CDA: groen licht voor meer scholieren naar het Provinciehuis

Het Presidium (dagelijks bestuur) van Provinciale Staten Noord-Brabant heeft gisteren groen licht gegeven voor een uitbreiding van het aantal klassenbezoeken aan het Provinciehuis.

Daarmee komt de provincie tegemoet aan een voorstel van het CDA dat, ondersteund door diverse andere partijen, opriep tot het uitwerken van een plan om meer scholieren in de gelegenheid te stellen tijdens hun schooltijd het Provinciehuis te bezoeken.

Via Prodemos kunnen jaarlijks 40 schoolklassen het Provinciehuis van Noord-Brabant bezoeken. Veel te weinig, vindt het CDA, dat zelf ook regelmatig scholen uitnodigt om op bezoek te komen. Statenleden Stijn Steenbakkers en Marcel Deryckere schreven daarom een voorstel, waarin zij ervoor pleiten om dat aantal in de toekomst te verhogen.

Dit besluit van het Presidium is daartoe een belangrijke eerste stap, aldus het CDA. De provincie gaat haar capaciteit uitbreiden van 40 naar 60 klassenbezoeken per jaar. Ook gaat de provincie bijdragen aan de vaak hoge kosten voor (bus)vervoer naar het Provinciehuis. Na een jaar vindt een evaluatie plaats.

Steenbakkers en Deryckere zijn enthousiast:

“Als CDA willen we meer aandacht voor burgerschap en maatschappelijke vorming. Daar hoort een bezoek aan de Tweede Kamer of de gemeenteraad bij, maar óók een excursie naar het Provinciehuis. De provincie is de meest onbekende bestuurslaag, zoals ook blijkt uit de lage opkomstcijfers bij verkiezingen. Daar moeten we iets aan doen, want ook de provincie neemt besluiten die jongeren raken. Bijvoorbeeld over openbaar vervoer, de agrarische sector of de leefbaarheid in hun gemeente. Die besluiten nemen we in het Provinciehuis, dus voorwaar een goede reden om jongeren daar uit te nodigen.”

Schriftelijke vragen over weigering verbreding A2 Weert-Eindhoven

Schriftelijke vragen van Statenleden Huseyin Bahar en Ankie de Hoon over de weigering van minister Schultz om de A2 Weert-Eindhoven te verbreden.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen weigering verbreding A2 Weert-Eindhoven.

Geacht college,

Op de A2 staan tussen Weert en Eindhoven elke werkdag files, vooral in de ochtendspits richting Eindhoven. Niet alleen weggebruikers, maar ook betrokken gemeenten en de provincies Brabant en Limburg ondervinden hier veel negatieve gevolgen van. Naast de economische schade die files veroorzaken, is het overmatig sluipverkeer, dat via woonkernen als Leende probeert de files te vermijden, een steeds groter wordend probleem.

Het CDA maakt zich grote zorgen over de bereikbaarheid van Zuid-Nederland, nu minister Schultz van Infrastructuur de A2 tussen Weert en Eindhoven niet wil verbreden. Niet alleen omdat de economische groei in de regio Eindhoven groter is dan die in heel Nederland, maar ook groter dan die in steden als Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Den Haag.

Alleen een bereikbare regio kan een economisch sterke regio zijn, vindt het CDA. Daarom de volgende vragen:

  1. Deelt u de mening dat het voor Brainport Eindhoven, maar ook voor de logistieke hotspot Venlo, alsmede voor de bereikbaarheid van de Chemelot Campus, de Maastricht Health Campus en de Smart Services Hub in Heerlen, kortom voor een belangrijk deel van de Nederlandse economie, van groot belang is dat rond Eindhoven kan worden doorgereden?
  2. Deelt u de mening dat zonder spoedige verbreding van de A2 tussen Weert en Eindhoven het probleem in de komende jaren nijpender wordt door toename van verkeer én dat nu ingrijpen zowel goed is voor verdere banengroei als voor duurzame mobiliteitsontwikkeling (‘smart mobility’) en verbetering van de verkeersveiligheid?
  3. Deelt u de mening van veiligheidsdeskundigen dat de krappe vormgeving tussen Weert-Noord en Leende en de dichtheid van op- en afritten in combinatie met de verkeersdruk leiden tot meer onveiligheid?
  4. Kunt u verklaren hoe het mogelijk is dat tussen Weert en Eindhoven elke dag een file staat, maar dat bij de berekeningen van het Rijk dit niet als een op te lossen knelpunt wordt gesignaleerd?
  5. Hebt u samen met de provincie Limburg een stevige lobby gevoerd richting het Rijk en minister Schultz om de verbreding van de A2 tussen Weert en Eindhoven hoog op de agenda te krijgen?
  6. Bent u gekend in het besluit van minister Schultz om de A2 niet te verbreden en in te zetten op het alternatief gedragsbeïnvloeding door middel van het zogenaamde ‘spitsmijden’?
  7. Op basis van welke overwegingen, anders dan financiële, zijn een extra rijstrook bij Valkenswaard, het toevoegen van spitsstroken of het verbreden van het complete traject in beide richtingen, nu afgevallen?
  8. Ondersteunt u het alternatief van ministere Schultz en bent u inderdaad van mening dat de gebruikers van dit stuk van de A2 een keuze hebben en kunnen worden beïnvloed door middel van beloning?
  9. Ziet u, behalve de evidente oplossing van de broodnodige uitbreiding van de A2, nog andere aanvullende maatregelen dan het ‘spitsmijden’ om de pijn te verzachten zolang de A2 nog niet wordt verbreed?
  10. Welke acties heeft u al ondernomen of gaat u nog ondernemen tegen het overmatige sluipverkeer, als gevolg van de vele files op de A2 tussen Weert en Eindhoven, in veel woonkernen langs de A2, zoals in Leende? Dit zolang er nog geen prioriteit wordt gegeven aan en financiële middelen worden vrij gemaakt voor de verbreding van de A2.

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Huseyin Bahar en Ankie de Hoon

 

CDA: provincie maakt historische fout

Het CDA vindt dat de provincie Noord-Brabant een historische fout maakt, door in te stemmen met de plannen om de veehouderij versneld te veranderen. De Brabantse CDA-fractie stemde op 7/8 juli tegen deze plannen en diende een motie van afkeuring in.

Kern van de voorstellen, is het terugbrengen van de uitstoot van stikstof. Voor boeren betekent dit dat zij al in 2022 moeten voldoen aan nieuwe, strengere milieuregels. Eerder was met de agrarische sector afgesproken dat zij in 2028 aan de nieuwe normen zouden voldoen.

Maar het college van VVD, SP, D66 en PvdA heeft deze datum eenzijdig naar voren gehaald. Dit brengt heel veel boeren in de problemen, omdat zij versneld extra moeten investeren. Veel insprekers wezen erop al veel investeringen te hebben en door dit nieuwe maatregelenpakket te worden klemgezet.

Ook is er nog veel onduidelijkheid over het zgn. ‘flankerend beleid’. Dat zijn maatregelen die ongewenste effecten verzachten of compenseren.

Statenlid Ton Braspenning (woordvoerder landbouw):

“Voor deze plannen ontbreekt niet alleen draagvlak, de plannen zijn ook tegengesteld aan wat we willen bereiken. Oók het CDA wil een duurzame landbouw van familiebedrijven, geworteld in de lokale samenleving.

Maar deze voorstellen leiden niet tot minder schaalvergroting, maar méér. Leiden niet tot minder intensivering, maar méér. Leiden tot een ongelijk speelveld en tot marktverstoring. Drijven talloze boerengezinnen tot wanhoop. Helpen de natuur niet. Zijn financieel niet haalbaar. Juridisch niet houdbaar. Technisch niet uitvoerbaar. En bestuurlijk onfatsoenlijk.

Bovendien begrijpt het CDA niet waarom nu wel dit ingrijpende pakket moet worden doorgedramd, terwijl er nog geen zicht is op verzachtende en compenserende maatregelen. Dit geeft nóg meer onzekerheid bij ondernemers.”

Over de nu nog onuitgewerkte delen van het maatregelenpakket besluit Provinciale Staten dit najaar. Het CDA verwacht na een hete zomer dan ook een hete herfst.

Lambert van Nistelrooij – Knokken voor de consument

In het Brabants Dagblad van 15 juni werd het uitgebreid besproken. Wie op Schiphol een auto huurt, is als Nederlander duurder uit dan een buitenlander. In het Europees Parlement zet ik me er voor in, dat deze vorm van prijsdiscriminatie wordt tegengegaan; gewoonweg omdat het niet mag. Dat wij knokken voor de consument blijk ook uit het verdwijnen van de roamingkosten bij internationaal mobiel bellen binnen de EU en de miljardenboete voor Google.

De EU heeft een interne markt, waarin burgers allemaal dezelfde rechten hebben. Uit onderzoek blijkt echter dat regelmatig bij de consument ten onrechte extra kosten in rekening worden gebracht. Daarom worden vanaf 2018 betere regels ingevoerd. Het mag niet uitmaken, waar u als consument in de EU woont. Elke klant is en klant met dezelfde rechten. Dit geldt ook bij aankopen via webwinkels. Het opsporen van onterechte verschillen in kosten voor het verzenden van producten krijgt nu extra aandacht van het Europees Parlement.

Afgelopen jaren is hard gewerkt aan het afschaffen van extra kosten voor het bellen vanuit het buitenland. Ondanks verzet van de telecombedrijven, die beweerden dat het systeem in belang was van de consument. Vooral providers in landen met veel toeristen hebben er jarenlang veel aan verdiend. Het verdwijnen van de zogenoemde ‘roamingkosten’ is dan ook terecht.

Als Europees Parlement staan we gezonde concurrentie tussen bedrijven niet in de weg. Maar we blijven scherp. Als uit zorgvuldig onderzoek blijkt, dat Google met haar zoekmachine zichzelf bevoordeelt, is een hoge boete het resultaat. Op zo’n moment knokt de EU voor u. De EU is hierin bevoegd op te treden, voor 500 miljoen inwoners. Onze Brusselse wetten zijn bindend in alle lidstaten.

Heeft u ervaringen met onterechte rekeningen over de grens? Trek gerust aan de bel. Als lid van de Commissie voor Interne Markt en Consumentenbescherming duik er met liefde en plezier in.

Schriftelijke vragen over besluit versnelling transitie veehouderij

Schriftelijke vragen van Statenlid René Kuijken over het besluit versnelling.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen besluit versnelling transitie veehouderij.

Geacht college,

De CDA-fractie was tijdens de themavergadering Landbouw op 30 juni 2017 van mening dat investeren in de ontwikkeling van nieuwe stalsystemen door de provincie én het aan boeren vervroegd opleggen van nieuwe stalsystemen elkaar bijten. Boeren zullen immers snel investeren in zgn. ‘end-of-pipe systemen’ (e.g. luchtwassers) terwijl de betere technieken, die bijdragen aan emissiereductie bij de bron (stabiliseren of afvoeren van mest), beter werken, maar te laat beschikbaar komen. Gedeputeerde Spierings was van mening dat deze twee beleidslijnen elkaar niet bijten. Haar verwachting is dat deze technieken binnen 2,5 jaar op de markt zijn.

Echter, volgens uw voorstel Versnelling transitie veehouderij onder stuk nr. 41/17 zullen boeren met stallen ouder dan 15 jaar al in 2020 een ontvankelijke vergunningsaanvraag moeten hebben ingediend. In deze aanvragen zullen, bij gebrek aan beter, de beoogde end-of-pipe stalsystemen zijn opgenomen.

  1. Verwacht u dat er voor 2019 totaal nieuwe stalsystemen gaan worden getest en als best beschikbare techniek gaan worden aangemerkt? Verwacht u dat deze nog in de vergunningsaanvragen gaan worden meegenomen?
  2. Verwacht u dat boeren hun vergunningsaanvraag gaan aanpassen en de procedures met de bank, architect en agrarische adviesbureaus gaan overdoen, als er voor januari 2020 nieuwe technieken beschikbaar komen?
  3. Hoe ziet u het voor zich dat deze betere, maar reeds te ontwikkelen technieken hun weg gaan vinden in de vergunningsaanvragen voor 2020?
  4. Kunt u kort toelichten op welke punten de adviezen uit PAS als Kans van BrabantAdvies van februari 2017 voor u ongewenst zijn?
  5. Kunt u kort toelichten op welke punten de adviezen uit PAS als Kans van BrabantAdvies van februari 2017 juridisch onhaalbaar zijn?
  6. Volgens het rapport Onderzoek naar verwachte effecten van voorgenomen maatregelen veehouderij: effecten op natuur en milieu van Pouderoyen Compagnons1 is voor de periode 2020-2028 de totale stikstofwinst in vergunde ammoniakemissie ca. 12,5 kiloton, wanneer je de door u voorgestelde aanpassingen in de Verordening natuurbescherming vergelijkt met de versie ten tijde van dit onderzoek. Indien de agrarische sector met een alternatief bod komt om de vergunde stikstofemmissie met 12,5 kiloton terug te brengen, bent u dan bereid om de deadline voor aanpassing van stallen terug te zetten naar 2028? Indien niet, waarom niet?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

René Kuijken

1 Zie http://www.brabant.nl/-/media/816160ed45bb468e97f1c043379c6e65.pdf?la=nl&hash=DE7CD4A5684B16B96605426E4ACE25F3A396DCE7.

CDA: “minister Schultz, vergeet de A2 niet”

Het CDA maakt zich zorgen over de bereikbaarheid van Zuid-Nederland, nu minister Schultz van Infrastructuur de A2 tussen Weert en Eindhoven niet wil verbreden1. Tweede Kamerleden Martijn van Helvert en Erik Ronnes hebben de minister via schriftelijke vragen om opheldering gevraagd.

Op de A2 staan tussen  Weert en Eindhoven elke werkdag files, vooral in de ochtendspits richting Eindhoven. Niet alleen weggebruikers, maar ook betrokken gemeenten en de provincies Brabant en Limburg ondervinden hier veel negatieve gevolgen van, constateren de CDA-politici. Een voorbeeld is het overmatig sluipverkeer, dat via woonkernen als Leende probeert de files te vermijden.

Van Helvert en Ronnes vragen zich af waarom de minister niets ziet in de aanleg van een extra rijstrook bij Valkenswaard, het toevoegen van spitsstroken of verbreding van het gehele traject. Zij vrezen dat ‘spitsmijden’, de alternatieve oplossing die de minister aandraagt, niet het gewenste effect en het benodigde draagvlak heeft. Bij spitsmijden kunnen automobilisten een beloning verdienen in ruil voor het mijden van de spits.

Van Helvert en Ronnes:

“De A2 verbindt niet alleen Limburg en Brabant, maar ook Zuid-Nederland en Noord-Nederland. De snelweg is dus van vitaal belang voor onze economie. Automobilisten en truckers moeten wat het CDA betreft dan ook probleemloos kunnen doorrijden en niet bij Eindhoven in de file terechtkomen. Net als de inwoners van aan de A2 grenzende gemeenten als Heeze-Leende en Valkenswaard zijn zij gebaat bij een structurele oplossing van de fileproblemen. Kortom: de minister mag de A2 niet vergeten en daarom trekt het CDA aan de bel.”

1 Zie https://www.1limburg.nl/geen-geld-voor-verbreding-snelweg-weert-eindhoven.

Opinie Ton Braspenning: ‘Verduurzamen met boerenverstand’

Opinie van Statenlid Ton Braspenning in Nieuwe Oogst d.d. 24 juni 2017.

Verduurzamen met boerenverstand

Provincie Noord-Brabant besluit op 7 juli over een omvangrijk en ingrijpend pakket maatregelen die de landbouw moeten verduurzamen. De grootste hervorming van de agrarische sector in jaren is echter zeer omstreden.

Ton Braspenning
Melkveehouder en lid van Provinciale Staten Noord-Brabant voor het CDA

Met gezond boerenverstand kan ik er niet bij wat de provincie voorstelt. Het effect is namelijk tegengesteld aan wat we beogen. Zo is het milieu-effect minimaal en wordt dit vervolgens teniet gedaan door de stikstofruimte te verplaatsen naar de industrie en logistiek.

En in plaats van meer verduurzaming, ruimte voor familiebedrijven én een beter verdienmodel resulteert het beleid in meer schaalvergroting, familiebedrijven die omvallen en gezinnen die door de armoedegrens gaan.

In het voorstel krijgen boeren in plaats van tot 2028 nog maar tot 2022 de tijd om hun stallen aan te passen aan de nieuwe milieueisen (minder stikstofuitstoot). Eisen die zo streng worden, dat er geen stallen bestaan die eraan kunnen voldoen. En met de adder onder het gras dat de vergunningen al vóór 2020 rond moeten zijn.

Financiering door baken is lastig door eerdere milieu-investeringen en lage prijzen. Een bank zal een terugbetalingsgarantie eisen, wat leidt tot schaalvergroting. Dit wordt bevestigd door het onderzoek naar het effect van dit pakket maatregelen.

Boven op de versnelde, kostbare milieueisen moeten boeren die oude, milieuvervuilende stallen willen vervangen door nieuwe, milieuvriendelijkere stallen, betalen voor het afbreken van stallen bij gestopte boeren. Dit stalderen is kostbaar en een hoge financiële drempel om het bedrijf voort te zetten.

Om deze kosten te omzeilen zullen veel uitbreiders kiezen voor een satellietlocatie, wat de maatschappelijke inbedding van een bedrijf niet altijd ten goede komt.

Mestverwerking of export van mest is voor veel boeren eveneens een hoge kostenpost. In Noord-Brabant zijn voor boeren te weinig mogelijkheden om mest kwijt te raken. De provincie wil in haar nieuwe plannen de mestverwerkingscapaciteit uitbreiden, met als limiet het Brabantse mestoverschot.

Deze limiet is een gemiste kans. Uit milieuoogpunt zou je namelijk álle mest willen verwaarden tot een volwaardige kunstmestvervanger. De provincie zou dit moeten faciliteren.

De provincie motiveert een groot deel van haar plannen door te stellen dat minder stikstofuitstoot door boeren leidt tot een betere bescherming van de Brabantse natuur. Maar eigen onderzoek van de provincie toont aan dat de vermindering die nu al is gehaald, ongeveer 20 procent, niet is terug te zien in minder stikstof op natuur. Daar is tot op heden geen verklaring voor.

De provincie bepleit ook dat minder stikstofuitstoot door boeren ten goede moet komen aan meer uitstoot door andere bedrijfssectoren of wegen. Wat schiet de natuur hier feitelijk mee op?

De provincie roept gemeenten, banken en pensioenfondsen op om boeren te ‘helpen’ bij het verduurzamen. Ze zouden allemaal geld moeten storten in een op te richten investeringsfonds. Maar hierover staat nog niets op papier. Onzeker is of deze onmisbare partners überhaupt bereid zijn om mee te doen.

Mijn conclusie: hoe goedbedoeld de plannen van de provincie ook zijn, de plannen zijn praktisch, financieel en juridisch onhaalbaar. Duurzaamheid is gebaat bij economisch perspectief op korte én op lange termijn. Laten we deze lange termijn niet uit het oog verliezen, want ook het platteland van morgen is een platteland met boeren.