Opinie Marianne van der Sloot – ‘Provincie: toon spierballen’

Opinie van Statenlid en fractievoorzitter Marianne van der Sloot in het Brabants Dagblad d.d. 20 april 2018.

Provincie: toon spierballen

Tekort aan personeel in de zorg, de bouw, de problemen met arbeidsmigranten. Voor een integrale aanpak is een regisseur nodig. De provincie kan het verschil maken.

Marianne van der Sloot

GASTOPINIE

Brabant doet het goed. Op heel wat lijstjes staat onze provincie bovenaan: hightechregio Eindhoven een van de slimste regio’s ter wereld, West-Brabant de logistieke hotspot van Nederland, Midden-Brabant dé plek waar je als toerist moet zijn geweest, het thuis van Olympisch én landskampioenen. We mogen er graag over vertellen. En terecht.

Toch is er geen reden om zelfvoldaan achterover te leunen. Want ondanks zonnige berichten over meer banen, meer vacatures en meer vaste contracten pakken donkere wolken zich samen boven de Brabantse arbeidsmarkt. De personeelstekorten in de zorg, de bouw en de logistiek lopen razendsnel op. Tegelijkertijd groeit het aantal arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa, maar is huisvesting in veel gemeenten een probleem.

Te groot

“Niet onze verantwoordelijkheid” was in de afgelopen jaren veelvuldig de reactie van de provincie op deze en andere vraagstukken. Wat mij betreft veranderen we dat in “Samen de schouders eronder”. Veel van de uitdagingen waar Brabant voor staat zijn te groot voor één gemeente en te regiospecifiek om vanuit Den Haag te worden opgepakt. Hier kan de provincie als middenbestuur een rol spelen.

Nederland vergrijst en Brabant vergrijst mee. Dat vergt meer handen aan het bed en meer gekwalificeerd mbo-personeel. Een gemeente alleen lost de tekorten niet op. Hoewel partijen hard werken aan een oplossing, zijn er nog steeds teveel zorg vacatures. Het nieuwe Actieprogramma Werken in de Zorg van het Rijk smeekt om een regionale uitvoering. En daar komt de provincie in beeld, die overheden, verzekeraars, onderwijs- en zorginstellingen kan helpen om méér mensen te interesseren voor een baan in de zorg, afspraken te maken over voldoende stageplekken en na te denken andere, efficiëntere manieren van werken.

Eenzelfde regionale aanpak is nodig in de bouw. Het tekort aan bouwvakkers en technici is groot. Dat is een probleem voor onze economie, voor de woningbouw, maar ook voor het halen van de klimaatdoelen (Brabant energieneutraal in 2050). Het aantal jongens en meiden dat kiest voor een bouw- of technische opleiding is bij lange na niet voldoende om het groeiende aantal vacatures, inmiddels meer dan 2.500, in te vullen. Het minste wat de provincie kan doen is met bouwbedrijven, brancheorganisaties en bouwopleidingen om de tafel gaan en vragen wat zij nodig hebben om die in te vullen. Aantrekkelijkere leslokalen? Bijscholing voor docenten? Een imagocampagne?

Uitbuiting

In de logistieke en agrarische sector zijn veel arbeidsmigranten werkzaam: mensen die huis en haard verlaten en voor een deel onze Brabantse economie draaiende houden. Momenteel zien we in onze provincie gevolgen ontstaan die we niet zouden moeten willen, zoals verdringing op de woningmarkt, uitbuiting en slechte huisvesting van werknemers en gevoelens van onveiligheid in wijken. Gemeenten worstelen ieder-voor- zich met dit onderwerp. Een integrale afstemming in de regio ontbreekt. Dit onderwerp vraagt om regie, die verder gaat dan de individuele gemeenten of het bedrijfsleven. Die handschoen zou de provincie moeten oppakken.

Bestuurskundige Klaartje Peters publiceerde in 2007 een boek over de provincie getiteld Het opgeblazen bestuur. Hierin stelt ze o.a. dat provincies hun bestaansrecht proberen te rechtvaardigen door zich belangrijker te maken dan ze daadwerkelijk zijn. Door meer taken op zich te nemen dan hen traditioneel toekomt. Wel, wat mij betreft mag de provincie juist nu meer dan ooit haar spierballen laten zien. Zichzelf opblazen is niet nodig, want ons middenbestuur verkeert in topconditie. In ’s-Hertogenbosch staat een toren vol kennis, plannenmakers en ronde tafels, van waaruit  veel kan worden gedaan. Dat is geen kwestie van kunnen, maar een kwestie van willen. Brabant kan wel degelijk het verschil maken.

Marianne van der Sloot is Lid van Provinciale Staten Noord-Brabant en fractievoorzitter van het CDA.

 

CDA op werkbezoek bij Vencomatic Group

Het CDA brengt op 19 februari een werkbezoek aan de Vencomatic Group in Eersel. Aan het werkbezoek nemen Tweede Kamerlid Jaco Geurts, Statenlid Ton Braspenning en verschillende plaatselijke CDA’ers deel, onder wie de raadsleden Henny van Dooren en Wim de Win en burger-lid Ria Bernards.

De Vencomatic Group is gespecialiseerd in de huisvesting van pluimvee, behandeling en verwerking van eieren en klimaatcontrole voor pluimveestallen. Het bedrijf ontwikkelt houderij systemen voor pluimvee, waaronder legnesten, zitstokken, inpakmachines voor eieren en volière systemen. Innovatie, duurzaamheid en dierenwelzijn spelen daarbij een belangrijke rol.

