Spreektekst Huseyin Bahar – Debat over de N279 Veghel-Asten op 07/12

Spreektekst1 Marcel Deryckere – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over het Provinciaal Inpassingsplan (PIP) N279 Veghel-Asten
(07-12-2018)

Voorzitter,

Het voorliggende voorstel voor de aanpak van de N279 is onderdeel van het Bestuursakkoord Beweging in Brabant. Daar waar deze coalitie altijd grote woorden gebruikt om grote stappen en veranderingen aan te kondigen, heeft zij bij de N279 al vanaf het begin van deze periode gekozen voor stilstand, vooral weinig veranderen en alleen aanpakken als het echt knelt. Met andere woorden: het moet eerst echt pijn doen, voordat deze coalitie in actie komt. En voorzitter, iedereen weet dat zachte heelmeesters stinkende wonden maken…

Voorzitter, mobiliteit is cruciaal voor de bereikbaarheid en daarmee de leefbaarheid van een regio. Juist daar mag je van overheden verwachten dat ze lef en visie tonen. Een project van deze omvang vergt immers een doorlooptijd van vele jaren: van eerste overleg tot aan de eerste auto op deze weg. Met een beetje geluk kan je dus als gedeputeerde alleen de lintjes doorknippen n.a.v. de inspanningen van je voorgangers.

Voorzitter, het CDA was, is en blijft hier duidelijk: als ruggengraat van de regio verdient de N279 een 2×2 aanpak. Een robuuste oplossing waarbij het onderliggende wegennet wordt ontzien en het verkeer kiest voor een veilige en vlotte doorstroming van noord naar zuid en van oost naar west. Een oplossing die past bij een snel groeiende en slimme regio. Een oplossing waarbij omwonenden en belanghebbende duidelijkheid hebben voor de lange termijn én verzekerd zijn van maatregelen die passen bij een 2×2 aanpak.

Voorzitter, ik hoef geen beroep te doen op uw fantasie om in te beelden hoe een N279 als 2×2 eruit zou kunnen zien. De N279 tussen Veghel en Den Bosch is hiervan het levende bewijs. Een voorbeeld van hoe het wel kan als het CDA in de coalitie zit…

Voorzitter, graag sta ik vandaag samen met u stil bij twee onderwerpen die de Stuurgroep, omwonenden en belanghebbenden bezighouden en zorgen baren. Wij bedanken daarbij alle betrokkenen voor hun zienswijzen, petities en inspraak.

Voorzitter, op de eerste plaats is dat de wat-vraag – de nut en noodzaak van 2×2 op het gehele tracé – en op de tweede plaats een hoe-vraag – de nut en noodzaak van de lange omleiding bij Dierdonk.

Om te beginnen met het eerste punt: met uitzondering van een stuk bij Veghel heeft het gehele traject tot aan Asten een 2×1 inpassing. Met andere woorden: het was een flessenhals en het blijft een flessenhals. Ongelijkvloerse kruisingen verzachten de pijn, maar helen de wond nog niet.

De gedeputeerde stelt dat tot 2030 de nut en noodzaak van een 2×2 oplossing juridisch gezien niet zijn aan te tonen, gelet op de modelmatige prognose van het aantal verkeerbewegingen. Hiermee zou het voorstel bij een eventuele gang naar de Raad van State van tafel kunnen worden geveegd. Voorzitter, hoe kan het dat als wij dit voorstel pas in 2023 volledig hebben gerealiseerd, en daarmee dus slechts een oplossing voor 7 jaar, het juridisch niet haalbaar is om aan te tonen dat 2×2 echt noodzakelijk is?

Vragen aan de gedeputeerde zijn dan ook:

  1. Gaat het écht om de juridische houdbaarheid van een 2×2 voorstel of gaat het om de houdbaarheid van deze coalitie?
  2. Gesteld wordt dat de aanpassingen toekomstvast zijn door kunstwerken die voorbereid zijn op 2×2. Je zou bijna denken dat de gedeputeerde dit met een druk op de knop kan realiseren. Welk proces en welke doorlooptijd kunnen we tegemoetzien om van 2×1 naar 2×2 te kunnen gaan?

Voorzitter, wij zien de zgn. ‘doorloop en schakeltijd’ als een belemmering in het gehele proces. Tussen constateren en realiseren liggen jaren en jaren. Het voorliggend plan is gebaseerd op een verkeersmodel uit 2010 en berekeningen voor besluitvorming op basis van 2016. Terwijl we leven in 2018 en de weg op zijn vroegst in 2023 gereed kan zijn en plan horizon 2030 is…

Voorzitter, de filedruk is in een paar jaar tijd hard toegenomen en zal de komende jaren blijven stijgen. De basis van onze besluitvorming kan en moet actueler en moet van verkeersberekeningen naar verkeerstellingen. Zoals aangekondigd door collega Otters dienen wij daarom een motie in om echt werk te maken van 2×2 op de N279 en te meten wat de mensen al dagelijks voelen.

Voorzitter dan mijn tweede punt: de nut en noodzaak van de lange omleiding bij Dierdonk. Een onderwerp waar we veel inspraak en zienswijzen op hebben gehad. Laat ik beginnen met de oordelen van Brabant Advies en van de Commissie MER.

Brabant Advies

Bij de keuze voor 2×1 hebben wij de volgende aandachtspunten. 1e punt: draag een expliciete koers uit. Dit kan het plan sterker legitimeren dan nu het geval is.

Commissie MER

Hoe de weging tussen de verschillende alternatieven heeft plaatsgevonden en hoe de keuze is gemaakt, is voor de Commissie onduidelijk.

Voorzitter, als adviesorganen met deskundigen tot dergelijke oordelen komen, dan mag je als overheden ook goed nadenken of je keuze voor de omleiding voldoende is onderbouwd. Hoe kunnen we legitimeren dat een halve oplossing, namelijk 2×1 op de omleiding, toch echt de juiste keuze is? Hoe kunnen we legitimeren dat we het prachtige natuurgebied aantasten en dat de wijk Dierdonk de komende jaren nog steeds tussen twee druk gebruikte wegen ingeklemd zit?

En dit tegen een meerprijs van 45 miljoen euro… Als CDA zijn we daarom ook van mening dat op dit onderdeel een pas op de plaats nodig is.

