u het met het CDA eens dat op dit kruispunt sprake is van een onveilige verkeerssituatie, veroorzaakt door (te) hard rijden, verkeersdrukte en het ontbreken van veilige oversteekplaatsen voor fietsers en voetgangers?
  3. Bent u bereid om op korte termijn met de gemeente Moerdijk in gesprek te gaan over het nemen van maatregelen die de verkeersveiligheid ter plekke structureel verbeteren?
  4. Indien ja, welke mogelijkheden ziet u daartoe? Zouden een rotonde of ‘slim stoplicht’ een oplossing kunnen zijn?
  5. Bent u bereid om indien nodig financieel bij te dragen, daar de N285 een provinciale weg betreft die onder uw verantwoordelijkheid valt?
  6. Kunt u toezeggen Wijkvereniging Langeweg proactief te informeren over uw visie op de situatie en de vereniging te betrekken bij de acties die u en/of de gemeente Moerdijk wel/niet ondernemen?
  7. Hoe staat u tegenover het openen van een provinciaal loket/meldpunt Gevaarlijke verkeerssituaties op provinciale wegen?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat hartelijk bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Ankie de Hoon

CDA: D66-actie is middelvinger tegen boeren, boswachters en burgemeesters

D66-jongeren die nep XTC-pillen uitdelen aan gezinnen met kinderen is niet alleen een slecht voorbeeld voor de jeugd, maar óók een middelvinger tegen boeren, boswachters, burgemeesters en al die andere Brabanders die dagelijks worden geconfronteerd met de schadelijke gevolgen van drugsgebruik en -productie in onze provincie. Dat vinden CDA’ers Marcel Deryckere, Statenlid uit Tilburg, en Tom Berendsen, kandidaat-Europarlementariër uit Breda, in reactie op de actie van de Jonge Democraten in de Eindhovense binnenstad. “Een belediging van alle mensen die proberen, soms met gevaar voor eigen leven, onze provincie gezonder, schoner en veiliger te maken. Een uitnodiging aan pillenmakers om door te blijven gaan met hun praktijken. Een aanmoediging aan jongeren om eens een pilletje te proberen. De omgekeerde wereld dus.”

Net als veel leden van moederpartij D66 denken de Jonge Democraten dat de legalisering van drugs als wiet en XCT, een harddrug, alle drugsproblemen oplost. “Absolute onzin”, aldus Deryckere. “Ook een legale, gecontroleerde XTC-pil blijft een XTC-pil, waaraan je dood kunt gaan. Een sluipmoordenaar waarvan je niet moet willen dat het gebruik ervan normaal wordt. Een hoge kwaliteit XTC-pil bestaat niet, het is rotzooi.”

Het CDA heeft in zijn verkiezingsprogramma dan ook een stevige anti-drugsparagraaf opgenomen, met maatregelen die de productie, handel én het gebruik van drugs moeten tegengaan. Niet alleen door geld vrij te maken voor extra menskracht, maar ook door inzet van ‘onortodoxe’ middelen als drones, kentekenregistratie en camera’s. En door grondeigenaren de opruimkosten voor gedumpt drugsafval 100% te vergoeden, iets waar het CDA al jaren voor pleit.

“De strijd tegen drugs, hun producenten en afzetmarkt win je niet door drugs legaal te maken. Kijk naar de recente berichten over illegale sigarettenfabrieken, gerund door criminele bendes. De sigaret is een legaal product, maar het illegale circuit is blijven bestaan. Wat zegt dat over de slagingskans van bijvoorbeeld de wietproef?” Aldus Deryckere, die deze vraag afgelopen vrijdag voorlegde aan het provinciebestuur. “Als overheid willen sturen op het gehalte THC of MDMA is kansloos. Zijn immers de gewenste effecten voor de gebruiker minimaal of afwezig, dan blijft er voor criminelen een prikkel bestaan om drugs met hogere doses THC of MDMA, met meer merkbare effecten, op de markt te brengen.”

Die strijd tegen de drugsindustrie moet volgens het CDA internationaal worden gevoerd, want veel in Nederland geproduceerde drugs gaan naar het buitenland en criminaliteit stopt niet bij de grens. Daar iets tegen doen vraagt goede samenwerking in de grensregio’s, met onze buurlanden en in de Europese Unie.

Berendsen, EU-kandidaat voor het CDA: “Ondermijning met drugsgeld in Brabantse dorpen en steden is een groot gevaar waar onze burgemeesters dagelijks tegen vechten. Mensen in het buitengebied staan onder grote druk van criminelen die ruimte zoeken voor hun illegale praktijken. Ook de opruimkosten van het afval zijn enorm en komen voor rekening van gewone mensen en onze samenleving. Dat ene pilletje is zo onschuldig dus niet. In plaats van legaliseren is een sterke, grensoverschrijdende aanpak nodig. Dan helpt het als je partij ook Europese bondgenoten heeft en de lijnen tussen Brabant en Brussel kort zijn.”

Deryckere en Berendsen roepen de D66-jongeren op een keer in een verslavingskliniek te gaan kijken en te zien waartoe een drugsverslaving, die soms klein begint en onschuldig lijkt, kan leiden. “In plaats van te moeten faciliteren dat je je drugs kan testen, kunnen we er beter voor zorgen dat je niet aan drugs begint én er niet aan kan komen. Dat ene pilletje staat niet op zichzelf. Er zijn steeds meer pilletjes nodig voor hetzelfde effect, en dus kunnen jongeren in een glijdende schaal belanden met alle gevolgen van dien voor zichzelf en hun familie. Van maatschappelijk betrokken jongeren zoals die van D66 zouden we juist verwachten dat ze hun leeftijdsgenoten wijzen op de gevaren in plaats van het gebruik aan te moedigen.”