Op het programma van het werkbezoek aan de zgn. ‘Venco Campus’ staan o.a. een rondleiding door het meest duurzame industriële gebouw van Europa, een gesprek over de innovatie-agenda van de Vencomatic Group en verschillende andere actuele onderwerpen. Tijdens het bezoek spreekt de CDA-delegatie ook met Lotte van de Ven, per 1 mei a.s. de nieuwe CEO van de Vencomatic Group, en met Susanne Vonk-Stravens, manager van de pluimveespecialisten.

Het gezamenlijke werkbezoek is een initiatief van Jaco Geurts, woordvoerder landbouw, natuur en voedselkwaliteit en water namens de CDA Tweede Kamerfractie. De Brabantse en Eerselse CDA-fracties zijn blij met zijn komst. “Een prachtig idee om eens bij de Vencomatic Group op bezoek te gaan. Het is wereldwijd een toonaangevend bedrijf dat belangrijke ontwikkelingen doet voor de pluimveesector en tegelijkertijd bijdraagt aan maatschappelijke vraagstukken als innovatie, duurzaamheid en dierenwelzijn.” Aldus Ton Braspenning, Lid van Provinciale Staten Noord-Brabant voor het CDA.

Schriftelijke vragen over ‘solidariteit met Groningen’

Schriftelijke vragen van Statenleden Roland van Vugt en Ton Braspenning over ‘solidariteit met Groningen.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over solidariteit met Groningen.

Geacht college,

Het kabinet heeft gesproken: de gasproductie in Groningen wordt fors teruggeschroefd. Waarschijnlijk is dit een volgende stap naar het einde van het Groningse gastijdperk. Eindelijk gerechtigheid voor onze Groningse vrienden.

Het CDA Brabant realiseert zich daarbij overigens dat de consequenties groot zijn. Maar ook in dit dossier is solidariteit een werkwoord. De komende jaren zullen ook steeds meer Brabanders versneld van het gas gaan. In een uitzending van het consumentenprogramma Kassa op 3 februari jl. werd duidelijk dat mensen die het gas vaarwel willen zeggen met afsluitingskosten te maken krijgen. Deze verschillen nogal per netbeheerder. 

Het lijkt nogal een willekeur hoe netbeheerders hierop acteren. Het CDA zou graag zien dat Brabanders die van het gasnet af willen dit kosteloos kunnen realiseren. Temeer daar mensen die gasloos verder gaan al met een forse investering te maken krijgen.

Wij vragen u als aandeelhouder van Enexis daarom het volgende:

  1. Wilt u in kaart brengen hoe Enexis opereert ten opzichte van andere netbeheerders waar het gaat om het opzeggen van de gaslevering? Wilt u bij deze vergelijking in ieder geval Stedin betrekken?
  2. Bent u het met ons eens dat Brabanders, die voorop lopen met een gasloze woning, niet ontmoedigd zouden moeten worden door een forse rekening voor afsluiting?
  3. Bent u bereid hierover met Enexis in gesprek te gaan met als doel het kosteloos stopzetten van de gaslevering?
  4. Wilt u ons van de uitkomsten in kennis stellen?
  5. Hoe kijkt u, gelet op de enorme opgave waar ons land voor staat, aan tegen het feit dat nog steeds nieuwbouwwoningen en bedrijfspanden worden voorzien van een gasaansluiting?
  6. Hoe bent u voornemens hier de komende tijd mee om te gaan? 

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Roland van Vugt en Ton Braspenning

CDA: “Opleiden voor de banen van vandaag en morgen”

Het CDA in de provincie Noord-Brabant wil dat de provincie méér doet om jongeren op te leiden voor de banen van vandaag en morgen, bijvoorbeeld in de techniek of in de zorg. Hiertoe heeft de partij schriftelijke vragen gesteld aan het Brabantse provinciebestuur.

Op 26 januari jl. bracht het CDA een werkbezoek aan het Summa College in Eindhoven, waarna Statenlid Roland van Vugt constateerde dat “er nog steeds een aantal knelpunten bestaat tussen ideaal en praktijk”.

Van Vugt:

“Eén van de zaken waar we tegen aan liepen, is dat een aantal jongeren wordt opgeleid voor beroepen van het verleden. Een voorbeeld hiervan is de installatiebranche. Leerlingen worden niet opgeleid voor de technieken van morgen. Maar werkgevers vragen bijvoorbeeld nog steeds naar vaklieden/stagiair(e)s waar vandaag behoefte aan is. Bijvoorbeeld mensen die kennis hebben van gasketels in plaats van dat ze kennis hebben van zonnepanelen of warmtepompen. Wellicht dat mede hierdoor de overgang naar een energieneutraal Brabant in 2050 niet in volle omvang tot stand komt. Een grote gemiste kans in onze ogen.”

Daarnaast kiezen nog steeds te weinig jongeren voor een technische of zorgopleiding, wat volgens het CDA o.a. wordt veroorzaakt door slechte PR.

“Nog onvoldoende wordt aan leerlingen die op het punt staan een beroepskeuze te maken duidelijk gemaakt dat met hun keuze voor een technisch of zorgberoep zij bijdragen aan het oplossen van maatschappelijke vraagstukken, zoals een bijdrage aan gezond- en duurzaamheid. Inzet van Brabantse rolmodellen, bijvoorbeeld op basisscholen, om technische en zorgopleidingen te promoten zien wij nog steeds niet of onvoldoende terug.” Aldus Van Vugt.

