Lambert van Nistelrooij – Parijs na Trump

Bij zijn eerste bezoek aan Europa heeft de Amerikaanse president Trump opnieuw vraagtekens gezet bij het klimaatakkoord van Parijs. Hij gelooft niet in het effect van het menselijk handelen op de klimaatverandering. Als Europarlementariër pleit ik er echter voor het akkoord van Parijs onverkort uit te voeren. Het akkoord betekent een forse push voor innovaties op veel terreinen. In Europa mogen wij ons in het ontwikkelen van oplossingen niet laten afremmen. We moeten juist nieuwe kansen grijpen, zoals meer gebruik van plantaardige grondstoffen en het beter benutten van CO2.

Het klimaatakkoord van Parijs is het meest omvattende akkoord in de strijd tegen de opwarming van de aarde. Het akkoord legt vast dat de temperatuur van de aarde niet meer dan twee graden Celsius mag stijgen. Maar belangrijker zijn de handtekeningen van meer dan 170 landen, waaronder Nederland, waarmee ze aangeven bereid te zijn om hiervoor extra geld vrij te maken.

Ook het Europees Parlement staat achter het akkoord. Op advies van een bijzondere commissie, waarin ik zitting had, heeft het Parlement bovendien erkend dat het handelen van de mens wel degelijk één van de hoofdoorzaken van de opwarming van de aarde is. Daarom pleit ik er voor het akkoord van Parijs onverkort uit te voeren. Op alle fronten moeten we aan de bak, van energiezuinige huizen en kantoren tot zuinige en schonere auto’s en ook het benutten van vrijkomende CO2. Investeringen die zich op termijn terugverdienen.

De grote industrieën steunen de overgang naar duurzame productie, waarbij ze de overheden vragen de komende jaren een helder beleid te voeren. Deskundigen verwachten immers dat er een overgangsperiode van zeker 40 tot 50 jaar nodig is, voordat we de fossiele bandstoffen niet meer nodig hebben. Vanuit die achtergrond ben ik al enige jaren een pleitbezorger voor de bio-gebaseerde economie: plantaardige grondstoffen vervangen geleidelijk grondstoffen uit fossiele bronnen, bijvoorbeeld bij het maken van plastics. Europa steunt deze overgang. Andere kansen voor Europa ziet hij in het beter benutten van CO2. We kunnen zien dat een tuinbouwcomplex in Terneuzen floreert door gebruik te maken van hoogwaardige CO2, die vrijkomt bij een nabijgelegen kunstmestfabriek. Ook opslag van CO2, bijvoorbeeld in lege gasvelden in de Noordzee, biedt mogelijkheden. Over enkel jaren kunnen we dan Trump opnieuw ontvangen en hem laten zien, hoe idealen en zaken kunnen samengaan.

Lambert van Nistelrooij – Stad en Platteland

Op 22 en 23 maart organiseerden de Brabantse Kempengemeenten de ‘Rural Summit 2017’, de eerste conferentie voor plattelandsgebieden in Europa. Tegen de verwachting in vond de bijeenkomst niet plaats in Oirschot, Bladel of Hapert, maar in Eindhoven. Als spreker tijdens deze conferentie vind ik dat niet vreemd. In 2016 veroverden de Kempengemeenten de titel ‘Slimste plattelandsregio’. Dit resultaat was juist mogelijk door de samenwerking tussen de grote stad Eindhoven, een bolwerk van technologie, en het omliggend platteland. Bovendien sluit het aan bij een nieuwe trend, waarbij grote steden in Europa aandacht vragen voor stad én ommeland.

Uit geheel Europa kwamen tweehonderd gasten onder leiding van Anja Thijs, de burgemeester van Eersel, hun licht opsteken. Tijdens werkbezoeken konden ze kennis opdoen over ontwikkelingen op het platteland, zoals zorgverlening aan ouderen en precisie landbouw. Hierbij hoort steeds vaker het verwerken van veel gegevens, waarvoor men moet kunnen beschikken over glasvezel. Ook daar loopt de regio Eindhoven in voorop.

Steden zijn niet langer op zichzelf gericht. Steden die van de EU gelden ontvangen, vragen we voor de uitrol van voorzieningen ook met de dorpen te overleggen. Deze dorpen geven aan hoe wonen, recreatie, landbouw en natuur met elkaar kunnen samengaan. Het platteland op zijn beurt sluit met de nieuwe snelle verbindingen aan bij de mogelijkheden, die universiteiten en bedrijven in de stad bieden. Voorlopers zoals de Brabantse Kempen willen we graag als voorbeeld stellen als nieuwe dragers voor welvaart en ontwikkeling. Terwijl deze regio zich richt op technologie kunnen andere regio’s zich toeleggen op andere innovaties, waar zij goed in zijn.

Naast geld voor de Slimme Steden maakt het Europees Parlement ook geld vrij voor Slimme Dorpen, de Smart Villages. Het startsein wordt dit voorjaar gegeven. Ik heb de Kempengemeenten al uitgenodigd hiervan gebruik te maken. In het najaar staat Brabant opnieuw in het teken van het platteland. Van 19 tot 22 oktober komt het European Rural Parlement bijeen in Venhorst.

CDA: ‘slimme’ energiemeter moet slimmer worden

De ‘slimme’ energiemeter moet slimmer worden. Dat vinden Europarlementariër Lambert van Nistelrooij (CDA) én de Provinciale Statenfractie van het CDA Brabant.

In zijn wekelijkse radiocolumn stelde Van Nistelrooij recent dat de ‘slimme’ energiemeter op dit moment nog helemaal niet zo slim is. Zo krijgen consumenten die deze meter aanschaffen géén zgn. ‘verbruiksmanager’ meegeleverd, die inzichtelijk maakt wat in huis de grote energievreters zijn en waar zij kunnen besparen. Het effect van de slimme energiemeter op de energiebesparing is daardoor gering.

Naar aanleiding van het pleidooi van Van Nistelrooij stelden Statenleden Roland van Vugt en Stijn Steenbakkers deze week schriftelijke vragen aan het Brabantse college van Gedeputeerde Staten. Daarin roepen zij het provinciebestuur op om samen met netbeheerder Enexis én lokale energiecoöperaties de werking van de slimme energiemeter te verbeteren. Bijvoorbeeld door consumenten beter voor te lichten over hoe zij de meter moeten gebruiken en wat een zgn. ‘energieverbruiksmanager’ voor hen kan betekenen.

Van Vugt en Steenbakkers:

“De slimme energiemeter helpt consumenten bewuster met energie om te gaan én draagt bij aan een duurzame energievoorziening. Dat is geweldig. Nu echter blijkt dat de meter niet goed werkt en het gewenste effect uitblijft, vindt het CDA dat de provincie, als belangrijkste aandeelhouder van Enexis, met haar energiepartners in actie moet komen om de problemen te verhelpen en de werking te verbeteren. Zo maken we de slimme energiemeter slimmer en onze provincie duurzamer.”

Hieronder de complete set schriftelijke vragen die het CDA aan het Brabantse college van Gedeputeerde Staten heeft gesteld:

01. De slimme energiemeter werkt als volgt (zie https://www.enexis.nl/consument/slimme-meters/de-slimme-meter/inzicht-in-verbruik): via een lokale poort op de slimme meter kan de consument zelf de verbruiksgegevens uitlezen. Door de slimme meter via deze uitgang te verbinden met de computer of een andere display krijgt de consument eenvoudig inzicht in de hoeveelheid energie die hij of zij verbruikt. Voor het uitlezen van de verbruiksgegevens heeft de consument echter een energieverbruiker nodig. Klopt het dat Enexis deze meter niet (standaard) levert?

02. Geeft Enexis, naar uw bevindingen, duidelijk genoeg advies over hoe en waar mensen deze energieverbruikersmanager kunnen aanschaffen en installeren?

03. Het overgrote deel (86%) van de huishoudens met een slimme meter gebruikt nog géén aanvullende verbruiksmanager, aldus de Vereniging Eigen Huis. Bent u, als aandeelhouder van Enexis, bereid om met Enexis in gesprek te gaan en hierover snel tot een oplossing te komen?

04. Klopt het dat Enexis tot wel 7 verschillende typen slimme meters levert? Indien ja, vindt u dit overzichtelijk voor consumenten?

Uit het onderzoek onder 4.425 leden van Vereniging Eigen Huis (zie https://www.eigenhuis.nl/actueel/pers/2016/11/19/08/00/veh-slimme-meter-data-zetten-niet-aan-tot-energiebesparing) blijkt dat slechts 30 procent van de respondenten vindt dat het verbruikskostenoverzicht hen aanzet tot energiebesparing. De verbruikskostenoverzichten zijn moeilijk te doorgronden en leiden niet tot een gewenste verandering van het gedrag van consumenten.

De vereniging roept minister Kamp van Economische Zaken dan ook op om een taskforce in te stellen, waarin de verantwoordelijke partijen, zoals netbeheerders en energieleveranciers, samen de problemen in kaart brengen en komen tot snelle oplossingen die aansluiten op het gedrag van de consument. Hier kunnen we bijvoorbeeld leren van Engeland, waar consumenten bij de installatie van de slimme meter een eenvoudige display hebben gekregen die direct feedback geeft op het energieverbruik. De lijkt betere resultaten op te leveren.

05. Bent u bereid dit verzoek richting minister Kamp te ondersteunen? Indien ja, op welke wijze en op welke termijn?

06. Bent u, als belangrijke aandeelhouder van Enexis, bereid om met Enexis in gesprek te gaan over hoe we in Brabant snel ‘quick wins’ kunnen halen?

07. Ziet u voor lokale energiecoöperaties een rol bij de voorlichting van huishoudens over hoe om te gaan met de slimme energiemeter/verbruiksmanager?

CDJA-congres in ’s-Hertogenbosch met Brabantse topsprekers

Het CDJA, de jongerenorganisatie gelieerd aan het CDA, houdt vandaag en morgen een tweedaags congres in ’s-Hertogenbosch. Op het programma staan o.m. de verkiezing van nieuwe bestuursleden, een vooruitblik naar de Tweede Kamerverkiezingen volgend jaar én een groot aantal topsprekers.

Te gast zijn o.a. burgemeester Rombouts van ’s-Hertogenbosch, Europarlementariër Lambert van Nistelrooij, provinciaal fractievoorzitter Marianne van der Sloot en Tweede Kamerlid Madeleine van Toorenburg. Allen spreken op de vrijdagavond over uiteenlopende onderwerpen, zoals cultuur en Europa.

Op zaterdagochtend is het podium voor de jongerenkandidaten voor de Tweede Kamer, onder wie Anne Kuik (plek 11), Julius Terpstra (plek 23) en Stijn Steenbakkers (plek 24).

Ook is er een Brabant Panel o.l.v. Jeroen Bruijns, raadslid te Breda en lijstduwer bij de Tweede Kamerverkiezingen. Het panel bestaat uit Ranti Tjan (directeur EKWC), Frans van Dooremalen (directeur Brabant C) en Marcel Deryckere (Statenlid te Noord-Brabant).

Marianne van der Sloot, fractievoorzitter van het CDA in de provincie Noord-Brabant en oud-lid van het CDJA:

“Fantastisch dat het congres van het CDJA ditmaal in ’s-Hertogenbosch plaatsvindt, de stad van Jheronimus Bosch. Ik verheug mij op een mooi programma, met echte topsprekers. Een groot compliment aan de organisatie!”

Het congres start op 25 november om 17.30u. De afsluiting is op 26 november om 16.00u. Locatie is het Golden Tulip Hotel Central, gelegen aan het Burgemeester Loeffplein 98 te ’s-Hertogenbosch. Vertegenwoordigers van de pers zijn van harte uitgenodigd om te komen kijken. Hiervoor en voor meer informatie, bijvoorbeeld interviewverzoeken of het aanleveren van tekst- en fotomateriaal, kunnen zij contact opnemen met communicatiemedewerker Ernst van Welij via 06-10485989.