Vragen aan de gedeputeerde zijn dan ook:

  1. Waarom is ervoor gekozen om de lange omleiding niet als wijzigingsbevoegdheid in het PIP op te nemen?
  2. Hoe zorgvuldig is de besluitvorming over de lange omleiding geweest en wat zijn de feitelijke argumenten waarmee dit is onderbouwd?

Voorzitter, in alle elementen van het voorliggende plan wordt geschermd met de planperiode tot 2030. Echter, als het om de lange omleiding gaat wordt geacht of verwacht dat we zonder meer kunnen voorsorteren op de periode ná 2030. Als CDA dienen wij een motie in om de afwegingen en argumenten inzichtelijk te maken op alle aspecten voor deze twee varianten.

Voorzitter ik kom tot een afronding. Uitgaand van een realisatie per 2023 zijn we al bijna een decennium in gesprek om tot een oplossing te komen. Deze regio schreeuwt om oplossingen en duidelijkheid. Uit alle elementen in dit voorstel blijkt dat het Bestuursakkoord al jaren achterhaald is als het gaat om de bereikbaarheid en leefbaarheid van deze regio. Onze oproep aan de coalitie is dan ook: toon lef door te erkennen dat de houdbaarheidsdatum is bereikt en heb visie op de bereikbaarheid van deze regio. De Brabanders verdienen een robuuste oplossing en duidelijkheid.

Tot zover.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Huseyin Bahar PIP N279 Veghel-Asten (7 december 2018)

CDA: plan N279 getuigt van ‘zesjesmentaliteit’

Het plan voor de provinciale weg N279 tussen Veghel en Asten getuigt van een ‘zesjesmentaliteit’. In plaats van te kiezen voor de beste oplossing, kiest de provincie voor een aanpak die maar net een voldoende haalt. Dat vindt het CDA in Provinciale Staten, het Brabantse parlement. Provinciale Staten debatteren vandaag over het plan, dat de doorstroom en veiligheid van het verkeer op de N279 moet verbeteren.

In plaats van de 2×1-rijstroken uit het plan had het CDA graag gezien dat de provincie óók tussen Veghel en Asten kiest voor 2×2-rijstroken, net als op het N279-traject tussen Veghel en Den Bosch. Verbreding van de weg vindt het CDA noodzakelijk om files tegen te gaan en een ‘flessenhals’ te voorkomen.

Ook heeft het CDA, net als veel andere partijen, moeite met de lange omleiding om de Helmondse wijk Dierdonk en door het buitengebied van Bakel. Deze omleiding kost 45 miljoen euro extra, gaat dwars door een natuurgebied en sluit de Dierdonkers op tussen twee drukke wegen. Het CDA hoopt dat de provincie bereid is dit onderdeel uit het plan, waartegen veel weerstand bestaat, opnieuw te bekijken.

Statenlid Huseyin Bahar (CDA): “De N279 is de ruggengraat van de regio. Deze regio verdient de beste oplossing. Een oplossing die zorgt voor een veilige en vlotte doorstroming van het verkeer, die het onderliggende wegennet ontziet en die de leefbaarheid in het gebied waarborgt. Geen zesjesmentaliteit, maar een cum laude aanpak.”

Spreektekst Huseyin Bahar – Debat over provinciebegroting 2019 op 09/11

Spreektekst1 Huseyin Bahar– Statenlid CDA Brabant
Begroting 2019 Provincie Noord-Brabant
(09-11-2018)

Voorzitter,

Het wisselvalige en onheilspellende weerbericht zet zich voort met de financiën. Hier staat het sein op Code Oranje. Dan is niet alleen alertheid geboden om risico’s te beperken, maar moeten we ook maatregelen treffen. De middellange termijn is namelijk allesbehalve rooskleurig.

Voorzitter, ik zal de PvdA-fractie dit jaar maar voor zijn en benoemen dat een degelijk financieel beleid kennelijk ook toevertrouwd kan zijn aan een socialist. Sluitende begrotingen zonder tekort en verbeterslagen in de P&C-cyclus in déze bestuursperiode zijn een erkenning voor de gedeputeerde. En die delen wij ook. Maar zoals het een ware socialist betaamt: alles op korte termijn is rozengeur en maneschijn, maar met beperkt zicht op de middellange en lange termijn. Het blijft toch iedere keer alleen maar de eindjes aan elkaar knopen als socialist…

Voorzitter, graag begin ik als eerste punt bij de rente- en dividendinkomsten van onze provincie. Al vanaf dag één van deze bestuursperiode heeft onze fractie gewaarschuwd voor de stevige windstoten op dit vlak. Keer op keer hebben we de degens gekruist bij de diverse P&C-momenten, maar onze inbreng en adviezen zijn helaas continue in de wind geslagen.

Voorzitter, we kunnen alleen degelijk zijn, indien we ook realistisch zijn. Aan de uitgavenkant hebben we al gezien dat realistisch ramen een onderwerp is dat we nog niet helemaal beheersen. Dit geldt helaas ook voor onze inkomstenkant. Dan heb ik het met name over het jaarlijks rendement van 122 miljoen euro, waarmee we blijven rekenen. En dit terwijl we weten dat:

  1. de 100 miljoen euro Essent-lening tegen hoge rente wordt ingelost;
  2. het uitgekeerde dividend vanuit Essent onder druk staat;
  3. de leningen aan gemeenten buiten Brabant alleen maar een appel en een ei opleveren.

Voorzitter, dat is dus al 3 x Code Rood. We kunnen er dus zeker van zijn dat er problemen gaan ontstaan en het de hoogste tijd wordt om activiteiten en agenda aan te passen.

Is de gedeputeerde, aan het einde van deze bestuursperiode, nu eindelijk zo ver om te erkennen dat de 122 miljoen euro geen realistische raming meer is voor de middellange termijn?

Voorzitter, mijn tweede punt over de rente- en dividendinkomsten zijn de leningen die we aan decentrale overheden buiten Brabant verstrekken. Dit zijn namelijk langjarige leningen, gemiddeld 12 jaar, tegen een vast rendement van 1,4%. Er worden dus nu al keuzes voor drie komende bestuursperioden gemaakt, dus 3 x vier jaar, en financieel gezien is Brabant aan handen en voeten gebonden. Dit is toch een voorbeeld van degelijkheid dat niet uitblinkt in verstandigheid, omdat het ten koste gaat van flexibiliteit.