De schriftelijke vragen die het CDA aan het provinciebestuur heeft gesteld zijn de volgende:

  1. Herkent u het door ons gesignaleerde knelpunt van opleiden voor beroepen van gisteren?
  2. Bent u het met ons eens dat dit voor een deel de energietransitie in de weg kan staan?
  3. Wat kunt u hier vanuit uw provinciale rol aan doen?
  4. Wat doet u momenteel hieraan?
  5. Herkent u het door ons gesignaleerde gebrek aan inzet van Brabantse rolmodellen om technische beroepen meer sexy en maatschappelijk relevant te maken? Misschien hebben we een Brabantse technovlogger nodig.
  6. Wat doet u hieraan?
  7. Wat kunt u hieraan doen?

Met deze vragen hoopt het CDA de provincie aan te sporen tot actie om tot een betere afstemming te komen tussen onderwijs, arbeidsmarkt en samenleving.

Schriftelijke vragen over realisatie windenergie op land

Schriftelijke vragen van Statenleden Roland van Vugt (CDA) en Hermen Vreugdenhil (CU-SGP) over de realisatie van windenergie op land.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over realisatie windenergie op land.

Geacht college, 

Het realiseren van windenergie op land begint met het hebben van een grondpositie (eigendom, pacht of recht van opstal).

Ook in Brabant melden zich buitenlandse investeerders.

01. Heeft het college een beeld van de omvang van hun markt/ grondposities?

02. Zo ja, kunt u de omvang en locaties duiden?

03. Hebt u contact hierover met buitenlandse partijen?

De CDA-fractie en de CU/SGP-fractie maken zich zorgen of in deze situaties het mogelijk is opbrengsten van windmolens terug te laten vloeien naar de regio (sociale participatie).

04. Deelt u onze zorg?

05. Op welke wijze kan sociale participatie geborgd worden?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet.

Met vriendelijke groet,

Roland van Vugt (CDA) en Hermen Vreugdenhil (ChristenUnie-SGP)

Spreektekst Stijn Steenbakkers – Debat over de provinciebegroting 2018 10/11

Spreektekst1 Stijn Steenbakkers – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over de provinciebegroting 2018
(10-11-2017)

Voorzitter,

Vandaag bespreken we de begroting 2018. Het laatste, echt volledige jaar van deze periode, want in 2019 staan de verkiezingen weer voor de deur. Voor het CDA was oppositievoeren in 2015 nieuw, hoewel ik er wel bij moet opmerken dat we er als partij de laatste jaren in Nederland toch steeds meer ervaring in beginnen te krijgen.

Maar voorzitter, wij hebben ons vanaf het begin voorgenomen om onze grondwettelijke, controlerende taak vanuit de oppositie constructief maar zeer kritisch uit te oefenen. We zaten en zitten enthousiast en strak in de wedstrijd, maar de lijn is simpel: de goede voorstellen steunen we, en proberen we beter te maken, de slechte voorstellen steunen we niet en daar komen we met alternatieven.

En voorzitter, zo’n laatste, echt volledige begroting is toch een moment om eens even terug te kijken wat het college nu al heeft bereikt, wat er nu van het bestuursakkoord is ingevuld en ook om vooruit te kijken naar 2018 en begin 2019.

Laat ik beginnen met te zeggen aan het college, maar ook aan de coalitiepartijen, alle vier, dat er echt zaken bij zitten die het CDA goed vindt en dan ook van harte heeft ondersteund. Ik moet dan bijvoorbeeld denken aan JADS, aan de faciliteit in Woensdrecht, zonne-energie en de sportclubs, de agenda van gedeputeerde Van Merrienboer t.a.v. leegstand en ook afgelopen week de ingreep bij de jachthaven in Raamsdonk. Dus voorzitter, het is echt niet zo dat alles wat dit college doet waardeloos is en vroeger alles beter was. Beslist niet. Ik hecht er zeer veel waarde aan om daar mee te openen richting GS en de coalitiepartijen. Maar… u voelt hem al aankomen.

Maar als je nu écht de balans opmaakt, écht ziet hoe het gaat, écht kijkt waar we nu staan als provincie, is het CDA samen met heel veel Brabanders vooral heel erg teleurgesteld. En voorzitter, als jonge vader weet ik dat teleurstelling uitspreken vaak nog erger is dan boos worden. Dus misschien helpt dat vandaag bij dit college en de collega’s om de koers in 2018 nog echt te veranderen.

Maar voorzitter, waarom zijn wij dan vooral teleurgesteld? Het hoofddoel van dit college was toch dat het alles op een nieuwe, verbindende manier maar vooral sámen met de Brabanders wilde gaan doen? Het hele bestuursakkoord staat vol met wollige teksten hierover. Ze zijn haast niet te tellen. Ik citeer er even een paar. Puur ter herinnering aan wat u zelf hebt opgeschreven.

‘Dat vraagt meer dan voorheen om flexibel en dynamisch te opereren van het provinciebestuur. Slim en constructief meebewegen met initiatieven vanuit de samenleving.’

of

‘We moeten als overheid meer loslaten en ruimte bieden aan initiatief van onderop in goede samenwerking.’

en tot slot

‘Beleid ontstaat steeds meer uit co-creatie in horizontale verbanden.’

