Inbreng CDA bij Statenbehandeling Bestuursrapportage 2016

Statenbehandeling Bestuursrapportage 2016

Spreektekst Stijn Steenbakkers namens de fractie van het CDA                                         

Voorzitter, voor ons ligt de BURAP. Maar wellicht nog belangrijker: voor ons ligt ook de nota reserves, die gaat over de spaarpot van de Brabanders van 3,2 miljard euro. We hebben afgesproken dat dit stuk slechts één keer in de vier jaar voorligt. Om die reden zal een groot deel van de inbreng van het CDA dan ook gaan over deze nota en het algemeen financieel beleid.

BURAP beleidsinhoudelijk

Voorzitter, maar eerst kort de voortgang van de verschillende portefeuilles op hoofdlijnen. We zijn gaan kijken naar binnen welke portefeuilles er nu daadwerkelijk meters worden gemaakt. Om meer in college thermen te blijven: in welke portefeuilles wordt de beloofde beweging in Brabant nu daadwerkelijk gebracht? Papier en infographics zijn immers geduldig.

Voorzitter, en dan zie je dat er grote, zeer grote verschillen zijn in de voortgang die de verschillende gedeputeerden op de verschillende portefeuilles maken. De één maakt beweging (wellicht niet altijd precies de kant op die het CDA had gewild), maar er gebeurt in ieder geval iets. Terwijl we bij de ander bij wijze van spreken het gevoel hebben dat men zojuist pas heeft ontdekt verantwoordelijk te zijn voor het specifieke onderwerp. Voorzitter, omdat het CDA er geen politieke versie van ‘ranking the stars’ van wil maken trappen we maar af in willekeurige volgorde:

Bestuur – mevrouw Spierings: veerkrachtig bestuur 

Positief is dat veel gemeenten ermee aan de slag gaan. Voorzitter, het CDA blijft echter zeggen dat herindelen niet altijd het magische toverwoord is. Is de gedeputeerde het daar mee eens en wat vindt zij zelf van de vorderingen op het gebied van veerkrachtig bestuur? Voorzitter, een aandachtspunt is dat de provincie zelf ook wat aan veerkrachtig bestuur mag doen. Denk bijvoorbeeld aan de B1000. T.a.v. het landbouwdossier maken wij ons zorgen het toekomstperspectief voor de varkenshouderij. Wordt hier nu aansluiting gezocht bij de landelijke lijn of gaat de gedeputeerde hier zelf het wiel uitvinden?

Economie – de heer Pauli 

Voorzitter, we zijn hier over het algemeen enthousiast, complimenten aan de gedeputeerde. Een sterke inzet op internationalisering, aandacht voor innovatie en een mooie benutting van Europese middelen. We hebben nog wel een aantal verbetersuggesties, maar die bespreken we bij de begroting. Een belangrijke vraag voor nu is dat we tien neerwaartse bijstellingen zien m.b.t. de POP 3 middelen i.v.m. de optimalisatie van de Rijksdienst voor Ondernemen. Kan de gedeputeerde hier wat meer kleur op geven?

Ecologie – de heer Van de Hout

Voorzitter, we waarderen de inzet van de gedeputeerde, maar inhoudelijk maken we ons hier echt grote zorgen. De woorden ‘vertraging’, ‘doorschuiven’ en ‘wachten’ zijn in dit begrotingshoofdstuk bijna meer te vinden dan alle leestekens samen opgeteld. Ook zijn er hoofdpijndossiers als de NB-wet en de PAS, waar slechts langzaam vorderingen worden gemaakt. Hebben we de stapel NB-wet vergunningsaanvragen en aanvragen onder het nieuwe PAS-regime op dit moment onder controle?

Als je kijkt naar het lijstje afwijkingen in dit hoofdstuk word je ook niet echt vrolijk. Vertraagd/uitgesteld zijn o.a.:

  • Leefbaarheidsonderzoek Brabant Veiliger
  • Voortgangsrapportage natuur
  • Vaststellen Natura 2000 beheerplannen
  • Evaluatie nota handhavingskoers
  • Twee saneringssituaties

Kortom gedeputeerde, genoeg aandachtspunten! Hoe kijkt de gedeputeerde hier zelf tegenaan?

Cultuur en Samenleving – de heer Swinkels

Voorzitter, we zijn te spreken over de voortgang op het gebied van cultureel erfgoed. Ook zijn we enthousiast over het recent aangekondigde plan om de Vuelta naar Brabant te halen. Wat ons betreft mag er nog meer aandacht voor sport zijn vanuit dit college. Aandachtspunt vinden we echt de sociale veerkracht paragraaf. Er wordt veel gepraat, in houtskool geschetst etc., maar wanneer en hoe exact gaan de mensen het buiten zien? Andere vraag is of de gedeputeerde vindt genoeg financiële middelen te hebben om een goed én barmhartig beleid op sociale veerkracht te kunnen voeren.

Mobiliteit – de heer Van der Maat

Voorzitter, we zien hier een gedeputeerde die voortvarend aan de slag is. Hoewel we inhoudelijk over een belangrijk dossier natuurlijk anders denken, willen wij onze waardering uitspreken voor de snelheid en manier waarop deze gedeputeerde is gekomen met een bereikbaarheidsakkoord voor Zuid-Nederland. We blijven echter veel fileleed zien in Brabant en we zijn er dus nog lang niet.