Voorzitter, ik zal mijn punt illustreren met een voorbeeld dichter bij huis. Stel, u heeft 10.000 euro als huishouden opzij gelegd door hard en verstandig te werken. Zou u dit geld dan volledig voor 12 jaar op een spaarrekening willen vastzetten, waarbij u maar 12 euro per maand rente ontvangt, óf zou u toch flexibel willen blijven om in de komende jaren misschien zonnepanelen te plaatsen voor lagere energielasten of bijvoorbeeld de auto te vervangen teneinde hogere onderhoudskosten te voorkomen? Enz.

Ik kijk even de zaal in: collega-Statenleden, onze bezoekers, GS, Griffie? Nee? Dat dacht ik al, ik zie nog niemand enthousiast reageren om 12 euro per maand rente te ontvangen als dit ten koste gaat van de flexibiliteit. Dat is dan wel vreemd, als we dit niet met ons eigen huishoudboekje willen, maar prima vinden wanneer het om het huishoudboekje van de provincie gaat.

Voorzitter, met ruim 1,5 miljard euro, dat is dus al ruim 50% van onze immunisatieportefeuille in langjarige, niet verhandelbare uitzettingen, tegen zeer lage vaste rente wordt het tijd om na te denken of Brabant inderdaad beter af is met 14 miljoen euro per jaar of flexibiliteit moet houden voor investeringen met maatschappelijk rendement?

Vraag aan de gedeputeerde is dan ook: wanneer is de grens bereikt om te stoppen met deze langjarige uitzettingen aan gemeenten buiten Brabant? Wanneer is deze grens volgens u wel bereikt? Het alternatief schatkistbankieren biedt misschien tijdelijk lage rente, maar biedt wel degelijk flexibiliteit als alternatief en afwachting van kansen in maatschappelijk rendement!  

Voorzitter, mijn derde en laatste punt is de uitdaging op het vlak van indexeren. Voor deze bestuursperiode is gekozen om niet te indexeren. Gezien de lage inflatiecijfers in de eerste twee jaren van deze bestuursperiode begrijpelijk en haalbaar. Echter, in de laatste twee jaren zien we de inflatiecijfers weer richting de 1,5% gaan. Hiervoor hebben we deze bestuursperiode een stelpost van 4 miljoen euro per jaar beschikbaar. Op onze eerdere vragen hierover is gesteld dat 4 miljoen euro per jaar echt voldoende was. Kijken we naar de prognoses voor de komende bestuursperiode, dan hebben we grofweg 21 miljoen euro per jaar nodig als we willen indexeren.

Kan de gedeputeerde aangeven hoe het kan dat bij ca. 1,5% aan inflatie en gelijkblijvende uitgaven nu 4 miljoen euro per jaar wel voldoende is, maar voor de komende periode we moeten uitgaan van gem. 21 miljoen euro per jaar?

Voorzitter, ik kom tot een afronding. Degelijkheid komt alleen maar tot haar recht als we ook realistisch, verstandig en flexibel blijven. Voor deze bestuursperiode hebben we helaas nog een strenge winter voor de boeg, maar straks is het weer voorjaar en waait er vanaf 21 maart naar verwachting een frisse groene wind!

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Huseyin Bahar provinciebegroting 2019 (9 november 2018)

Spreektekst Marianne van der Sloot – Debat over provinciebegroting 2019 op 09/11

Spreektekst1 Marianne van der Sloot– Fractievoorzitter CDA Brabant
Begroting 2019 Provincie Noord-Brabant
(09-11-2018)

Voorzitter,

Het weerbericht van ons mooie Brabant is redelijk stabiel. Bewolkt met hier en daar zonneschijn. En met een politieke klimaatverandering op komst, die vanaf maart lijkt in te zetten. Daar gaan wij van uit ;-).

En in dat licht zijn de recente temperatuurschommelingen in de coalitie op zijn minst ‘boeiend’.

  • Want de SP veroorzaakt een koudefront in dit college door haar standpunt over de herindeling van Nuenen. Met steun overigens deze week van de Eindhovense SP-fractie.
  • D66 lijkt alle donkere wolken structureel te ontkennen.
  • De PvdA is lekker klimaatneutraal.
  • En, ach voorzitter, de VVD, die maken zich niet druk om een koudefrontje meer of minder. De VVD zegt nog steeds dat de zon schijnt, ook als het regent.

We gaan het meemaken.

Voorzitter, volgend jaar zijn de verkiezingen. En steeds weer is het vertrouwen in ons, in de ‘politiek’ laag. Te laag, zo’n 40%. Om met het KNMI te spreken: een Code Oranje. Met kans op problemen en extreme situaties.

Maar laten we eerlijk zijn. Een aantal processen van de afgelopen tijd, in dit Huis, scoorden niet eens Code Oranje maar rechtstreeks Code Rood, door de wijze waarop met de Brabanders is omgegaan. En met Code Rood kun je er volgens het KNMI zeker van zijn dat er problemen gaan ontstaan.

En dat klopt:

  • bij de transitie van de landbouw;
  • bij de herindeling van Nuenen;
  • en bij de mestfabriek in Oss

staan we met de ruggen tegenover elkaar én voelen mensen zich niet gehoord.

De Provincie wordt gezien als ‘onbehouwen’ en onvoorspelbaar, en dat snap ik wel. Het lukt het college keer op keer om van bovenaf in te grijpen. Terwijl – en het CDA blijft het herhalen – het gras echt niet harder gaat groeien door aan de sprieten te trekken. Maar door de wortels te voeden.

Voorzitter, gelukkig zien we in Brabant ook momenten waarop de zon doorbreekt.

  • In het groot: met de snellere aanpak van Hooipolder.
  • En in het klein: geen flitspaal voor hardrijders, maar eentje die goed bedrag beloont. Met een spaarsysteem voor de lokale gemeenschap. Een groot succes in Helmond, Eerde en Lith. Dichtbij en duidelijk.

Voorzitter,

Wij zijn van mening dat het na Code Rood tijd is voor Code Groen. Nietwaar GroenLinks? Ik zal u een stukje meenemen in onze Code Groen.

Voorzitter, vandaag spreken wij als CDA over 3 onderwerpen, die dichtbij en duidelijk zijn:

  1. Sociale Veerkracht.
  2. De Nieuwe Economie.
  3. De toekomst (van energie en landbouw).

Mijn collega Huseyin Bahar zal straks ingaan op de degelijkheid van het huishoudboekje van de Provincie.

01. Sociale Veerkracht

Op Sociale Veerkracht, de leefbaarheid van Brabant, blijven we terugkomen, voorzitter. Niet omdat we de heer Swinkels zo graag in de weg zitten. Maar omdat de gevoelstemperatuur zo laag is, én wij dit onderwerp zó ongelooflijk belangrijk vinden.

Wij zien dat we in 2019 5,6 miljoen euro inzetten om vooral óver mensen te spreken. Er wordt vergeten mét mensen te spreken én dingen samen te doen. En ik kan mij de discussies nog goed herinneren: de ‘bolwerken’, zoals de seniorenbonden, móesten en zouden onder dit college verdwijnen. Maar er kwam niets voor terug. En dat terwijl er zoveel maatschappelijk opgaven in Brabant zijn. Zoals de vergrijzing. Met grote impact. Daarom komen we met een motie Senioren.

Bij leefbaarheid hoort voor ons ook verantwoordelijkheid, nu én in de toekomst. De ondersteuning van Q-koortsslachtoffers is sinds dit jaar bij de gemeente belegd. Uit gesprekken met Q-koortspatiënten en Q-support begrijpen wij dat die overdracht, soms wel, maar soms ook echt niet soepel gaat. Ook zien we dat alle kennis over Q-koorts en de aanpak nú nog in huis is, bij de betrokkenen. Die willen we borgen, ook voor de toekomst. Hier dienen we een motie voor in.

Ondermijning voorzitter, blijft een bedreiging voor onze Brabantse samenleving. Wij zien 3 zaken die we willen aanpakken: dichtbij 1) met de versterking van de lokale journalistiek, 2) met een experiment met ‘onorthodoxe’ maatregelen tegen dumpers van drugs- en ander afval, en 3) met een gereedschapskist voor gemeenten gevuld met mogelijkheden en instrumenten om vakantieparken zonder toekomstperspectief aan te pakken. Hiertoe dienen we twee amendementen en een motie in.

02. Economie

Dan Economie voorzitter, de wind waait uit een andere hoek. De wereld van 4 jaar geleden is niet meer. We gaan van werkloosheid toen naar een schreeuwend tekort aan personeel nu. En van hoge rentes naar leningen die je bijna gratis krijgt. Die veranderende wereld, dat betekent ook iets voor ons. De rol van Provinciale Suikeroom past niet meer.

Pleiten wij voor een einde aan de economische programma’s? Nee. Het CDA ziet een hele goede rol voor de Provincie als partner in de economie. Want we hebben veel grote uitdagingen. Zoals het gat op de arbeidsmarkt. De mismatch. En de tekorten aan vakmensen. Hét grote item van dit moment, zoals het college het zelf ook noemt. Dat vraagt om actie. Als wij lezen dat, ondanks alle acties, ‘het resterende budget beperkt is’, dan vrezen wij dat we kansen missen. En dat de zorg, de horeca, de logistiek en de techniek straks écht met lege handen zitten. Met alle consequenties van dien. Graag horen wij meer van de gedeputeerde.

Voorzitter, belangrijk voor de economie van Brabant is het bereikbaar maken van bedrijventerreinen met het openbaar vervoer. Bijvoorbeeld: Bedrijvenpark Moerdijk, Bedrijvenpark Aviolanda, Breda Airport en onze legerbasis in Oirschot. Hiervoor komen wij met een motie.

En dan de arbeidsmigranten. Zo’n 100.000 mensen die allemaal een goed dak boven hun hoofd verdienen. En veiligheid. Want zolang we onze logistieke ambities hebben en houden, zijn we afhankelijk van mensen van ver en verder. We zijn blij dat we als Brabant aan de slag gaan met de huisvesting. Met een grote rol voor de gemeenten en de provincie. De vraag aan de gedeputeerde is hoe verstrekkend hij zijn rol ziet. Wat als er nu geen goede afspraken liggen over de huisvesting van arbeidsmigranten met een gemeente? Wat doet u dan?

03. De toekomst

Voorzitter, dan de toekomst. De Provincie is bij uitstek (mede)verantwoordelijk voor de toekomst van Brabant. Want we hebben de wind in de rug en daar moeten we gebruik van maken. Specifiek ga ik in op stadslogistiek, cultuur en de toekomst van de landbouw.

a. Stadslogistiek

Voorzitter, de bezorging van pakketjes en boodschappen én de bevoorrading van winkels groeit gigantisch. Net als de regels en goede bedoelingen. Maar er is weinig vooruitgang.

  • We spraken met Brabantse ondernemers die gek worden van alle losse regels van gemeenten over bevoorrading. Net na de zomer is gelukkig door de minister één lijn getrokken. Er zijn straks nog maar 2 soorten milieuzones. Het CDA wil er zeker van zijn dat Brabant in al haar steden kiest voor dezelfde soort milieuzone. En wel de groenste die er is. Daarom vragen wij de gedeputeerde daar regie op te nemen.
  • En dan de bestelbusjes: van DHL, PostNL, UPS, GLS, de Jumbo, Albert Heijn die de hele dag door de straten rijden. Al eerder stelden we hier vragen over. Pas is onderzocht dat 80% van de rondjes die gereden worden voor 1 pakketje is. Samenwerken en het bundelen van vracht lijken simpele oplossingen. Maar die vragen lef en veel data-onderzoek. En laten we daar in Brabant nu allebei heel goed in zijn. Wij dienen een motie in voor een Brabantse Green Deal Stadslogistiek. Met een hoge ambitie: in 2025 emissieloos bevoorraden in de B5 steden.

b. Cultuur

Voorzitter, de keuze voor de toekomst van de Philharmonie vonden wij geen goede beslissing. Wij dienen daar een amendement voor in. GroenLinks komt straks met een bijdrage over steun aan ons Noordbrabants Museum. Terecht.

c. Toekomst van de landbouw

Dan de toekomst van de landbouw, die kent veel vraagtekens. Zeker na woensdag. Het is belangrijk dat we als Brabant gaan investeren in innovaties. Zoals 8 nieuwe stalsystemen. Maar we vragen ons af of deze ontwikkelingen én vóóral de erkenning ervan, wel op tijd komen voor de deadline van 2022. Vraag aan de gedeputeerde: wat doet u als blijkt dat de stalsystemen er niet op tijd zijn?

Ook in de stad of in het dorp zijn mooi groene initiatieven als pluktuinen en stadslandbouw. De huidige groensubsidies voor biodiversiteit zijn er alleen niet voor ingericht. Wij willen de gedeputeerde vragen om bij deze subsidies geen verschil te maken tussen stad en platteland.

Verder dienen we een amendement in voor afschaffing van de leges bij faunaschade. Vooral omdat wij, net als veel organisaties van Das&Boom tot de ZLTO, het belangrijk vinden dát er geen drempels zijn voor melden.

Tot slot willen we stilstaan bij 2019 als een bijzonder jaar. 75 jaar bevrijding. Een indrukwekkend moment, een indrukwekkende herdenking en een indrukwekkend programma dat er ligt om 2019 bijzonder te maken. Voor iedereen, groot en klein, dat vinden we belangrijk.

Tot zover, voorzitter, Code Groen. En nu over naar het Degelijke Huishoudboekje van collega Bahar. Want voor niets gaat de zon op.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Marianne van der Sloot provinciebegroting 2019 (9 november 2018)

CDA: het is tijd voor Code Groen

Het is tijd voor Code Groen, aldus het CDA in reactie op de begroting 2019 van de provincie Noord-Brabant. Nu het vertrouwen in de politiek laag is, Code Oranje, en sommige ontwikkelingen in onze provincie aanleiding geven tot Code Rood, zou in Brabant een andere wind kunnen gaan waaien.

Voor de hoek waaruit die wind moet komen, doet het CDA vandaag een voorzet tijdens het debat over de provinciebegroting in Provinciale Staten, het Brabantse parlement. De partij komt met een aantal voorstellen die de begroting op een aantal belangrijke onderdelen aanvult of aanpast.

Meest in het oog springend is het voorstel van het CDA om de stadslogistiek, de bevoorrading van de vijf grootste Brabantse steden, in 2025 emissieloos te laten plaatsvinden. De partij constateert dat de explosieve groei van de pakketbezorging leidt tot meer pakketverkeer in stads- en dorpscentra. Dit leidt tot ongewenste neveneffecten als uitstoot van fijnstof, parkeerproblemen, geluidsoverlast en gevaarlijke verkeerssituaties. Het CDA wil hier paal en perk aan stellen door het sluiten van een Brabantse ‘Green Deal’ tussen de B5-gemeenten, bedrijven, vervoerders, onderwijsinstellingen en consumenten.

Het CDA wil ook dat de provincie twee ton vrij maakt voor een experiment met cameratoezicht, kentekenregistratie en andere robuuste maatregelen tegen (drugs)afvaldumpers in de Biesbosch. Daarnaast pleit het CDA voor een juridische ‘gereedschapskist’ voor gemeentes die verloederde vakantieparken willen aanpakken.

Verder komt het CDA tijdens het begrotingsdebat met een voorstel dat de provincie opdraagt erop toe te zien dat de zorg voor Q-koorts slachtoffers door gemeenten en via belangenvereniging Q-support blijft geborgd. “Hier heeft de overheid een grote verantwoordelijkheid”, vindt fractievoorzitter Marianne van der Sloot.

Het CDA vraagt in het begrotingsdebat ook aandacht voor de slechte bereikbaarheid van bedrijventerreinen met het openbaar vervoer. Op veel Brabantse bedrijventerreinen liggen de banen voor het oprapen, maar zijn deze letterlijk onbereikbaar voor wie niet over een rijbewijs of auto beschikt. Het CDA dringt er bij het provinciebestuur op aan binnen de huidige OV-concessies te gaan kijken hoe dit probleem op korte termijn kan worden opgelost.

Andere voorstellen van het CDA gaan o.a. over versterking van lokale journalistiek, het afschaffen van de leges voor het melden van faunaschade en meer aandacht voor vergrijzing en de doelgroep senioren.

Provinciale Staten debatteren vandaag de gehele dag over de provinciebegroting. Aan het einde van de dag wordt er over de begroting en de door politieke partijen ingediende voorstellen, moties en amendementen, gestemd.

Marianne van der Sloot: “Aan de hand van deze begroting constateren we als CDA dat in Brabant in 2019 e.v. hier en daar de zon doorbreekt, bijvoorbeeld boven Hooipolder, maar dat zonder ingrijpen de kans op Code Oranje en Code Rood reëel blijft. Dat moeten we zien te voorkomen, dus daarom komt het CDA vandaag onder de naam Code Groen met een reeks voorstellen die de weersverwachting voor komend jaar aanzienlijk moet verbeteren: meer zon, minder bewolking, een hogere gevoelstemperatuur en een kleinere kans op neerslag. Tijd voor Code Groen.”

CDA op werkbezoek bij Kameleon Solar in Roosendaal

Het CDA in de provincie Noord-Brabant brengt op maandagavond 3 september een werkbezoek aan Kameleon Solar in Roosendaal, dat esthetische zonnepanelen ontwerpt en produceert. Daarbij biedt het bedrijf werk aan mensen met een arbeidsbeperking.

Gastheer is CEO Guust Verpaalen, die een afvaardiging van het provinciale CDA meeneemt door zijn bedrijf en langs diverse actuele thema’s, waaronder arbeidsmarkt, duurzaamheid en regionale samenwerking.

Deelnemers aan het werkbezoek zijn o.a. Marianne van der Sloot, fractievoorzitter en kandidaat-lijsttrekker voor de Provinciale Statenverkiezingen volgend jaar, Ankie de Hoon, Statenlid uit West-Brabant, en de woordvoerders financiën, economie en energie van de Brabantse CDA-fractie (resp. de Statenleden Huseyin Bahar, Kees de Heer en Roland van Vugt).

Het werkbezoek aan Kameleon Solar is het eerste van een reeks regionale werkbezoeken door het CDA in de periode september 2018 – januari 2019. In vier maanden tijd reizen de CDA-politici van het westen naar het oosten van onze provincie en bezoeken tweewekelijks een interessant bedrijf met een bijzonder verhaal. “Op weg naar de provinciale verkiezingen volgend jaar en een nieuwe Statenperiode willen we als CDA graag geïnspireerd worden. We zijn dan ook blij en vereerd dat bedrijven als Kameleon Solar de deuren voor ons openen en hun verhaal met ons willen delen.” Aldus fractievoorzitter Marianne van der Sloot.

CDA test busverbinding Herpen-Uden

Het Brabantse CDA test vanmiddag de (buurt)busverbinding Herpen-Uden. Tonny van Beerendonk heeft de partij hiertoe uitgenodigd, nadat zij eerder dit jaar met de Herpense Vrouwen van Nu het Provinciehuis in ‘s-Hertogenbosch bezocht.

Daar hoorde ze over de ‘OV-Race’, een jaarlijkse door het CDA georganiseerde wedstrijd om het Brabantse openbaar vervoer te testen op o.a. bereikbaarheid, reistijd en toegankelijkheid. Ter plekke ontstond het idee om ook een keer de (buurt)busverbinding tussen Herpen en Uden te testen.

Om 12.00 uur vertrekt het reisgezelschap van bushalte Café De Sport in Herpen naar ziekenhuis Bernhoven in Uden. Als de reis voorspoedig verloopt en zijn agenda het toelaat, heet wethouder Franko van Lankvelt de deelnemers daar welkom. Onder hen Huseyin Bahar, namens het CDA Lid van Provinciale Staten Noord-Brabant, het Brabantse parlement.

‘s Ochtends (09.00-11.00 uur) brengt het CDA een werkbezoek aan de Vakleerschool InstallOne op de Talentencampus Oss. Hierbij is Statenlid en fractievoorzitter Marianne van der Sloot aanwezig evenals de Osse CDA-raadsleden Mari van Kilsdonk, Sidney van den Bergh en Marc van den Heuvel.

Spreektekst Huseyin Bahar – Debat over Digitalisering op 29/06

Spreektekst1 Huseyin Bahar – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over Digitalisering: Verkenning ‘Brabant Digitaliseert’, Agenda Digitalisering, voorstel tot sluiting van het Breedbandfonds Brabant en voorstel tot reservering middelen uit het Breedbandfonds Brabant ten behoeve van een Investeringsagenda Digitalisering
(29-06-2018) – 1ste termijn

Voorzitter,

Digitalisering vindt voor een belangrijk deel plaats in die maatschappelijke sectoren waar overheden een relatief grote rol hebben. Zowel de economie als de samenleving digitaliseren in rap tempo. Overduidelijk hebben we hier te maken met een vraagstuk dat ook vanuit de provincie maximale, gerichte aandacht verdient.

Voor ons ligt het voorstel om het Breedbandfonds Brabant te sluiten en de middelen in te zetten voor de Investeringsagenda Digitalisering. Een substantieel bedrag van 45 miljoen euro, waarmee we daadwerkelijk een verschil kunnen maken voor de Brabanders. Mits we dit geld doelgericht en met een duidelijke focus inzetten. En voorzitter, juist dáár wringt de schoen.

Daar waar het Breedbandfonds een helder doel en een duidelijke opgave had om heel Brabant te ‘verglazen’, het fundament onder digitalisering, heeft de voorliggende Investeringsagenda Digitalisering nog geen strategie of koers. Na alle strategische verkenningen, het onderzoeksrapport van BrabantAdvies én diverse andere onderzoeken over digitalisering is de conclusie van GS: “Er zijn heel veel kansen en het gaat zo snel dat we een flexibele dynamische agenda moeten instellen”. Met andere woorden: we hebben nog geen beleid, maar reserveren wél alvast het geld.

Voorzitter, in het kader van digitalisering maak ik vandaag graag gebruik van een kort filmpje dat illustreert wat er gebeurt als we geen keuzes maken:
https://www.youtube.com/watch?v=pZXW5pxxBHY (tot 0.25 sec).
Een paar seconden beeld zegt meer dan duizend woorden, lijkt mij.

Voorzitter, concrete vragen aan de gedeputeerde zijn:

  1. Waarom kunnen we, ondanks al het voorwerk dat is verricht, niet komen tot een strategie en duidelijke focus waarmee we in Brabant echt een verschil kunnen maken?
  2. We lezen heel veel over allerlei kansen m.b.t. digitalisering, maar zou je als overheid misschien niet juist de kansen aan de markt moeten laten en je meer richten op de risico’s die het onderwerp met zich meebrengt?
  3. Een van de argumenten om het Breedbandfonds te sluiten is duidelijkheid geven aan de markt. Vindt u dat met de Investeringsagenda Digitalisering wel voldoende duidelijk is waarvoor de markt bij de provincie kan aankloppen?

Voorzitter, als CDA zien wij graag wél duidelijke keuzes en een focus op drie punten:

1. overal;
2. iedereen en
3. veilig.

1. Voorzitter, te beginnen met ‘overal’

Met ‘overal’ bedoelen we dat iedere Brabander overal in onze provincie moet kunnen beschikken over snel internet. Hetzij via verglazing hetzij via de nieuwste mobiele netwerken. Het kan toch niet zo zijn dat er anno 2018 nog steeds gebieden zijn met witte vlekken. Gebieden die niet interessant zijn voor de markt, waar mensen soms op het speeltoestel van hun kinderen moeten klimmen om 1 streepje bereik te hebben…

Juist hier ligt een rol voor de overheid om ook deze Brabanders te voorzien van een netwerk, waarmee ze net als alle andere Brabanders volop gebruik kunnen maken van digitale diensten.

Als mede-indiener van het amendement van ChristenUnie-SGP horen wij graag een reactie van de gedeputeerde op het voorstel om de middelen voor digitalisering blijvend in te zetten voor de bereikbaarheid van alle Brabanders.

2. Voorzitter dan onze tweede pijler: ‘iedereen’

Voorzitter, digitalisering biedt niet alleen kansen, er zijn ook risico’s. Als provinciale overheid moeten we niet alleen mee rennen aan de kop van de digitaliseringsmarathon, maar ook oog houden voor die Brabanders die nog niet kunnen meekomen met deze ‘race’. Wat ons betreft moet iedereen kunnen deelnemen aan de digitale samenleving en tegelijkertijd ‘weerbaar’ zijn. En vergist u zich niet: het gaat dan niet alleen om de doelgroep ouderen, maar ook om jongeren die het soms niet meer kunnen bijbenen.

Graag horen wij van de gedeputeerde of we hierover in deze bestuursperiode nog een voorstel tegemoet kunnen zien voor de Investeringsagenda.

3. Voorzitter dan onze derde pijler: ‘veiligheid’

De hoeveelheid datastromen, privacygevoelige informatie en intellectuele gegevens neemt met de dag toe. Alles is digitaal en dat maakt ons kwetsbaar. Brabantse kennis kan weglekken, bij de verkeerde mensen terecht komen of verkeerd worden gebruikt. Maar ook kritische bedrijfsprocessen kunnen gevaar lopen met economische schade tot gevolg. Om een digitale term te gebruiken: ‘cybercrime’.

De snel veranderende wereld van dataveiligheid, ‘cybersecurity’, vereist ook een faciliterende overheid en samenwerking. Hierbij zouden we expliciet aandacht willen geven aan het MKB en de vele familiebedrijven, maar ook aan startups die omgaan met gevoelige gegevens en onvoldoende ICT-schaal hebben om het digitaliseringstempo bij te houden.

Wij horen graag van de gedeputeerde hoe snel en adequaat hij kan inspelen op onze suggestie om samen met het MKB werk te maken van dataveiligheid.

Voorzitter, zoals u merkt biedt focus op onderwerpen plus stevige pijlers méér kansen om op het vlak van digitalisering echt een verschil te maken in Brabant.

Het voorliggende voorstel geeft weliswaar maximale financiële grip vanuit de Staten als het aankomt op de bestedingen van de middelen voor de Investeringsagenda, maar biedt nog geen perspectief op een aantal belangrijke vraagstukken. Alle afzonderlijke projecten op dit vlak zullen waarschijnlijk leiden tot een bundel mooie digitaliseringsverhalen. Maar echt het verschil maken en geschiedenis schrijven zal het nog niet worden.

Tot zover mijn eerste termijn, voorzitter. Dank u wel.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Huseyin Bahar Digitalisering (29 juni 2018)

Spreektekst Huseyin Bahar – Debat over Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat op 29/06

Spreektekst1 Huseyin Bahar – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over Vaststellen provinciale inpassingsplannen voor Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat (GOL)
(29-06-2018) – 1ste termijn

Voorzitter,

Voor ons liggen de provinciale inpassingsplannen voor de Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat. Plannen voor het gebied tussen Waalwijk en Den Bosch-West met ambities op het gebied van economische vitaliteit, mobiliteit, water, natuur, fiets, erfgoed en leefbaarheid in het gebied.

Voorzitter, voordat ik aan mijn bijdrage begin, wil ik graag eenieder bedanken voor de bijdrage en inzet om te komen tot het totaalpakket dat nu voorligt. Met zoveel ambities in één plan en verschillende belangen géén gemakkelijke opgave om goed te kunnen uitleggen en goed te kunnen begrijpen. In het bijzonder wil ik onze waardering uitspreken richting alle belanghebbenden en bewoners, die met ruim tweehonderd zienswijzen duidelijk hebben gemaakt betrokken te zijn bij de ontwikkeling van hun omgeving.

Voorzitter, ik sta graag met u stil bij de volgende drie onderwerpen:

  1. A59 – oorzaak en oplossing van problemen;
  2. communicatie zienswijzen en alternatieven;
  3. aandacht voor de kwaliteit van leefbaarheid.

1. A59 – oorzaak en oplossing van problemen

Voorzitter, hoewel de GOL-plannen een totale gebiedsontwikkeling betreffen, zijn m.n. de verkeersafwikkeling en hieruit voortvloeiende zorgen over de kwaliteit van de leefomgeving, zoals geluid, luchtkwaliteit en veiligheid, onderwerpen die veelvuldig terugkomen in de zienswijzen en alternatieven.

Voorzitter, de GOL is noodzakelijk omdat in de huidige situatie sprake is van een dichtbevolkt en intensief gebruikt gebied aan beide zijden van de A59, die ook een barrière vormt ten noorden en ten zuiden van het gebied. Noodzakelijke toekomstige ontwikkelingen, zoals de bouw van meer huizen en uitbreiding van industrieterreinen, zullen ervoor zorgen dat knelpunten op dit vlak alleen maar toenemen. Feit is en blijft dat historisch gezien te dicht tegen de A59 is gebouwd en de beschikbare ruimte beperkt is. Als we het hebben over structurele oplossingen, dan ligt wederom ook het antwoord bij de A59.
Een aanpak van de A59 zou immers aanpassingen in het onderliggende wegennetwerk grotendeels overbodig maken. De realiteit is dat de A59 vanuit het Rijk op korte termijn onvoldoende prioriteit heeft om te worden aangepakt.

In dit kader de volgende vragen aan de gedeputeerde:

  • Kan de gedeputeerde bevestigen dat de voorliggende GOL-plannen geen belemmeringen vormen voor een toekomstige aanpak en ontwikkeling van de A59?
  • Kan de gedeputeerde toezeggen dat we richting het Rijk blijvend aandacht vragen voor de structurele aanpak van de A59?

2. Communicatie zienswijzen en alternatieven

Voorzitter, de GOL kent een lange geschiedenis, met een start op 12 december 2012 van twintig samenwerkende partijen. Gedurende de gehele periode van de GOL heeft er in diverse vormen omgevingscommunicatie plaatsgevonden met betrokkenen. Zoals ook is gebleken uit de zienswijzen zijn er meerdere invalshoeken, opvattingen en verwachtingen over de beste oplossing voor het gebied.

Voorzitter, in het kader van de Omgevingswet en Omgevingsvisie is het van belang dat we scherp zijn op trajecten waarbij we meerdere ambities samenbrengen en die ook in gesprek met de omgeving tot stand willen brengen. Het feit dat we veelvuldig communiceren en in gesprek zijn biedt helaas nog geen garantie dat we elkaar goed begrijpen, oplossingen kunnen aandragen en zorgen wegnemen.

De vraag aan de gedeputeerde is:

  • Welke leerpunten uit dit proces nemen we mee naar de toekomst als het gaat om de begrijpelijkheid en gedragenheid van complex samenhangende ambities? 

3. Verzachtende maatregelen voor de kwaliteit van leefbaarheid

Voorzitter, graag kijk ik met u vooruit naar de voorliggende plannen en realisatie. De gevolgen voor de kwaliteit van de leefbaarheid verdienen hierbij bijzondere aandacht. We zien namelijk terechte zorgen van bewoners.

Voorzitter, als uitgangspunt is genomen dat de kernen zoveel mogelijk worden ontlast en de verkeersafwikkeling zich concentreert op wegen die hiervoor geschikt zijn. De zorgen van omwonenden van juist deze gebieden, die intensiever zullen worden gebruikt, zijn dan ook begrijpelijk. We hebben nu al een geluids- en fijnstof problematiek rondom de A59, die o.a. heeft geleid tot een tijdelijke verlaging van de snelheid naar 100 km/u. Gevoelsmatig brengt een parallel- of hoofdweg voor verkeersafwikkeling deze problemen dan ook dichterbij.

Als CDA zouden wij graag zien dat, als in het belang van de gehele regio op specifieke trajecten de kwaliteit van de leefbaarheid onder druk komt te staan a.g.v. toenemende verkeersafwikkeling, het eerlijk is om de zorgen van juist deze bewoners extra aandacht te geven.

Wij vragen de gedeputeerde daarom voor deze gebieden niet alleen te kijken naar wat noodzakelijk is, maar een stap extra te zetten door te kijken wat nodig is.

Enkele vragen hierover:

  • Zijn alle mitigerende maatregelen op het gebied van geluid, fijnstof en veiligheid reeds bekend en definitief? Of zal een deel na realisatie nog moeten worden geconcretiseerd/verbeterd op basis van werkelijke metingen?
  • Op welke wijze is geborgd dat de voorbereidende werkzaamheden, zoals een gemeentelijk vervoersplan, voor uitvoering door gemeenten ook in lijn lopen met de uitvoering van de GOL-plannen door de provincie?
  • Op welke wijze wordt geborgd dat het onderliggende wegennetwerk zal worden gebruikt als bedoeld en géén sluiproute wordt waar te hard wordt gereden. Met alle overlast van dien.

Voorzitter, zoals u van ons gewend bent denken wij graag mee in oplossingen. Innovatieve oplossingen, die ook passen bij de ambities van dit college. Een extra stap om de leefbaarheid te vergroten in de drukste straten: dát heeft deze regio nodig.

Voorzitter wij zien een mooie kans om een brug te slaan naar de energietransitie en transformatie naar nul-op-de-meterwoningen. Door huizen in het gebied te voorzien van een geluidsisolerende schil met gesloten voorgevel, in combinatie met een luchtwarmte circulatiesysteem, kunnen zowel de gevolgen van de GOL worden verzacht als nul-op-de-meterwoningen gerealiseerd.

Aangezien het gaat om veel particuliere koopwoningen hoort hier uiteraard een onderzoek bij naar een organisatiestructuur voor financiering, uitvoering en beheer van de maatregelen, waarbij de besparing op de energierekening als investering voor de ombouw kan dienen. Een vorm van sociale innovatie waarbij we de energietransitie bij koopwoningen via een centrale organisatie kunnen regelen.

Wij zien hier een uitgesproken kans en zien graag een reactie van de gedeputeerde op onze motie, die we samen met GroenLinks indienen.

Voorzitter, ik kom tot een afronding. De vaststelling van de provinciale inpassingsplannen en het besluit van vandaag zijn niet het eindpunt van een langlopend dossier, maar juist een startpunt voor realisatie en daarmee de proef op de som. De plannen en berekeningen gaan tot leven komen in concrete resultaten.
Het is van belang dat we ook juist in deze fase in de gaten blijven houden of de opgeleverde resultaten aansluiten bij onze doelen en verwachtingen. Ook in deze ontwikkeling zullen we de omgeving moeten meenemen en daar waar nodig kunnen bijsturen.

Mijn laatste vraag aan de gedeputeerde is dan ook:

  • Hoe blijven we gedurende de realisatie van de plannen de omgeving meenemen in de ontwikkeling en borgen dat we onze doelen behalen?  

Tot zover mijn eerste termijn. Dank u wel, voorzitter.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Huseyin Bahar PIP Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat (29 juni 2018)

Schriftelijke vragen over loonkloof mannen-vrouwen

Schriftelijke vragen van Statenleden Huseyin Bahar, Ton Braspenning, Marcel Deryckere, René Kuijken, Stijn Steenbakkers en Roland van Vugt over een – vermeende – ‘loonkloof’ tussen mannen en vrouwen.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over loonkloof mannen-vrouwen.

Geacht college,

Europa lijkt in de ban van de ‘loonkloof’. In het afgelopen halfjaar konden we op verschillende momenten in de media lezen hoe Europese leiders omgaan met de – vermeende – ongelijke beloning van mannen en vrouwen. Vermeend, want over het bestaan en de omvang van een loonkloof verschillen politici, onderzoekers en bedrijfsleven sterk van mening.

Dit weerhield een aantal landen echter niet van het nemen van, soms vergaande, maatregelen om die – vermeende – kloof te dichten. Zo trad in januari in IJsland een wet in werking die bedrijven (met 25 werknemers of meer) verplicht om mannen en vrouwen hetzelfde loon te betalen voor hetzelfde werk. De Britse premier Therese May eiste van Britse bedrijven (met 250 werknemers of meer) dat zij vóór 5 april jl. aan de overheid meldden wat mannelijke en vrouwelijke werknemers ten opzichte van elkaar verdienen. En in Nederland is een wetsvoorstel op komst waarin staat dat bedrijven (met 50 werknemers of meer) moeten kunnen aantonen dat mannen en vrouwen gelijk loon krijgen voor gelijk werk.

Het CDA volgt de discussie rondom deze initiatieven met belangstelling en is benieuwd hoe Brabant, als economische topregio, scoort t.a.v. de gelijke beloning van mannen en vrouwen. Is er ook in onze provincie sprake van een kloof die moet worden gedicht, of hebben we het over slechts een greppel die binnen een aantal jaren vanzelf dichtslibt? Het brengt ons in elk geval tot de volgende vragen:

  1. Bent u bekend met het begrip ‘loonkloof’ en de recente berichtgeving daarover?
  2. Zijn er actuele cijfers bekend over hoe Brabantse bedrijven hun mannelijke en vrouwelijke werknemers belonen? Indien niet, acht u het zinvol dit te (laten) onderzoeken?
  3. Kijkend naar het beloningsbeleid van de provincie Noord-Brabant zelf: kunt u uitsluiten dat er op het Provinciehuis sprake is van een ‘loonkloof’, d.w.z. van een onterechte ongelijke beloning van mannelijke vs. vrouwelijke provinciemedewerkers?
  4. Vindt u dat de provincie meer aandacht kan en moet besteden aan dit thema? Indien ja, hoe stelt u zich dat voor? Indien niet, waarom niet?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Huseyin Bahar, Ton Braspenning, Marcel Deryckere, René Kuijken, Stijn Steenbakkers en Roland van Vugt