Berichten

Schriftelijke vragen over criminaliteit op het platteland en Wet BIBOB

Schriftelijke vragen van Statenleden Marcel Deryckere en René Kuijken over criminaliteit op het platteland en de Wet BIBOB.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over criminaliteit op het platteland en Wet BIBOB.

Geacht college, 

Zowel regionale als landelijke media berichtten afgelopen week over de criminaliteit op het platteland. Dit naar aanleiding van een brief van de twaalf Commissarissen van de Koning in Nederland. De Brabantse CDA-fractie is geschrokken van deze berichtgeving én van het feit dat de politiecapaciteit in Brabant blijkbaar nog steeds niet op orde is. Al eerder hebben wij onze steun uitgesproken voor de oproep van onze Commissaris aan Den Haag om de Brabantse politie te versterken. Dat blijven wij doen. In dit kader hebben wij voor u de volgende vragen:

01. In hoeverre hebben Brabantse lobbypogingen in Den Haag extra capaciteit en inzet van politie in Brabant opgeleverd?

02. Wat is nodig om te voorkomen dat Den Haag de belangen van de regio’s, zoals Brabant, niet langer negeert?

03. Het oplospercentage van misdrijven in Brabant lag in 2014 met 24,6% onder het landelijk gemiddelde. In een gemeente als Goirle lag dit percentage op 11,6%, nog veel lager dus. Wat is uw beeld van de huidige cijfers over opgeloste misdrijven in Brabant? In 2015/2016 bleek ook dat de aanrijtijden van de politie op het Brabantse platteland onder de maat waren. Te vaak werd de maximale aanrijtijd van vijftien minuten niet gehaald. In sommige delen van Brabant was de politie zelfs in bijna één op de twee gevallen te laat. Wat is uw beeld van de huidige cijfers over de aanrijtijden van de politie in Brabantse plattelandsgemeenten?

In opdracht van de provincie evalueerde een commissie van experts de uitvoering van de Wet BIBOB in Brabant, een wet die moet voorkomen dat de overheid ongewild criminele activiteiten faciliteert. Het doel van deze evaluatie was om alertheid waar nodig te vergroten. Uit het rapport van de commissie blijkt dat Brabant deze wet goed uitvoert. De commissie constateerde echter ook dat verschillende Brabantse (plattelands)gemeenten de Wet BIBOB nog niet of onvoldoende toepassen. Geen goed signaal gegeven de berichten dat criminelen vrij spel hebben op het Brabantse platteland. Het CDA vindt dat we behalve onze politiecapaciteit ook onze eigen (veiligheids)zaken in Brabant goed op orde moeten hebben. Klaarblijkelijk is dit nog niet het geval en daarom hebben wij voor u de volgende vragen:

04. Wat gaat u als provincie richting gemeenten doen om, met dit rapport in de hand, de aanpak van criminaliteit in Brabant te verstevigen?

De commissie die de uitvoering van de Wet BIBOB in Brabant heeft geëvalueerd, doet een aantal zinvolle aanbevelingen.

05. Ten eerste adviseert de commissie om bij bijvoorbeeld een vergunningaanvraag een integriteitscheck te laten uitvoeren door de vakafdelingen zelf. Bent u van plan dit advies op te volgen in uw eigen organisatie en processen?

06. Ten tweede stelt de commissie voor het bewustzijn van de provinciale organisatie rondom (georganiseerde) criminaliteit te verbeteren. Hoe bent u van plan dit op te pakken?

07. Ten derde pleit de commissie ervoor om ambtenaren die actief betrokken zijn bij bedrijven waarop de Wet BIBOB van toepassing is te screenen. Bent u van plan dit vanaf heden te gaan doen?

08. Ten vierde doet de commissie aanbevelingen om goede, integere bedrijven minder te belasten met BIBOB-onderzoeken en tegelijkertijd malafide bedrijven te blijven aanpakken:

  1. Het zou eenvoudiger moeten worden om integere bedrijven die regelmatig vergunningaanvragen doen geheel of gedeeltelijk vrij te stellen van het BIBOB-instrumentaruim. Bijvoorbeeld door deze op een ‘witte lijst’ van goede praktijken te plaatsen of een certificaat te geven.
  2. Is het mogelijk om integere bedrijven simpelere en snellere procedures te laten doorlopen? Bent u van plan om dit toe te passen?
  3. Is het mogelijk om naast een ‘witte lijst’ ook een ‘zwarte lijst’ met malafide bedrijven en organisaties op te stellen om handhaving gemakkelijker te makenIn hoeverre is het (wettelijk) mogelijk om deze lijst te delen met Brabantse gemeenten om hen te ondersteunen en te waarschuwen voor de activiteiten van criminelen?
  4. Als alternatief voor een ‘zwarte lijst’ zou de provincie risicoprofielen van sectoren en bedrijfstypen kunnen opstellen. Een lijst hiervan zou de provincie geanonimiseerd kunnen delen met andere overheden om deze te helpen met toepassen van de BIBOB. Bent u bereid deze mogelijkheid te onderzoeken op haalbaarheid?

09. Ten vijfde raadt de commissie aan om meer informatie over de BIBOB en informatie over toezicht en handhaving te delen met andere overheden en tussen overheden onderling. Welke wettelijke ruimte hebt u hier op dit moment voor en hoezeer staat privacywetgeving het delen van informatie in de weg?

10. Ten zesde concludeert de commissie dat niet alle Brabantse gemeenten de BIBOB-wet (goed) toepassen. Dit leidt ertoe dat criminelen bepaalde gemeenten misbruiken voor hun activiteiten.

  1. Hoe bent u van plan om álle Brabantse gemeenten de Wet BIBOB actief en zorgvuldig te laten toepassen?
  2. Bent u bereid om het zorgvuldig toepassen van de Wet BIBOB als criterium en onderzoeksvraag onderdeel te maken van het proces ‘Veerkrachtig Bestuur’?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Marcel Deryckere en René Kuijken

CDA in actie voor veiliger Hazeldonk

Het CDA wil dat de verzorgingsplaats bij grensovergang Hazeldonk z.s.m. beter wordt beveiligd. Hiertoe hebben de christendemocraten deze week schriftelijke vragen gesteld aan de minister van Infrastructuur & Milieu, het provinciebestuur van Noord-Brabant én het college van B&W van Breda.

Aanleiding voor deze vragen waren twee werkbezoeken aan Hazeldonk in maart en juni van dit jaar. Tijdens beide werkbezoeken bleek dat truckers die Hazeldonk aandoen steeds vaker doelwit zijn van internationale bendes, die het hebben gemunt op hun lading en voertuigen. Een bewaakte truckparking had vorige maand klaar moeten zijn, maar is tot op heden nog steeds niet operationeel. Heel zorgelijk, vindt het CDA, dat de minister en haar regionale en lokale collega-bestuurders oproept om tempo te maken.

Behalve over de veiligheid maakt het CDA zich óók zorgen over de leef- en bereikbaarheid op Hazeldonk. Zo is er op de verzorgingsplaats een groot tekort aan toiletten en wasruimtes, wat leidt tot overlast en vervuiling. Niet alleen truckers, maar ook pauzerende gezinnen met kinderen hebben daar onder te lijden.

Het op Hazeldonk gelegen bedrijventerrein is bovendien niet bereikbaar per fiets of openbaar vervoer, waardoor ondernemers er niet in slagen openstaande vacatures in te vullen met werkzoekenden uit de regio. “En dat terwijl 5% procent van de Brabanders werkloos is. Ongelooflijk.” Aldus het Brabantse Statenlid Ankie de Hoon. Zij en haar CDA-collega’s uit Brabant en Breda, de gemeente waar Hazeldonk ten dele onder valt, zijn blij met de steun uit de Tweede Kamer.

Peter Elbertse, fractievoorzitter te Breda: “De problemen op Hazeldonk zijn van verschillende aard en niet door één overheid op te lossen. Samenwerken is dan ook een must. Als betrokken CDA-fracties wisten wij elkaar snel te vinden, we hopen de verantwoordelijke bestuurders ook.”

CDA Tweede Kamerleden Erik Ronnes en Martijn van Helvert over de situatie op Hazeldonk: “De omstandigheden op Hazeldonk zijn erbarmelijk. Truckers lopen gevaar en worden aan hun lot overgelaten. Dat mag niet gebeuren en dus komt het CDA zowel landelijk, provinciaal als lokaal in actie. Samen met onze Statenleden en plaatselijke afdelingen willen wij dat de problemen op Hazeldonk zo snel mogelijk worden opgelost.”

Schriftelijke vragen over de problemen op Hazeldonk

Schriftelijke vragen van Statenleden Ankie de Hoon en Huseyin Bahar over de problemen op verzorgingsplaats/bedrijventerrein Hazeldonk.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over Hazeldonk.

Geacht college, 

Op 17 mei jl. lazen wij via dagblad BN De Stem het bericht Bewaakte parking Hazeldonk nog lang niet klaar1.

Naar aanleiding van deze berichtgeving én een werkbezoek aan Hazeldonk op 2 juni jl. heeft de fractie van het CDA voor u de volgende vragen: 

01. Bent u bekend met het bericht Bewaakte parking Hazeldonk nog lang niet klaar2?

02. Vrachtwagenchauffeurs, ondernemers en andere bezoekers en gebruikers van Hazeldonk ervaren verschillende problemen t.a.v. de bereikbaarheid, veiligheid én leefbaarheid. Zijn deze problemen zijn bij u bekend?

03. Lost volgens u de aanleg van de nieuwe, bewaakte truckparking, die al in mei open had moeten zijn, het huidige tekort aan parkeerplaatsen voor vrachtwagens tijdens piekmomenten structureel op?

04. Net als veel andere bedrijventerreinen in Brabant zijn de bedrijven op Hazeldonk niet bereikbaar per openbaar vervoer of per fiets, wat het voor ondernemers moeilijk maakt om openstaande vacatures in te vullen met werkzoekenden uit de regio.

  1. Erkent u dat dit een probleem is?
  2. Wat kunt u voor de ondernemers op Hazeldonk betekenen om dit probleem op te lossen?

05. Klopt het dat er op Hazeldonk meer dan gemiddeld sprake is van overlast en criminaliteit, zoals diefstal van voertuigen en ladingdiefstal? Kunt u ons hierover actuele en relevante cijfers (laten) overleggen?

06. Op welke wijze(n) worden dergelijke overlast en criminaliteit tegengegaan en wat is handhavingsbeleid daaromtrent?

07. Is de sanitaire capaciteit voldoende voor het aantal mensen dat Hazeldonk nu aandoet of in de toekomst aan zal doen? En wie is verantwoordelijk voor uitbreiding indien nodig?

08. Verwacht u dat gelet op de ontwikkelingen in de landen om ons heen, zoals de tolheffing in België en Duitsland, het Duits verbod op cabinekamperen en een toename van het internationale goederenvervoer gevolgen hebben voor Hazeldonk? Indien ja, welke gevolgen?

09. Bent u bekend met het bericht Europese miljoenen voor aanleg truckparkings op komst2?

10. In hoeverre is een tekort aan financiële middelen (mede)oorzaak van de problemen die op Hazeldonk zijn ontstaan?

11, In Limburg betaalt de provincie mee aan het beveiligen van truckparkings, zoals die bij Venlo, om zo o.a. de tarieven voor vrachtwagenchauffeurs te beperken. Op welke wijze(n) draagt de provincie Noord-Brabant, financieel of anderszins, bij aan een veilige en betaalbare truckstop op Hazeldonk? Welke rol ziet u daarbij voor de provincie?

12. Wat kunt u als provincie doen om de bereikbaarheid, veiligheid en leefbaarheid op en rond truckparkings en verzorgingsplaatsen in Brabant structureel te verbeteren?

13. Bent u bereid om op korte termijn met de minister van Infrastructuur en Milieu, de colleges van B&W van de gemeenten Zundert en Breda én met bedrijvenvereniging Logistic Center Hazeldonk-Meer (LCHM) in gesprek te gaan over de aard en omvang van de problemen op Hazeldonk en hoe deze zo spoedig mogelijk te verhelpen?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Ankie de Hoon en Huseyin Bahar

1 Zie http://www.bndestem.nl/breda/bewaakte-parking-hazeldonk-nog-lang-niet-klaar~aa63f016/ (d.d. 17 mei 2017).

2 Zie http://www.bndestem.nl/breda/bewaakte-parking-hazeldonk-nog-lang-niet-klaar~aa63f016/ (d.d. 17 mei 2017).

3 Zie https://truckstar.nl/plan-aanpak-en-europese-miljoenen-aanleg-truckparkings-op-komst/ (d.d. 15 mei 2017).

Schriftelijke vragen over het verdwijnen van brievenbussen in Brabant

Schriftelijke vragen van Statenlid Marcel Deryckere over het verdwijnen van brievenbussen in Brabant.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over brievenbussen.

Geacht college, 

In de komende maanden gaat PostNL beginnen met het op grote schaal verwijderen van brievenbussen in Brabant. Omroep Brabant stelt dat van de 2329 Brabantse brievenbussen er 1111 verdwijnen en er 166 nieuwe bijkomen1. Straks hebben we in Brabant dus nog slechts 1384 brievenbussen over.

Het afnemend gebruik van briefpost zorgt voor een verminderde behoefte aan brievenbussen. Het is dan ook logisch dat PostNL besluit om het aantal brievenbussen te verkleinen. Het CDA vindt echter wél dat briefpost als communicatiemiddel moet blijven bestaan.

In Nederland hebben 1,2 miljoen mensen nog nooit gebruik gemaakt van internet. Voor hen is het versturen van een mailtje geen vanzelfsprekendheid. Deze groep is mede-afhankelijk van briefpost, om gebruik te kunnen blijven maken van overheidsdiensten én om contact te onderhouden met familie en vrienden. Uit onderzoek van oudenrenorganisatie Unie KBO blijkt dat deze mensen dikwijls niet overweg kunnen met internetbankieren of het digitaal doen van belastingaangifte2. Zij zijn afhankelijk van de post en dus van de nabijheid van een brievenbus. De helft van deze groep betreft mensen op hogere leeftijd voor wie het lastig is ‘even’ een aantal straten verder te lopen.

Het CDA maakt zich zorgen over het verdwijnen van zoveel brievenbussen uit onze provincie. Zoals verwoord in o.m. het programma Sociale Veerkracht is er sprake van een groeiende tweedeling in de samenleving. Voor een deel van onze maatschappij gaan de veranderingen te snel. Mensen dreigen af te haken en in sommige gevallen in een isolement te belanden. Juist voor hen is briefpost onmisbaar, omdat het hen in staat stelt mee te blijven doen.

Daarnaast zijn basale voorzieningen als een brievenbus van groot belang voor de leefbaarheid en aantrekkelijkheid van het Brabantse platteland. Kernen waar de supermarkt, de bakker en de pinautomaat al weg zijn dreigen nu ook verstoken te raken van briefpost. Dit verslechtert het woon- en leefklimaat.

Naar aanleiding hiervan heeft het CDA de volgende schriftelijke vragen voor het college van Gedeputeerde Staten:

  1. Bent u op de hoogte van de grootschalige verwijdering van brievenbussen uit onze provincie?
  2. In hoeverre is er met andere overheden in Brabant overlegd over op welke locaties brievenbussen worden verwijderd en op welke locaties niet?
  3. Hoezeer heeft PostNL rekening gehouden met de bevolkingssamenstelling en cijfers rondom het (niet-)gebruik van internet in wijken en dorpen om brievenbussen wel of niet te verwijderen?
  4. In Zeeland zijn brievenbussen bij seniorencomplexen verwijderd. Juist senioren zijn mede-afhankelijk van briefpost. In hoeverre komen dit soort situaties ook in Brabant voor? Wanneer u het antwoord niet weet, bent dan bereid dit te laten onderzoeken?
  5. Zijn er kernen in Brabant waar na deze verwijderoperatie geen meer brievenbus op loopafstand beschikbaar is? Indien ja, welke kernen zijn dit?
  6. Bent u bereid om contact op te nemen met PostNL én met gemeenten om een mogelijke verwijdering van brievenbussen bij seniorencomplexen en in kleine kernen te voorkomen?
  7. Ziet u mogelijkheden om met behulp van nieuwe, slimme technieken de postvoorziening in bepaalde gebieden zonder brievenbus toch overeind te houden? Indien ja, welke mogelijkheden?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Marcel Deryckere

1 Zie http://www.omroepbrabant.nl/?news/2625961213/Zon+1000+brievenbussen+verdwijnen+in+Brabant.aspx.

2 Zie https://www.plusonline.nl/digitaal/de-unie-kbo-wil-steun-voor-digibeten.

CDA: slimmer en schoner pakketjes bezorgen in Brabant

Het CDA in Noord-Brabant wil dat de provincie een experiment start om pakketbezorging op het platteland slimmer en schoner te organiseren. Samen met PvdA, GroenLinks en CU-SGP heeft de partij hiertoe schriftelijke vragen gesteld aan het Brabantse provinciebestuur.

Aanleiding is het snel groeiende aantal internetbestellingen en pakketbezorgingen, wat zorgt voor fors meer vervoersbewegingen in onze provincie. Dat kan slimmer én schoner, vindt o.a. het CDA. Elke plaats een eigen centraal afhaalpunt in het dorpshuis, multifunctioneel centrum of ander publiekstoegankelijk gebouw dat hiervoor openstaat.

Zo hoeven pakketbezorgers op met name het platteland minder vervuilende kilometers te maken. Tegelijkertijd gaat het de verschraling van voorzieningen tegen, want bijvoorbeeld ook de brievenbusfunctie en pinautomaat zouden met dit slimme bezorgsysteem kunnen worden gecombineerd.

Webwinkel bol.com, waar de Brabantse CDA-fractie op 17 maart jl. op bezoek ging, staat positief tegenover een experiment. Dat geldt ook voor bestuurders in de fusiegemeente Altena, met 21 plattelandskernen, waar de problematiek wordt herkend. Gegeven deze positieve houding pleit het CDA er met PvdA, GroenLinks en CU-SGP voor om in het Land van Heusden en Altena een experiment te beginnen. De provincie zou dat samen met eerdergenoemde partijen en andere betrokken organisaties moeten faciliteren.

Initiatiefnemer Roland van Vugt (CDA):

“Het is voor veel mensen herkenbaar: een bestelling gedaan via internet, maar de pakketbezorger gemist. Moet je de buren lastig vallen of de auto in naar een afhaalpunt. Of je bent een dagje thuis en ziet de ene na de andere pakketbezorger de straat in rijden.

En dat wordt niet minder. Integendeel. Het aantal internetbestellingen neemt toe en steeds meer mensen maken gebruik van de boodschappenservice van hun supermarkt. Kortom, het aantal vervoersbewegingen zal de komende jaren flink blijven toenemen. Dat kan slimmer en schoner, denken wij. Door een centraal afhaalpunt in ieder dorp. Goed voor het milieu en de leefbaarheid op het platteland én handig voor zowel de bezorger als de ontvanger.”

Klik op de volgende link om de schriftelijke vragen in te zien: Schriftelijke vragen over pilot pakketbezorging.

