Financiën

Als het om onze financiën, om ons geld gaat, vindt het CDA drie zaken extra belangrijk:

  1. is een financieel besluit in het (maatschappelijk) belang van Brabant;
  2. wat voor gevolgen heeft een financieel besluit voor Brabant (voor mensen, bedrijven, leefomgeving enz.);
  3. wat betekent een financieel besluit voor het Brabant van nu, maar óók voor het Brabant van later.

Het CDA kijkt bij ieder financieel besluit van de provincie nadrukkelijk naar deze drie aspecten. We willen namelijk een financieel beleid dat degelijk is: het zgn. huishoudboekje moet op orde zijn, dus we geven niet meer geld uit dan we ontvangen.

Wat de uitgaven van de provincie betreft, let het CDA scherp op waar de provincie geld aan uitgeeft én of dat geld op de juiste wijze wordt besteed. De overheid is immers géén geldloket of pinautomaat, waarbij het “u vraagt wij draaien” is. En geeft de provincie geld uit, dan moet dat volgens het CDA een zinvolle investering zijn waar de Brabanders écht iets aan hebben. Voorbeelden van goede investeringen zijn:

  • het mee investeren in een kleine universiteit in Den Bosch, die zich specialiseert in Big Data, ICT en allerlei andere computertechnologie;
  • het lenen van geld aan Vliegbasis Woensdrecht, zodat daar hopelijk méér Brabanders kunnen komen werken en stage lopen;
  • het investeren in snel internet (breedband) voor heel Brabant, zodat ook de buitengebieden meer bereikbaar én leefbaar worden;
  • het investeren in innovatie, bijv. een robot die tot 10 keer preciezer kan opereren.

Behalve op de uitgaven houden we als CDA ook de inkomsten van de provincie goed in de gaten. Deze inkomsten staan onder druk, omdat Brabant minder geld krijgt van Den Haag en zich aan allerlei financiële regels, zoals ‘schatkistbankieren’, moet houden. Het CDA wil dat Brabant de baas blijft over haar eigen geld, het geld van de Brabanders. Ook hun kinderen en kleinkinderen moeten straks kunnen profiteren van het geld dat hun (groot)ouders met hard werken hebben verdiend.