Voorzitter, dat ‘samen’ en ‘verbindende’ is iets dat het CDA van oudsher zeer aanspreekt. Zo is Brabant groot geworden. Maar de vraag is: als u echt eerlijk in de spiegel kijkt, als u puur reflecteert, als u dat durft, vindt u dat dan gelukt? Of juist niet?

Voorzitter, al die mooie teksten: ‘samenwerken’, ‘van onderop’, ‘co-creatie’. Dat heeft een aantal Brabanders, organisaties en partners van de provincie geweten na 2,5 jaar lang dictaten en verassingen uit ’s-Hertogenbosch.

  • Vraag maar eens aan de cultuursector, de philharmonie zuidnederland bijvoorbeeld, hoe betrouwbaar er volgens hen wordt samengewerkt.
  • Vraag maar eens aan mensen en partijen actief op het domein van sociale veerkracht en leefbaarheid hoe betrouwbaar en goed signalen van onderop worden opgepikt.
  • Of aan de provincie Limburg of het Rijk, als belangrijke partners in het veehouderijdossier, of de philharmonie hoe transparant en open de samenwerking is.
  • Of vraag de gemeentes Haaren en Nuenen maar eens hoe flexibel en dynamisch er van onderop wordt bewogen door dit provinciebestuur.
  • Of vraag aan de ouderen hoe goed er is samengewerkt en gecommuniceerd met hen en de ouderenbonden.
  • Of vraag de ZLTO/de boeren in Brabant hoe de ‘co-creatie’ van dit liberale college hen tot dusver bevalt in het veehouderijdossier.

Voorzitter, bij samenwerken en communiceren zijn er natuurlijk altijd twee partijen nodig. Het is dus niet zwart of wit en wij schuiven de schuld in alle genoemde gevallen ook niet voor de volle 100% in uw schoenen. Maar feitelijk is het natuurlijk gewoon wél zo dat onder dit college met al deze partijen geruzie, gedoe of ge-emmer is, er weinig tot geen voortuitgang wordt geboekt en de verhoudingen op scherp staan.

Voorzitter, bijna wekelijks zien we brieven en artikelen in de krant over de rol, houding en communicatie van dit college. Niet van één sector, niet van één partij maar van veel verschillende mensen, groepen of organisaties.
Voorzitter, in uw eigen bestuursakkoord had u zo’n groot hoofddoel en wordt er zoveel gesproken over ‘samenwerking’, ‘co creatie’, ‘van onderop’ en weet ik wat al niet meer.

Wat is in een aantal gevallen de praktijk dan toch anders:

  • u wilde verbinden, maar creëerde afstand;
  • u wilde co-creëren, maar zaaide argwaan;
  • u wilde het samen doen, maar lijkt vooral bezig met het in stand houden van het eigen verstandshuwelijk.

Voorzitter, hoewel ik het zelf te sterk aangezet vond hoorde ik dit laatst op een bijeenkomst over herindelingen. ‘Een zweem van liberale arrogantie is te horen, te voelen en te ruiken rondom de Brabantlaan 1. Zoiets van: wij verlichte en gestudeerde bestuurders uit ‘s-Hertogenbosch zullen het eens helemaal anders gaan doen en u vertellen hoe het moet.’ Voorzitter, het CDA vindt dit ietwat te sterk uitgedrukt, maar snapt de opmerking wel. Het geeft aan hoe houding, gedrag en communicatie aan de andere kant kunnen worden beleefd. Reflecteert u daar als college genoeg op?

Voorzitter, nogmaals: bij samenwerking en communicatie is het niet vaak zwartwit. Maar voorzitter, het is ook nog niet te laat. We gaan niet met een flauwe motie komen, maar verzoeken u op dit punt echt eens stevig met elkaar te reflecteren op de hei. Een verzoek met klem om uw koers te wijzigen. Verander uw houding richting Brabant en ga daadwerkelijk het constructieve gesprek aan. Als u de helft van alle teksten over ‘samenwerking’ en ‘co-creatie’ uit het bestuursakkoord invult met deze partijen zijn wij al dik tevreden.

Voorzitter, dat is onze hoofdboodschap vandaag. Onze verdere inbreng zal eerst kort gaan over een aantal financiële punten in de begroting en vervolgens meer uitgebreid over de voorstellen die het college doet voor 2018 én een aantal aandachtspunten en alternatieven die het CDA heeft op enkele dossiers.

Financiën
Voorzitter, het CDA wil beginnen met de gedeputeerde en alle ambtenaren te danken voor het heldere stuk werk dat is afgeleverd. Wij hebben eerst een financieel punt dat we met de gedeputeerde willen bespreken.

Voorzitter, de gedeputeerde van Financiën weet dat ik hem hoog heb zitten en hem zie als een gedeputeerde die structurele houdbaarheid van de financiën hoog in het vaandel heeft staan, problemen niet vooruit wil schuiven en helderheid en transparantie essentieel vindt. Voorzitter, en om die reden verbaast het me zo dat de gedeputeerde akkoord is gegaan met een in mijn ogen onhoudbare, niet heldere financiële doelredenering voortkomend uit het bestuursakkoord. Voorzitter, men had namelijk besloten om alle uitgaven van de provincie in de toekomst niet te indexeren voor loon- en prijsstijgingen van in totaal circa 3%. De redenering was dat, omdat de MRB inkomsten niet werden geïndexeerd, in 2015-2019 de uitgaven ook maar niet moesten worden geïndexeerd. Dat lijkt me de omgekeerde weg: omdat we besluiten de MRB inkomsten niet te indexeren, vindt er plotseling geen inflatie meer plaats?

Voorzitter, ik moet daarbij direct denken aan de situatie wanneer je verstoppertje gaat spelen met een kind van 2 jaar oud, en vele papa’s, mama’s, opa’s, oma’s en tantes en ooms in de zaal zullen het herkennen. Wanneer je met een kind van 2 verstoppertje speelt, jij zoekt en het kind moet zich verstoppen, is hij of zij in de oprechte en volle overtuiging dat wanneer hij/zij de handen voor de ogen doet, andere mensen hem/haar absoluut niet kunnen zien. Voorzitter, daar lijkt het niet indexeren in toekomstige jaren ook een beetje op. Nu doet het college de handen voor de ogen t.a.v. prijsstijgingen, maar wij zien ze nog steeds zitten en de prijsstijgingen ook. Je weet dat in de toekomst prijzen voor lonen/goederen gaan stijgen en de provincie dus meer zal moeten uitgeven voor dezelfde diensten/goederen. Wanneer je dus niet indexeert vanaf 2020, zoals nu gebeurt, zadel je eigenlijk toekomstige colleges en Staten op met een mogelijk probleem en een niet realistische begroting. De oplossing met de stelpost van 4 miljoen euro lijkt me daarbij volstrekt onvoldoende. Dit is immers nog geen 0,33% van de begroting voor 2018. Voorzitter, daarom komen wij met een amendement.

Versnelling transitie veehouderij
De Brabantse veehouderij ontwikkelt zich tot een slimme, maatschappelijk gewaardeerde én duurzaam renderende sector. Als dank daarvoor stort dit college generieke regelgeving uit over de gehele provincie, voor een probleem dat niet in de hele provincie speelt, en laten we zo investeringsvolume van boeren, wat nodig is voor innovatie, verloren gaan.

Investeren in nieuwe staltechnieken: prima, vooral doen. Investeren in nieuwe mesttechnieken: zeker doen, want dat draagt bij aan het circulair maken van de landbouw. Maar wij missen het belangrijkste: het samen doen met de Brabantse partners. Constant hebben we gevraagd om samen op te trekken en de mogelijkheden die er liggen te benutten: het Actieplan Vitalisering Varkenshouderij, het ministerie maar vooral met de boeren zélf. Maar u had vaak oogkleppen op.
Gelukkig is het nieuwe regeerakkoord een herkansing. Een herkansing om maatwerk te bieden, een herkansing om draagvlak te winnen en het beleid uiteindelijk succesvoller te maken. Samen. Ook met het CDA.

Dit kabinet heeft 200 miljoen euro vrijgemaakt voor warme sanering, prioritair voor Brabant: 100 miljoen euro in 2018 en 100 miljoen euro in 2019, blz. 46 en 60 van het regeerakkoord. Ga dáár mee aan de slag, een uitgelezen mogelijkheid om daar waar het werkelijk knelt bij wonen en natuur een slag te slaan. Voorzitter, en ik had nooit gedacht dit ooit te zullen zeggen, maar het CDA had het niet mooier kunnen verwoorden dan Alexander Pechtold. “We gaan voor gerichte warme sanering zonder dat boeren voelen dat ze gepest worden”. Dan is het natuurlijk van de gekke dat wij als provincie 75 miljoen euro gaan inzetten voor generiek beleid zónder samenhang met deze pot van 200 miljoen euro uit het Rijk. Die 200 miljoen euro is een nieuwe ontwikkeling. Hier moet eerst duidelijkheid over komen. Wij dienen daarom een amendement en een motie in.

Agrarische leegstand en Criminaliteit
Voorzitter, dan agrarische leegstand. Leegstand en criminaliteit gaan hier vaak hand in hand. In de laatste weken zijn de artikelen in de media over criminaliteit en (leegstaand) agrarisch vastgoed niet te tellen. Veel agrariërs die een andere functie overwegen lopen echter tegen ellelange procedures aan. Dit verhoogt de kans op leegstand en oneigenlijk gebruik.
Wij vragen u dan ook om aan de slag te gaan met een procedureversneller richting gemeenten op dit punt. Het is twee voor twaalf. Wij dienen daarom de motie procedureversneller in.

Energie
Voorzitter, we hebben al eerder geconcludeerd dat er gas op de plank moet t.a.v. duurzame energie. We lopen achter. Het CDA ziet dat de gedeputeerde de eerste stappen heeft gezet t.a.v. zonne-energie en verschillende sportorganisaties. Heel mooi: complimenten. Maar het CDA vindt de ambities t.a.v. duurzame energie nog aan de lage kant en téveel op gemeenten gericht. Natuurlijk is het belangrijk dat de inzet van duurzame energie goed verankerd wordt in de lokale bestuursakkoorden, maar daar regel je 0,0 meer duurzame energie mee. Ga gewoon als provincie concreet aan de slag. Het CDA komt met twee amendementen en een motie, wat in totaal moet zorgen voor een concreet intensiveringsalternatief op het gebied van duurzame energie.

Wij stellen voor om maximaal in te zetten op zonne-energie voor alle sportclubs in Brabant, maar óók de grote VvE’s (Verenigingen van Eigenaren) in de Brabantse steden. Hier willen we 30 miljoen euro extra middelen revolverend voor uittrekken. Dekking zou kunnen worden gevonden uit gereserveerde middelen in het breedbandfonds, die nu niets aan het doen zijn. Als het college overigens een alternatieve dekking ziet, staan we altijd open voor discussie. Het gaat om 20 miljoen euro voor sportclubs en 10 miljoen euro voor de VvE’s. Dit geld kan als lening worden gebruikt om zonnecollectoren aan te schaffen en aan te leggen en met de korting op de energierekening wordt de lening vervolgens terugbetaald. Dit is zowel voor sportclubs als voor VvE’s een oplossing voor de problemen waar zij nu tegenaan lopen. En op de langere termijn, wanneer de lening is terugbetaald, leidt het tot financieel krachtigere sportclubs/VvE’s. Zo versterk je ook de sociale veerkracht van de Brabantse samenleving.

Voorzitter, maar het zit niet alleen in geld of leningen. Wanneer je zoals ik geboren bent in ’87, dan ben je als jongetje opgegroeid met de tweede, derde misschien zelfs vierde serie herhalingen van het A-team. Het A-team met een A. Waarschijnlijk zitten hier mensen in de zaal die nog bij de première van de allereerste aflevering zijn geweest, maar de meesten kennen ze allemaal wel: Hannibal, Face, Murdoch en BA. Brabant heeft nu ook behoefte aan een E-team, niet met een A maar met een E. Voorzitter, ik bedoel een Energieteam. Gemeenten/lokale initiatieven gaan of zijn aan de slag met duurzame energie, maar soms lopen ze vast. Op het gebied van kennis, kunde of kassa. Bij de provincie en de BOM is veel kennis aanwezig. Wij zouden graag zien dat er een Energieteam wordt samengesteld, dat gemeenten kan ondersteunen. Dit past in het beleid van de gedeputeerde t.a.v. verankering van duurzame energie bij gemeenten/lokaal niveau.

Leefbaarheid en Sociale Veerkracht
Voorzitter, zoals eerder in debatten gedeeld vinden wij het beleid t.a.v. sociale veerkracht/leefbaarheid van dit college niet sterk. Natuurlijk is het mooi promotieplekken of een leerstoel te creëren, maar wat schiet de Brabander daar nu concreet mee op? Stop nu eens met al die papieren tijgers en bureau-ideeën. Als je iets aan de leefbaarheid wil doen, dan moet je als provincie initiatief pakken wanneer Brabanders het écht nodig hebben.

Bijvoorbeeld in Olland, waar inwoners anno 2017 nog op tuinhuisjes moeten klimmen om mobiel bereik te hebben. En dan zien we de antwoorden van dit college: ‘we zullen een brief naar het ministerie sturen, maar wij gaan hier niet over’. Voorzitter, neem nu eens concreet initiatief. Breng mensen bij elkaar en los het op. We hebben goede koffie in Brabant en nog betere worstenbroodjes. Zet alle partijen, EZ, de telecomprovider en de gemeente Meierijstad om de tafel en kijk hoe je concreet met elkaar het probleem kunt verhelpen. Graag een toezegging hierop.

Voorzitter, ook pleiten wij voor herintroductie van de succesvolle ‘doe-budgetten’ én de Dorpen Derby. Als provincie aanjagend en stimulerend zijn, zodat mensen van onderop zaken kunnen creëren, samen mét de provincie. Ziet u daar wat in, gedeputeerde Swinkels?

Mobiliteit
Voorzitter, dan mobiliteit. Wij moeten onze wegen en kapitaalgoederen goed onderhouden. In dat kader vroegen wij ons af of de automobilisten, zo’n beetje de enige belastingbetalers aan de provincie, die grofweg zorgen voor 20% van de inkomsten, nu zo blij zijn met het jaar 2018. 2018 wordt het jaar waarin nog nooit zo weinig uitgegeven gaat worden aan wegenonderhoud sinds in ieder geval 2015. Verder heb ik niet gekeken. Voorzitter, wij pleiten voor een extra onderhoudsimpuls in 2018 (zoals ook in 2016 is gebeurd) waar nodig en willen hier 1 miljoen euro voor reserveren uit de vrije begrotingsruimte. Concreet doel is om alle provinciale wegen waar de kwaliteit te wensen over laat, maar nog niet zo slecht is dat ze formeel moeten worden onderhouden/vervangen, nu vroegtijdig al onder handen te nemen. Prioriteit daar bij zijn die onderhoudswerkzaamheden die de verkeersveiligheid verhogen. Hiertoe dienen wij een amendement in.

Voorzitter, dan is er een urgente kwestie m.b.t. truckers en Brabantse truckplaatsen. Brabant kent belangrijke logistieke hotspots, zoals West-Brabant. Onder vrachtwagenchauffeurs en transportondernemers bestaat behoefte aan beveiligde parkeerplaatsen, voorzien van sanitaire voorzieningen en horeca. Er is momenteel een gebrek aan (beveiligde) parkeerplaatsen in onze provincie. In combinatie met een aanstaand verbod op cabineovernachten en de strenge regels voor rij- en rusttijden komen vrachtwagenchauffeurs én transportondernemers hierdoor in de problemen. Afgelopen zomer is op Hazeldonk een beveiligde truckparking geopend, mede mogelijk gemaakt door o.a. het bedrijfsleven de BOM. Wij zouden willen dat er méér truckparkings in Brabant komen naar voorbeeld in Hazeldonk. En vragen via een motie of de provincie Noord-Brabant dit wil aanjagen/bewerkstelligen.

Voorzitter, tot zover mijn eerste termijn.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Stijn Steenbakkers provinciebegroting 2018 (10 november 2017)

CDA over provinciebegroting: aandacht voor duurzame energie, infra en landbouw

Het CDA wil dat de provincie Noord-Brabant meer doet aan duurzame energie, infrastructuur en landbouw. De partij dient hiertoe verschillende moties (verzoeken aan het provinciebestuur) en amendementen (tekstuele wijzigingsvoorstellen) in tijdens het debat over de provinciebegroting 2018, waarover Provinciale Staten vandaag debatteert.

Zo wil het CDA dat de provincie 30 miljoen euro beschikbaar stelt als lening aan sportclubs en Verenigingen van Eigenaren (VvE’s) om zonnepanelen op hun daken te leggen. Het terugbetalen van deze leningen kan via de korting op de energierekening. Ook moet er wat het CDA betreft een zgn. ‘E-team’ komen, een provinciaal Energieteam dat gemeenten en lokale energie-initiatieven helpt met het krijgen van kennis, kunde en financiële middelen.

Daarnaast pleit het CDA voor een extra impuls van 1 miljoen euro voor het onderhoud aan provinciale wegen. De uitgaven aan wegenonderhoud dreigen in 2018 nl. lager dan ooit in deze bestuursperiode te worden. “Juist om onze Brabantse wegen nog veiliger te maken wil het CDA daarom extra geld vrijmaken voor onderhoud”, aldus Statenlid Stijn Steenbakkers. Het CDA vraagt tevens aandacht voor de werk- en leefomstandigheden voor vrachtwagenchauffeurs en transportondernemers. Die moeten worden verbeterd door méér beveiligde truckparkings met sanitair, zoals bij Hazeldonk, aan te leggen. De provincie zou dit moeten aanjagen.

Ten aanzien van de landbouw stelt het CDA voor om de provinciale plannen voor de veehouderij te ‘bevriezen’, totdat duidelijk is hoe de 200 miljoen euro voor warme sanering uit het regeerakkoord in Brabant gaat landen. Het CDA ziet nl. niets in 75 miljoen euro provinciegeld voor generieke regelgeving voor de hele sector, als er tegelijkertijd 200 miljoen euro beschikbaar is voor gerichte, warme sanering in gebieden waar het echt knelt. In de strijd tegen criminaliteit op het platteland wil het CDA dat de provincie procedures voor en richting gemeenten gaat versnellen om leegstand en oneigenlijk gebruik van agrarische gebouwen tegen te gaan.

Behalve aandacht voor duurzame energie, infrastructuur en landbouw vraagt het CDA in het begrotingsdebat ook aandacht voor het thema leefbaarheid. De provincie zou een actieve rol moeten pakken bij het oplossen van concrete leefbaarheidsvraagstukken, zoals slecht mobiel telefoonbereik in bijvoorbeeld een dorp als Olland. Het CDA blijft pleiten voor herintroductie van de ‘doe-budgetten’ voor kleine leefbaarheidsprojecten én voor een terugkeer van de succesvolle ‘Brabantse Dorpen Derby’.

Grootste zorg- en kritiekpunt van het CDA is de wijze waarop en de houding waarmee het huidige college van Gedeputeerde Staten de provincie op dit moment bestuurt.

Statenlid Stijn Steenbakkers, woordvoerder financiën en economische zaken:

“In de afgelopen 2,5 jaar konden we keer op keer in de krant lezen hoe de provincie rollebollend over straat ging met een vrijwilligersorganisatie, belangengroep, ondernemer of andere overheid. Van de philharmonie zuidnederland tot de ouderenbonden, van de inwoners van herindelingsgemeenten als Haaren en Nuenen tot de boeren, en van buurprovincies Limburg en Gelderland tot het Rijk.

VVD, SP, D66 en PvdA hadden in 2015 hun mond vol van ‘verbinden’, ‘co-creëren’ en ‘samen doen’. Hun hele bestuursakkoord staat er mee vol. Maar in de praktijk pakt dit toch vaak heel anders uit en wordt er onrust en argwaan gecreëerd. Als CDA doen we daarom op hen een klemmend beroep om deze eenzijdige, soms drammerigere manier van besturen in 2018 te veranderen. Met constructief overleg en gedragen besluiten is Brabant groot geworden en komt Brabant in beweging. Of zoals het spreekwoord zegt: alleen ben je sneller, maar samen kom je verder.”

CDA: provincie heeft grote beurt nodig

Extra inzet en reparaties zijn nodig, wil de provincie Noord-Brabant door haar jaarlijkse APK-keuring komen. Dat constateert het CDA tijdens het debat over de Perspectiefnota 2017, dat vandaag plaatsvindt.

In de Perspectiefnota kijkt de provincie terug én blikt vooruit op de ontwikkelingen in Brabant én debatteert over de ambities uit het in 2015 gesloten Bestuursakkoord Beweging in Brabant.

Volgens het CDA komt de gewenste beweging in Brabant maar moeizaam op gang en is er op sommige thema’s zelfs sprake van stilstand. Marianne van der Sloot, fractievoorzitter van de Brabantse CDA-fractie, pleit voor meer gas op de plank. “Dit college zit teveel achter de tekentafel en te weinig in de samenleving, waardoor Brabant nauwelijks vooruit komt.”

Als voorbeeld noemt Van der Sloot het arbeidsmarktbeleid van de provincie. “We lezen dat Brabant booming is, maar tegelijkertijd zijn er bedrijven met honderden vacatures tegenover een werkloosheidspercentage van 5%. Daar moet de provincie wat aan doen.”

Ook de leefbaarheid in Brabant staat onder druk, aldus Van der Sloot, die in haar bijdrage wijst op het ontbreken van een sociaal beleid voor kwetsbare groepen. Ook hekelt het CDA de bezuinigingen op erfgoed, nu het Europees jaar van het Erfgoed voor de deur staat. De aanpak van drugsgerelateerde criminaliteit verdient behalve in Den Bosch ook de allerhoogste prioriteit in Den Haag.

Andere punten waar het CDA aandacht voor vraagt, zijn o.a. de snelle realisatie van een intercitystation Eindhoven Airport, de bereikbaarheid van Oost-Brabant via de Oost-West verbinding en de snelle verduurzaming van veerdiensten en sportclubs.

Het CDA besluit haar APK-keuringsrapport met twee reparatieverzoeken: om de kloof tussen de kiezer en politiek te dichten, moet elke Brabantse scholier het Provinciehuis kunnen bezoeken én moeten provinciale documenten als de Perspectiefnota voortaan in duidelijkere, begrijpelijkere taal worden geschreven. “Geen termen als valorisatieprogramma’s, multi-helix partners en cross-overs meer”, betoogt Van der Sloot.

Het CDA hoopt dat de provincie de aanbevelingen overneemt en alsnog door de APK komt. Mocht dat onverhoopt niet het geval zijn, dan zal het CDA verschillende moties indienen om de gewenste reparaties tot stand te brengen.

Klik op de volgende link om de spreektekst van Marianne van der Sloot in te zien: Spreektekst Marianne van der Sloot PPN 2017 (21 april 2017).

Schriftelijke vragen over de import van groen gas door Essent

Schriftelijke vragen van Statenleden Roland van Vugt en René Kuijken over de import van groen gas door Essent.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over de import van groen gas door Essent.

Geacht college, 

Deze week bereikte ons via Omroep Brabant het bericht dat Essent 20 miljoen kuub groen gas uit Engeland importeert1. Dat lijkt goed nieuws, maar de vraag is of het slim is.

Uit de Perspectiefnota, die u onlangs vol trots presenteerde, blijkt uit alle infographics dat de provinciale ambitie op het gebied van duurzame energie op alle fronten achterloopt.

Niet alleen heeft de provincie op het gebied van duurzame energie, maar ook ten aanzien van elektrisch rijden, een grote ambitie, Brabant heeft óók een groot mestoverschot, een Green Chemistry Campus, vrachten rioolslib, een Biomassaplein enzovoort.

De grote vraag is nu hoe Essent vanuit Brabant kan worden gefaciliteerd, zodanig dat hen een oversteek van de Noordzee kan worden bespaard. Daarom aan u de volgende vragen:

  1. Wat doet u nu om Essent hierin te faciliteren?
  2. Wat kunt u doen om Essent hierin te faciliteren?
  3. Wat gaat u doen om Essent hierin te faciliteren?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Roland van Vugt en René Kuijken

1 Zie http://www.omroepbrabant.nl/?news/263057902/Essent+haalt+groen+gas+uit+Engeland+want+de+vraag+is+zo+groot.aspx.

CDA op werkbezoek bij Coca-Cola in Dongen

Het CDA brengt op 27 januari a.s. een werkbezoek aan Coca-Cola in Dongen. Aan dit werkbezoek nemen o.a. zittend Tweede Kamerlid Erik Ronnes, kandidaat-Kamerlid Stijn Steenbakkers, Statenlid Marianne van der Sloot (fractievoorzitter) en verschillende plaatselijke CDA’ers deel.

Coca-Cola is sinds 1957 gevestigd in de gemeente Dongen. De fabriek, waar ruim 300 mensen werkzaam zijn, is recent gerenoveerd en op 27 juni jl. heropend. Coca-Cola produceert, distribueert én verkoopt er behalve Coca-Cola óók verschillende andere frisdrankmerken. Bijvoorbeeld Fanta, Sprite en Nestea.

Het CDA staat voor een eerlijke economie, waarin iedereen moet kunnen meeprofiteren van het werk dat we sámen verzetten: werkgevers én werknemers. Voor het CDA is een eerlijke economie óók een duurzame economie, waar ondernemerschap loont en groei en bedrijvigheid de toekomst van onze kinderen versterken in plaats van belasten.

In Brabant maakt het CDA zich al geruime tijd hard voor de maakindustrie in deze provincie. Zo pleitte het CDA bij de begrotingsbehandeling 2017 van de provincie Noord-Brabant o.m. voor een onderzoek naar een Maakindustrie Fonds. Bedoeld om méér maakindustrie aan te trekken en mbo-geschoolde arbeid naar Brabant te halen. Dat is nodig, want maar liefst 10% van de laagopgeleiden in Brabant is werkloos. Aldus Marianne van der Sloot, fractievoorzitter van het CDA in de Provinciale Staten van Noord-Brabant.

Kamerlid Erik Ronnes over het bezoek aan Coca-Cola:

“Als CDA zijn we blij dat we bij Coca-Cola te gast mogen zijn. Het is het bekendste frisdrankmerk ter wereld en nauw verbonden met de regio Midden-Brabant. We zijn benieuwd naar de nieuwe fabriek en gaan graag in gesprek over onderwerpen als duurzaam produceren, arbeidsmarktbeleid én natuurlijk ons eigen CDA-thema: de eerlijke economie.”