CDA: streekziekenhuis moet blijven

Het CDA vindt goede zorg in de regio net zo belangrijk als in de stad. Daarom luiden regionale kandidaten de noodklok, voor het behoud van streekziekenhuizen.

Uit de verkiezingsprogramma’s van VVD, PvdA, D66, ChristenUnie en GroenLinks blijkt dat zij bepaalde Spoedeisende Hulpposten in de avond en nacht willen gaan sluiten om te bezuinigen. Deze voorgestelde maatregel zal vooral kleinere streekziekenhuizen treffen, die hierdoor met sluiting worden bedreigd.

De partijen willen bezuinigen door vooral in de avond- en nachturen bepaalde spoedposten te sluiten. Mensen die dan acute zorg nodig hebben worden verwezen naar grotere ziekenhuizen. Hierdoor ontstaat een concentratie van zorg bij grote ziekenhuizen en wordt de zorg in de streekhuizen afgekalfd, waardoor sluiting dreigt. Het CDA is hier fel op tegen.

Madeleine van Toorenburg, Tweede Kamerlid voor het CDA uit Rosmalen:

“Ook het CPB zegt dat als een ziekenhuis de spoedeisende hulp kwijtraakt, de hele organisatie onder druk komt te staan. Dit omdat de spoedeisende hulp een groot onderdeel vormt binnen een ziekenhuis. Daarnaast vrezen we een leegloop van gespecialiseerd personeel, wanneer de spoedeisende hulp sluit. Dit idee is dus aan alle kanten funest voor de zorg in de regio. En dat terwijl meerdere ziekenhuizen in Brabant nu al in de financiële gevarenzone zitten. Een paar maanden geleden bleek dat het Maasziekenhuis Pantein in Boxmeer financieel gezien het slechtste scoort van alle ziekenhuizen in Nederland*. Ook het Bravis ziekenhuis met vestigingen in Bergen op Zoom en Roosendaal staat financieel onder druk.”

Erik Ronnes, Tweede Kamerlid voor het CDA uit Boxmeer:

“Als hierdoor bijvoorbeeld het Maasziekenhuis in Boxmeer of Bernhoven in Uden geen spoedeisende hulp meer heeft, dan moeten inwoners in geval van spoedeisende hulp helemaal naar een ziekenhuis in Nijmegen of in Den Bosch. Dit terwijl in je de grote steden soms meerdere ziekenhuizen hebt.”

Deze ongelijkheid is niet uit te leggen aan mensen in de regio, vindt het CDA. Bovendien bestaan ook grote zorgen over de werkgelegenheid in de regio. Streekziekenhuizen zijn vaak belangrijke werkgevers.

Ronnes: “Het is een aderlating voor de regio als een streekziekenhuis verdwijnt.”

*Bron: http://www.omroepbrabant.nl/?news/2556391203/Ziekenhuis+Boxmeer+doet+het+financieel+het+slechtst+van+Nederland.aspx.

Sociale veerkracht dreigt ambtelijke tijger te worden

Schriftelijke vragen van Statenlid Marcel Deryckere over sociale veerkracht.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over sociale veerkracht.

Geacht college, 

Op 9 december 2016 stelden Provinciale Staten het programma Sociale Veerkracht vast. Een aanpak om kwetsbare groepen in onze provincie volwaardig te laten meedoen in onze samenleving en tweedeling te voorkomen. Nu het programma is vastgesteld, wordt het tijd om in actie te komen en concrete initiatieven hiertoe te ondersteunen. Het CDA hoopt op een succesvolle toekomst voor Sociale Veerkracht. Een toekomst vol fantastische projecten van en voor Brabanders die dankzij de provincie net dat extra steuntje in de rug krijgen.

De tijd van vage ambtelijke taal en dikke vellen papier moet voorbij zijn, vindt het CDA. De provincie moet aan de slag. Daarom heeft de Provinciale Statenfractie van het CDA Brabant aan de lokale CDA-fracties in Brabant gevraagd te peilen in hoeverre gemeenten en maatschappelijke organisaties zijn aangesloten bij en bekend zijn met het programma Sociale Veerkracht.

Het CDA is erg geschrokken van de resultaten van deze ‘peiling’. Veel Brabantse gemeenten hebben van de provincie nog geen enkel bericht ontvangen over Sociale Veerkracht. Maatschappelijke organisaties, het fundament onder onze samenleving, blijken niet eens te zijn benaderd door de provincie. Hierdoor dreigt Sociale Veerkracht een ambtelijke tijger te worden, waar de Brabanders niets aan hebben.

Zelf zegt verantwoordelijk gedeputeerde Swinkels op de website van de provincie: ‘Versterking van de sociale veerkracht moet voorkomen dat Brabanders buiten de boot vallen en moet er voor zorgen dat iedereen deelt in, en bijdraagt aan de goede kwaliteit van leven in de provincie’ (zie http://www.brabant.nl/html/2016/ezineveerkrachtigbrabant/3-dit-gaan-we-doen.html).

Dit brengt het CDA tot de volgende vragen aan het college van Gedeputeerde Staten:

  1. Waarom hebt u alleen met de middelgrote steden en gemeenten in West-Brabant contact over Sociale Veerkracht?
  2. Behalve de middelgrote steden en gemeenten in West-Brabant geven ook veel andere gemeenten aan gráág te willen deelnemen aan Sociale Veerkracht. De provincie betrekt deze gemeenten echter niet bij het programma. Betekent dit dat gemeenten buiten de genoemde regio’s geen (financiële) ondersteuning krijgen vanuit Sociale Veerkracht? Indien ja, waarom is dat?
  3. Uit de antwoorden op schriftelijke vragen in verschillende Brabantse gemeenten blijkt dat de middelgrote steden en gemeenten in West-Brabant ‘startplaatsen zijn waarvandaan we lessen meenemen voor heel Brabant’. Is er binnen het programma Sociale Veerkracht budget beschikbaar om deze lessen en initiatieven over heel Brabant uit te rollen? Indien niet, waarom niet?
  4. Naast de zgn. ‘gebiedsgerichte aanpak’ wilt u ook werken met ‘cross-overs’ naar andere provinciale opgaven. Hoe denkt u deze cross-overs te realiseren? Hoeveel budget heeft u hiervoor gereserveerd? Graag een specificatie per provinciale opgave.
  5. Kunt u ons een aantal voorbeelden noemen van (mogelijke) cross-overs die de afgelopen periode uit uw gesprekken met de middelgrote steden en de gemeenten in West-Brabant naar voren zijn gekomen?
  6. Uit de beantwoording van de vragen blijkt dat de provincie geen contact zoekt met maatschappelijke organisaties in de verschillende regio’s. Hoe denkt u een maatschappelijk programma als Sociale Veerkracht succesvol te maken zonder het maatschappelijk middenveld actief te benaderen en een actieve rol te geven?
  7. Naar aanleiding van de vragen van het CDA stelt u in uw brief aan diverse Brabantse gemeenten dat er voor gemeenten of andere organisaties géén mogelijkheid is tot het aanvragen van projectsubsidies. Waarom is deze mogelijkheid er niet?
  8. Kunnen ouderenbonden aanspraak maken op projectsubsidies? Graag een toelichting waarom wel/niet.
  9. Indien ja, waartoe leidt de door u ingevoerde overgangssubsidie voor de VBOB in 2018?
  10. Het CDA is groot voorstander van het ondersteunen van initiatieven van onderop om Sociale Veerkracht te ondersteunen. Door projectsubsidies onmogelijk of onbereikbaar te maken kunnen deze initiatieven echter niet bij de provincie terecht voor ondersteuning. Bent u het met het CDA eens dat dit een zeer onwenselijk gevolg is van het collegebeleid? Graag een toelichting.

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Marianne van der Sloot en Marcel Deryckere