CDA: hoe kwetsbaar zijn onze kleine vliegvelden voor criminaliteit?

Het CDA vraagt zich af hoe kwetsbaar de kleine vliegvelden in Brabant zijn voor criminaliteit en heeft hierover schriftelijke vragen gesteld aan het provinciebestuur. Het betreft de kleine, regionale burgerluchthavens Breda International Airport (gelegen in Bosschenhoofd, gemeente Halderberge) en Kempen Airport (gelegen in Budel, gemeente Cranendonck). Beide vallen onder bevoegdheid van de provincie.

Aanleiding voor de vragen is een signaal vanuit de Koninklijke Marechaussee eerder dit jaar, die waarschuwde voor het gebrek aan toezicht op de elf kleine luchthavens die Nederland telt. Omdat hier geen permanent, dat wil zeggen 24/7, fysiek toezicht aanwezig is, zouden deze vliegvelden gevoelig zijn voor criminele activiteiten. Bijvoorbeeld mensenhandel en drugssmokkel.

Op 23 mei jl. debatteerde de Tweede Kamer op initiatief van Kamerlid Van Toorenburg (CDA) over deze kwestie. Uit dit Kamerdebat kwam o.a. naar voren dat er op dit moment weinig zicht is op evt. ondermijnende criminaliteit bij kleine luchthavens. Duidelijke cijfers ontbreken. Het CDA in Provinciale Staten wil weten of Brabant risico loopt en stelt het provinciebestuur de volgende vragen:

01. Bent u bekend met de signalen zoals die eerder dit jaar zijn afgegeven door de Marechaussee?

02. Wat is het actuele regionale ondermijningsbeeld voor de kleine, regionale burgerluchthavens in Brabant, Breda International Airport en Kempen Airport? Zijn u incidenten bekend?

03. Is er op beide vliegvelden sprake van 24/7 fysiek toezicht? Indien niet, leidt dit volgens u tot een verhoogd risico op criminele, ondermijnende activiteiten?

04. Wie is of zijn in Brabant verantwoordelijk voor het toezicht en de veiligheid op en rond kleine vliegvelden (zowel in beleid, uitvoering als financieel)?

Als CDA Brabant hebben wij recent gepleit voor meer robuuste, onorthodoxe maatregelen in de strijd tegen (drugs)criminelen, zoals cameratoezicht en kentekenregistratie bij de toegang tot natuurgebieden (bijvoorbeeld de Biesbosch of de Loonse en Drunense Duinen).

05. Hoe staat u tegenover permanent cameratoezicht op en rond kleine vliegvelden (zodat we zicht hebben op wie zich daar ophoudt)?

Via de campagne Eyes & Ears roept de Marechaussee de hulp in van omwonenden, piloten en vliegveldpersoneel bij het signaleren van verdachte situaties rondom kleine vliegvelden.

06. Wat zijn de status en resultaten van deze campagne, in het bijzonder t.a.v. de kleine, regionale burgerluchthavens in Brabant? Bent u evt. bereid deze campagne een nieuwe impuls en de nodige publiciteit te geven, om zo (nog) meer bewustwording en waakzaamheid onder omwonenden van kleine vliegvelden te creëren?

Statenlid Marcel Deryckere (CDA): “Gegeven de signalen uit de Marechaussee vragen wij ons af hoe kwetsbaar de kleine vliegvelden in Brabant zijn voor criminaliteit. Immers: overheidsdiensten zijn niet permanent op kleine vliegvelden aanwezig, de terreinen zijn een groot deel van de tijd onbewaakt en soms relatief eenvoudig binnen te dringen. Wanneer er inderdaad sprake is van een, verhoogd, risico op criminele activiteiten op en rond deze vliegvelden, is het belangrijk dat we dat weten én ernaar kunnen handelen.”

Klik op de volgende link om de schriftelijke vragen te bekijken: Schriftelijke vragen over criminaliteit kleine vliegvelden.

Schriftelijke vragen over onorthodoxe anti-drugsmaatregelen

Schriftelijke vragen van Statenleden Roland van Vugt, René Kuijken en Marcel Deryckere over onorthodoxe anti-drugsmaatregelen.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over onorthodoxe anti-drugsmaatregelen.

Geacht college,

Deze week kopte het Brabants Dagblad dat de politie in Brabant een extra toename van lozingen van drugsafval verwacht met name in afgelegen natuurgebieden. De extra dumpingen zouden te maken hebben met de extra productie van drugs vanwege de start van het festivalseizoen.

Dergelijke dumpingen zijn niet alleen slecht voor het milieu, maar leveren ook een gevaar op voor de volksgezondheid. Daarnaast zien wij ook een toenemend veiligheidsrisico voor onze inwoners, omdat drugsdumpers steeds brutaler worden en zich nietsontziend gedragen. Je zult als argeloze bezoeker in een afgelegen Brabants natuurgebied maar bij toeval op dumpende criminelen stuiten.

Inmiddels is ons en u genoegzaam bekend dat het toezicht in deze gebieden verre van optimaal is.

Hoewel het CDA de inspanningen van de provincie om dit probleem aan te pakken waardeert, zien wij toch nog een aantal mogelijkheden die zouden kunnen helpen. 

Wij zouden graag zien dat uw college in overleg met politie en gemeenten enkele experimenten opzet met alternatieve vormen van toezicht ter bestrijding van het dealen in en dumpen van drugs. Wij denken hierbij specifiek aan het plaatsen van camerapoorten. Een natuurgebied als de Biesbosch met slechts enkele toegangswegen zou zich wat ons betreft hiervoor prima lenen. Maar ook bij andere natuurgebieden, zoals de Loons en Drunense Duinen, zou dit een mogelijkheid kunnen zijn. Een andere variant is het inzetten van drones. Al eerder heeft onze fractie deze suggestie bij u neergelegd.

Gelet op het bovenstaande hebben wij voor u de volgende vragen:

  1. Herkent u het door de politie geschetste beeld?
  2. Bent u het met ons eens dat we ons niet bij deze dreigende werkelijkheid mogen neerleggen?
  3. Bent u er, net als wij, voor in om wellicht minder orthodoxe maatregelen te treffen die dit probleem aanpakken?
  4. Ziet u mogelijkheden voor cameratoezicht en de inzet van drones? En indien ja, welke Brabantse gebieden zouden hier volgens u voor in aanmerking komen?
  5. Welke stappen heeft u inmiddels gezet naar aanleiding van onze eerder gedane suggesties ten aanzien van de inzet van drones?
  6. Welke andere (innovatieve/onorthodoxe) maatregelen ziet u bij de bestrijding van drugsdumpingen tot de mogelijkheden behoren?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Roland van Vugt, René Kuijken en Marcel Deryckere

Perspectiefnota 2018: hoe staat Brabant ervoor?

De provincie mag haar spierballen laten zien en haar schouders zetten onder de uitdagingen van vandaag en morgen, óók als deze niet tot haar kerntaken behoren: de overspannen arbeidsmarkt, het arbeidsmigranten vraagstuk en het lot van kwetsbare groepen als ouderen en vrachtwagenchauffeurs. Dát is de boodschap van het CDA in de provincie Noord-Brabant tijdens het debat over de perspectiefnota 2018.

In de perspectiefnota kijkt de provincie terug én blikt vooruit op de ontwikkelingen in Brabant én debatteert over de ambities uit het in 2015 gesloten Bestuursakkoord Beweging in Brabant. Het perspectiefnota-debat van vandaag is het laatste van deze Statenperiode, want volgend jaar zijn er verkiezingen en komt er een nieuw provinciebestuur.

Kern van de CDA-inbreng is de Brabantse arbeidsmarkt. De personeelstekorten in de zorg, bouw en logistiek lopen razendsnel op. Met grote gevolgen voor o.a. de zorg voor onze ouderen, de woningbouw en het halen van de klimaatdoelen. Het CDA wil dat de provincie de regie neemt bij het samenbrengen van partners, zoals brancheorganisaties, onderwijsinstellingen en andere overheden, en het tot stand brengen van regionale oplossingen. Dit in lijn met het advies dat de Sociaal-Economische Raad gisteren publiceerde1. “Veel van de uitdagingen waar Brabant voor staat zijn te groot voor één gemeente en te regiospecifiek om vanuit Den Haag te worden opgepakt. Hier kan de provincie als middenbestuur een rol spelen.” Aldus fractievoorzitter Marianne van der Sloot.

Een tweede belangrijk punt wat het CDA onder de aandacht brengt, is de situatie rondom arbeidsmigranten. Van der Sloot: “In de logistieke en agrarische sector zijn veel arbeidsmigranten werkzaam. Momenteel zien we in onze provincie gevolgen ontstaan die we niet zouden moeten willen, zoals verdringing op de woningmarkt, uitbuiting en slechte huisvesting van werknemers en gevoelens van onveiligheid in wijken. Gemeenten worstelen ieder-voor-zich met dit onderwerp. Een integrale afstemming in de regio ontbreekt. Dit onderwerp vraagt om regie, die verder gaat dan de individuele gemeenten of het bedrijfsleven. Die handschoen zou de provincie moeten oppakken.”

Ook pleit het CDA voor de terugkeer van het sociaal beleid, dat onder het huidige provinciebestuur vrijwel volledig is afgeschaft. Zonder steun van de provincie dreigen netwerkorganisaties als de Vereniging Kleine Kernen, belangenbehartiger van dorpen platteland, en buurthuizen-platform ’t Heft om te vallen. Dát wil het CDA voorkomen, want zij spelen een essentiële rol bij het betrekken van álle Brabanders bij de samenleving.

Daarnaast waarschuwen de christendemocraten voor de Essent-gelden, waarvan de renteopbrengsten in de komende jaren waarschijnlijk zullen dalen. Om te voorkomen dat er gaten in de provinciebegroting ontstaan, wil het CDA een ‘signalerende’ ondergrens vaststellen zodat de provincie tijdig keuzes kan maken bij onvoorziene tekorten.

Ten slotte roept het CDA de provincie op om te onderzoeken of het mogelijk is om op korte termijn tijdelijke truckparkings, bij voorkeur voorzien van sanitair en horeca, in te richten langs snel- en provinciale wegen. Als het kan op provinciale gronden en indien mogelijk geëxploiteerd door ondernemers. “Om vrachtwagenchauffeurs een veilige, fatsoenlijke rustplaats te bieden en overlast elders tegen te gaan”, legt Van der Sloot uit.

Klik op de volgende link om de volledige spreektekst van Marianne van der Sloot terug te lezen: Spreektekst Marianne van der Sloot perspectiefnota 2018 (20 april 2018).

1  Zie https://www.ser.nl/nl/actueel/nieuws/2010-2019/2018/20180419-energiestransitie-werkgelegenheid.aspx.

CDA: aanvalsplan vermindering bureaucratie voor ondernemers

Het CDA wil dat de provincie Noord-Brabant met een ‘aanvalsplan’ komt om de bureaucratie en administratieve lastendruk voor ondernemers bij subsidies en regelingen te verminderen. De partij wil het provinciebestuur hiertoe oproepen tijdens het debat over de subsidieregeling MKB innovatiestimulering Topsectoren Zuid-Nederland (MIT Zuid) vandaag.

Doel van deze MIT-regeling is het stimuleren van innovatie bij het midden- en kleinbedrijf door subsidie beschikbaar te stellen voor innovatieadviesprojecten, haalbaarheidsstudies of gezamenlijke onderzoeksprojecten.

Statenlid Stijn Steenbakkers, woordvoerder economie en financiën:

“Subsidies en regelingen als het MIT leveren een belangrijke bijdrage aan de economische ontwikkeling van de provincie Noord-Brabant. Onze provincie loopt voorop als het gaat om het stimuleren van ondernemers om gebruik te maken van dit soort regelingen.

Tegelijkertijd krijgen wij signalen van ondernemers dat zij veel administratieve lastendruk ervaren bij het aanvragen van subsidie via een regeling als de MIT. Ze noemen o.a. de nachtopenstelling, van 00.00 uur tot 05.30 uur, maar ook de lange tijd die er zit tussen de declaratie van gemaakte kosten en de uitbetaling van een toegekende subsidie.

Als CDA vinden we dat onwenselijk: ondernemers moeten kunnen ondernemen en als overheid dienen we dat te stimuleren in plaats van te frustreren.”

Daarom pleit het CDA voor een aanvalsplan om de administratieve lastendruk voor ondernemers te verlagen en waar mogelijk de aanvraag-/uitkeerprocedures te versnellen en te vereenvoudigen. De provincie zou dit samen met Stimulus Programmamanagement moeten oppakken, de uitvoeringsorganisatie die namens de provincie Noord-Brabant subsidieprogramma’s beheert en faciliteert.

Via een motie (verzoek aan het provinciebestuur) roept het CDA het provinciebestuur op om dit aanvalsplan vóór 31 december 2018 klaar te hebben.

Spreektekst Stijn Steenbakkers – Debat over de provinciebegroting 2018 10/11

Spreektekst1 Stijn Steenbakkers – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over de provinciebegroting 2018
(10-11-2017)

Voorzitter,

Vandaag bespreken we de begroting 2018. Het laatste, echt volledige jaar van deze periode, want in 2019 staan de verkiezingen weer voor de deur. Voor het CDA was oppositievoeren in 2015 nieuw, hoewel ik er wel bij moet opmerken dat we er als partij de laatste jaren in Nederland toch steeds meer ervaring in beginnen te krijgen.

Maar voorzitter, wij hebben ons vanaf het begin voorgenomen om onze grondwettelijke, controlerende taak vanuit de oppositie constructief maar zeer kritisch uit te oefenen. We zaten en zitten enthousiast en strak in de wedstrijd, maar de lijn is simpel: de goede voorstellen steunen we, en proberen we beter te maken, de slechte voorstellen steunen we niet en daar komen we met alternatieven.

En voorzitter, zo’n laatste, echt volledige begroting is toch een moment om eens even terug te kijken wat het college nu al heeft bereikt, wat er nu van het bestuursakkoord is ingevuld en ook om vooruit te kijken naar 2018 en begin 2019.

Laat ik beginnen met te zeggen aan het college, maar ook aan de coalitiepartijen, alle vier, dat er echt zaken bij zitten die het CDA goed vindt en dan ook van harte heeft ondersteund. Ik moet dan bijvoorbeeld denken aan JADS, aan de faciliteit in Woensdrecht, zonne-energie en de sportclubs, de agenda van gedeputeerde Van Merrienboer t.a.v. leegstand en ook afgelopen week de ingreep bij de jachthaven in Raamsdonk. Dus voorzitter, het is echt niet zo dat alles wat dit college doet waardeloos is en vroeger alles beter was. Beslist niet. Ik hecht er zeer veel waarde aan om daar mee te openen richting GS en de coalitiepartijen. Maar… u voelt hem al aankomen.

Maar als je nu écht de balans opmaakt, écht ziet hoe het gaat, écht kijkt waar we nu staan als provincie, is het CDA samen met heel veel Brabanders vooral heel erg teleurgesteld. En voorzitter, als jonge vader weet ik dat teleurstelling uitspreken vaak nog erger is dan boos worden. Dus misschien helpt dat vandaag bij dit college en de collega’s om de koers in 2018 nog echt te veranderen.

Maar voorzitter, waarom zijn wij dan vooral teleurgesteld? Het hoofddoel van dit college was toch dat het alles op een nieuwe, verbindende manier maar vooral sámen met de Brabanders wilde gaan doen? Het hele bestuursakkoord staat vol met wollige teksten hierover. Ze zijn haast niet te tellen. Ik citeer er even een paar. Puur ter herinnering aan wat u zelf hebt opgeschreven.

‘Dat vraagt meer dan voorheen om flexibel en dynamisch te opereren van het provinciebestuur. Slim en constructief meebewegen met initiatieven vanuit de samenleving.’

of

‘We moeten als overheid meer loslaten en ruimte bieden aan initiatief van onderop in goede samenwerking.’

en tot slot

‘Beleid ontstaat steeds meer uit co-creatie in horizontale verbanden.’

Voorzitter, dat ‘samen’ en ‘verbindende’ is iets dat het CDA van oudsher zeer aanspreekt. Zo is Brabant groot geworden. Maar de vraag is: als u echt eerlijk in de spiegel kijkt, als u puur reflecteert, als u dat durft, vindt u dat dan gelukt? Of juist niet?

Voorzitter, al die mooie teksten: ‘samenwerken’, ‘van onderop’, ‘co-creatie’. Dat heeft een aantal Brabanders, organisaties en partners van de provincie geweten na 2,5 jaar lang dictaten en verassingen uit ’s-Hertogenbosch.

  • Vraag maar eens aan de cultuursector, de philharmonie zuidnederland bijvoorbeeld, hoe betrouwbaar er volgens hen wordt samengewerkt.
  • Vraag maar eens aan mensen en partijen actief op het domein van sociale veerkracht en leefbaarheid hoe betrouwbaar en goed signalen van onderop worden opgepikt.
  • Of aan de provincie Limburg of het Rijk, als belangrijke partners in het veehouderijdossier, of de philharmonie hoe transparant en open de samenwerking is.
  • Of vraag de gemeentes Haaren en Nuenen maar eens hoe flexibel en dynamisch er van onderop wordt bewogen door dit provinciebestuur.
  • Of vraag aan de ouderen hoe goed er is samengewerkt en gecommuniceerd met hen en de ouderenbonden.
  • Of vraag de ZLTO/de boeren in Brabant hoe de ‘co-creatie’ van dit liberale college hen tot dusver bevalt in het veehouderijdossier.

Voorzitter, bij samenwerken en communiceren zijn er natuurlijk altijd twee partijen nodig. Het is dus niet zwart of wit en wij schuiven de schuld in alle genoemde gevallen ook niet voor de volle 100% in uw schoenen. Maar feitelijk is het natuurlijk gewoon wél zo dat onder dit college met al deze partijen geruzie, gedoe of ge-emmer is, er weinig tot geen voortuitgang wordt geboekt en de verhoudingen op scherp staan.

Voorzitter, bijna wekelijks zien we brieven en artikelen in de krant over de rol, houding en communicatie van dit college. Niet van één sector, niet van één partij maar van veel verschillende mensen, groepen of organisaties.
Voorzitter, in uw eigen bestuursakkoord had u zo’n groot hoofddoel en wordt er zoveel gesproken over ‘samenwerking’, ‘co creatie’, ‘van onderop’ en weet ik wat al niet meer.

Wat is in een aantal gevallen de praktijk dan toch anders:

  • u wilde verbinden, maar creëerde afstand;
  • u wilde co-creëren, maar zaaide argwaan;
  • u wilde het samen doen, maar lijkt vooral bezig met het in stand houden van het eigen verstandshuwelijk.

Voorzitter, hoewel ik het zelf te sterk aangezet vond hoorde ik dit laatst op een bijeenkomst over herindelingen. ‘Een zweem van liberale arrogantie is te horen, te voelen en te ruiken rondom de Brabantlaan 1. Zoiets van: wij verlichte en gestudeerde bestuurders uit ‘s-Hertogenbosch zullen het eens helemaal anders gaan doen en u vertellen hoe het moet.’ Voorzitter, het CDA vindt dit ietwat te sterk uitgedrukt, maar snapt de opmerking wel. Het geeft aan hoe houding, gedrag en communicatie aan de andere kant kunnen worden beleefd. Reflecteert u daar als college genoeg op?

Voorzitter, nogmaals: bij samenwerking en communicatie is het niet vaak zwartwit. Maar voorzitter, het is ook nog niet te laat. We gaan niet met een flauwe motie komen, maar verzoeken u op dit punt echt eens stevig met elkaar te reflecteren op de hei. Een verzoek met klem om uw koers te wijzigen. Verander uw houding richting Brabant en ga daadwerkelijk het constructieve gesprek aan. Als u de helft van alle teksten over ‘samenwerking’ en ‘co-creatie’ uit het bestuursakkoord invult met deze partijen zijn wij al dik tevreden.

Voorzitter, dat is onze hoofdboodschap vandaag. Onze verdere inbreng zal eerst kort gaan over een aantal financiële punten in de begroting en vervolgens meer uitgebreid over de voorstellen die het college doet voor 2018 én een aantal aandachtspunten en alternatieven die het CDA heeft op enkele dossiers.

Financiën
Voorzitter, het CDA wil beginnen met de gedeputeerde en alle ambtenaren te danken voor het heldere stuk werk dat is afgeleverd. Wij hebben eerst een financieel punt dat we met de gedeputeerde willen bespreken.

Voorzitter, de gedeputeerde van Financiën weet dat ik hem hoog heb zitten en hem zie als een gedeputeerde die structurele houdbaarheid van de financiën hoog in het vaandel heeft staan, problemen niet vooruit wil schuiven en helderheid en transparantie essentieel vindt. Voorzitter, en om die reden verbaast het me zo dat de gedeputeerde akkoord is gegaan met een in mijn ogen onhoudbare, niet heldere financiële doelredenering voortkomend uit het bestuursakkoord. Voorzitter, men had namelijk besloten om alle uitgaven van de provincie in de toekomst niet te indexeren voor loon- en prijsstijgingen van in totaal circa 3%. De redenering was dat, omdat de MRB inkomsten niet werden geïndexeerd, in 2015-2019 de uitgaven ook maar niet moesten worden geïndexeerd. Dat lijkt me de omgekeerde weg: omdat we besluiten de MRB inkomsten niet te indexeren, vindt er plotseling geen inflatie meer plaats?

Voorzitter, ik moet daarbij direct denken aan de situatie wanneer je verstoppertje gaat spelen met een kind van 2 jaar oud, en vele papa’s, mama’s, opa’s, oma’s en tantes en ooms in de zaal zullen het herkennen. Wanneer je met een kind van 2 verstoppertje speelt, jij zoekt en het kind moet zich verstoppen, is hij of zij in de oprechte en volle overtuiging dat wanneer hij/zij de handen voor de ogen doet, andere mensen hem/haar absoluut niet kunnen zien. Voorzitter, daar lijkt het niet indexeren in toekomstige jaren ook een beetje op. Nu doet het college de handen voor de ogen t.a.v. prijsstijgingen, maar wij zien ze nog steeds zitten en de prijsstijgingen ook. Je weet dat in de toekomst prijzen voor lonen/goederen gaan stijgen en de provincie dus meer zal moeten uitgeven voor dezelfde diensten/goederen. Wanneer je dus niet indexeert vanaf 2020, zoals nu gebeurt, zadel je eigenlijk toekomstige colleges en Staten op met een mogelijk probleem en een niet realistische begroting. De oplossing met de stelpost van 4 miljoen euro lijkt me daarbij volstrekt onvoldoende. Dit is immers nog geen 0,33% van de begroting voor 2018. Voorzitter, daarom komen wij met een amendement.

Versnelling transitie veehouderij
De Brabantse veehouderij ontwikkelt zich tot een slimme, maatschappelijk gewaardeerde én duurzaam renderende sector. Als dank daarvoor stort dit college generieke regelgeving uit over de gehele provincie, voor een probleem dat niet in de hele provincie speelt, en laten we zo investeringsvolume van boeren, wat nodig is voor innovatie, verloren gaan.

Investeren in nieuwe staltechnieken: prima, vooral doen. Investeren in nieuwe mesttechnieken: zeker doen, want dat draagt bij aan het circulair maken van de landbouw. Maar wij missen het belangrijkste: het samen doen met de Brabantse partners. Constant hebben we gevraagd om samen op te trekken en de mogelijkheden die er liggen te benutten: het Actieplan Vitalisering Varkenshouderij, het ministerie maar vooral met de boeren zélf. Maar u had vaak oogkleppen op.
Gelukkig is het nieuwe regeerakkoord een herkansing. Een herkansing om maatwerk te bieden, een herkansing om draagvlak te winnen en het beleid uiteindelijk succesvoller te maken. Samen. Ook met het CDA.

