CDA en GroenLinks willen extra debat over philharmonie

CDA en GroenLinks willen een extra debat over de bezuiniging op de philharmonie zuidnederland. Dit zgn. ‘interpellatiedebat’ zou op 22 september a.s. moeten plaatsvinden.

De provincie Noord-Brabant wil het orkest voor minstens een half miljoen euro korten op het jaarlijkse budget. CDA en GroenLinks zijn tegen dit besluit, dat volgens de twee partijen onrechtmatig is.

Statenleden Marcel Deryckere (CDA) en Patricia Brunklaus (GroenLinks):

“Het provinciebestuur heeft van Provinciale Staten géén mandaat gekregen om dit ingrijpende besluit te mogen nemen. Het besluit is dus onrechtmatig. Dat het provinciebestuur nu achteraf probeert om dit mandaat via de bestuursrapportage en de begroting 2018 alsnog te krijgen, zet Provinciale Staten op het verkeerde been. Is hier wel sprake van behoorlijk bestuur?”

In een extra debat willen CDA en GroenLinks in elk geval de volgende vragen aan de orde stellen:

  1. Waarom heeft het provinciebestuur gekozen voor een zo onduidelijk proces, waarin het éérst mandaat vraagt voor een jaarlijks budget voor de philharmonie zuidnederland van twee miljoen euro per jaar en daar vervolgens met een eigen, eenzijdig besluit op terugkomt?
  2.  Waarom heeft het provinciebestuur zonder mandaat van Provinciale Staten het besluit genomen om een half miljoen euro van de philharmonie zuidnederland te besteden aan andere symfonische initiatieven?
  3. Waarom volgt het provinciebestuur in dit dossier niet het eigen principe ‘eerst beleid, dan geld’ en komt het niet met concrete plannen voor de half miljoen vrijgemaakte euro’s?

Om het extra debat a.s. vrijdag op de agenda te krijgen, is steun nodig van een meerderheid van de politieke partijen in Provinciale Staten.

CDA: ‘hete herfst’ begint met debat over philharmonie

Vandaag debatteert de provincie Noord-Brabant voor het eerst over de aangekondigde bezuiniging op de philharmonie zuidnederland. Het debat markeert het begin van een ‘hete herfst’, waarin verschillende omstreden onderwerpen op de provinciale agenda komen. Aldus het CDA, dat kritisch is over de wijze waarop het provinciebestuur daarbij te werk gaat.

Kern van de kritiek is dat het huidige provinciebestuur de Brabantse overlegtraditie, die de provincie zo succesvol heeft gemaakt, teniet doet door eenzijdig en zonder draagvlak ingrijpende beslissingen door te drammen t.a.v. bijvoorbeeld het seniorenbeleid, de veehouderij en de herindeling van gemeenten. En nu dus ook t.a.v. de philharmonie zuidnederland, het enige regio-orkest in Zuid-Nederland en van grote betekenis voor de Brabantse samenleving.

Statenlid Marcel Deryckere, woordvoerder namens het CDA tijdens het debat over de philharmonie:

“De provincie wil minstens een halve ton bezuinigen op het enige regio-orkest dat Zuid-Nederland heeft. Dit heeft ingrijpende gevolgen: meer dan 100 educatieve projecten vallen weg en concerten moeten worden geschrapt. Als CDA zijn we buitengewoon teleurgesteld in hoe provinciebestuurder Swinkels hierin opereert. Zonder opdracht van Provinciale Staten, zonder overleg met het orkest en partner Limburg én zonder fatsoenlijke communicatie kondigt hij een bezuiniging aan die veel Brabantse musici raakt. Van jong tot oud, van amateur tot professional. Dat kán niet. Dat is onfatsoenlijk en on-Brabants.”

Swinkels’ werkwijze inzake de philharmonie is volgens het CDA exemplarisch voor het ‘doordram-beleid’ van het huidige provinciebestuur. Dat lijkt snelheid en dadendrang belangrijker te vinden dan kwalitatief goed en gedragen bestuur. Niet alleen tast deze wijze van besturen het karakter van onze provincie aan, het zorgt ook voor een diepe kloof in de Brabantse samenleving, vindt het CDA.

Grote groepen Brabanders, zoals ouderen, boeren en inwoners van dorpen en kleine kernen, voelen zich door de provincie in de steek gelaten, terwijl de provincie er ook voor hen hoort te zijn. Het CDA, op dit moment oppositiepartij, ziet het dan ook als haar belangrijkste taak om de provinciebestuurders te laten zien dat het ook anders kan. De betrouwbare overheid moet terug.

Deryckere: “Niet voor niks nodigen we als CDA op iedere vergaderdag van de provincie mensen uit heel Brabant uit om naar het Provinciehuis te komen. Het is een van onze vele pogingen om de kloof tussen Brabant en de Brabander enigszins te dichten.”

Schriftelijke vragen over bezuiniging philharmonie zuidnederland

Schriftelijke vragen van Statenleden Marcel Deryckere en Marianne van der Sloot (fractievoorzitter) over de bezuiniging op de philharmonie zuidnederland.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over bezuiniging philharmonie zuidnederland.

 

Geacht college,

Vandaag maakte u bekend te willen gaan bezuinigen op de philharmonie zuidnederland.

In 2017 ontving de philharmonie van de provincie een subsidie van 2 miljoen euro. Voor 2018 en 2019 brengt u dat bedrag terug naar maximaal 1,5 miljoen euro per jaar.

Het CDA is verrast over dit besluit van het college en vraagt zich af hoe dit besluit tot stand is gekomen én welke consequenties deze bezuiniging heeft. Daarom hebben wij voor u de volgende vragen:

01. In de nieuwe situatie ontvangt de philharmonie maximaal 1,5 miljoen euro per jaar. ‘Maximaal’ impliceert dat dit bedrag ook lager kan uitvallen. Hanteert u behalve deze bovengrens ook een ondergrens, d.w.z. een minimum- of basisbedrag aan subsidie, waar de philharmonie in elk geval op kan rekenen?    

02. De philharmonie zuidnederland is behalve in Noord-Brabant ook actief in Limburg. Hebt u de bezuiniging op de philharmonie met de provincie Limburg overlegd? Wat was haar reactie?

03. Hoe is de provincie Limburg van plan met de philharmonie zuidnederland om te gaan? Verwacht u uit deze provincie ook bezuinigingen, of juist extra investeringen nu Brabant gaat bezuinigen?

04. Was het niet beter geweest om met de provincie Limburg tot een gezamenlijke toekomstvisie voor de philharmonie zuidnederland te komen i.p.v. als provincie Noord-Brabant alleen en eenzijdig te werk te gaan?

05. Samen met de provincie Limburg hebt u verschillende toekomstscenario’s voor de philharmonie laten onderzoeken.

  1. Waarom hebt u op basis van dit onderzoek gekozen voor dit scenario?
  2. Voor welk scenario kiest de provincie Limburg en waarom?

06. De 2 miljoen euro subsidie uit 2017 brengt u terug tot maximaal 1,5 miljoen euro subsidie in 2018 en 2019. Wat gaat u concreet doen met de 500.000 euro die u jaarlijks overhoudt?

07. De philharmonie zuidnederland is gevestigd op twee locaties: in Eindhoven en in Maastricht. Is het voorstelbaar dat a.g.v. deze bezuiniging de philharmonie uit een van deze locaties vertrekt?

08. Vindt u het wenselijk dat de philharmonie uit een van deze locaties vertrekt of zich op een andere locatie vestigt?

09. De philharmonie zuidnederland is een regio-orkest. Daarvan zijn er in Zuid-Nederland niet veel, dus daar moeten we zuinig op zijn. Welke (rand)voorwaarden gaat u stellen om ervoor te zorgen dat het orkest haar regiofunctie kan behouden?

10. Bezuinigen kan ertoe leiden dat de philharmonie, om te kunnen besparen, activiteiten en optredens moet gaan schrappen of de prijs voor concertkaarten moet verhogen. Hoe gaat u als provincie waarborgen dat de philharmonie een orkest blijft, waarvan de activiteiten voor iedereen zichtbaar én toegankelijk zijn?

11. De philharmonie zuidnederland maakt onzekere tijden door. Eerst de fusie van het Brabants Orkest en het Limburgs Symfonie Orkest. Daarna onzekerheid over de vestigingsplaats(en). Nu bezuinigingen. Over twee jaar weer een evaluatie en mogelijk andere plannen. Het lijkt erop dat de philharmonie in de ongewenste situatie terecht komt dat het meer tijd kwijt is met beleid maken dan met muziek maken. Bent u het met het CDA eens dat dit onwenselijk is en de kwaliteit en continuïteit van het regio-orkest niet ten goede komt?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Marcel Deryckere en Marianne van der Sloot

Schriftelijke vragen over tweedeling Brabantse samenleving

Schriftelijke vragen van Statenleden Marcel Deryckere en Marianne van der Sloot (fractievoorzitter) over de tweedeling in de Brabantse samenleving.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over de tweedeling in de Brabantse samenleving.

Geacht college, 

De verkenning Mind the Gap van kennisplatform BrabantKennis doet bij het CDA alle alarmbellen rinkelen. Uit dit onderzoek blijkt namelijk dat de tweedeling in de Brabantse samenleving steeds groter wordt. Hoog- en laagopgeleiden leven langs elkaar in plaats van met elkaar. Hierdoor kennen en ontmoeten Brabanders elkaar niet meer en leven ze in kleine groepen gelijkgestemden, in aparte wijken voor hoger- dan wel lageropgeleiden.

Om deze tweedeling tegen te gaan, doet BrabantKennis gelukkig een aantal zinvolle aanbevelingen. Hieronder de oproep tot het in stand houden van buurtvoorzieningen, tradities en evenementen. Dát zijn immers de plekken en momenten waar mensen elkaar ontmoeten, zoals tijdens het spelen van een partijtje voetbal, het vieren van carnaval of in de activiteiten van organisaties als ouderenbonden en vrouwenverenigingen.

Daarnaast pleit BrabantKennis ervoor om mensen beter voor te bereiden op onze ingewikkelde samenleving. We moeten Brabanders de vaardigheden en mogelijkheden geven om te kunnen blijven meedoen.

Dit brengt het CDA tot de volgende vragen:

  1. Onderschrijft u de conclusie van BrabantKennis dat de tweedeling in de Brabantse samenleving steeds groter en dieper wordt?
  2. Bent u van plan om de bevindingen van BrabantKennis te gebruiken als nieuwe input voor uw beleid omtrent ‘Sociale Veerkracht’?
  3. De meeste Brabanders zijn doeners en geen denkers, stelt BrabantKennis. Wat betekent deze observatie voor uw plannen omtrent ‘Sociale Veerkracht’? Moeten deze niet juist concreet en klein worden gehouden in plaats van breed en abstract (bijvoorbeeld door het betalen van promovendi)?
  4. Mensen ontmoeten elkaar in verenigingsverband, op sportclubs en tijdens evenementen als carnaval. In hoeverre bent u het met het CDA eens dat we als provincie deze ontmoetingen verder moeten stimuleren en faciliteren?
  5. Buurtvoorzieningen zijn een andere manier om ontmoeting tussen en door groepen heen mogelijk te maken. De provincie Noord-Brabant heeft o.a. via de zgn. ‘doe-budgetten’ langere tijd met succes ingezet op het concreet verbeteren van buurtvoorzieningen. Bent u, in het licht van de aanbevelingen van BrabantKennis, bereid om in samenwerking met gemeenten opnieuw in te zetten op het vernieuwen en verbeteren van buurtvoorzieningen?
  6. Tegelijk met het verdiepen van de tweedeling zien we nieuwe vormen van samenwerking ontstaan. Bijvoorbeeld coöperaties, platformen, burgerinitiatieven en sociale ondernemingen. Deze initiatieven stranden echter nog té vaak door onnodige problemen en door de overheid opgelegde beperkingen. Hoezeer hebt u voor elk van deze vernieuwende vormen in beeld tegen welke problemen, (wettelijke) beperkingen en moeilijkheden men aanloopt?
  7. Om te kunnen blijven meedoen in onze samenleving is een aantal vaardigheden onmisbaar. Te denken valt aan het gebruiken van digitale middelen, het spreken van de Nederlandse taal en het creëren van een vriendennetwerk. Deelt u de mening van het CDA dat de provincie deze vaardigheden actief moet stimuleren bij doelgroepen die dat nodig hebben?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Marcel Deryckere en Marianne van der Sloot

CDA: provincie heeft grote beurt nodig

Extra inzet en reparaties zijn nodig, wil de provincie Noord-Brabant door haar jaarlijkse APK-keuring komen. Dat constateert het CDA tijdens het debat over de Perspectiefnota 2017, dat vandaag plaatsvindt.

In de Perspectiefnota kijkt de provincie terug én blikt vooruit op de ontwikkelingen in Brabant én debatteert over de ambities uit het in 2015 gesloten Bestuursakkoord Beweging in Brabant.

Volgens het CDA komt de gewenste beweging in Brabant maar moeizaam op gang en is er op sommige thema’s zelfs sprake van stilstand. Marianne van der Sloot, fractievoorzitter van de Brabantse CDA-fractie, pleit voor meer gas op de plank. “Dit college zit teveel achter de tekentafel en te weinig in de samenleving, waardoor Brabant nauwelijks vooruit komt.”

Als voorbeeld noemt Van der Sloot het arbeidsmarktbeleid van de provincie. “We lezen dat Brabant booming is, maar tegelijkertijd zijn er bedrijven met honderden vacatures tegenover een werkloosheidspercentage van 5%. Daar moet de provincie wat aan doen.”

Ook de leefbaarheid in Brabant staat onder druk, aldus Van der Sloot, die in haar bijdrage wijst op het ontbreken van een sociaal beleid voor kwetsbare groepen. Ook hekelt het CDA de bezuinigingen op erfgoed, nu het Europees jaar van het Erfgoed voor de deur staat. De aanpak van drugsgerelateerde criminaliteit verdient behalve in Den Bosch ook de allerhoogste prioriteit in Den Haag.

Andere punten waar het CDA aandacht voor vraagt, zijn o.a. de snelle realisatie van een intercitystation Eindhoven Airport, de bereikbaarheid van Oost-Brabant via de Oost-West verbinding en de snelle verduurzaming van veerdiensten en sportclubs.

Het CDA besluit haar APK-keuringsrapport met twee reparatieverzoeken: om de kloof tussen de kiezer en politiek te dichten, moet elke Brabantse scholier het Provinciehuis kunnen bezoeken én moeten provinciale documenten als de Perspectiefnota voortaan in duidelijkere, begrijpelijkere taal worden geschreven. “Geen termen als valorisatieprogramma’s, multi-helix partners en cross-overs meer”, betoogt Van der Sloot.

Het CDA hoopt dat de provincie de aanbevelingen overneemt en alsnog door de APK komt. Mocht dat onverhoopt niet het geval zijn, dan zal het CDA verschillende moties indienen om de gewenste reparaties tot stand te brengen.

Klik op de volgende link om de spreektekst van Marianne van der Sloot in te zien: Spreektekst Marianne van der Sloot PPN 2017 (21 april 2017).

Schriftelijke vragen over iconisch erfgoedcomplex Bovendonk

Schriftelijke vragen van Statenlid Ankie de Hoon over iconisch erfgoedcomplex Bovendonk.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over Bovendonk.

Geacht college, 

Het voormalige seminarie Bovendonk in Hoeven is een uniek, iconisch monument, ontworpen door de vermaarde architect Pierre Cuypers. Het huidige gebouw dateert uit 1907 en kent een lange historie met maar liefst 11 jaar leegstand tussen 1967 en 1978. Uiteindelijk is Stichting Bovendonk er met veel toewijding en geduld in geslaagd om samen met het bisdom de bijzondere locatie een nieuwe impuls te geven.

En met succes. In Bovendonk is nu een opleiding tot priester gevestigd en in het conferentiecentrum vinden talloze bruiloften en conferenties plaats. Wie meer wil weten over de geschiedenis van Bovendonk, kan aansluiten bij een van de vele rondleidingen die er worden georganiseerd.

Al geruime tijd is Bovendonk met de provincie Noord-Brabant en met andere partijen in gesprek over hoe Bovendonk te behouden voor toekomstige generaties. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) heeft aangegeven 500.000 euro te willen investeren, indien de provincie een aandeel van 200.000 euro voor haar rekening wil nemen.

Bovendien zouden investeringen à 1,6 miljoen euro voor leefbaarheid en restauratie via een provinciale lening kunnen worden voortgezet. Dat risico wil Bovendonk nemen ten bate van cultuur.

De fractie van het CDA heeft voor u de volgende vragen:

  1. Bent u bekend met het voornemen van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed om Bovendonk voor 500.000 euro te ondersteunen?
  2. Zonder steun van de provincie kan de RCE haar bijdrage geen gevolg geven. Is dat bij u bekend?
  3. Bent u bereid om Bovendonk via gunstige voorwaarden een lening te verstrekken à 1,6 miljoen euro?
  4. Bent u bereid om 200.000 euro in Bovendonk te investeren, nu de RCE de noodzaak van het voorbestaan van het complex heeft bekrachtigd met een investering van 500.000 euro?
  5. Het Brabantse ontwikkel- en investeringsprogramma ‘de Erfgoedfabriek’, dat iconische erfgoedcomplexen nieuwe leven inblaast1, kent een codering op grond waarvan de cultuurhistorische waarde van gebouwen wordt bepaald: must, need en nice. Bent u bereid om deze lijst én graderingen te heroverwegen?
  6. Indien ja, op welke termijn?
  7. Indien niet, waarom niet?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Ankie de Hoon

1 Op citaat: http://www.brabant.nl/dossiers/dossiers-op-thema/cultuur/erfgoed-en-monumenten/herbestemming-cultureel-erfgoed.aspx.

CDA en Amaliazorg in gesprek over effectievere woonvormen voor zorg

PERSBERICHT uitgegeven door Amaliazorg op 20 maart 2017

CDA en Amaliazorg in gesprek over effectievere woonvormen voor zorg

Op vrijdag 17 maart brachten enkele leden van het CDA in Noord-Brabant een bezoek aan Amaliazorg. Onder hen Provinciale Statenleden Ankie de Hoon en Caroline van Brakel en vanuit Oirschot raadslid Martien Schoenmakers en burgerraadslid Jan van Gerven. Zij kwamen kijken hoe de transitie bij Amaliazorg van kloosterverzorgingshuizen naar toekomstbestendige woonzorgcentra gerealiseerd is. “Een mooi voorbeeld van de combinatie van warme zorg en uniek wonen”, aldus Ankie de Hoon.

Amaliazorg biedt zorg, welzijn en wonen vanuit vijf woonzorgcentra in Noord-Brabant. De monumentale panden waarin Amaliazorg gehuisvest is in Asten, Mariaheide, Oisterwijk en Oirschot zijn allemaal van oudsher kloosters. Stuk voor stuk zijn het nu moderne woonzorgcentra waar voornamelijk ouderen met dementie in kleinschalige groepen wonen. Hierdoor zijn de monumentale panden behouden kunnen blijven in de dorpen en hebben ze een zinvolle nieuwe bestemming gekregen waar goede zorg, welzijn en prettig wonen gecombineerd zijn.

Effectievere woonvormen
CDA-statenlid Ankie de Hoon: “De kwaliteit van zorg die hier geboden wordt, straalt warmte en respect uit. Dit wordt bevestigd door de triple A-status die Amaliazorg heeft ontvangen voor cliënttevredenheid, tevreden werknemers en bedrijfsvoering. De mens staat hier duidelijk centraal, terwijl er ook oog is voor erfgoed en woongenot. Amaliazorg denkt na over effectievere woonvormen voor mensen die zorg nodig hebben, maar een kleine portemonnee hebben. Daar is nog een wereld te winnen. De politiek in Oirschot staat hier open voor, maar vanuit de landelijke politiek mag daar meer aandacht voor zijn.”

CDA: Philharmonie Zuidnederland moet in Eindhoven blijven

De Provinciale Statenfractie van het CDA Brabant wil dat de Philharmonie Zuidnederland in Eindhoven gevestigd blijft. Vandaag debatteert Provinciale Staten over de toekomst van het orkest, dat momenteel twee standplaatsen heeft: Eindhoven én Maastricht.

De Philharmonie Zuidnederland is opgericht in 2013, na een fusie van het Brabants Orkest en het Limburgs Symfonieorkest. Chef-dirigent is Dmitri Liss uit Rusland.

Het ministerie van OCW heeft de Philharmonie gevraagd om verschillende scenario’s uit te werken, die moeten leiden tot integratie van de twee orkestkernen tot één orkest en één geografische vestiging. Het CDA wil dat Eindhoven in elk van deze scenario’s voorkomt als standplaats, gelet op de uitstekende vestigingsvoorwaarden: centraal gelegen, goed bereikbaar en midden in de Brainport-regio.

Marianne van der Sloot, Statenlid en fractievoorzitter:

“De Philharmonie Zuidnederland is van groot, cultureel belang voor Zuid-Nederland. Tegelijkertijd is het Muziekgebouw Eindhoven volgens kenners een van de beste concertzalen van het land en nauw met de Philharmonie verbonden.

Als CDA vinden we het belangrijk dat het orkest op een centrale, goed bereikbare locatie is gehuisvest. Eindhoven is niet alleen centraal gelegen tussen West-Brabant en Zuid-Limburg, maar óók vanwege de Brainport-regio een aantrekkelijke vestigingslocatie. Er is daar volop bedrijvigheid, waar het orkest van kan profiteren.”

De Brabantse CDA-fractie hoopt op provinciebrede steun voor Eindhoven als standplaats voor de Philharmonie. De partij wil desnoods een motie indienen om daartoe op te roepen.