CDA op werkbezoek in Volkel

Het CDA brengt op maandag 19 juni een werkbezoek aan Volkel, gemeente Uden. Aan het werkbezoek nemen o.a. Tweede Kamerlid Erik Ronnes, Statenlid Marcel Deryckere en de Udense CDA’ers Ellen Alofs en Maurits van den Bosch deel.

De CDA-delegatie is te gast bij recreatiepark BillyBird Park Hemelrijk, waar de politici met eigenaar en recreatieondernemer Ton Derks spreken over de vrijetijdseconomie in Brabant. Actueel is het zgn. ‘Leisure Ontwikkel Fonds’ (LOF), via welke de provincie Noord-Brabant samen met een aantal andere partijen investeert in de toeristische sector in onze provincie.

Marcel Deryckere, Lid van Provinciale Staten Noord-Brabant en namens het CDA o.m. woordvoerder vrijetijdseconomie:

“Als CDA zijn we blij dat we bij Ton Derks en zijn familie te gast mogen zijn. Het CDA is behalve een familie- ook een echte ondernemerspartij, die familiebedrijven als BillyBird Hemelrijk van grote waarde vindt voor de Brabantse economie én voor de Brabantse samenleving. We zijn benieuwd hoe een ondernemer als Ton tegen de ontwikkelingen in zijn sector aankijkt en hoe hij de relatie met de overheid ervaart. Daarnaast laten we ons graag verrassen met alle andere onderwerpen die tijdens het bezoek ter sprake komen.”

Behalve over recreatie en toerisme spreken de CDA’ers ook over de politieke actualiteit in Volkel en de gemeente Uden. Mede hierom is ook Tweede Kamerlid Erik Ronnes aanwezig, die in Den Haag de regio Oost-Brabant vertegenwoordigt.

Na het bezoek aan Volkel brengt een deel van het gezelschap nog een bezoek aan een aantal boeren in de regio, die zijn getipt voor de CDA-kalender met stoere, Brabantse boeren. Het CDA wil deze kalender in 2018 uitgeven en daarmee het landbouwdebat in de provincie een positieve impuls geven. Meer dan 100 boeren werden aangemeld en van twaalf van hen tekent het CDA stoere verhalen en foto’s op voor op de kalender. Meer informatie over dit initiatief is te vinden op de website van het CDA Brabant: http://cdabrabant.nl/cda-stoere-boeren-gezocht/.

Het werkbezoek start om 14.00u bij BillyBird Park Hemelrijk aan de Zeelandsedijk 34A in Volkel, gemeente Uden.

CDA in actie voor veiliger Hazeldonk

Het CDA wil dat de verzorgingsplaats bij grensovergang Hazeldonk z.s.m. beter wordt beveiligd. Hiertoe hebben de christendemocraten deze week schriftelijke vragen gesteld aan de minister van Infrastructuur & Milieu, het provinciebestuur van Noord-Brabant én het college van B&W van Breda.

Aanleiding voor deze vragen waren twee werkbezoeken aan Hazeldonk in maart en juni van dit jaar. Tijdens beide werkbezoeken bleek dat truckers die Hazeldonk aandoen steeds vaker doelwit zijn van internationale bendes, die het hebben gemunt op hun lading en voertuigen. Een bewaakte truckparking had vorige maand klaar moeten zijn, maar is tot op heden nog steeds niet operationeel. Heel zorgelijk, vindt het CDA, dat de minister en haar regionale en lokale collega-bestuurders oproept om tempo te maken.

Behalve over de veiligheid maakt het CDA zich óók zorgen over de leef- en bereikbaarheid op Hazeldonk. Zo is er op de verzorgingsplaats een groot tekort aan toiletten en wasruimtes, wat leidt tot overlast en vervuiling. Niet alleen truckers, maar ook pauzerende gezinnen met kinderen hebben daar onder te lijden.

Het op Hazeldonk gelegen bedrijventerrein is bovendien niet bereikbaar per fiets of openbaar vervoer, waardoor ondernemers er niet in slagen openstaande vacatures in te vullen met werkzoekenden uit de regio. “En dat terwijl 5% procent van de Brabanders werkloos is. Ongelooflijk.” Aldus het Brabantse Statenlid Ankie de Hoon. Zij en haar CDA-collega’s uit Brabant en Breda, de gemeente waar Hazeldonk ten dele onder valt, zijn blij met de steun uit de Tweede Kamer.

Peter Elbertse, fractievoorzitter te Breda: “De problemen op Hazeldonk zijn van verschillende aard en niet door één overheid op te lossen. Samenwerken is dan ook een must. Als betrokken CDA-fracties wisten wij elkaar snel te vinden, we hopen de verantwoordelijke bestuurders ook.”

CDA Tweede Kamerleden Erik Ronnes en Martijn van Helvert over de situatie op Hazeldonk: “De omstandigheden op Hazeldonk zijn erbarmelijk. Truckers lopen gevaar en worden aan hun lot overgelaten. Dat mag niet gebeuren en dus komt het CDA zowel landelijk, provinciaal als lokaal in actie. Samen met onze Statenleden en plaatselijke afdelingen willen wij dat de problemen op Hazeldonk zo snel mogelijk worden opgelost.”

Schriftelijke vragen over de problemen op Hazeldonk

Schriftelijke vragen van Statenleden Ankie de Hoon en Huseyin Bahar over de problemen op verzorgingsplaats/bedrijventerrein Hazeldonk.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over Hazeldonk.

Geacht college, 

Op 17 mei jl. lazen wij via dagblad BN De Stem het bericht Bewaakte parking Hazeldonk nog lang niet klaar1.

Naar aanleiding van deze berichtgeving én een werkbezoek aan Hazeldonk op 2 juni jl. heeft de fractie van het CDA voor u de volgende vragen: 

01. Bent u bekend met het bericht Bewaakte parking Hazeldonk nog lang niet klaar2?

02. Vrachtwagenchauffeurs, ondernemers en andere bezoekers en gebruikers van Hazeldonk ervaren verschillende problemen t.a.v. de bereikbaarheid, veiligheid én leefbaarheid. Zijn deze problemen zijn bij u bekend?

03. Lost volgens u de aanleg van de nieuwe, bewaakte truckparking, die al in mei open had moeten zijn, het huidige tekort aan parkeerplaatsen voor vrachtwagens tijdens piekmomenten structureel op?

04. Net als veel andere bedrijventerreinen in Brabant zijn de bedrijven op Hazeldonk niet bereikbaar per openbaar vervoer of per fiets, wat het voor ondernemers moeilijk maakt om openstaande vacatures in te vullen met werkzoekenden uit de regio.

  1. Erkent u dat dit een probleem is?
  2. Wat kunt u voor de ondernemers op Hazeldonk betekenen om dit probleem op te lossen?

05. Klopt het dat er op Hazeldonk meer dan gemiddeld sprake is van overlast en criminaliteit, zoals diefstal van voertuigen en ladingdiefstal? Kunt u ons hierover actuele en relevante cijfers (laten) overleggen?

06. Op welke wijze(n) worden dergelijke overlast en criminaliteit tegengegaan en wat is handhavingsbeleid daaromtrent?

07. Is de sanitaire capaciteit voldoende voor het aantal mensen dat Hazeldonk nu aandoet of in de toekomst aan zal doen? En wie is verantwoordelijk voor uitbreiding indien nodig?

08. Verwacht u dat gelet op de ontwikkelingen in de landen om ons heen, zoals de tolheffing in België en Duitsland, het Duits verbod op cabinekamperen en een toename van het internationale goederenvervoer gevolgen hebben voor Hazeldonk? Indien ja, welke gevolgen?

09. Bent u bekend met het bericht Europese miljoenen voor aanleg truckparkings op komst2?

10. In hoeverre is een tekort aan financiële middelen (mede)oorzaak van de problemen die op Hazeldonk zijn ontstaan?

11, In Limburg betaalt de provincie mee aan het beveiligen van truckparkings, zoals die bij Venlo, om zo o.a. de tarieven voor vrachtwagenchauffeurs te beperken. Op welke wijze(n) draagt de provincie Noord-Brabant, financieel of anderszins, bij aan een veilige en betaalbare truckstop op Hazeldonk? Welke rol ziet u daarbij voor de provincie?

12. Wat kunt u als provincie doen om de bereikbaarheid, veiligheid en leefbaarheid op en rond truckparkings en verzorgingsplaatsen in Brabant structureel te verbeteren?

13. Bent u bereid om op korte termijn met de minister van Infrastructuur en Milieu, de colleges van B&W van de gemeenten Zundert en Breda én met bedrijvenvereniging Logistic Center Hazeldonk-Meer (LCHM) in gesprek te gaan over de aard en omvang van de problemen op Hazeldonk en hoe deze zo spoedig mogelijk te verhelpen?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Ankie de Hoon en Huseyin Bahar

1 Zie http://www.bndestem.nl/breda/bewaakte-parking-hazeldonk-nog-lang-niet-klaar~aa63f016/ (d.d. 17 mei 2017).

2 Zie http://www.bndestem.nl/breda/bewaakte-parking-hazeldonk-nog-lang-niet-klaar~aa63f016/ (d.d. 17 mei 2017).

3 Zie https://truckstar.nl/plan-aanpak-en-europese-miljoenen-aanleg-truckparkings-op-komst/ (d.d. 15 mei 2017).

Schriftelijke vragen over het Convenant Stikstof en de PAS

Schriftelijke vragen van Statenleden Ton Braspenning en René Kuijken over het Convenant Stikstof en de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS).

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over het Convenant Stikstof en de PAS.

Geacht college, 

Op 7 april jl. verzorgde de organisatie Connecting Agri & Food voor leden van Provinciale Staten een presentatie over de effecten van het voorgenomen stikstofbeleid van de provincie.

De fractie van het CDA heeft toen enkele vragen gesteld over het Convenant Stikstof, waarop wij de antwoorden tot op heden nog niet hebben ontvangen.

Graag leggen wij deze vragen, samen met een aantal extra vragen over de (herstel)maatregelen i.h.k.v. de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS), daarom opnieuw aan u voor.

1. Onder punt 2 van het Convenant Stikstof lezen we over het saneren van ca. 40 tot 50 bedrijven rondom Natura 2000-gebieden om zgn. ‘piekbelasting’ op te heffen.

a) Wat is de stand van zaken van deze sanering?

b) Hoeveel bedrijven zijn er tot dusver gesaneerd gedurende de looptijd van het Convenant Stikstof?

c) Wat is het effect van deze sanering voor de stikstofdepositie (stikstofneerslag) op kwetsbare natuur?

2.

a) Hoeveel bedrijven die een proportionele stikstofdepositie veroorzaken zijn gelegen rondom kwetsbare natuur?

b) Hoe groot is daar de depositie op de natuur?

3. Twee van uw convenantpartners zijn de provincie Limburg en de Limburgse Land- en Tuinbouwbond (LLTB). Nu u voornemens bent het Convenant Stikstof te gaan wijzigen, nemen wij aan dat u met uw partners bestuurlijk overleg heeft gehad.

a) Wat was de reactie van de provincie Limburg en de Limburgse Land- en Tuinbouwbond op uw voorgenomen wijzigingen van het Convenant Stikstof?

b) Welke maatregelen neemt de provincie Limburg?

4. Ongeveer een jaar geleden heeft Provinciale Staten Noord-Brabant het addendum bij de zgn. ‘grondnota’ gewijzigd, zodat de provincie gronden zou kunnen gaan verwerven.

a) Wat zijn de ervaringen hiermee tot nu toe?

b) Hoe verloopt de grondaankoop?

c) Op welk moment in het proces van grondaankoop besluit Gedeputeerde Staten over het inzetten van onteigening om gronden te kunnen verwerven?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Ton Braspenning en René Kuijken

Schriftelijke vragen over afname banen door robotisering

Schriftelijke vragen van Statenleden Stijn Steenbakkers en Marcel Deryckere over de afname van banen door robotisering.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over robotisering distributiecentra.

Geacht college, 

De Brabantse logistieke sector is van vitaal belang voor de economie van onze provincie. Distributiecentra spelen hier een essentiële rol in en zijn de sleutel tot het creëren van arbeidsplaatsen in de logistieke sector. In deze branche vinden vele technische ontwikkelingen plaats om effectiever en efficiënter te werken. Dit zou ten koste kunnen gaan van de arbeidsplaatsen van Brabanders. Het CDA ziet hierin enkele bedreigingen, maar óók zeker kansen.

We willen u daarom graag de volgende vragen stellen: 

  1. Bent u bekend met het bericht ‘Robots nemen duizenden banen over in Brabantse distributiecentra’, Brabants Dagblad 01-06-20171?
  2. Onderschrijft u de resultaten van het onderzoek van BCI, waarin wordt geschetst dat 35.000 van de 85.000 arbeidsplaatsen gaan verdwijnen in de komende 15 jaar in distributiecentra door robotisering?
  3. Klopt het dat Brabant daarbij de grootste klap krijgt van alle provincies met een verwacht verlies van 10.700 voltijdbanen?
  4. Indien dit getal voor Brabant klopt, hoeveel baanverlies kan in de sector in Brabant natuurlijk worden opgevangen door bijvoorbeeld pensionering en hoeveel banen zullen er ‘gedwongen’ verdwijnen? 
  5. Bent u bereid om samen met de distributiecentra in Brabant en andere relevante stakeholders die kunnen bijdragen aan een oplossing voor dit probleem, bijvoorbeeld in het onderwijs, om de tafel te gaan zitten? Dit met het doel om vroegtijdig passende afspraken te maken om deze transitie in goede banen te leiden voor alle werknemers. Doel van deze gesprekken zou volgens het CDA moeten zijn om eventuele gedwongen baanbeëindigingen te minimaliseren en werknemers in de distributiecentra vroegtijdig zoveel mogelijk zekerheid te geven.
  6. De twee Brabantse regio’s West- en Midden-Brabant hebben de logistiek gekozen als economische specialisatie en banenmotor. Wat betekent dit bericht voor hen en onze ambities en investeringen op het gebied van logistiek? 

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Stijn Steenbakkers en Marcel Deryckere

1 Zie http://www.bd.nl/economie/robots-nemen-duizenden-banen-over-in-brabantse-distributiecentra~a45cb12c/.

CDA: provincie heeft grote beurt nodig

Extra inzet en reparaties zijn nodig, wil de provincie Noord-Brabant door haar jaarlijkse APK-keuring komen. Dat constateert het CDA tijdens het debat over de Perspectiefnota 2017, dat vandaag plaatsvindt.

In de Perspectiefnota kijkt de provincie terug én blikt vooruit op de ontwikkelingen in Brabant én debatteert over de ambities uit het in 2015 gesloten Bestuursakkoord Beweging in Brabant.

Volgens het CDA komt de gewenste beweging in Brabant maar moeizaam op gang en is er op sommige thema’s zelfs sprake van stilstand. Marianne van der Sloot, fractievoorzitter van de Brabantse CDA-fractie, pleit voor meer gas op de plank. “Dit college zit teveel achter de tekentafel en te weinig in de samenleving, waardoor Brabant nauwelijks vooruit komt.”

Als voorbeeld noemt Van der Sloot het arbeidsmarktbeleid van de provincie. “We lezen dat Brabant booming is, maar tegelijkertijd zijn er bedrijven met honderden vacatures tegenover een werkloosheidspercentage van 5%. Daar moet de provincie wat aan doen.”

Ook de leefbaarheid in Brabant staat onder druk, aldus Van der Sloot, die in haar bijdrage wijst op het ontbreken van een sociaal beleid voor kwetsbare groepen. Ook hekelt het CDA de bezuinigingen op erfgoed, nu het Europees jaar van het Erfgoed voor de deur staat. De aanpak van drugsgerelateerde criminaliteit verdient behalve in Den Bosch ook de allerhoogste prioriteit in Den Haag.

Andere punten waar het CDA aandacht voor vraagt, zijn o.a. de snelle realisatie van een intercitystation Eindhoven Airport, de bereikbaarheid van Oost-Brabant via de Oost-West verbinding en de snelle verduurzaming van veerdiensten en sportclubs.

Het CDA besluit haar APK-keuringsrapport met twee reparatieverzoeken: om de kloof tussen de kiezer en politiek te dichten, moet elke Brabantse scholier het Provinciehuis kunnen bezoeken én moeten provinciale documenten als de Perspectiefnota voortaan in duidelijkere, begrijpelijkere taal worden geschreven. “Geen termen als valorisatieprogramma’s, multi-helix partners en cross-overs meer”, betoogt Van der Sloot.

Het CDA hoopt dat de provincie de aanbevelingen overneemt en alsnog door de APK komt. Mocht dat onverhoopt niet het geval zijn, dan zal het CDA verschillende moties indienen om de gewenste reparaties tot stand te brengen.

Klik op de volgende link om de spreektekst van Marianne van der Sloot in te zien: Spreektekst Marianne van der Sloot PPN 2017 (21 april 2017).

Schriftelijke vragen over uitlatingen gedeputeerde Van den Hout in KRAAK

Schriftelijke vragen van Statenleden Ton Braspenning en Marianne van der Sloot over de uitlatingen van gedeputeerde Van den Hout in KRAAK.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over uitlatingen gedeputeerde Van den Hout in KRAAK.

Geacht college, 

Gisteren noemde gedeputeerde Van den Hout in het televisieprogramma KRAAK de productiewijze van boeren erger dan de drugsdumpingen in Brabant1.

Het CDA heeft kennisgenomen van deze uitlatingen en wij hebben voor u de volgende vragen:

  1. Bent u als college bereid publiekelijk afstand te nemen van de uitlatingen van gedeputeerde Van den Hout? Indien ja, op welk moment en in welke vorm?
  2. Bent u als college bereid publiekelijk excuses aan te bieden aan alle Brabantse boeren voor de uitlatingen van gedeputeerde Van den Hout? Indien ja, op welk moment en in welke vorm?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Ton Braspenning en Marianne van der Sloot

1 Zie http://www.omroepbrabant.nl/?news/2632941003/Bedrijfsvoering+boeren+schadelijker+voor+milieu+dan+vele+drugsdumpingen.aspx.

 

Schriftelijke vragen over compensatie gedupeerden Merwedebrug

Schriftelijke vragen van Statenlid Roland van Vugt over de compensatie van gedupeerden van de situatie rondom de Merwedebrug.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over compensatie gedupeerden Merwedebrug.

Geacht college, 

Gisteren bracht het Algemeen Dagblad het volgende bericht:

Transporteur kan fluiten naar compensatie na afsluiting Merwedebrug

(http://www.ad.nl/rivierenland/transporteur-kan-fluiten-naar-compensatie-na-afsluiting-merwedebrug~a037023b/).

Vanwege deze berichtgeving, gelet op het onderstaande bericht d.d. 17 oktober 2016

‘Gedupeerden Merwedebrug ruimhartig compenseren’, schrijft provincie aan minister Schultz

(http://www.omroepbrabant.nl/?news/256230532/Gedupeerden+Merwedebrug+ruimhartig+compenseren,+schrijft+provincie+aan+minister+Schultz.aspx)

én gegeven het feit dat minister Schultz vlak voor de verkiezingen uitpakte door bekend te maken drie nieuwe bruggen cadeau te doen (waaronder een compleet nieuwe Merwedebrug) en daarmee in materiële zin erkent dat de huidige brug niet voldoet en ook niet voldeed,

heeft de fractie van het CDA de volgende vragen.

01. Staat u nog steeds achter de opvatting dat een ruimhartige compensatie nodig is?

02. Beoordeelt u de uitkomst, om precies te zijn 0,0 euro schadevergoeding voor deze gedupeerde transportondernemer, als ruimhartig?

De minister heeft in dezen het laatste woord.

03. Bent u bereid uw toezegging gestand te doen en alles bij de minister in het werk te stellen om gedupeerde ondernemers, die hun jaarwinst in enkele weken zien verdampen, genoegdoening te geven?

04. Bent u met ons van mening dat nu er kennelijk voldoende middelen beschikbaar zijn voor drie nieuwe bruggen, er óók middelen beschikbaar moeten zijn voor ruimhartige compensatie?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Roland van Vugt

Inbreng deelname Stichting Automotive Campus

24 maart 2017

INBRENG STATENVOORSTEL 15/17  PROCEDURE WENSEN EN BEDENKINGEN DEELNAME IN STICHTING AUTOMOTIVE CAMPUS

Spreker: Huseyin Bahar (CDA)1

Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, het CDA is trots op de resultaten die reeds bereikt zijn op de Automotive Campus. 40 bedrijven, 520 medewerkers en ca. 120 studenten die onderdeel zijn van deze campus. Met de verhuizing van het Summa College zal het aantal studenten zelfs fors toenemen.
Zoals u ook aangeeft in het voorstel levert de campus wat ons betreft dan ook een belangrijke bijdrage aan de herkenbaarheid en het ecosysteem van Brabant als automotive en smart mobility regio.

Voorzitter, hoewel we de Automotive Campus een warm hart toedragen blijven we toch denken met ons gezond boerenverstand. Daarom sta ik graag met u stil bij de volgende drie punten.

  1. De overname van de BOM-participatie.
  2. Het benodigde budget en GO/NO GO moment na 3 jaar.
  3. En als laatste en uitermate belangrijke punt: de opgelegde geheimhouding.

De overname van participatie van de BOM BHB
Voorzitter, om te beginnen de overname van de BOM participatie. Dit kunnen we alleen maar toejuichen. Met deze overname wordt immers de complexiteit in de besturing en rapportage gereduceerd. Hiermee  houden we het voor PS én GS overzichtelijk en beheersbaar. In lijn met deze beweging zien wij daarom ook geen bezwaar in een deelname van de provincie in de voorgenomen stichting. Ook hier geldt namelijk een duidelijke aanspreekpunt en dedicated kartrekker voor de Automotive Campus, die het geheel kan overzien.

Benodigd budget en GO/NO GO moment na 3 jaar
Voorzitter, dan als tweede punt het benodigde budget en GO/NO GO moment. Voorzitter, voor het benodigde budget van 625.000 euro heeft GS het mandaat om dit vanuit de middelen van het Uitvoeringsprogramma werklocaties te bekostigen. Hoewel de stichting de kartrekker wordt van het concept Automotive Campus, lezen we echter óók dat de grondeigenaren zelf verantwoordelijk blijven voor de grondexploitatie.

In dit kader een vraag aan de gedeputeerde: voorziet de gedeputeerde binnen 3 jaar nog significante investeringen of kosten t.b.v. de grondexploitatie op de Automotive Campus?

Voorzitter, in het voorstel wordt er gesproken over een GO/NO GO moment na 3 jaar. De vraag aan de gedeputeerde is of dit alléén betrekking heeft op de stichting? Of is dit moment ook een GO/NO GO moment voor de beoordeling van onze participatie en positie in de Automotive Campus?

De opgelegde geheimhouding
Voorzitter, dan de geheimhouding. Voorzitter, dit uitermate belangrijke punt hebben we bewust tot het laatste bewaard, omdat we juist over dit punt graag los van de Automotive campus zouden willen debatteren.

Een deelname vanuit de provincie in campussen, in samenwerking met private partijen, is immers het uitgangspunt en niet de uitzondering. Wij verwachten bijvoorbeeld al op korte termijn het goede nieuws van de gedeputeerde dat een private partij ook deelneemt in Pivot Park Oss.

Voorzitter, de opgelegde geheimhouding vormt toch een blok aan het been als wij over soortgelijke situaties vrij willen debatteren. In dat kader de volgende vragen aan de gedeputeerde:

  • Verwacht de gedeputeerde bij iedere samenwerking met private partijen geheimhouding in verband met gevoelige bedrijfsgegevens?
  • Wanneer een geheimhouding in het begin van een traject wordt bekrachtigd, geldt die dan óók voor evaluaties of documentatie in het vervolg?
  • Welke belemmeringen of mogelijkheden ziet de gedeputeerde hierin?
  • En is het een bewuste keuze van GS of een verzoek van private partijen om voor volledige documenten geheimhouding te verklaren en niet alleen voor specifieke passages? Het argument voor geheimhouding betreft immers gevoelige ‘bedrijfsgegevens’. Het is echter moeilijk voor te stellen dat een business case of marktverkenning alleen maar uit bedrijfsgegevens van private partijen bestaat.

Kortom voorzitter, belangrijke vraagstukken die bepalend kunnen zijn bij hoe wij nu en in de toekomst om kunnen gaan met vergelijkbare situaties, zonder dat dit een belemmering hoeft te zijn voor het vrije debat dat wij met elkaar willen voeren.

Tot zover onze bijdrage voor de eerste termijn. Dank u wel, voorzitter.

1 Alleen het gesproken woord telt.

Schriftelijke vragen over vertraging Logistiek Park Moerdijk

Schriftelijke vragen van Statenleden Roland van Vugt (CDA) en Arno Uijlenhoet (GroenLinks) over de vertraging van Logistiek Mark Moerdijk.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over vertraging Logistiek Park Moerdijk.

Geacht college, 

Via de pers (BN De Stem d.d. 23 maart 2017) moesten wij vernemen dat de realisatie van het Logistiek Park Moerdijk (LPM) opnieuw vertraging oploopt.

Precies een jaar geleden antwoordde u op onze schriftelijke vragen dat de vertraging a.g.v. de vormfout slechts beperkte consequenties zou hebben voor de exploitatie. Tevens antwoordde u op vraag 7 dat er destijds met drie tot vier grote partijen concreet werd gesproken over de verwerving van grond.

Uit de berichtgeving van BN De Stem komt naar voren dat de Raad van State (RvS) dit dossier ergens onder op een stapel heeft gelegd vanwege onduidelijkheid over de toepassing van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) en dat er volgens een woordvoerder van de Raad van State nog geen zicht is op een uitspraak.

Deze nieuwe ontwikkeling, waarvan wij het prettig hadden gevonden als u ons deze actief had gemeld, leidt tot de onderstaande schriftelijke vragen:

  1. Waarom hebt u ons niet actief over het bovenstaande geïnformeerd, zeker gelet op de warme belangstelling van Provinciale Staten voor dit dossier?
  2. Wat is de reden waarom de zaak LPM wordt aangehouden in het licht van verschillende PAS-gerelateerde zaken, die mogelijk gebundeld aan het Europees Hof worden voorgelegd?
  3. Wat is de relatie tussen de zaak LPM en deze zaken?
  4. Waarom wordt het LPM aan deze zaken gekoppeld?
  5. Waarom wordt het LPM dan niet ook aan die bundeling van zaken toegevoegd?
  6. Wat is de precieze argumentatie van de RvS op dit punt?
  7. Wat kunt u doen om de procedure ten positieve te beïnvloeden c.q. zo kort mogelijk te laten duren?
  8. Wat gaat u daadwerkelijk doen?
  9. Wat is naar uw inschatting de vertraging, uitgaande van de varianten wel/geen gang naar de Europese rechter?
  10. Welke risico’s en kosten zijn gemoeid met deze varianten en wat betekent dit voor ons als provincie?
  11. Wat betekent de vertraging voor onbepaalde tijd voor de belangstellende bedrijven?
  12. Hoeveel bedrijven, waarmee u in gesprek bent of was, haken/haakten af vanwege de opgelopen vertragingen?
  13. Welke druk legt dit naar uw verwachting op andere bedrijventerreinen in Brabant?
  14. Verwacht u dat bedrijven hun heil gaan zoeken buiten onze provinciegrenzen?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de fracties van

CDA, Roland van Vugt    

GroenLinks, Arno Uijlenhoet