CDA Brabant op werkbezoek in Wanroij, Boekel en Mill

Het CDA Brabant brengt op vrijdag 8 februari a.s. een werkbezoek aan Wanroij, Boekel en Mill. Aan dit werkbezoek, georganiseerd door het CDA in het Land van Cuijk, nemen o.a. Marianne van der Sloot (fractievoorzitter/lijsttrekker), Marcel Thijssen (kandidaat-Statenlid, regio Land van Cuijk), Tanja van de Ven-Vogels (kandidaat-Statenlid, woordvoerder landbouw), Ankie de Hoon (zittend Statenlid, woordvoerder verkeer & vervoer) en Tom Berendsen (kandidaat-Europarlementariër) deel.

Het werkbezoek staat in het teken van de agrarische sector. Zo staan op het programma een kennismaking met een kringlooplandbouw-bedrijf, een bezoek aan een duurzame bloembollenteler én een ontmoeting met een gestopte rundveehouder.

CDA-lijsttrekker Marianne van der Sloot:

“Wij zijn blij met de uitnodiging voor dit werkbezoek. In de Brabantse landbouw is in de afgelopen jaren veel gebeurd. Neem bijvoorbeeld het veehouderijbesluit uit 2017, dat de sector hard heeft geraakt. Van de ene op de andere dag moesten boeren zes jaar eerder dan afgesproken voldoen aan nieuwe milieueisen. Voor veel familiebedrijven een onmogelijke opgave en destijds voor het CDA reden om tegen het besluit te stemmen. Nu zijn we anderhalf jaar verder en worden de gevolgen van het besluit merkbaar. Over hoe dit uitpakt voor de agrarische ondernemers in het Land van Cuijk en aan de Peelrand, laten we ons graag ter plekke informeren.”

Het CDA is vóór duurzame landbouw, maar tegen onrealistische deadlines en negatieve effecten, zo schrijft de partij in haar verkiezingsprogramma voor de Provinciale Statenverkiezingen op 20 maart a.s. Blijken bijvoorbeeld de nieuwe, milieuvriendelijkere stallen die boeren verplicht zijn vóór 2022 te bouwen niet op tijd ontwikkeld en goedgekeurd te zijn, dan moet de provincie dat besluit wat het CDA betreft herzien.

Kandidaat-Statenlid Marcel Thijssen (CDA), afkomstig uit Cuijk:

“De agrarische sector is belangrijk voor Brabant, voor het Land van Cuijk en de Peelregio. Net als gezondheid en een gezond leefklimaat. Daarbij past een provincie die oog heeft voor wat er speelt en leeft, die beseft dat betrouwbaarheid van overheidshandelen een must is en die bereid is om noodzakelijke veranderingen te faciliteren. Haalbaar en betaalbaar. Met draagvlak als uitgangspunt. Dat vraagt om een andere aanpak dan we in de afgelopen jaren hebben gezien: meer realisme, minder regels en meer trots.”

Het werkbezoek start om 09.00u en duurt tot 14.30u. Om 13.30 uur is er een persmoment bij het voormalige rundveebedrijf van de familie Meulepas aan de Heufseweg 9 te Mill. Eenieder met belangstelling is uitgenodigd daarbij aanwezig te zijn en de CDA-kandidaten beter te leren kennen.

CDA over stalbranden: provincie moet boeren helpen en beschermen

Het CDA wil dat de provincie Noord-Brabant door stalbranden getroffen boeren helpt en beschermt. Helpen om er weer bovenop te komen én beschermen tegen activisten die hen en hun families bedreigen en belagen.

Aanleiding is de brand op een boerderij in Biezenmortel vorige week, die nadien werd beklad door activisten. Sindsdien houden buurtbewoners houden de wacht om te voorkomen dat zich nieuwe incidenten voordoen. Hulde voor de buurt, maar natuurlijk van de zotte dat zulke maatregelen nodig zijn, vindt het CDA, dat de actie richting de boer scherp veroordeelt. “Dit is niet de manier waarop we in Brabant met elkaar horen om te gaan. Het leed is zo al groot genoeg.” Aldus kandidaat-Statenlid Tanja van de Ven-Vogels (CDA).

Behalve voor hulp en bescherming pleit het CDA er óók voor dat de provincie met boeren meedenkt over maatregelen die kunnen helpen stalbranden te voorkomen. Hiertoe zou het Brabantse provinciebestuur moeten aansluiten bij een voorstel van Tweede Kamerlid Jaco Geurts (CDA)1, dat de regering verzoekt om samen met de sector in kaart te brengen welke snelle detectiesystemen rondom brand er mogelijk zijn in technische ruimten van veehouderijbedrijven én welke kosten daarmee gemoeid zijn. De Tweede Kamer nam dit voorstel vorige maand met een ruimte meerderheid aan (alleen de Partij voor de Dieren stemde tegen).

Van de Ven-Vogels (CDA): “Stalbranden zijn een drama voor mens en dier. Dieren komen om en de houder en zijn familie zien hun levenswerk in vlammen opgaan. Het leed voor alle betrokkenen is onbeschrijflijk groot. Als CDA pleiten wij ervoor dat de overheid dan naast de boeren gaat staan en niet tegenover hen. Dat zij hen bijstaat, helpt en beschermt. Als een goede buurman.”

Als het aan het CDA ligt, komt er in de provinciebegroting voor 2020 geld beschikbaar om boeren te helpen brandpreventie maatregelen te nemen. Van de Ven-Vogels: “Het kan niet zo zijn dat de provincie zich alleen druk maakt als het milieu in het geding is, maar niet thuis geeft als zich drama’s van deze aard en omvang voordoen.”

1 Zie https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/moties/detail?id=2019Z01232&did=2019D02767.