Schriftelijke vragen over opruimkosten gedumpt drugsafval

Schriftelijke vragen van Statenlid Marcel Deryckere over de opruimkosten van gedumpt drugsafval.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over opruimkosten gedumpt drugsafval.

Geacht college,

Vandaag berichtte o.a. Omroep Brabant over een grondeigenaar uit Nuenen, die een rekening van ruim 26.000 euro moet betalen voor het opruimen van drugsafval dat op zijn terrein is gedumpt.

Het is niet de eerste keer dat onschuldige Brabanders moeten opdraaien voor de illegale activiteiten van drugscriminelen. Dit brengt de fractie van het CDA dan ook tot de volgende vragen:

  1. Hoeveel burgers, ondernemers en andere private partijen in Brabant hebben in 2016 en 2017 de kosten voor het opruimen van gedumpt drugsafval op hun terrein zelf moeten betalen?
  2.  Wat is de totale hoogte van deze gemaakte kosten in Brabant?
  3.  Kan voor de casus in kwestie de subsidieregeling voor het opruimen van drugsafval worden ingezet?
  4.  Heeft de betreffende grondeigenaar hiertoe een subsidieaanvraag bij u ingediend?
  5.  Indien ja, is deze subsidieaanvraag al toegewezen? Indien niet, waarom niet?
  6.  Wat is de status van uw lobby in Den Haag om over te gaan tot een vergoeding van 100% van de gemaakte opruimkosten?
  7.  Hoeveel subsidie voor het opruimen van drugsafval is tot op heden in 2017 in onze provincie verleend?
  8.  Het verweer van de gemeente Nuenen tijdens de rechtszaak komt erop neer dat burgers hun grond ‘beter moeten beschermen’ tegen het dumpen van drugsafval. Deelt u dit standpunt?
  9.  Indien ja, hoe zouden in uw ogen burgers hun grond beter moeten beschermen tegen het dumpen van drugsafval?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet, waarvoor bij voorbaat zéér bedankt!

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Marcel Deryckere

 

 

Schriftelijke vragen over voorgenomen fusie Omroep Brabant en L1

Schriftelijke vragen van Statenlid Stijn Steenbakkers over een voorgenomen fusie van Omroep Brabant en L1.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over een voorgenomen fusie van Omroep Brabant en L1.

Geacht college,

Op 17 augustus jl. heeft het CDA via een publicatie in het Brabants Dagblad1 vernomen dat de regionale omroepen Omroep Brabant en L1 per 1 januari 2018 mogelijk samengaan in een nieuwe organisatie.

Naar aanleiding van deze berichtgeving hebben wij voor u de volgende vragen:

  1. Bent u op de hoogte van de voorgenomen fusie tussen Omroep Brabant en L1, waarover het Brabants Dagblad bericht?
  2. Indien ja, waarom hebt u in het kader van de actieve meldingsplicht Provinciale Staten van Noord-Brabant hierover niet geïnformeerd?
  3. Hoe kwalificeert u de voorgenomen fusie?
  4. Het betreffende nieuwsbericht vermeldt dat het merk Omroep Brabant bij de start van het nieuwe fusiebedrijf gewoon blijft bestaan. Impliceert dit dat het merk Omroep Brabant na verloop van tijd verdwijnt?
  5. Bent u van mening dat de fusie op korte, middellange of lange termijn zou kunnen leiden tot minder (kwalitatief dan wel kwantitatief) Brabants nieuws?Indien ja, kan de provincie een rol spelen om dit te vermijden?
  6. Welke consequenties heeft de voorgenomen fusie voor de zendmachtiging en de verantwoordelijkheid c.q. positie van de provincie Brabant?
  7. Is er een rol voor de provincie Noord-Brabant bij de voorgenomen fusie?
  8. Bent u, als regionale subsidieverstrekker, in overleg met de provincie Limburg danwel met het Commissariaat voor de Media over de voorgenomen fusie?
  9. Hoe wordt de redactionele onafhankelijkheid van de Brabantse regionale zender in een nieuwe fusie-organisatie gewaarborgd?
  10. Welke personele consequenties heeft de voorgenomen fusie van de twee provinciale omroepen op zowel korte als middellange termijn?
  11. Welke acties onderneemt u om de volwaardige programmering en activiteiten zoals Omroep Brabant die nu uitvoert ook in een nieuwe organisatie intact te houden?
  12. Bent u net als het CDA van mening dat een vergaande samenwerking een goed uitgangspunt is om de bezuinigingen die door de landelijke overheid zijn opgelegd te bewerkstelligen, maar dat een fusie, die volgens het Brabants Dagblad binnen enkele maanden zal plaatsvinden, mogelijk een stap te ver is?
  13. Volgens het CDA is een van de belangrijkste politiek-maatschappelijke uitdagingen van onze tijd dat we leven in een tijd die schreeuwt om meer maatschappelijke verbondenheid en gezamenlijke identiteit, ook in Brabant. Vindt u net als het CDA dat regionale media in Brabant t.a.v. deze expliciete maatschappelijke uitdaging een belangrijke positieve en bindende rol hebben? 
  14. Is er een kans dat een mogelijke fusie deze rol van Omroep Brabant kan/zal verkleinen of beschadigen? 
  15. Indien u op vraag 14 bevestigend antwoordt, wat kunt en wilt u dan politiek doen om te voorkomen dat deze belangrijke rol wordt beschadigd/verkleind?

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Stijn Steenbakkers

1 Zie http://www.bd.nl/brabant/fusie-van-omroep-brabant-en-l1-op-handen~a9976600/.

 

 

Column Lambert van Nistelrooij: ‘Let the Stars Shine’

In de aanloop naar het referendum over de Brexit werden de Britten overladen met veel onzin, soms zelfs echte leugens, over Europa. De Europese Commissie heeft hier niet op gereageerd, omdat dit averechts zou werken. Het is daarom tijd voor een herbezinning over de communicatie over en door de EU. Samen met acht collega’s in het Europees Parlement ben ik actief aan de slag gegaan. Wij kiezen er voor, elk in ons eigen land, de burger meer bij Europa te betrekken. Zodat de EU sterren, de mensen die dankzij Europa verder komen, gaan stralen.

De oorzaak van de Brexit, het referendum, ging gepaard met veel onzin. Zo wist de huidige minister van Buitenlandse Zaken Boris Johnson te vertellen dat de EU een maximum gewicht voor doodskisten heeft ingevoerd en dat zij het hergebruik van theezakjes verbiedt. Ook zou Europa de oorzaak zijn van het grote aantal immigranten, dat afgelopen jaren Groot Brittannië is binnengekomen. Terwijl haar multiculturele bevolking vooral bestaat uit personen afkomstig uit landen van het Gemenebest, de voormalige Engelse koloniën.

Het was juist de afwachtende opstelling van de EU, die averechts heeft gewerkt. In mijn boek ‘Let the Stars Shine’ stellen deskundigen dan ook vast, dat de communicatie van de EU niet meer van deze tijd is. Die onvoldoende werkt in deze periode met toenemende twijfel over het EU project en met populistische stromingen die de EU van binnenuit kapot willen maken.

In onze wereld van sociale media moet we als politiek de handen uit de zakken halen en kiezen voor een andere aanpak. Zo moeten we positie kiezen en onze opvattingen over Europa helder uitdragen. Merkel en Macron tonen aan dat dit werkt. Zij overtuigden hun bevolking van een pro-Europese koers. Ook moeten we deelnemers aan EU projecten de mogelijkheid bieden actiever over hun resultaten te communiceren. Bijvoorbeeld door hen extra budget te geven, dat tot 5 jaar na afloop van hun project nog mag worden uitgegeven aan communicatie. Je kunt daarbij denken aan een gids bij natuurherstel of een social media deskundige voor een onderwijsproject.

Al meer dan 10 miljoen studenten hebben meegedaan aan EU stages in het Erasmus programma. Het heeft hen vooruit geholpen in hun verdere loopbaan. Ook in Brabant zijn er in de industrie, land- en tuinbouw, in het onderwijs en op onderzoeksinstituten honderden partners, die met steun van de EU kansen konden grijpen. Hun verhalen doen er toe. Ik ben de komende maanden op zoek naar die verhalen. Wilt u uw verhaal vertellen, meldt u dan aan voor de verkiezing van de beste projecten van de EU en krijg de kans mee te doen aan een expositie in het Europees Parlement begin 2018. Meer informatie: www.lambertvannistelrooij.nl.

Deze column is een samenvatting van de radiocolumn ‘Let the Stars Shine’ van Europarlementariër Lambert van Nistelrooij.

Klik hier om de volledige column te lezen of beluister de column via het audiobestand hieronder:

Opinie Marcel Deryckere: ‘Snelheid provincie niet tactvol bij herindeling Haaren en Nuenen’

Gastopinie van Statenlid Marcel Deryckere in het Brabants Dagblad d.d. 4 augustus 2017.

‘Snelheid provincie niet tactvol bij herindeling Haaren en Nuenen’

Gemeenten én hun inwoners moeten besluiten over hun toekomst. Niet Den Haag of de provincie. Zij hebben niet de legitimiteit. Herindelen doe je van onderaf, vindt Marcel Deryckere, lid van Provinciale Staten Noord-Brabant voor het CDA.

Vorige maand dook het weer op: het H-woord. H-woord? Ja: Herindelen. Ditmaal in Nuenen, waar de provincie de regie over het herindelingsproces van de gemeente heeft overgenomen.

Wie de jaren negentig heeft meegemaakt, kan zich ongetwijfeld de herindeling uit 1997 herinneren. In dat jaar werden 49 Brabantse gemeenten opgeheven. Traditionele dorpen werden buitenwijken van (middel)grote steden. Dit moest leiden tot lagere kosten en effectiever en efficiënter besturen. Kortom, tot gemeenten die beter presteren en financieel gezonder zijn.

Het jaar 1997 markeerde een van de grootste, maar beslist niet de laatste herindeling in de recente Brabantse geschiedenis. Vorig jaar gingen Schijndel, Veghel en Sint-Oedenrode op in de nieuwe gemeente Meierijstad. In 2019 fuseren Aalburg, Werkendam en Woudrichem tot de gemeente Altena. Onder meer Haaren en Nuenen zijn gemeenten waar op dit moment herindelingstrajecten lopen.

Niet tactvol

Herindelingen verlopen zelden geruisloos en zonder slag of stoot, zoals we recent uit de media konden vernemen ten aanzien van Haaren en Nuenen. De provincie vindt dat beide gemeenten te weinig haast maken en is zich met het proces gaan bemoeien. Niet erg tactvol. Gevolg: verontwaardigde gemeentebestuurders en miskende inwoners. Zij noemen het besluit van de provincie ‘onzorgvuldig’. Ik noem het ook ‘on-Brabants’. In Brabant horen we het samen te doen en niet eenzijdig af te dwingen. Vanuit het centrale belang van de inwoners.

Dat herindelen emoties losmaakt, of zelfs weerstand oproept, is niet vreemd. Het voelt immers als gedwongen verhuizen zonder van je plek te komen. Je adres, huis, buren en paspoort blijven hetzelfde, maar je raakt tegelijkertijd ‘iets’ kwijt. Iets ongrijpbaars. Iets dat je vaak pas mist als je het niet meer hebt. Je zou het ‘identiteit’ kunnen noemen.

Herindelen betekent niet alleen afscheid nemen van een stukje ‘identiteit’, maar óók het inleveren van kleinschaligheid. Opgaan in een groter geheel, in een andere gemeente. En dus anoniemer zijn, slechts één van velen. De vrees voor aantasting van het dorpse karakter van ‘ons kent ons’ is denk ik niet onterecht.

Des te wranger dat we in Brabant aan de ene kant géén megastallen willen, maar aan de andere kant wél megagemeenten. Het liefste van 100.000 inwoners of meer. Maar groter is niet per se beter, maken de fiasco’s bij zorg- en onderwijsinstellingen ons duidelijk. Tóch schreven VVD en PvdA deze ambitie in 2012 nog in hun regeerakkoord. Een plek waar zo’n ambitie mijns inziens absoluut niet thuishoort.

Ik vind namelijk dat gemeentelijke herindelingen van onderaf moeten komen. Gemeenten én hun inwoners zijn degenen die gezamenlijk moeten besluiten over hun toekomst. Niet Den Haag of de provincie, want zij hebben niet de (democratische) legitimiteit om deze keuze te mogen maken. Alleen in extreme gevallen van bestuurlijke of financiële wanorde horen zij in te grijpen. Bij Haaren en Nuenen is daarvan geen sprake.

Te lang

De provincie Noord-Brabant nam echter tóch het besluit om de regie over de herindelingen in deze twee gemeenten over te nemen van de gemeenten zelf. Een onverwachte ingreep die gemeentebesturen en inwoners buiten spel zet. En alleen omdat het de provincie te lang duurt.

Zo’n besluit zegt meer over het onvermogen van de provincie dan over het vermeende onvermogen van de gemeenten in kwestie. Met drammen en dicteren forceer je een uitkomst op korte termijn, met tijd en geduld bereik je resultaat op lange termijn.

Ik kies voor het laatste. Want je verliest misschien tijd, maar je wint draagvlak. En iedere bestuurder weet: draagvlak komt te voet en gaat te paard. Daar moeten we zorgvuldig naar op zoek gaan en heel zuinig op zijn. Ik hoop dat de provincie dat ook inziet en Haaren en Nuenen alsnog over hun eigen toekomst laat beslissen. Dat zou pas echt ‘veerkrachtig bestuur’ zijn.

Schriftelijke vragen over mindervaliden in Brabants openbaar vervoer

Schriftelijke vragen van Statenlid Ankie de Hoon over mindervaliden in het Brabantse openbaar vervoer.

Klik op de volgende link: Schriftelijke vragen over mindervaliden in Brabants openbaar vervoer.

Geacht college,

Op vrijdag 14 juli 2017 hield CDA Brabant voor de tweede maal haar OV-Race1. Het doel van de OV-Race is om door middel van een ludieke wedstrijd meer duidelijkheid te verkrijgen over de toegankelijkheid, kwaliteit en servicegerichtheid van het Brabantse openbaar vervoer. Dit jaar heeft CDA Brabant Noordoost-Brabant aangedaan: in drie teams heeft een gemêleerd gezelschap geprobeerd de dorpen Haren, Mariahout en Olland/Boerdonk te bereiken.

Tijdens de OV-Race hebben de deelnemers diverse gesprekken gevoerd: met buschauffeurs, reizigers, medewerkers van vervoersbedrijven en medewerkers van de klantenservice van vervoerders. Het is duidelijk dat de ontwikkelingen in het openbaar vervoer het afgelopen jaar niet hebben stilgestaan: vervoerders hebben ervoor gekozen om minder drukke buslijnen te laten vervallen of over te laten nemen door bijvoorbeeld een Buurtbus. In Boerdonk is het buitengewoon sympathieke initiatief van een Dorpsauto2 opgezet om het gebrek aan openbaar vervoer te compenseren.

Ondanks deze middelen heeft CDA Brabant geconcludeerd dat, zodra men minder goed ter been is of wordt, het buitengewoon ingewikkeld wordt in onze provincie te reizen. Zo bleek tijdens de OV-Race dat het niet mogelijk is om:

  • als vereniging (bijvoorbeeld: scouting) de mindervalide kinderen mee op kamp te nemen;
  • als mantelzorger je ouders mee te nemen op vakantie;
  • als gezin je mindervalide kind op vakantie ‘zomaar’ mee te nemen in bus of tram;
  • als mindervalide te reizen met de Buurtbus (ook niet als de reguliere buslijn is vervallen);
  • als mindervalide spontaan een reis met het openbaar vervoer te ondernemen.

Daarnaast is gebleken dat voorzieningen die zijn gecreëerd om mindervalide rolstoelgebruikers een alternatief te bieden voor het OV te duur (een ritje van Boxtel naar Olland kostte aanvankelijk €45,-) of niet voldoende te gebruiken zijn (een Deeltaxipas is niet geldig buiten de woon-/werkregio). Helaas is ook gebleken dat het vervoeren van een elektrische rolstoel met de buurtbus niet mogelijk is. Een elektrische rolstoel is namelijk te zwaar voor de rolstoellift. Dit is opmerkelijk aangezien de elektrische rolstoel al een begrip was voordat de buurtbussen er waren.

CDA Brabant pleit voor een goede bereikbaarheid van stad én dorp in de gehele provincie en is van mening dat goede mobiliteit voor alle burgers van essentieel belang is voor de leefbaarheid en economische ontwikkelingen in alle regio’s.

Het CDA heeft daarom een aantal dringende vragen aan het college:

  1. Is het college bekend met het feit dat het dus voor rolstoelgebruikers onmogelijk is om naar elke willekeurige plaats in de provincie Brabant te gaan?
  2. Bent u het met het CDA eens dat op vakantie gaan voor rolstoelgebruikers een probleem is?
  3. Bent u het met het CDA eens dat de ‘alternatieven’ voor het ov voor mindervaliden duur én inflexibel zijn?
  4. Wat is het college voornemens hieraan te doen?
  5. Is het college bekend met het ongeschikt zijn van de Buurtbus voor veel rolstoelgebruikers, met name de gebruikers van een elektrische rolstoel?
  6. Hebt u met vervoerders gesproken over ontwikkelingen en aanpassingen van de Buurtbussen?
  7. Kunt u aangeven hoe u dit probleem opgelost ziet op een zo kort mogelijke termijn?

Wij zien de antwoorden op deze vragen graag tegemoet.

Met vriendelijke groet,

Namens de CDA-fractie,

Ankie de Hoon

1 Voor een impressie van de OV-Race, zie: https://storify.com/CDABrabant/cda-brabant-test-brabants-ov-tijdens-ov-race.

2 “Dorpsauto Boerdonk”, zie: https://boerdonk.nl/4733/dorpsauto-boerdonk (geraadpleegd 28-7-2017).

 

Ludieke OV-race CDA Brabant legt nieuwe pijnpunten Brabants OV bloot

De beker staat klaar…. de mobiele telefoon in de aanslag… de OV-chipkaart geladen… Op vrijdag 14 juli gingen drie teams de uitdaging aan om vanaf het Brabantse provinciehuis in Den Bosch te reizen naar een onbekende bestemming in Brabant. Uiteraard mocht er alléén gebruik worden gemaakt van het openbaar vervoer, dus stad- en streekbussen, trein, buurtbus, deeltaxi, veerpot of OV-fiets. Het team dat als eerste aankomt op zijn bestemming, terugreist naar het Provinciehuis, alle opdrachten goed heeft volbracht én het meeste geld heeft overgehouden, wint de #OVrace en krijgt een prijs. Onderweg moeten de teams verschillende opdrachten uitvoeren om zaken als toegankelijkheid, bereikbaarheid en servicegerichtheid te testen!
Onderstaande Storify geeft u een beeld van de belevenissen van de drie teams op de heen- (én terug)weg met het openbaar vervoer in Brabant.
Wilt u (en/of uw afdeling) ook meedoen met de volgende editie van de #OVrace? Neemt u dan contact op met Ernst van Welij, communicatieadviseur CDA Brabant (evwelij@brabant.nl).
Heeft u vragen over het dossier Mobiliteit of het openbaar vervoer in Brabant? Neemt u dan contact op met Statenlid Ankie de Hoon (adhoon@brabant.nl, @AnkiedHoon of 06-23284537)