Losse vraag is waarom de kostendekkingsgraad niet voldoet als prestatie indicator in het OV. Waar is deze in 2016 op uitgekomen?

Ruimte – de heer Van Merrienboer 

Voorzitter, ook hier zijn we positief over de voortgang. Op het gebied van leegstand en werklocaties wordt hard gewerkt en het omgevingsvisie dossier vordert ook. We hebben op deze dossiers nog wel inhoudelijke voorstellen, maar deze komen bij de begroting.

Een andere belangrijk dossier van deze gedeputeerde is Financiën. Ik wil het met de heer Van Merrienboer in het tweede deel van mijn inbreng dan ook vooral hebben over het algemeen financieel beleid en meer specifiek de nota reserves.

Financieel beleid/Nota reserves

Voorzitter, laat ik beginnen met het proces en dat het heel goed is om deze nota, die gaat over de spaarpot van de Brabanders, hier grondig te bespreken. Het CDA zou het van goed financieel rentmeesterschap vinden getuigen dat deze nota over reserves, mede gezien de enorme financiële impact van 3,3 miljard, ook nog eens wordt aangeboden tegen het einde van de bestuursperiode indien de marktomstandigheden hier om vragen (bijvoorbeeld stijgende rentes). Graag een reactie van de gedeputeerde.

Voorzitter, over het algemeen kunnen we het financiële beleid en de nota reserves ondersteunen. We hebben echter grote problemen met twee specifieke onderdelen:

Punt 1 is de dividend en rente reserve. Voorzitter, dit is een principieel punt. We lezen dat door een hoger rendement op de immunisatieportefeuille er 1,8 miljoen euro is toegevoegd aan de algemene reserves, waardoor dit vrij inzetbaar geld is. Dit is niet de afspraak die we met elkaar hebben gemaakt! Eventuele boekwinsten of extra verdiensten uit de immunisatieportefeuille gaan tot het maximum van 360 miljoen euro (zoals nu voorgesteld door GS) naar de dividend en rente reserve pot. Per 31december 2016 staat deze reserve pas op 156 miljoen euro, dus het maximum is nog lang niet bereikt. Het verbaast ons dat dit zo is besloten. Helemaal in het licht van de notitie over het vermogen uit maart 2016 én de externe validatie van professor Koedijk. Die stelt terecht dat de toekomstige rendementen zeer onzeker zijn. Daarom moet de buffer hier zo groot mogelijk zijn. U hebt die zelf op 360 miljoen euro gezet en dat is met een reden. Het CDA heeft dan ook een amendement om dit geld naar de dividend en rente reserve te brengen in plaats van naar de algemene reserve.

Omdat we weten dat het doelrendement in de nabije toekomst een probleem wordt, maakt het CDA ook een andere keuze m.b.t. de vrije begrotingsruimte en doorgeschoven middelen. In totaal is dit 47,9 miljoen euro. Er wordt nu voor gekozen om 31,9 miljoen euro door te zetten naar de volgende bestuursperiode en de rest te egaliseren in deze bestuursperiode. Voorzitter, we zien onder de huidige marktomstandigheden een financieel probleem aankomen t.a.v. het doelrendement. Het CDA kiest er dan ook middels een amendement voor om additioneel 24 miljoen euro toe te voegen aan de dividend en rente reserve (12 miljoen euro egalisatie en 12 miljoen euro doorgeschoven ruimte naar de volgende bestuursperiode). Er blijft dan meer dan genoeg vrije begrotingsruimte over in deze en de volgende bestuursperiode. Vandaar dit amendement.

Voorzitter, dan nog een aantal losse vragen:

  • De Brede Doeluitkering mobiliteit en rijksmiddelen voor natuur zijn sinds 2016 onder het provinciefonds komen te vallen. Als decentralisatie uitkering vallen zij daarmee nu onder de algemene middelen en zijn onderdeel van de afweegbare ruimte. Aan de andere kant wordt melding gemaakt dat de middelen voor mobiliteit gereserveerd blijven. Kan de gedeputeerde dit bevestigen? Het CDA wil dat deze middelen blijvend gealloceerd worden voor mobiliteit.
  • Voorzitter, verder lijken de bestemmingsreserves fors te groeien van 370 miljoen euro naar EUR 810 mln. GS meldt echter dat de BDU uitkering hierdoor lopen. Hoe zit dit precies?
  • Voorzitter, verder lezen we dat er geen rentebijschrijving zal plaatsvinden op de reserves. Op zich begrijpen we deze keuze. Waar gaat de rente op sommige reserves dan wel naartoe als deze niet op het nominale bedrag wordt bijgeschreven?
  • Het SIF. Is dit volgens de gedeputeerde voldoende gevuld voor de opgave op het gebied van mobiliteit de aankomende jaren en hoe is dit berekend? Moet hier extra gespaard worden?
  • Voorzitter, tot slot de strategie op het vermogen. We hebben ervoor gekozen leningen aan publieke instellingen en subsidies/leningen met maatschappelijk nut op te schroeven. Het beheer ligt intern bij de provincie. Met name bij de niet-publieke instellingen is het kredietrisico dat we als provincie lopen op deze partijen key. Het CDA zou graag in het platform P&C meegenomen worden in hoe de provincie hier gestalte aan geeft.

Tot zover mijn eerste termijn.

1 antwoord

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *