Berichten

Erik van Lith: Waterschap energieneutraal in 2025?

Waterschap formuleer haalbare energie doelen

Waterschappen spelen bij de uitvoering van hun taken in op de verandering van het klimaat. Niet alleen door tijdig maatregelen te nemen bij meer extreme natte en droge periodes. Ze beperken het gebruik van fossiele brandstoffen en daarmee de uitstoot van CO2. Een te veel aan CO2 wordt gezien als een oorzaak van klimaatverandering. De waterschappen maken steeds meer gebruik van duurzame energiebronnen zoals windmolens, zonnepanelen, warmtekracht, warmte en koude uit oppervlaktewater, groene stroom en biogasopwekking bij rioolwaterzuivering. Ze streven ernaar in 2025 energieneutraal te zijn dat wil zeggen dat alleen nog gebruik wordt gemaakt van duurzame energiebronnen. Is dat realistisch?

Afgelopen jaren investeerden de waterschappen miljoenen aan energieopwekking. Uit de klimaatmonitor van de waterschappen van 2016 blijkt dat inmiddels 30% van het totale energieverbruik opgewekt wordt door eigen energie (voornamelijk biogas) en daarnaast 6% door wind- en zonne-energie op eigen terrein. Een flinke stap, maar dan rest nog wel een fors deel van de energieopgave. Tegelijkertijd moeten waterschappen stevig investeren in aanpak van overstromingsrisico’s, wateroverlast en verdroging en verbetering van de waterkwaliteit. De financiële druk is hoog. Het CDA wil dat het waterschap haar taken goed blijft uitvoeren, maar dan wel tegen beheersbare kosten en tarieven.

Er is niet alleen financiële druk. Ook van de ambtelijke organisatie van een waterschap wordt veel verwacht. Jaren gaan vooraf, tot een idee of initiatief geheel of gedeeltelijk kan worden opgeleverd en feitelijk bijdraagt aan duurzaam opgewekte energie. Rekening moet worden gehouden met de benodigde doorlooptijd van alle procedures. Onlangs wees de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland nog op realiteit van doorlooptijden. Concreet voorbeeld is de oplevering van de energiefabriek in Tilburg. Door vertraging in oplevering zijn 3 jaren verloren gegaan. Het realiseren van nieuwe projecten voor duurzame energie vraagt veel tijd en inspanning van alle betrokkenen.

Daarnaast is draagvlak van de omgeving van belang. In zijn algemeenheid zal men veranderingen in een andere energievoorziening steunen. Energieprojecten kunnen een grote impact hebben op de leefomgeving. Daardoor kan er weerstand in de directe omgeving onstaan, die serieus genomen moet worden. Dat kan uiteindelijk betekenen dat voorgenomen projecten in de ijskast worden gezet. In ieder geval moeten omwonenden participeren, zodat zij hun steun voor bepaalde projecten kunnen geven. Tevens kunnen particulieren, ondernemers en energiecoöperaties worden gevraagd met initiatieven te komen. Dan moet wel helder zijn, wat het waterschap voor hen kan betekenen.

Kortom, waterschappen zijn zich bewust van hun bijdrage CO2 te beperken. Maar verwachtingen moeten wel in overeenstemming zijn met wat van waterschappen, hun inwoners en bedrijven gevraagd kan worden. Belangrijke voorwaarde voor het welslagen van de energieopgave bij waterschappen is het vinden van de balans. Deze balans veronderstelt een evenwicht tussen datgene wat in korte tijd moet gebeuren en datgene wat financieel en organisatorisch gedragen kan worden. Waterschappen dienen ook rekening te houden met hun omgeving, zodat het noodzakelijke draagvlak onstaat. Het CDA heeft recent in het Algemeen Bestuur hiervoor aandacht gevraagd. Het gaat bij de energieopgave van waterschappen om focus: formuleer voor de periode tot en met 2025 haalbare doelen en resultaten!

Met regelmatige publicaties breng ik belangstellenden op de hoogte van mijn werk als Lid van het Algemeen Bestuur van het waterschap De Dommel. Zijn er vragen, opmerkingen of suggesties, laat het mij dan weten via emailadres: evlith@dommel.nl.

Erik van Lith

Lambert van Nistelrooij – Parijs na Trump

Bij zijn eerste bezoek aan Europa heeft de Amerikaanse president Trump opnieuw vraagtekens gezet bij het klimaatakkoord van Parijs. Hij gelooft niet in het effect van het menselijk handelen op de klimaatverandering. Als Europarlementariër pleit ik er echter voor het akkoord van Parijs onverkort uit te voeren. Het akkoord betekent een forse push voor innovaties op veel terreinen. In Europa mogen wij ons in het ontwikkelen van oplossingen niet laten afremmen. We moeten juist nieuwe kansen grijpen, zoals meer gebruik van plantaardige grondstoffen en het beter benutten van CO2.

Het klimaatakkoord van Parijs is het meest omvattende akkoord in de strijd tegen de opwarming van de aarde. Het akkoord legt vast dat de temperatuur van de aarde niet meer dan twee graden Celsius mag stijgen. Maar belangrijker zijn de handtekeningen van meer dan 170 landen, waaronder Nederland, waarmee ze aangeven bereid te zijn om hiervoor extra geld vrij te maken.

Ook het Europees Parlement staat achter het akkoord. Op advies van een bijzondere commissie, waarin ik zitting had, heeft het Parlement bovendien erkend dat het handelen van de mens wel degelijk één van de hoofdoorzaken van de opwarming van de aarde is. Daarom pleit ik er voor het akkoord van Parijs onverkort uit te voeren. Op alle fronten moeten we aan de bak, van energiezuinige huizen en kantoren tot zuinige en schonere auto’s en ook het benutten van vrijkomende CO2. Investeringen die zich op termijn terugverdienen.

De grote industrieën steunen de overgang naar duurzame productie, waarbij ze de overheden vragen de komende jaren een helder beleid te voeren. Deskundigen verwachten immers dat er een overgangsperiode van zeker 40 tot 50 jaar nodig is, voordat we de fossiele bandstoffen niet meer nodig hebben. Vanuit die achtergrond ben ik al enige jaren een pleitbezorger voor de bio-gebaseerde economie: plantaardige grondstoffen vervangen geleidelijk grondstoffen uit fossiele bronnen, bijvoorbeeld bij het maken van plastics. Europa steunt deze overgang. Andere kansen voor Europa ziet hij in het beter benutten van CO2. We kunnen zien dat een tuinbouwcomplex in Terneuzen floreert door gebruik te maken van hoogwaardige CO2, die vrijkomt bij een nabijgelegen kunstmestfabriek. Ook opslag van CO2, bijvoorbeeld in lege gasvelden in de Noordzee, biedt mogelijkheden. Over enkel jaren kunnen we dan Trump opnieuw ontvangen en hem laten zien, hoe idealen en zaken kunnen samengaan.