CDA over Tourambitie provincie: “niet achterover leunen, maar demarreren”

De Provinciale Statenfractie van het CDA Brabant is blij met de positieve grondhouding van de provincie Noord Brabant t.a.v. een provinciale lobby voor een ‘Brabantse’ Touretappe of etappe in een vergelijkbaar wielerevenement. Wel mist het CDA bij het college van Gedeputeerde Staten nog enige ambitie én een concrete invulling.

Het CDA stelde recent schriftelijke vragen over dit onderwerp, die vorige week zijn beantwoord (zie Antwoord op schriftelijke vragen over Tour de France door Brabant).

Statenleden Stijn Steenbakkers en Ton Braspenning:

“Als CDA zijn we blij met de positieve grondhouding van de provincie, maar we hadden gehoopt op méér ambitie van een college dat nota bene Beweging in Brabant als motto heeft gekozen. De antwoorden op onze vragen zijn namelijk nog weinig concreet. Zo erkent het college het belang van lobbyen voor sportevenementen, maar ziet het niet het nut in van aansluiting bij lobby-initiatieven als die in Limburg gericht op een Touretappe in Zuid-Nederland. Het CDA vindt dat een gemiste kans. Om het in wielertermen uit te drukken: ”Brabant moet niet achterover hangen in het peloton, maar demarreren. De Tour wacht op niemand.”

In reactie op de antwoorden van het college heeft het CDA de volgende schriftelijke vervolgvragen gesteld:

  1. Wij begrijpen dat lobbytrajecten lang kunnen duren. In juni/juli jl. stond echter nog niet vast wat in 2017 het parcours van de Tour de France ná de proloog zou zijn. Op basis waarvan concludeert u in antwoord op vraag 4 dat het ondersteunen van de Limburgse lobby niets toevoegt?
  2. Bent u bereid om over deze conclusie met verantwoordelijk gedeputeerde Koopmans uit Limburg in gesprek te gaan?
  3. Indien ja, bent u dan bereid om, als blijkt dat ondersteuning vanuit Brabant wel degelijk van toegevoegde waarde is voor een Touretappe in Zuid-Nederland, een concreet voorstel hiertoe te doen aan Provinciale Staten?
  4. Wanneer 2017 toch te snel komt, laat het antwoord ‘wellicht’ op vraag 6 Brabant tamelijk in het ongewisse. U schrijft dat u een inventarisatie van de kansen voor Brabant gaat maken. Kunt u ons een doorkijkje geven naar deze inventarisatie? Voor welke evenementen acht u Brabant kansrijk?
  5. Voor welke wielerevenementen gaat u zich concreet inzetten?
  6. Hoeveel geld is er ongeveer met het binnenhalen van deze evenementen gemoeid?
  7. Helpt het u wanneer Provinciale Staten vooraf de financiële kaders goedkeurt? U hebt dan als college het mandaat om zonder financieringsvoorbehoud te opereren in uw lobby richting de betreffende organisaties én volstrekt duidelijk te zijn over financiële ondersteuning vanuit Brabant.
  8. In uw antwoorden op onze vragen meldt u dat financiële ondersteuning een belangrijke succesfactor is om (sport)evenementen naar Brabant te halen, maar óók dat een langdurige relatie met de organiserende instantie(s), in het geval van de Tour de France is dat de A.S.O.1, van belang is. Hoe onderhoudt Brabant deze relaties? Heeft het college hiervoor budget en capaciteit gereserveerd? En belegt de provincie dit intern of extern?

1 Amaury Sport Organisation.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *