Spreektekst1  Ton Braspenning – Lid Provinciale Staten Noord-Brabant
Debat over versnelling transitie veehouderij
(07-07-2017)

Inleiding

Voorzitter,

de BZW;

VNO-NCW; AgriFood Capital;

VVD‘er Uri Rosenthal;

de Dierenbescherming;

Bob Hutten;

Agrifirm;

Campina;

de ZLTO;

het NAJK;

het BAJK;

de Trotse Jonge Boeren;

Boeren horen bij Brabant;

Boerenprotest Baarle;

de Rabobank;

ABAB;

VION;

de POV;

de NVV;

de NVM;

de NFE;

veehandel Paridaans & Liebregts;

mengvoerbedrijf Fransen Gerrits;

De Heus Diervoeders;

de HAS Hogeschool;

verschillende AgriFood Capital gemeenten;

de gemeente Sint Anthonis; de gemeente Baarle-Nassau;

de gemeente Cranendonck; de gemeente Alphen-Chaam; de gemeente Gilze en Rijen;

de gemeente Dongen; de gemeente Deurne;

de gemeente Asten;

de gemeente Someren;

de provincie Limburg;

de VVD-fractie in Deurne;

de VVD-fractie in Someren;

de VVD-fractie in Bergeijk;

de VVD-fractie in Heeze-Leende;

de VVD-fractie in Oirschot;

de VVD-fractie in Reusel-De Mierde;

de VVD-fractie in Woensdrecht;

de VVD-fractie in Hilvarenbeek;

de VVD-fractie in Meierijstad;

de VVD-fractie in Gilze en Rijen;

de VVD-fractie in Moerdijk;

de VVD-fractie in Boxmeer;

de VVD-fractie in St. Michielsgestel.

En zo kan ik nog wel even doorgaan. Van links tot rechts. Van publiek tot privaat. Alle genoemde partijen en organisaties hebben grote bezwaren tegen deze plannen.

Voorzitter, dit college was toch die “vernieuwende” coalitie die het helemaal anders zou aanpakken? Het frisse college dat sámen met de Brabanders op zoek ging naar innovatieve oplossingen? Samenwerken, co-creatie, draagvlak: uw linkse coalitieakkoord staat er vól mee.

Voorzitter, deze plannen zijn op geen enkele manier te rijmen met hoe u zegt te willen werken.

Integendeel:

  • een complete sector in de gordijnen;
  • hele families die door de armoedegrens gaan;
  • jonge boeren die geen toekomst meer zien;
  • boze werkgeversverenigingen;
  • gemeenten die zeggen dat uw plannen onuitvoerbaar zijn;
  • financiers die waarschuwen voor een financieel sprookje,
  • en juristen die een berg juridische procedures voorspellen.

 Voorzitter, wij spreken nu alle vier de coalitiepartijen aan: VVD, SP, D66 en PvdA.

Waarom tóch deze plannen doorzetten, ondanks zóveel kritiek en zó weinig draagvlak? Dát is de kernvraag vandaag.

Gelooft u werkelijk dat deze plannen kans van slagen hebben, óf is hier sprake van een politieke deal over de rug van honderden ondernemers en boerenfamilies? Zij hebben recht op het eerlijke antwoord.

Wij stellen deze vraag aan gedeputeerde Spierings en aan gedeputeerde Van den Hout, de architecten van deze plannen.

Maar óók aan gedeputeerde Pauli: hoe kunt u, als VVD’er en als hoeder van familiebedrijven, de mensen hier in de ogen kijken en beweren dat deze plannen voor hen goed uitpakken?

En aan gedeputeerde Swinkels. Want zeg nou zelf: voor dit soort plannen, die leiden tot een armoedeval onder een grote groep Brabanders, bent u als SP’er toch niet de politiek ingegaan?

En tot slot een vraag aan het gehele college: vindt ú deze plannen een voorbeeld van goed, fatsoenlijk bestuur? Graag van u allen een reactie.

Voorzitter, dit college startte meer dan een jaar geleden met een “dialoog”, maar dreigt nu te eindigen met een dictaat. Met uw voorstellen bereikt u géén duurzame agrarische sector. Wat u wél bereikt, is een kloof tussen de provincie en de agrarische sector. En die kloof is nog nooit zo groot geweest als nu.

Een enorm gebrek aan draagvlak is het probleem, maar óók de sleutel tot de oplossing. Wij willen daarom dat de besluitvorming over deze plannen wordt uitgesteld, dat de gedeputeerden teruggaan naar de onderhandelingstafel, en dat zij met nieuwe, gedragen voorstellen komen.

De gehele oppositie, van links tot rechts, wil met u meedenken. Als CDA zeggen we er graag onze zomervakantie voor af. En we komen met een motie.

Voorzitter, voor deze plannen ontbreekt niet alleen draagvlak, de plannen zijn ook tegengesteld aan wat we willen bereiken.

Oók het CDA wil een duurzame landbouw van familiebedrijven, geworteld in de lokale samenleving.

Maar deze voorstellen:

  • leiden niet tot minder schaalvergroting, maar méér;
  • leiden niet tot minder intensivering, maar méér;
  • leiden tot een ongelijk speelveld en tot marktverstoring;
  • drijven talloze boerengezinnen tot wanhoop;
  • helpen de natuur niet;
  • zijn niet uitvoerbaar;
  • financieel niet haalbaar;
  • juridisch niet houdbaar;
  • en bestuurlijk onfatsoenlijk.

Een aantal voorbeelden waaruit dit blijkt:

1)

Nog vóórdat de mesttafel-overleggen waren afgerond, kwam u met nieuwe maatregelen voor stikstofreductie en met een nieuwe, vervroegde deadline. Alsof je de hypotheek op je huis ineens jaren eerder moet aflossen. Onmogelijk, oneerlijk en onbetrouwbaar.

2)

De milieu-eisen uit de Verordening natuurbescherming hebben tot dusver nog niet geleid tot minder stikstof in de natuur. Kortom, de effecten van uw maatregelen blijven uit. En dus zijn uw maatregelen juridisch discutabel. En uitgerekend daar waar de stikstofdaling wél op koers ligt, gaat u de eisen nog verder aanscherpen. Om de vrije stikstofruimte daarna zogenaamd weg te geven aan andere sectoren.

Maar is dat wel echt zo? Kan gedeputeerde Van den Hout dat garanderen? Want voor die projecten was toch al lang ruimte gereserveerd? Hoe kunt u zwart op wit garanderen dat deze ruimte in de economie terecht komt? Wel een relevant punt, omdat u daarmee de VVD heeft overgehaald.

En voorzitter, dát is meteen de cruciale vraag: want wat is nu eigenlijk de milieuwinst door het naar voren halen van de datum, terwijl in 2028 dezélfde uitstootwinst zou worden geboekt?

U en ik hebben het duidelijk gehoord bij de tientallen insprekers. Een versnelling naar 2022 is niet haalbaar voor de sector. Ook omdat u boeren dwingt te kiezen voor de snelste oplossing (aangepaste stallen) i.p.v. de beste oplossing (nieuwe stallen).

Wanneer u de deadline 2028 zou handhaven, komt u zowel uw afspraak met de boeren als uw afspraak met de natuur na. Dát is pas behoorlijk bestuur.

Wij dienen een amendement in om de deadline 2028 te handhaven.

Voorzitter, het college negeert in haar plannen de biologische sector. Boeren met keurmerken. Of boeren in gebieden waar uitstoot geen probleem is en maatregelen geen effect hebben. Of boeren die op korte termijn gaan stoppen. Voor hen moet op zijn minst een uitzondering voor komen. Voor deze boeren dienen wij 2 amendementen en 2 moties in:

Voorzitter, als CDA vinden wij het belangrijk om de juiste cijfers te kennen, vóórdat we ingrijpende maatregelen nemen waarvan het effect niet is bewezen. Dat heet behoorlijk bestuur.

Nu is er behalve over stikstofmeting óók veel discussie over de meetwijze en effecten van ammoniakuitstoot. Bijvoorbeeld over het feit dat ammoniak nu maar op 2 plekken in Brabant wordt gemeten. 2 plekken, waar u uw beleid op baseert. Dat moet anders.

Bent u van plan onze eerdere motie “Meten is weten” te gaan uitvoeren?

3)

Voorzitter, uw plannen voor mestverwerking komen niet van de grond.

Het college kiest voor grootschalige verwerking van mest op industrieterreinen. Wij zijn daar tegen. Wij vrezen dat dit niet alleen leidt tot maatschappelijke onrust, maar óók tot tal van juridische problemen. En of het ecologisch verstandig is, is ook nog eens volstrekt onduidelijk.

Hoe ziet de SP dit, met de ervaringen uit Oss nog vers in het geheugen?

Wij raden u aan te kiezen voor mestverwerking bij agrarisch-technische bedrijven, zoals kasteel-Meeuwen in Aalburg en Houbraken in Bergeijk. Helpt u deze “Willie Wortels” vooruit.

De zin over het aanvoeren van mest via pijpleidingen mag dan wat ons betreft worden geschrapt. Onzinnig en onwerkbaar, dus dienen wij 2 moties in.

En daarnaast wij zien ook kansen voor het verwerken van mest door loonwerkers. Hiervoor ook een motie.

Voorzitter, in de plannen wil het college de mestverwerkingscapaciteit uitbreiden, met als limiet het Brabantse mestoverschot. Deze limiet is een gemiste kans.

Uit milieuoogpunt zou je namelijk álle mest willen verwaarden tot een volwaardige vervanger van kunstmest. U zou dit dan ook als provincie moeten faciliteren. In een innovatieve en concurrerende mestverwerkingsmarkt gaan dan de kosten voor de boer omlaag. Dat blijkt uit uw eigen onderzoek, waarin we lezen dat uw maatregelen méér boeren de armoede in jagen. Dat kan toch ook niet de bedoeling zijn, vragen wij aan de SP?

Mestverwaarding is goed voor de boer én voor het milieu.

Wij dienen een motie in om álle mest te gaan verwerken.

4)

Voorzitter, een belangrijke peiler onder uw plannen is het zogenaamde “stalderen”. Een sloop-plicht voor boeren die willen uitbreiden. Hier slaat u wat ons betreft de plank volledig mis.

Uw plannen zijn financieel niet haalbaar. Stalderen kost namelijk veel geld, zeker als boeren dat alléén moeten financieren.

Het kost zóveel geld, dat boeren óf noodgedwongen stoppen óf geen cent overhouden voor duurzame maatregelen en dierenwelzijn.

Bovendien straft u welwillende boeren die al dure aanpassingen hebben gedaan met uw verbod op intern salderen.

Dat verbod moet worden opgeheven. Hiertoe dienen wij een motie in.

5)

Voorzitter, de stalsystemen die u voorschrijft in de inmiddels beruchte “Bijlage 2” bestaan in een aantal gevallen nog niet. En zijn dus praktisch niet haalbaar.

6)

En dan het “flankerend beleid”, ofwel “de maatregelen als schaamlapje voor het bloeden”. Maar het college wil voor deze maatregelen vooralsnog geen cent uittrekken. En wat het beleid inhoudt, is ook totaal onduidelijk.

Geen verband, pleister of doekje voor het bloeden: nee, u amputeert een been en laat de patiënt stuiptrekkend en met bloedverlies achter.

Oh ja, u wilt een investeringsfonds ter waarde van 30 miljoen euro oprichten om boeren te helpen met verduurzamen. Maar de pot blijft leeg zolang gemeenten, banken en andere private partijen niet willen inleggen.

Hierover is nog geen enkele afspraak gemaakt, dus op welke wijze helpt dit fonds de boer vooruit? Hoe haalbaar is dit?

Volgens ons is het niet haalbaar. D66 zal dit luchtballonnetje ongetwijfeld een “living lab” noemen, wij noemen het een roekeloos experiment.

Als CDA pleiten wij voor een saneringsfonds om kwetsbare gebieden echt een alternatief te bieden. Hiervoor een motie, getiteld “Warm saneren in hotspot gebieden”.

7)

Voorzitter, een laatste voorbeeld.

Gemeenten moeten een groot deel van dit beleid gaan uitvoeren. Maar dat is een onmogelijke opgave, gelet op de verwachte ambtelijke capaciteit en dure procedures. Dit signaal klinkt uit alle hoeken van de provincie. Wat u voorstelt, is niet uitvoerbaar.

 Afsluiting

Voorzitter, vandaag staat 1 sector in de spotlights. Maar er is ook 1 grote afwezige. Een speler die Écht de sleutel tot verduurzaming in handen heeft: de retail. Het wordt hoog tijd dat zij haar maatschappelijke verantwoordelijkheid echt vorm en inhoud geeft. En niet de schijn ophoudt met cosmetische marketingtrucs en ondertussen boeren met wurgcontracten uitmelkt en marges afroomt.

Mede namens ons dient collega Vreugdenhil hiertoe een motie in.

Voorzitter, ik rond af. Vandaag is hoe dan ook een “historische” dag voor Brabant. Want na een onverantwoord proces van besluitvorming, dreigt over de rug van de agrarische sector een besluit te vallen dat enorme impact heeft op deze bedrijfstak, op aanverwante sectoren én op het Brabantse buitengebied.

Een besluit dat niet bijdraagt aan een duurzame agrarische sector, dat niet kan rekenen op enig draagvlak en dat praktisch, financieel, juridisch en technisch niet haalbaar is.

Van links tot rechts kan niemand zich in deze plannen vinden. En het allerergste: het kan u allemaal niets schelen.

Straks valt hier een besluit met enorme consequenties. Een kloof in Brabant. De provincie had daarin haar verantwoordelijkheid moeten en kunnen nemen. Dat heeft zij niet gedaan.

Máár voorzitter, het is nog niet te laat. Wij roepen college en coalitie op, in het bijzonder de VVD, om deze plannen te laten vallen. En terug te gaan naar de onderhandelingstafel.

Tot zover, voorzitter. Op een aantal onderwerpen zullen wij nog met extra moties of amendementen komen.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Spreektekst Ton Braspenning versnelling transitie veehouderij (7 juli 2017)