Dit kabinet heeft 200 miljoen euro vrijgemaakt voor warme sanering, prioritair voor Brabant: 100 miljoen euro in 2018 en 100 miljoen euro in 2019, blz. 46 en 60 van het regeerakkoord. Ga dáár mee aan de slag, een uitgelezen mogelijkheid om daar waar het werkelijk knelt bij wonen en natuur een slag te slaan. Voorzitter, en ik had nooit gedacht dit ooit te zullen zeggen, maar het CDA had het niet mooier kunnen verwoorden dan Alexander Pechtold. “We gaan voor gerichte warme sanering zonder dat boeren voelen dat ze gepest worden”. Dan is het natuurlijk van de gekke dat wij als provincie 75 miljoen euro gaan inzetten voor generiek beleid zónder samenhang met deze pot van 200 miljoen euro uit het Rijk. Die 200 miljoen euro is een nieuwe ontwikkeling. Hier moet eerst duidelijkheid over komen. Wij dienen daarom een amendement en een motie in.

Agrarische leegstand en Criminaliteit
Voorzitter, dan agrarische leegstand. Leegstand en criminaliteit gaan hier vaak hand in hand. In de laatste weken zijn de artikelen in de media over criminaliteit en (leegstaand) agrarisch vastgoed niet te tellen. Veel agrariërs die een andere functie overwegen lopen echter tegen ellelange procedures aan. Dit verhoogt de kans op leegstand en oneigenlijk gebruik.
Wij vragen u dan ook om aan de slag te gaan met een procedureversneller richting gemeenten op dit punt. Het is twee voor twaalf. Wij dienen daarom de motie procedureversneller in.

Energie
Voorzitter, we hebben al eerder geconcludeerd dat er gas op de plank moet t.a.v. duurzame energie. We lopen achter. Het CDA ziet dat de gedeputeerde de eerste stappen heeft gezet t.a.v. zonne-energie en verschillende sportorganisaties. Heel mooi: complimenten. Maar het CDA vindt de ambities t.a.v. duurzame energie nog aan de lage kant en téveel op gemeenten gericht. Natuurlijk is het belangrijk dat de inzet van duurzame energie goed verankerd wordt in de lokale bestuursakkoorden, maar daar regel je 0,0 meer duurzame energie mee. Ga gewoon als provincie concreet aan de slag. Het CDA komt met twee amendementen en een motie, wat in totaal moet zorgen voor een concreet intensiveringsalternatief op het gebied van duurzame energie.

Wij stellen voor om maximaal in te zetten op zonne-energie voor alle sportclubs in Brabant, maar óók de grote VvE’s (Verenigingen van Eigenaren) in de Brabantse steden. Hier willen we 30 miljoen euro extra middelen revolverend voor uittrekken. Dekking zou kunnen worden gevonden uit gereserveerde middelen in het breedbandfonds, die nu niets aan het doen zijn. Als het college overigens een alternatieve dekking ziet, staan we altijd open voor discussie. Het gaat om 20 miljoen euro voor sportclubs en 10 miljoen euro voor de VvE’s. Dit geld kan als lening worden gebruikt om zonnecollectoren aan te schaffen en aan te leggen en met de korting op de energierekening wordt de lening vervolgens terugbetaald. Dit is zowel voor sportclubs als voor VvE’s een oplossing voor de problemen waar zij nu tegenaan lopen. En op de langere termijn, wanneer de lening is terugbetaald, leidt het tot financieel krachtigere sportclubs/VvE’s. Zo versterk je ook de sociale veerkracht van de Brabantse samenleving.

Voorzitter, maar het zit niet alleen in geld of leningen. Wanneer je zoals ik geboren bent in ’87, dan ben je als jongetje opgegroeid met de tweede, derde misschien zelfs vierde serie herhalingen van het A-team. Het A-team met een A. Waarschijnlijk zitten hier mensen in de zaal die nog bij de première van de allereerste aflevering zijn geweest, maar de meesten kennen ze allemaal wel: Hannibal, Face, Murdoch en BA. Brabant heeft nu ook behoefte aan een E-team, niet met een A maar met een E. Voorzitter, ik bedoel een Energieteam. Gemeenten/lokale initiatieven gaan of zijn aan de slag met duurzame energie, maar soms lopen ze vast. Op het gebied van kennis, kunde of kassa. Bij de provincie en de BOM is veel kennis aanwezig. Wij zouden graag zien dat er een Energieteam wordt samengesteld, dat gemeenten kan ondersteunen. Dit past in het beleid van de gedeputeerde t.a.v. verankering van duurzame energie bij gemeenten/lokaal niveau.

Leefbaarheid en Sociale Veerkracht
Voorzitter, zoals eerder in debatten gedeeld vinden wij het beleid t.a.v. sociale veerkracht/leefbaarheid van dit college niet sterk. Natuurlijk is het mooi promotieplekken of een leerstoel te creëren, maar wat schiet de Brabander daar nu concreet mee op? Stop nu eens met al die papieren tijgers en bureau-ideeën. Als je iets aan de leefbaarheid wil doen, dan moet je als provincie initiatief pakken wanneer Brabanders het écht nodig hebben.

Bijvoorbeeld in Olland, waar inwoners anno 2017 nog op tuinhuisjes moeten klimmen om mobiel bereik te hebben. En dan zien we de antwoorden van dit college: ‘we zullen een brief naar het ministerie sturen, maar wij gaan hier niet over’. Voorzitter, neem nu eens concreet initiatief. Breng mensen bij elkaar en los het op. We hebben goede koffie in Brabant en nog betere worstenbroodjes. Zet alle partijen, EZ, de telecomprovider en de gemeente Meierijstad om de tafel en kijk hoe je concreet met elkaar het probleem kunt verhelpen. Graag een toezegging hierop.

Voorzitter, ook pleiten wij voor herintroductie van de succesvolle ‘doe-budgetten’ én de Dorpen Derby. Als provincie aanjagend en stimulerend zijn, zodat mensen van onderop zaken kunnen creëren, samen mét de provincie. Ziet u daar wat in, gedeputeerde Swinkels?

Mobiliteit
Voorzitter, dan mobiliteit. Wij moeten onze wegen en kapitaalgoederen goed onderhouden. In dat kader vroegen wij ons af of de automobilisten, zo’n beetje de enige belastingbetalers aan de provincie, die grofweg zorgen voor 20% van de inkomsten, nu zo blij zijn met het jaar 2018. 2018 wordt het jaar waarin nog nooit zo weinig uitgegeven gaat worden aan wegenonderhoud sinds in ieder geval 2015. Verder heb ik niet gekeken. Voorzitter, wij pleiten voor een extra onderhoudsimpuls in 2018 (zoals ook in 2016 is gebeurd) waar nodig en willen hier 1 miljoen euro voor reserveren uit de vrije begrotingsruimte. Concreet doel is om alle provinciale wegen waar de kwaliteit te wensen over laat, maar nog niet zo slecht is dat ze formeel moeten worden onderhouden/vervangen, nu vroegtijdig al onder handen te nemen. Prioriteit daar bij zijn die onderhoudswerkzaamheden die de verkeersveiligheid verhogen. Hiertoe dienen wij een amendement in.

Voorzitter, dan is er een urgente kwestie m.b.t. truckers en Brabantse truckplaatsen. Brabant kent belangrijke logistieke hotspots, zoals West-Brabant. Onder vrachtwagenchauffeurs en transportondernemers bestaat behoefte aan beveiligde parkeerplaatsen, voorzien van sanitaire voorzieningen en horeca. Er is momenteel een gebrek aan (beveiligde) parkeerplaatsen in onze provincie. In combinatie met een aanstaand verbod op cabineovernachten en de strenge regels voor rij- en rusttijden komen vrachtwagenchauffeurs én transportondernemers hierdoor in de problemen. Afgelopen zomer is op Hazeldonk een beveiligde truckparking geopend, mede mogelijk gemaakt door o.a. het bedrijfsleven de BOM. Wij zouden willen dat er méér truckparkings in Brabant komen naar voorbeeld in Hazeldonk. En vragen via een motie of de provincie Noord-Brabant dit wil aanjagen/bewerkstelligen.

Voorzitter, tot zover mijn eerste termijn.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Stijn Steenbakkers provinciebegroting 2018 (10 november 2017)

CDA over provinciebegroting: aandacht voor duurzame energie, infra en landbouw

Het CDA wil dat de provincie Noord-Brabant meer doet aan duurzame energie, infrastructuur en landbouw. De partij dient hiertoe verschillende moties (verzoeken aan het provinciebestuur) en amendementen (tekstuele wijzigingsvoorstellen) in tijdens het debat over de provinciebegroting 2018, waarover Provinciale Staten vandaag debatteert.

Zo wil het CDA dat de provincie 30 miljoen euro beschikbaar stelt als lening aan sportclubs en Verenigingen van Eigenaren (VvE’s) om zonnepanelen op hun daken te leggen. Het terugbetalen van deze leningen kan via de korting op de energierekening. Ook moet er wat het CDA betreft een zgn. ‘E-team’ komen, een provinciaal Energieteam dat gemeenten en lokale energie-initiatieven helpt met het krijgen van kennis, kunde en financiële middelen.

Daarnaast pleit het CDA voor een extra impuls van 1 miljoen euro voor het onderhoud aan provinciale wegen. De uitgaven aan wegenonderhoud dreigen in 2018 nl. lager dan ooit in deze bestuursperiode te worden. “Juist om onze Brabantse wegen nog veiliger te maken wil het CDA daarom extra geld vrijmaken voor onderhoud”, aldus Statenlid Stijn Steenbakkers. Het CDA vraagt tevens aandacht voor de werk- en leefomstandigheden voor vrachtwagenchauffeurs en transportondernemers. Die moeten worden verbeterd door méér beveiligde truckparkings met sanitair, zoals bij Hazeldonk, aan te leggen. De provincie zou dit moeten aanjagen.

Ten aanzien van de landbouw stelt het CDA voor om de provinciale plannen voor de veehouderij te ‘bevriezen’, totdat duidelijk is hoe de 200 miljoen euro voor warme sanering uit het regeerakkoord in Brabant gaat landen. Het CDA ziet nl. niets in 75 miljoen euro provinciegeld voor generieke regelgeving voor de hele sector, als er tegelijkertijd 200 miljoen euro beschikbaar is voor gerichte, warme sanering in gebieden waar het echt knelt. In de strijd tegen criminaliteit op het platteland wil het CDA dat de provincie procedures voor en richting gemeenten gaat versnellen om leegstand en oneigenlijk gebruik van agrarische gebouwen tegen te gaan.

Behalve aandacht voor duurzame energie, infrastructuur en landbouw vraagt het CDA in het begrotingsdebat ook aandacht voor het thema leefbaarheid. De provincie zou een actieve rol moeten pakken bij het oplossen van concrete leefbaarheidsvraagstukken, zoals slecht mobiel telefoonbereik in bijvoorbeeld een dorp als Olland. Het CDA blijft pleiten voor herintroductie van de ‘doe-budgetten’ voor kleine leefbaarheidsprojecten én voor een terugkeer van de succesvolle ‘Brabantse Dorpen Derby’.

Grootste zorg- en kritiekpunt van het CDA is de wijze waarop en de houding waarmee het huidige college van Gedeputeerde Staten de provincie op dit moment bestuurt.

Statenlid Stijn Steenbakkers, woordvoerder financiën en economische zaken:

“In de afgelopen 2,5 jaar konden we keer op keer in de krant lezen hoe de provincie rollebollend over straat ging met een vrijwilligersorganisatie, belangengroep, ondernemer of andere overheid. Van de philharmonie zuidnederland tot de ouderenbonden, van de inwoners van herindelingsgemeenten als Haaren en Nuenen tot de boeren, en van buurprovincies Limburg en Gelderland tot het Rijk.

VVD, SP, D66 en PvdA hadden in 2015 hun mond vol van ‘verbinden’, ‘co-creëren’ en ‘samen doen’. Hun hele bestuursakkoord staat er mee vol. Maar in de praktijk pakt dit toch vaak heel anders uit en wordt er onrust en argwaan gecreëerd. Als CDA doen we daarom op hen een klemmend beroep om deze eenzijdige, soms drammerigere manier van besturen in 2018 te veranderen. Met constructief overleg en gedragen besluiten is Brabant groot geworden en komt Brabant in beweging. Of zoals het spreekwoord zegt: alleen ben je sneller, maar samen kom je verder.”

Opinie Stijn Steenbakkers – ‘Gevraagd: een luis in de pels’

Gastopinie van Statenlid Stijn Steenbakkers in het Brabants Dagblad d.d. 23 september 2017.

Gevraagd: een luis in de pels

Elke week vliegen bij Statenleden de miljoenen zo ongeveer om de oren. Een pleidooi voor een onafhankelijk financieel adviseur.

De Duitse dichter en schrijver Goethe zei eens dat ‘het niet genoeg s, te weten, maar dat men ook moet toepassen; het niet genoeg is, te willen, maar dat men ook moet handelen’. Met die wijsheid in het achterhoofd schrijf ik deze opinie. De afgelopen jaren zijn er uitgebreide rapporten van de Zuidelijke Rekenkamer (het orgaan dat Provinciale Staten van Brabant en Limburg helpt met hun taken) geweest die bevestigen dat de controle vanuit Provinciale Staten, met name op financiële/technische onderwerpen, beter kan. Deze rapporten waren over een breed scala aan onderwerpen: van de investeringsfondsen tot de grondexploitaties, van onderdelen van jaarrekeningen tot het beleid rondom de verkoop van deelnemingen. Een rode draad in deze rapporten was: Provinciale Staten van Brabant, versterk uw controle!

Belangrijke keuzes

Dat deze controle beter kan en Provinciale Staten hierin ondersteund moet worden, is op zichzelf ook niet gek. Je hebt te maken met 55 deeltijdpolitici met verschillende achtergronden bij wie de miljoenen zo ongeveer iedere week om de oren vliegen. Ter illustratie, we nemen besluiten over de Brabantse begrotingen en jaarrekeningen. In 2017 was de begroting bijvoorbeeld circa 1,3 miljard euro groot. Dit geld is verdeeld en wordt uitgegeven over honderden programma’s, regelingen en deelnemingen. Dan hebben we het nog niet eens over wat er in alle investeringsfondsen gebeurt (ook nog eens circa 1 miljard) of welke belangrijke keuzes er gemaakt moeten worden ten aanzien van de spaarpot (geld uit de verkoop van Essent) van Brabant.

En het enge is dat ik soms het gevoel heb dat niet iedereen in Provinciale Staten weet of kan overzien wat de financiële consequenties zijn van de beslissingen die men heeft genomen. Beslissingen waar men wel eindverantwoordelijk voor is! Dat voelt voor mij alsof je in een vliegtuig op 10 kilometer hoogte zit, naar de cockpit loopt, er niemand aantreft, maar wel constateert dat het vliegtuig op de automatische piloot doorvliegt. Dat kan niet.

Ik vind dat er in brede zin onvoldoende financiële controle door ons als Staten is. Wellicht ingegeven vanuit een verleden dat er altijd voldoende financiële middelen aanwezig waren in Brabant (helemaal na de verkoop van Essent). Dat geld kan er misschien wel zijn, maar er is volgens mij niets mis met zuinigheid en kritisch kijken hoe Brabants belastinggeld wordt uitgegeven. Zuinigheid is immers gebaseerd op het principe dat iedere rijkdom zijn grenzen kent. En met aanhoudend lage rentestanden en het verplicht schatkistbankieren (Brabants belastinggeld moet verplicht bij het ministerie van Financiën worden gestald) is ook die grens voor Brabant in zicht.

“Zuinigheid is immers gebaseerd op het principe dat iedere rijkdom zijn grenzen kent”

Eerste stap

Gelukkig ziet ook Provinciale Staten zelf dat er verbeteringen in haar financieel controlerende taak moeten komen. Een nieuwe manier van behandelen en voorbereiden van de jaarrekening is al doorgevoerd. Een goede eerste stap, maar dit gaat naar mijn idee lang niet ver genoeg.

Ik pleit voor een onafhankelijk fulltime financieel adviseur van Provinciale Staten. Die gevraagd en ongevraagd dossiers tot in detail licht en Provinciale Staten op eventuele zere plekken wijst. Een luis in de pels. Niet vanuit wantrouwen, maar vanuit een besef dat een permanente kritische blik voor heel Brabant gewenst is. Iemand die ten bate van Provinciale Staten meekijkt op specifieke financieel-technische dossiers. Iemand die onafhankelijk staat ten opzichte van Gedeputeerde Staten (het dagelijks bestuur) en losstaat van de ambtelijke hiërarchie. Afgelopen jaar is dit meerdere malen geprobeerd, maar keer op keer werden deze moties weggestemd, elke partij om de voor hen moverende redenen.

Maar naar mijn idee moet er nu iets gebeuren, anders kan ik de conclusies van het volgende rapport van de Zuidelijke Rekenkamer al raden! We weten allemaal dat het beter moet. Mijn oproep aan alle partijen is dan ook: denk aan de woorden van Goethe: ‘het is niet genoeg, te weten, men moet ook toepassen; het is niet genoeg, te willen, men moet ook handelen’.

 

 

Spreektekst Marcel Deryckere – Bezuiniging philharmonie zuidnederland 22/09

Spreektekst1  Marcel Deryckere – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over de bezuiniging op de philharmonie zuidnederland
(22-09-2017)

Voorzitter,

Het reces was nog maar net begonnen, toen gedeputeerde Swinkels een verrassing voor Brabant in petto had. Ik neem u graag mee in het proces van de afgelopen maanden.

Op 3 februari stelden deze Staten een begrotingswijziging vast voor de philharmonie zuidnederland: 2 miljoen euro voor 2017 en onder voorbehoud ook voor de jaren daarna.

Op 13 juli maakte de gedeputeerde bekend een half miljoen euro van de voor de philharmonie zuidnederland bestemde gelden vrij te maken voor andere symfonische initiatieven. Dit was een besluit van Gedeputeerde Staten en werd via een Statenmededeling aan Provinciale Staten bekend gemaakt.

Ná de themavergadering van 8 september leerde ingewonnen expertise ons dat dit besluit van Gedeputeerde Staten onrechtmatig is. Er is géén mandaat vanuit Provinciale Staten om de half miljoen euro anders te besteden dan aan de philharmonie zuidnederland. De begrotingswijziging van 3 februari kent maximaal 2 miljoen per jaar toe aan de philharmonie en geeft géén ruimte voor andere bestedingen.

De gedeputeerde blijkt van plan zijn eigen mandaat achteraf, in de Bestuursrapportage en Begroting 2018, te verruimen, zodat het besluit tóch doorgang kan vinden. Zo zet hij Provinciale Staten op het verkeerde been.

De gedeputeerde heeft dus onrechtmatig gehandeld en Provinciale Staten buiten spel gezet.

Iedereen in deze zaal weet hoe veelbesproken onze samenwerking met de philharmonie zuidnederland is. Op 3 februari spraken we nog uitvoerig over het belang van de philharmonie en de standplaats Eindhoven.

Daarom de volgende vragen:

Waarom kiest deze gedeputeerde voor een misleidend proces dat Provinciale Staten buitenspel zet?

Waarom heeft de gedeputeerde zonder mandaat van Provinciale Staten het besluit genomen om 0.5 miljoen euro van de Philharmonie Zuid-Nederland te benutten voor andere symfonische initiatieven?

Waarom verrast deze gedeputeerde alles en iedereen, van Provinciale Staten tot de provincie Limburg en de minister, met een eenzijdig en onrechtmatig besluit?

Waarom volgt u in dit dossier niet uw eigen principe ‘eerst beleid, dan geld’ en komt u niet met concrete plannen voor de half miljoen vrijgemaakte euro’s?

Wij zien uit naar de antwoorden van de gedeputeerde.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Marcel Deryckere bezuiniging philharmonie zuidnederland (22 september 2017)

Spreektekst Marcel Deryckere – Herindelingsproces gemeente Nuenen 22/09

Spreektekst1  Marcel Deryckere – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over Provinciaal Initiatief bestuurlijke herindeling Gemeente Nuenen ca.
(22-09-2017)

Voorzitter,

Voor het CDA staat vandaag één vraag centraal: zijn de inwoners van Nuenen en Son en Breugel beter af door de ingreep van de provincie? Het CDA vindt van niet.

Om te beginnen de volgende vraag: waarom is het zgn. ‘open overleg’ met de gemeenten zo schimmig en geheim verlopen?

Het CDA vindt dat het belang van inwoners voorop moet staan. Daarom is het CDA voorstander van herindelingen van onderaf. Het zijn de gekozen gemeenteraden die samen met hun inwoners dit belang het beste kunnen afwegen. Niet de provincie.

Wij betreuren dan ook dat de provincie ingrijpt in Nuenen en de democratische verantwoordelijkheid van de Nuenense gemeenteraad overruled. Dit treft overigens niet alleen de gemeenteraad van Nuenen, maar ook die van Son en Breugel.

Dat brengt ons tot de vraag aan de gedeputeerde of haar ingreep de facto betekent dat zij óók Son en Breugel gaat verplichten tot een herindeling. Daar is namelijk in onze ogen géén aanleiding toe.

Uw handelwijze leidt ertoe dat behalve Nuenen en Son en Breugel meer Brabantse gemeenten zullen vrezen voor de herindelingsdwang van dit college. Denk bijvoorbeeld aan de gemeenten in het Land van Cuijk en in de Kempen.

Onze vraag is dan ook: bent u van plan ook deze gemeenten een herindeling op te leggen? Van belang is dat u voor eens en altijd duidelijk maakt wat u verstaat onder ‘een gemeente die krachtig genoeg is om zelfstandig te blijven’. Kortom, welke criteria hanteert u daarvoor? Zonder heldere criteria dreigt namelijk willekeur.

Ten slotte wil het CDA graag uw algemene visie op herindelingen in Brabant horen. Wat is uw einddoel en uw visie als het gaat om de schaal van het gemeentebestuur in Brabant? Cruciale hierbij is of er volgens u een verband bestaat tussen de omvang en de bestuurskracht van een gemeente.

Tot zover.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Marcel Deryckere Provinciaal Initiatief bestuurlijke herindeling Gemeente Nuenen ca. (22 september 2017)

CDA en GroenLinks willen extra debat over philharmonie

CDA en GroenLinks willen een extra debat over de bezuiniging op de philharmonie zuidnederland. Dit zgn. ‘interpellatiedebat’ zou op 22 september a.s. moeten plaatsvinden.

De provincie Noord-Brabant wil het orkest voor minstens een half miljoen euro korten op het jaarlijkse budget. CDA en GroenLinks zijn tegen dit besluit, dat volgens de twee partijen onrechtmatig is.

Statenleden Marcel Deryckere (CDA) en Patricia Brunklaus (GroenLinks):

“Het provinciebestuur heeft van Provinciale Staten géén mandaat gekregen om dit ingrijpende besluit te mogen nemen. Het besluit is dus onrechtmatig. Dat het provinciebestuur nu achteraf probeert om dit mandaat via de bestuursrapportage en de begroting 2018 alsnog te krijgen, zet Provinciale Staten op het verkeerde been. Is hier wel sprake van behoorlijk bestuur?”

In een extra debat willen CDA en GroenLinks in elk geval de volgende vragen aan de orde stellen:

  1. Waarom heeft het provinciebestuur gekozen voor een zo onduidelijk proces, waarin het éérst mandaat vraagt voor een jaarlijks budget voor de philharmonie zuidnederland van twee miljoen euro per jaar en daar vervolgens met een eigen, eenzijdig besluit op terugkomt?
  2.  Waarom heeft het provinciebestuur zonder mandaat van Provinciale Staten het besluit genomen om een half miljoen euro van de philharmonie zuidnederland te besteden aan andere symfonische initiatieven?
  3. Waarom volgt het provinciebestuur in dit dossier niet het eigen principe ‘eerst beleid, dan geld’ en komt het niet met concrete plannen voor de half miljoen vrijgemaakte euro’s?

Om het extra debat a.s. vrijdag op de agenda te krijgen, is steun nodig van een meerderheid van de politieke partijen in Provinciale Staten.