Schriftelijke vragen over luchtwassers

Schriftelijke vragen van Statenlid Tanja van de Ven-Vogels over luchtwassers.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over luchtwassers.

Geacht college,

Op 26 juli jl. berichtte o.a. het Eindhovens Dagblad over de dood van ongeveer 2100 varkens in Maarheeze t.g.v. een stroomstoring waardoor de luchtwassers, die de uitstoot van geur en ammoniak tegengaan maar ook zorgen voor zuurstof, in hun stal uitvielen1. Eerder deze maand publiceerde de provincie Noord-Brabant op haar website het artikel ‘Maatregelen tegen stikstof, Brabant niet op slot’2. Naar aanleiding hiervan heeft het CDA voor u de volgende vragen:

  1. Is het incident in Maarheeze voor u reden om vanaf nu anders aan te kijken tegen luchtwassers, nu blijkt hoe groot de risico’s zijn bij o.a. stroomuitval?
  2. In het artikel ‘Maatregelen tegen stikstof, Brabant niet op slot’ laat de gedeputeerde Natuur, Water en Milieu het volgende optekenen: “Verduurzaming zorgt ervoor dat natuur en economische ontwikkeling hand in hand kunnen gaan. Er komen steeds meer innovaties die de uitstoot van ongewenste stoffen, zoals stikstofverbindingen, bij de bron aanpakken.” Hoezeer beschouwt u een luchtwasser als een innovatie die de uitstoot van ongewenste stoffen bij de bron aanpakt?
  3. In antwoord op schriftelijke vragen van de PVV d.d. 2 juli 2019 (publicatiedatum 8 juli 2019) schrijft u dat u ‘streeft naar stalsystemen die emissies integraal en brongericht aanpakken’ (antwoord 6)3. Kunt u aangeven of een luchtwasser emissies (uitstoot) integraal en brongericht aanpakt? Indien ja, kunt u uitleggen hoe dat gebeurt? Indien niet, welke stalsystemen kunnen volgens u emissies wel brongericht aanpakken?
  4. Wat gaat u doen om tijdig de risico’s van (nieuwe) technieken te achterhalen, zodat agrarisch ondernemers de juiste keuze(s) kunnen maken bij het vernieuwen van hun stallen?
  5. Hoe kan de provincie agrarisch ondernemers helpen om in plaats van met luchtwassers met andere technieken hun stallen te vernieuwen?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat hartelijk bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Tanja van de Ven Vogels

1 Zie https://www.ed.nl/cranendonck-heeze-leende/stroomuitval-2100-varkens-stikken-in-stal-maarheeze~a15092df/.

2 Zie https://www.brabant.nl/actueel/nieuws/2019/juli/maatregelen-tegen-stikstof.

3 Zie file:///C:/Users/defaultuser100000/AppData/Local/Packages/Microsoft.MicrosoftEdge_8wekyb3d8bbwe/TempState/Downloads/4543507%20(3).pdf.

 

Schriftelijke vragen over reactivering vliegbasis De Peel

Schriftelijke vragen van Statenlid John Bankers over reactivering van vliegbasis De Peel.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over reactivering vliegbasis De Peel.

Geacht college,

Medio juni heeft het ministerie van Defensie laten weten dat het vliegbasis De Peel in Vredepeel op termijn weer in gebruik wil nemen1. Voor de milieueffectrapportage (MER) en noodzakelijke vergunningen heeft het ministerie de ‘Concept Notitie Reikwijdte en Detailniveau Milieueffectrapportage Luitenant-generaal Bestkazerne/Militaire luchthaven De Peel’ ter inzage gelegd2. Als belanghebbende heeft de provincie Noord-Brabant de mogelijkheid een zienswijze, d.w.z. een reactie, op het zgn. ‘ontwerpbesluit’ in te dienen.

Naar aanleiding hiervan heeft het CDA voor u de volgende vragen:

  1. Wat is de visie van de provincie Noord-Brabant op het opnieuw in gebruik nemen van vliegbasis De Peel?
  2. Vanaf wanneer is de provincie Noord-Brabant op de hoogte van het voornemen van het ministerie van Defensie om vliegbasis De Peel te heropenen?
  3. Heeft hierover al eerder overleg plaatsgevonden tussen de provincie Noord-Brabant en het ministerie van Defensie? Indien ja, wat is hieruit naar voren gekomen? Indien niet, hoe kijkt u hier tegenaan?
  4. De Rijksoverheid vermeldt op haar website dat er voor vliegbasis De Peel op korte termijn een Commissie Overleg en Voorlichting Milieu (COVM) wordt ingesteld. Dit ter voorbereiding op het te nemen ‘luchthavenbesluit’, zonder welke vliegactiviteiten op De Peel niet mogelijk zijn. Een COVM spreekt met inwoners, gemeenten en provincies. Wat is hiervan de stand van zaken?
  5. Recent hebben o.a. provincie en gemeenten een gezamenlijk standpunt geformuleerd rondom de luchthaven in Eindhoven. In lijn met die werkwijze: zijn er inmiddels overleggen gaande met betrokken gemeenten en de provincie Limburg om ook t.a.v. vliegbasis De Peel tot een eensgezinde reactie te komen? Indien ja, heeft dit al tot resultaten geleid? Indien niet, bent u van plan om dit alsnog te doen?
  6. Gaat u namens de provincie Noord-Brabant een zienswijze indienen m.b.t. bovenstaande notitie? Indien ja, wat is de strekking van deze zienswijze? Indien niet, welke argumentatie ligt hieraan ten grondslag?
  7. Welke andere mogelijkheden heeft de provincie Noord-Brabant om te acteren op de zorgen die er onder inwoners in De Peel leven over de gevolgen voor het milieu en mogelijke geluidsoverlast?
  8. De provincie Noord-Brabant kent behalve de Luitenant-generaal Bestkazerne nog een aantal andere militaire luchthavens. In hoeverre heeft reactivering van vliegbasis De Peel gevolgen voor die luchtmachtbases en/of zijn ook daar nieuwe activiteiten te verwachten vanwege de benodigde oefencapaciteit voor Defensie?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat hartelijk bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

John Bankers

1 Zie https://www.ed.nl/de-peel/defensie-wil-weer-vliegen-op-vliegbasis-de-peel~aa061665/

2 Zie https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/defensieterreinen/documenten/rapporten/2019/06/27/concept-notitie-reikwijdte-en-detailniveau—milieueffectrapportage-luitenant-generaal-bestkazern-militaire-luchthaven-de-peel

 

Schriftelijke vragen over drugsgebruik/-handel bij Brabantse evenementen

Schriftelijke vragen van Statenlid Marcel Deryckere over drugsgebruik/-handel bij Brabantse evenementen.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over drugsgebruik en -handel bij Brabantse evenementen.

Geacht college,

Op pag. 8 van het bestuursakkoord 2019-2023, getiteld ‘Kiezen voor Kwaliteit’, staat in de cultuurparagraaf: Mede dankzij de aanwezigheid van een groot aantal kunstvakopleidingen, het grote aanbod aan festivals, musea en een stevig cultureel ecosysteem is Brabant de derde culturele regio van Nederland.1

Brabant kent een rijk evenementenaanbod, waarvan ieder jaar tienduizenden mensen genieten. Dat moet zo blijven.

Afgelopen week berichtten o.a. De Telegraaf2, Omroep Brabant3 en de Volkskrant4 over het gebruik van en de handel in drugs tijdens festivals. Naar aanleiding hiervan heeft het CDA voor u de volgende vragen:

  1. Bent u het met de minister van Justitie en Veiligheid eens dat gebruikers van drugs medeverantwoordelijk zijn voor het in stand houden van een drugsindustrie, waarvan onschuldige mensen het slachtoffer zijn?
  2. Wat vindt u van het huidige festival- en evenementenbeleid, waarbij de verantwoordelijkheid voor de aanpak van drugs grotendeels bij de organisatie van het festival/evenement ligt? Is dit beleid volgens u voldoende effectief? Waar ziet u punten voor verbetering?
  3. Op welke van de in Brabant gehouden (muziek)festivals wordt veelvuldig drugs gebruikt of verhandeld?
  4. Hoeveel strafbare feiten uit de Opiumwet zijn er in het afgelopen jaar bij deze festivals geconstateerd? Indien mogelijk een uitsplitsing naar strafbaar feit en naar festival.
  5. Geregeld bereiken ons berichten over drugsgebruik en -handel rondom (amateur)voetbalwedstrijden in Brabant. Zijn hierover cijfers beschikbaar, zoals een registratie van het aantal strafbare feiten en hun aard?
  6. Zijn er andere evenementen in Brabant, waarvan bekend is dat er veel drugsgebruik/-handel plaatsvindt? Indien ja, welke?
  7. Het vorige college van Gedeputeerde Staten, periode 2015-2019, wilde dancefestivals in de regio meer ruimte bieden, met tijdelijke vergunningen of door extra faciliteiten beschikbaar te stellen5. Hoe denkt dit college hierover?
  8. Ziet u mogelijkheden om (extra) eisen te stellen, bijv. t.a.v. drugspreventie en handhaving, aan festivals en evenementen die de provincie financieel of op andere wijze(n) ondersteunt? Indien ja, welke?
  9. Bent u bereid om met de Brabantse festival-/evenementenbranche en andere betrokken partijen, zoals verslavingsinstelling Novadic-Kentron, in gesprek te gaan over hoe het gebruik van en de handel in drugs tijdens festivals/evenementen te verminderen?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat hartelijk bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Marcel Deryckere

1 Zie file:///C:/Users/defaultuser100000/AppData/Local/Packages/Microsoft.MicrosoftEdge_8wekyb3d8bbwe/TempState/Downloads/Bestuursakkoord20192023%20(1).pdf, pag. 8.

2 Zie https://www.telegraaf.nl/nieuws/854483164/minder-festivals-in-strijd-tegen-drugs?utm_source=google&utm_medium=organic.

3 Zie https://www.omroepbrabant.nl/nieuws/3037154/Minder-festivals-betekent-niet-minder-drugsproductie-organisatoren-boos-over-uitspraken-minister.

4 Zie https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/drugsfestivals-terugdringen-op-deze-manier-gaat-grapperhaus-het-niet-winnen~baaa20e1/?referer=https%3A%2F%2Fwww.google.nl%2F.

5 Zie file:///C:/Users/defaultuser100000/AppData/Local/Packages/Microsoft.MicrosoftEdge_8wekyb3d8bbwe/TempState/Downloads/Bestuursakkoord_2015_2019%20(1).pdf, pag. 67.

Schriftelijke vragen over broeikasuitstoot vennen en vijvers

Schriftelijke vragen van Statenlid Jürgen Stoop over de broeikasuitstoot uit Brabantse vennen en vijvers.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over broeikasuitstoot vennen en vijvers.

Geacht college,

Vorige maand kondigde de provincie Noord-Brabant op haar website een subsidieregeling aan voor initiatieven die zijn gericht op het behoud en/of het herstel van vennen.1 Hiervoor is 1 miljoen euro beschikbaar.

Eerder dit jaar berichtte dagblad Trouw over een onderzoek van de Radboud Universiteit naar de uitstoot van broeikasgassen, zoals koolstofdioxide (CO2) en methaan (CH4), door (buurt)vijvers.2 De onderzoekers schatten deze uitstoot gelijk aan die van ongeveer 200.000 auto’s per jaar. De oorzaak zit in het organisch materiaal dat op de bodem van ondiep water vergaat. In het onderzoek staat ook welke mogelijkheden er zijn om deze problematiek te verminderen. Bijvoorbeeld door te baggeren, te sturen op de watervegetatie (waterplanten) en de visstand, of door over te gaan tot het voedselarm maken van de bodem en verbrakking.

Brabant heeft zich geconformeerd aan de doelstellingen uit het Klimaatakkoord van Parijs. Het CDA denkt dat Brabant door het terugdringen van de broeikasuitstoot in vennen en vijvers een wezenlijke bijdrage kan leveren aan het halen van deze klimaatdoelstellingen. Wij hebben daarom voor u de volgende vragen:

  1. Bent u bekend met het onderzoek van de Radboud Universiteit naar de uitstoot van broeikasgassen door (buurt)vijvers?
  2. Begrijpen wij het goed dat de subsidieregeling Biodiversiteit en leefgebieden bedreigde soorten (onderdeel venherstel) alleen is bedoeld voor vennen (door de natuur ontstaan) en niet voor vijvers (door de mens aangelegd)?
  3. Brabant telt ongeveer 600 vennen, driekwart van alle vennen in Nederland. Is bekend hoeveel broeikasgassen deze vennen uitstoten? Is er in uw ogen sprake van een probleem?
  4. Is bekend hoeveel (buurt)vijvers er in Brabant zijn en hoeveel broeikasgassen deze vijvers uitstoten?
  5. Geeft u bij het toekennen van subsidie voor het herstel en behoud van Brabantse vennen prioriteit aan de vennen die de hoogste uitstoot van broeikasgassen laten zien?
  6. Indien men overgaat tot het schoonmaken van vennen, is het van belang in welke tijd van het jaar dit gebeurt. Dit om te voorkomen dat door het vallen van het blad of door maaiwerkzaamheden rondom de vennen alsnog organisch materiaal in het water terechtkomt. Heeft de provincie bij de subsidietoekenning voorwaarden opgenomen over de periode waarbinnen de schoonmaak moet plaatsvinden, om de uitstoot van broeikasgassen ook naar de toekomst toe te minimaliseren?
  7. Deelt u de mening van het CDA dat Brabant door het terugdringen van de broeikasuitstoot in vennen en vijvers een wezenlijke bijdrage kan leveren aan het halen van de doelstellingen uit het Klimaatakkoord van Parijs?
  8. Welke maatregelen neemt u om niet alleen de uitstoot van broeikasgassen in vennen te verminderen, maar ook die in (buurt)vijvers?
  9. De oplossing voor de broeikasuitstoot door (stads)vijvers is het schoonhouden van de vijver en de omgeving. Bewoners en gemeenten kunnen dit samen doen. Omwonenden kunnen bijvoorbeeld hondenpoep opruimen, terwijl de gemeente zorgt voor minder of bladhoudende bomen aan de watergrens. Ziet u mogelijkheden om als provincie lokale initiatieven, gericht op het schoonhouden van buurtvijvers, te ondersteunen? Bijvoorbeeld als onderdeel van het provinciale natuur- en/of klimaatbeleid.

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat hartelijk bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Jürgen Stoop

1 Zie https://www.brabant.nl/actueel/nieuws/2019/juni/provincie-houdt-aandacht-voor-brabantse-vennen

2 Zie https://www.trouw.nl/duurzaamheid-natuur/nederlandse-buurtvijvers-stoten-evenveel-broeikasgas-uit-als-tweehonderdduizend-auto-s~b3e44c7e/?referer=https%3A%2F%2Fwww.google.nl%2F

Schriftelijke vragen over PAS-uitspraak Raad van State

Schriftelijke vragen van Statenleden Tanja van de Ven en Ankie de Hoon over de uitspraak van de Raad van State over het beoordelingssysteem Programmatische Aanpak Stikstof (PAS).

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over PAS-uitspraak Raad van State.

Geacht college,

Naar aanleiding van de uitspraak van de Raad van State over de Nederlandse stikstofaanpak, die een einde maakt aan het beoordelingssysteem ‘Programmatische Aanpak Stikstof’ (PAS), en de provinciale themabijeenkomst over de consequenties hiervan op 28 juni jl. hebben wij voor u de volgende vragen:

01. Sinds eind mei is de vergunningverlening i.h.k.v. het PAS stopgezet. U hebt aangegeven vanaf september 2019 tot eind 2022 met een ‘beperkt instrumentarium’, en scherp geprioriteerd, weer vergunningen te willen gaan verlenen. Door deze nieuwe realiteit lijken de ambities uit het bestuursakkoord echter te zijn ingehaald.

  1. Bent u het met CDA eens dat er sinds de recente stikstofuitspraak van de Raad van State sprake is van een nieuwe realiteit?
  2. Tijdens de themabijeenkomst op 28 juni jl. sprak u de verwachting uit dat vergunningverlening ‘niet gladjes’ zal verlopen. Waar voorziet u problemen en wat gaat u hiertegen doen?

02. Wanneer de provincie de vergunningverlening weer opstart, leidt dit mogelijk tot veel nieuwe vergunningaanvragen. Het tussentijds aanpassen van omgevingsvergunningen en Wet Natuurbeschermingsvergunningen (Wnb) vraagt veel extra inzet en capaciteit van gemeenten en omgevingsdiensten. Hoe ziet u in dit verband de hoos aan vergunningaanvragen die nog gaat komen n.a.v. de maatregelen Versnelling transitie veehouderij? Wat betekent dit voor het behandeltraject van al deze vergunningaanvragen en de extra kosten die zowel overheden als veehouders moeten maken?

03. Er zijn veehouderijbedrijven die geen Wnb-vergunning hebben, maar alleen een melding hoefden te doen in het kader van het PAS. Dit gold voor bedrijven wier uitstoot op het dichtstbijzijnde natuurgebied tussen de 0,05 en 1 mol/kg/ha bedroeg.

  1. Hoe gaat u om met bedrijven die een geaccepteerde melding hebben i.h.k.v. het PAS en voor wie nog niet duidelijk is hoe zij hun vergunning moeten aanpassen?
  2. Hoe gaat u om met bedrijven die minder uitstoten dan de drempelwaarde 0,05 mol/kg/ha en waarbij geen melding nodig was?

04. Klopt het dat na de uitspraak van de Raad van State veehouderijbedrijven een milieueffectrapportage (MER) moeten opvragen? Hoe denkt u over het tijdspad hiervoor?

05. Kunt u in kaart brengen wat de gevolgen van de uitspraak van Raad van State zijn voor de Brabantse economie, in brede zin, per sector en per regio?

06. Wat betekent de uitspraak van de Raad van State voor infrastructurele projecten in Brabant, zoals de (geplande) verbreding van wegen en de aan te pakken knelpunten op provinciale wegen? Kunt u per project op een rijtje zetten wat de gevolgen zijn?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat hartelijk bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Tanja van de Ven en Ankie de Hoon

Schriftelijke vragen over drugscriminaliteit in Brabant

Schriftelijke vragen van Europarlementariër Tom Berendsen over drugscriminaliteit in Brabant.

Klik op de volgende link: Brabander Tom Berendsen (CDA) stelt eerste vragen als lid Europees Parlement over drugscriminaliteit.

Hoe gaat EU bijdragen aan aanpak van drugscriminaliteit in Noord-Brabant?

Nederland is geïdentificeerd als niet alleen een van de belangrijkste productielanden van drugs, maar ook als belangrijk invoer- en distributiepunt van drugs voor de EU-markt als geheel. Gebruikers van drugs bevinden zich in de hele EU. Dat maakt deze problematiek grensoverschrijdend en daarmee een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de lidstaten.

Met name in de provincie Noord-Brabant viert de drugscriminaliteit en daaruit voortvloeiende ondermijning hoogtij. Een betere aanpak en betere samenwerking over de grens is nodig, want de problematiek in Noord-Brabant (en in de rest van Nederland en Europa) lijkt eerder toe dan af te nemen. Recent voorbeeld is de schijnbare aanwezigheid van Mexicaanse drugskartels in Brabant.

Aan de Europese Commissie derhalve de volgende vragen:

  1. Beschouwt de Europese Commissie de drugsproblematiek als een grensoverschrijdend probleem en daarmee het aanpakken van dit probleem als gezamenlijke verantwoordelijkheid?
  2. Welke instrumenten en financiële middelen zijn er beschikbaar, die naar mening van de Commissie nog onvoldoende benut worden door Nederland en Noord-Brabant in het kader van deze problematiek?
  3. Welke actie is de Commissie op korte en langere termijn voornemens te ondernemen op dit gebied, en welke verwachting heeft de Commissie daarbij van lokale, regionale en nationale overheden en van het Europees Parlement?

Tom Berendsen